sxesven
Disc 1: Om Electrique (1979) (3,5)
1. Om Electrique, Part 1
Typische old school Merzbow. Niet harsh dus, maar meer richting musique concrète. Een mantra-achtig (om) gezoem loopt over de gehele linie door terwijl willekeurige percussie (voornamelijk wat metaal) er overheen wordt gepletterd. Richting het einde krijgt de choas iets meer de overhand. Luistert wel ok weg, maar niet geniaal. Wel lekker analoog.
2. Om Electrique, Part 2
Het tweede deel gaat verder waar het eerste deel eindigde (de split, vermoed ik zo, omdat dit oorspronkelijk op een C60 is uitgebracht). Feitelijk dus weinig anders dan 'Part 1', waardoor, zo beschouwd, de twee delen dan ook eerder als één compositie gezien dienen te worden. De mening blijft staan. Niet geniaal, maar luistert fijn weg en lekker analoog. De onderliggende om klinkt trouwens erg lekker, moet gezegd worden.
3. Untitled Taped Drum Solo
Begint ietwat harsher. Wat generieke (gitaar)feedback en screeches openen de track, die na een minuut of drie tot een abrupt einde komen om plaats te maken voor wat non-harsh gepiep en de titulaire drumsolo met veel gemep op toms en wat cowbell en bekkens. Heeft vanaf daar ook weinig met de noise van doen waarom Merzbow doorgaans bekend staat, en is wederom meer richting het musique concrète materiaal dat hij in vroegere tijden nogal eens opnam. Tevens natuurlijk een leuke curiositeit gezien het feit dat Akita zelf natuurlijk drumde in verscheidene prog-bandjes, hoewel de percussiekunsten alhier de gemiddelde progfan eerder de kast op zullen jagen. Nochtans zeker niet onaardig dit.
4. Untitled Guitar Solo
Schommelend en bibberend gitaarmisbruik, door wat pedaaltjes heengetrokken en met toegevoegde echo hier en daar. Hoewel het natuurlijk elke traditionele songstructuur ontbeert toch vrij muzikaal. Geen muren aan feedback maar redelijk ritmische verkrachting van een gitaar. Wederom lekker analoog, een groot pluspunt van deze gehele taperelease wat mij betreft, aangezien het ten eerste gewoon lekker klinkt en ten tweede inzicht tot Akita's werkwijze geeft (weinig, of liever: geen post-editing ook volgens mij); wat de goede man nu allemaal doet is redelijk goed te horen, snaaraanslagen, gerammel en dergelijke zijn duidelijk te onderscheiden en te herkennen. Al met al een release die indien niet boeiend is wegens zijn muzikaliteit dan sowieso als curiositeit.
Disc 2: Metal Acoustic Music (1980) (3)
1. Balance of Neurosis
Op het ene spoor hortende en stotende gruizige feedback in de lagere regionen, op het andere meer gitaarmisbruik als in Untitled Guitar Solo op Om Electrique edoch aanzienlijk boeiender wegens wat zorgvuldiger samengesteld. Al naar gelang ook wat screeches in het feedbackspoor. Bij vlagen redelijk (analoog) harsh, vooral wanneer de gruizige feedback goed op gang komt en er elders wat vette screeches doorheensteken. Na een minuut of tien valt het geheel even stil om daarna in het geheel meer als Untitled Guitar Solo te gaan klinken (dat is, sans gruizige feedback) edoch dan op twee sporen tegelijk (iets meer post-editing dus ook). Niet onaardig allemaal, maar heeft iets te weinig om het lijf om echt volledig te boeien. Iets te vrijblijvend gerommel op de gitaar. Zo halverwege lijkt het allemaal wat meer op gang te komen wanneer een knisperig geratel prettig doorknettert en er goede screeches enerzijds en wat diversere feedback en geluiden anderzijds uit orenschijnlijk iets meer geluidsbronnen overheen gegooid worden. Over het geheel genomen best aardig, maar iets te fragmentarisch en amateuristisch naar mijn zin. Desalniettemin een leuk kijkje in Akita's keuken anno 1980.
