Deze EP is de voorbode voor een nieuw album van de IJslanders, hun tweede in evenveel jaren tijd reeds. Het titelnummer van de EP zal op de later te verschijnen plaat komen te staan, de overige twee songs zijn eerder sfeerschetsen dan eigenlijke songs. Veel ambient-invloeden, en titelnummer 'Brennistein' als groots en duister monument. Dit nummer is dreigend en ook een beetje mistroostig, en vooral spannender dan de nummers op 'Valtari'. Hoewel dat album ook wel zijn charmes heeft.
Ik heb de EP de laatste twee weken geregeld beluisterd, en ik ga er niet om liegen; dat was vooral ter wille van het titelnummer. "Waarom dan niet enkel dat nummer draaien?", vraagt een mens zich af. Wel, ik wilde wel 'ns kijken of de twee andere nummers qua feeling na een aantal luisterbeurten plots wel zouden opleven. Wat dan ook gedeeltelijk het geval is.
'Hryggjarsúla' schoot de eerste keren bijna blindelings op me af, om me als een flauwe schim te passeren. Maar het is best meeslepend, en de sfeer is ook dermate fraai neergezet dat ik er überhaupt geen graten in zie door dit soort nummers te worden meegesleept.
Het is gewoon weer op en top Sigur Rós die we hier horen, en daar ben ik blij om. De band grijpt weer wat verder terug in het verleden, en lijkt dat keerpunt voorbij; het kan alleen maar beter nu, of dat lijkt de muziek me toch voor te spiegelen.
Deze EP verdient een goeie score, maar toch vooral omwille van het titelnummer. Maar als ze dit niveau een hele plaat lang kunnen vasthouden, zou dit er wel 'ns eentje kunnen worden die zich terug kan meten met hun allerbeste werk.
3,5 sterren