Disc 3: Remblandt Assemblage (1980) (4,5)
1. Remblandt Assemblage
Een fijne, gruizige loop die erg goed klinkt onderbouwt het nummer waaroverheen Akita echoënd metalen geschraap en getik gooit. Kent weinig tot geen progressie maar klinkt verder erg tof. Eén van de betere dingen voorlopig.
2. Voice of Scwitters
Akita blaast poepgeluidjes in zijn microfoon en voegt wat willekeurige percussiegeluiden en feedback toe. Niet zo boeiend.
3. Theme of Dadaist
Wederom wordt de gitaar tevoorschijn gehaald. (Haast) traditioneel spel vergezeld door zowaar op de maat meetikkende percussie. Het heeft vooral aan het begin wel iets van vroege Jandek. Verrassend muzikaal voor Merzbow, maar heel erg Merzbow in de klassieke zin van de naam klinkt het dan ook niet. Op de achtergrond lijkt een radio mee te blèren. Fascinerend stukje muziek wel dat meer dissonante outsider music is als dat van Jandek, dan daadwerkelijk noise. Richting het einde trekt het iets meer naar de abstractie (en naar Merzbow zoals we hem voornamelijk kennen) maar blijft het evengoed boeien.
4. Hans Arp
Vet klinkende feedback en percussioneel gekraak. Tof trackje, even kort als krachtig.
5. Tape Dada
Doorspekt van een musique concrète-achtig gevoel. In- en uitwapperende vlagen aan drone-achtige edoch klinkend als traditioneel geïnstrumenteerde geluiden met flarden en feedback en wederom een radiootje op de achtergrond dat er bij vlagen doorheen tettert. Na krap een minuut neemt wat dwarrelende gitaarverkrachting de boel over, wederom met een drone-achtig geluid Niet veel later valt voornamelijk metalen percussie (bij vlagen vrij ritmisch) het geheel bij. Spaarzame vervormde stemsamples richting het eind en wat tom-percussie.
6. Music Concret
Klinkt erg found sound, deze track. Field recordings uit een keuken openen het geheel; spattend water en pangerammel. Het pangerammel vormt weldra echter de hoofdmoot aan percussie. Hoog gitaarpepiep wordt hier en daar redelijk lukraak toegevoegd. Boeiend stukje experiment wel.
7. Prepared Guitar Solo 1
De titel zegt natuurlijk genoeg. Ruim 17 minuten aan geprepareerde gitaar. Fragmentarisch, maar wel interessant. Haast theremin-achtige sounds en percussie worden tevoorschijn getoverd (hoewel ik niet durf te zeggen of de percussie op de geprepareerde gitaarsolo wordt gespeeld, maar ik mag hopelijk aannemen van wel), evenals luide feedback en straightforward getokkel. Meer getetter van een radio wordt hier en daar onder het geluid begraven. De geest van Dada waart duidelijk rond in deze track (en sowieso de gehele release), wat gezien de titels natuurlijk niet in het geheel als een verrassing hoeft te komen. Het is duidelijk waar Akita hier de mosterd vandaan haalt, maar het pakt alleszins goed uit.
8. Prepared Guitar Solo 2
Solo 2 klinkt zoals verwacht in hetzelfde straatje, maar Akita bewijst in ieder geval een interessante compositie neer te kunnen zetten met zijn geprepareerde gitaar. Het improvisationele en accidentele ervan geeft blijk van niet een ongecontroleerd maaiwerk, maar van toch wel een aandachtig uitgewerkt (of in ieder geval: neergezett) stuk. Als geheel blijkt Remblandt Assemblage voorlopig de meest interessante release. Niet meer de wat stuurloze eerste schreden op het experimentele pad maar een wat duidelijker richtinggevoel dat het geluid alleen maar ten goede komt.
Disc 4: Collection Era Vol. 1 (1981) (3)
1. Electric Environment
Electric Environment kent een geluid dat nog steeds transparant is (percussie, analoge verkrachting en dergelijke zijn goed te onderscheiden en herkennen) maar wel al een tikje chaotischer en hier en daar meer richting traditionele noise trekt (d.w.z. zoals de typische Japanoise (sla Extreme Music from Japan er maar eens op na) wordt geacht te klinken). Heeft bij vlagen echter ook wel wat van een avant-garde jazzbandje dat volledig op hol geslagen is (denk een Mêlée - Violent Forms of Laughter). Naar gelang de track voortduurt komt er steeds meer analoge noise in de mix, wat hier en daar dan weer afzwakt en dan weer aanzwelt. Klinkt door de mix van schrapende percussie en geflipte feedback echter wel ontzettend boeiend. Even ritmisch als ontspoord. Tegen het einde verliest de track zijn percussie en daarmee wat momentum, maar lijkt het even richting C.C.C.C.-achtige praktijken te gaan. Dat is alleszins natuurlijk niet kwalijk te noemen. Het ritmische einde, waarin een voortstuwende tom bedolven wordt onder verschillende, afwisselende lagen feedback is een waardig hoogtepunt. Zeer tof!
2. Untitled Material Action
Hier keert de rust weer wat terug. Een ritmische gedreun en gebliep dat hier en daar wat van toonhoogte verandert en vervormd wordt ondersteunt de track over de gehele linie, daaroverheen wat verdere gitaarbewerking en wat field recording zooi (spattend water, metalen geschrap) op de achtergrond. Na enkele minuten wordt het gedreun er uitgewerkt om weldra plaats te maken voor ander ritmisch gerommel terwijl de rest schijnbaar (of blijkbaar) onbewogen voortratelt. Niet veel later krijgt wat ongeïnspireerd en te beleefd gitaarmisbruik (wat loze bliepjes) de overhand en is het vuur er even uit. Het geheel sleept zich, met hier en daar kleine maar uiteindelijk oninteressante oplevingen (sporadisch gedreun, wat feedback, meer getetter van een radio incluis een haast grappig disco-achtige interlude en een soortement chant, wel goed verkracht natuurlijk), zo vrij onopmerkelijk to de eindstreep. Noch harsh, noch boeiend in zijn ruimtelijkheid. Nee, hier kan ik erg weinig mee.
3. Telecom Manipulation
Lijkt de belofte die de titel schept alleszins goed in te lossen. Verkracht telecom-gezoem (beltonen, kiestonen, noem maar op) en overstuurde en vervormde stemmen vormen de hoofdmoot. Het resultaat is een vrij vormloze, stuurloze en (iets te) accidentele compositie waarbij allerhande geluidjes iets te vrijblijvend door, langs en tegen elkaar worden gemept. Mist daardoor de kracht om de volle speelduur (toch bijna 20 minuten) te blijven boeien. Mist daarnaast wat diepte en komt mede daardoor meer over als een catalogus aan geluid die als basis had kunnen dienen voor een toffe track dan als een toffe track. Nu is het resultaat vooral te rommelig, te amateuristisch en te saai.
Disc 5: Collection Era Vol. 2 (1981) (3,5)
1. Merz Rock 1
Zo, dat klinkt weer een stuk anders. Ik zou ze haast beats noemen, die ratelende flarden percussie die deze track voortstuwen. Klinkt tof! Wat analoge feedback en gitaarmisbruik eroverheen. Niets mis mee.
2. Merz Rock 2
Zet (zoals de titel reeds alweer doet vermoeden) de lijn voort die in deeltje 1 werd aangezet. Een beat ratelt wederom vrolijk mee terwijl feedback de percussietrack lastigvalt. De beat geeft er al vrij gauw de brui aan om plaats te maken voor wat vormelozere percussie, terwijl de feedback vrolijk doorhort en -stoot. Niet veel later is er plots en (jawel!) vierkwartsmaatje te ontwaren onder de voortdurende stroom aan kermende geluiden die Akita te allen tijde uit zijn gitaartje perst. Heeft verder weinig om het lijf, maar is verre van vervelend. Leuk om te horen zelfs wel, aangezien het duidelijk maakt dat een release als Merzbeat uiteindelijk toch ook niet uit de lucht is komen vallen (wat mijn waardering ervoor geenszins zou veranderen, begrijp me niet verkeerd); dit vroege Merzbow-werk herbergt doorgaans toch vrij duidelijk een muziktaliteit waarvan velen niet zouden geloven dat Akita het in zich had. Waarvan akte.
3. Merz Gamlan 1
De titel spreekt wederom boekdelen. Vrij boeiende percussie (een daadwerkelijke gamelan, wellicht, hoewel ik - excuses, Akita - niet verwacht dat onze Merzbow een gamelan-virtuoos is) ligt aan de basis van deze track, hoewel deze goed bedolven wordt onder lagen analoge feedback en maniakele instrumentatie en slechts hier en daar tot de oppervlakte reikt. Desalniettemin chaotisch op de goede manier. Doet wederom een beetje aan een op hol geslagen avant-garde jazzbandje (zie Electric Environment op disc 4) denken. Een voorstuwend gerommel aan geluid dat echter geenszins mislukt fragmentarisch klinkt en ook wel wat ademt van de Dada- en musique-concrète-beïnvloedde geluiden van verscheidene stukken op de eerdere platen.
4. Merz Gamlan 2
Uiteraard meer materiaal als de voorganger, hoewel de percussie hier wat meer de ruimte krijgt. Verder wederom gewoon erg genietbaar.
5. Merz Scat
Wederom weer een track die iets te vrijblijvend alles maar door elkaar gooit om echt interessant te zijn. Wat willekeurige percussie, bliepjes, een vervormd gekreun en nog een willekeur aan andere geluiden. Klinkt vooral te makkelijk. Piep ploink kraak pats en zo een goede 10 minuten. Wat redelijke traditionele beats en verdere percussie later in de track proberen het geheel nog wat leven in te blazen, maar tevergeefs. Tevens is het geluidenpalet hier toch wat aan de matte kant; geen enerverende samples, geen gierende feedback, puur wat slap geneuzel dat nergens ook maar even de aandacht weet te grijpen. Niks bijzonders dus.
6. Merztronics Jazz Mix
De titel suggereert een soort vroege voorloper van Door Open at 8 AM, maar de track klinkt zelf meer als een officieus vervolg op Telecom Manipulation (disc 4), zij het ietwat minder fragmentarisch. Een drone-achtig gepiep dat wederom wel wat van een kiestoon heeft schommelt in en uit, omhoog en omlaag, en wordt onderwijl belegd met meer van het welbekende gepluk aan de gitaar. Wegens de consistente basis wat beter te genieten dan eerdere tracks in dit straatje (zoals de voorgenoemde), maar verder zeker geen hoogvlieger.
7. Merztronics Rhythm Mix
Een variatie op de voorgaande track die wel levert wat 'ie suggereert, aangezien een duidelijk vierkwartsmaatje het hele geval ritmisch op de baan houdt. Een vergezellend basloopje in combinatie met willekeurige bliepjes en quasi-duister gezoem en geknal vullen het geheel verder in. Wederom geen hoogvlieger, maar verre van vervelend om te luisteren en evengoed leuk als testament van Akita's (toch wel) muzikale roots.
Disc 6: Collection Era Vol. 3 (1981) (3,5)
1. Untitled
Een voorzichtig, ratelend gepiep en een op percussie gebaseerde loop, subtiel edoch ontzettend effectief, vormen het fundament van deze track, die zijn verdere inkleuring dankt aan analoog gepiep, geratel en bliepjes. Hoewel die textuur niet zeer veel indruk maakt, doet vooral de genoemde loop wonderen, aangezien die de track een welkom en goed klinkend houvast biedt. Wereldschokkend mag het niet heten, een luisterbeurt waard wel degelijk.
2. Untitled
Een bij vlagen nauwelijks waarneembaar, laag gezoem geeft hier en daar de ruimte aan vervormde en hol klinkende percussie. Wat in theorie misschien wat monotoon en saai klinkt blijkt wel degelijk te werken. Een fascinerend stukje dat uitblinkt door zijn geweldige gevoel voor understatement. Doet bij vlagen wel denken aan de betere power electronics (wat Broken Flag spul, voornamelijk de vroege verzamelaars) en iets als Smell & Quim. Vooral lekker duister. Erg goed dus!
3. Untitled
Een nogal oninteressante loop (wat gruis en een nogal maf klinkend bliepje) die voornamelijk gewoon niet helemaal werkt is het voornaamste onderdeel van deze track, die verder enkel wat grotendeels nauwelijks opvallend gemor aan een gitaar te bieden heeft. Echt een pak minder dit.
4. Untitled
Gemor aan een gitaar en een keur aan andere geluiden. Vrij transparant stuk dat wederom een musique concrète-gevoel kent. Geratel en gekraak, tikjes percussie, hier en daar wat horten white noise. Vrijblijvend gerommel, maar het klinkt wel degelijk boeiend.
5. Untitled
Het bliepje uit Untitled 3 keert terug sans de ruis van dezelfde loop en vormt jammerlijk de hoofdmoot. Wat gesuis en gemorrel aan gitaar en Akita's besteklade moeten variatie opleveren maar doen datniet en als geheel is dit toch echt te zwak. Vooral die loop gaat je na een halve minuut al de keel uithangen. Na 5 minuten ben je dan blij dat 't afgelopen is.
6. Untitled
Meer geratel en gekraak en gestommel. Wederom klinkt het geheel accidenteel en licht musique concrète. Fijn transparant geluid wel dat in ieder geval een boeiend resultaat oplevert en niet gehinderd wordt door de een of andere op de zenuwen werkende loop. Wat radiostoring en andere elementen leuken de boel verder op. Gezien het verdere materiaal in deze box en daarbuiten (ook buiten Merzbow) is dit verre van uniek, maar Akita geeft er wel blijk van het kunstje onder de knie te hebben.
7. Untitled
Ritmische percussie en al even ritmisch gitaarwerk. Weer een beetje een Jandekgevoel hier wegens de lak aan enige tonaliteit binnen een verder wel degelijk muzikaal kader (zoals Jandek zijn dissonante en schijnbaar van enig gevoel voor melodie gespeende koordaanslagen binnen conventionele blues ritmes). Wel boeiend.
8. Untitled
Een stommelend loopje op de achtergrond en daarover wat vervormde samples (een beat is te herkennen) openen het geheel, waarna wat vormeloos gitaargerommel, een wat suffe loop (die een vertraging van de loop uit Untitled 3 en Untitled 5 lijkt) en percussioneel gekletter het verdere werk doen. Een ander, knisperig loopje neemt gelukkig na een paar minuten de boel over en verschaft een iets boeiendere basis voor het zootje geluiden dat erover verspreid wordt. Naarmate de track voorduurt wisselen verschillende loops en dergelijke elkaar nog af. Bij vlagen wat prettige, luide feedback. Sampletjes en dergelijke worden er soms wat te lukraak bijgegooid en het geheel is soms echt iets te fragmentarisch wat lijkt te suggereren dat Akita met de speelduur van 20 minuten (nog) niet helemaal uit de voeten kan, maar verder is dit toch erg genietbaar.
Disc 7: Paradoxa Paradoxa (1981) (4)
1. Paradoxa Paradoxa Pt. 1
Een live-performance uit '81, en een erg boeiende. Gezoem en hazy feedback in de lagere regionen, eroverheen, voornamelijk in het begin, meer geratel dat voor percussie door moet gaan. Langzaamaan baant een laag gruizig gepiep zich de track in. Best interessant, aangezien verschillende lagen hier en daar over elkaar heen schuiven en zo soms een soort VGM-sound lijken te benaderen (let wel: een MIDI-sound, natuurlijk, denk SNES RPG's), klinkend als typische basement-tracks; duistere orgeltjes en lang aanhoudend atonaal gepiep. Hoewel het moeilijk muzikaal in traditionele zin is te noemen, is deze track wel echt verrassend melodieus. Duister, onheilspellend, soms iets te fragmentarisch edoch zeker boeiend. Akita toont hier wederom een gevoel voor understatement dat wel bewondering weet te kweken. Paradoxa Paradoxa Pt. 1 zoemt vooral in de lage regionen onophoudelijk door en het hele gruizige sfeertje dat hier en daar sterk aan de betere power electronics doet denken (zie ook track 2 op disc 6, maar dan wel compleet anders) kan mij absoluut bekoren, aangezien ik mij dergelijke platen altijd goed laat smaken. Gaat daarbij ook veel meer (veel meer dan de voorgaande schijfjes) richting latere (d.w.z., nog wel de analoge) Merzbow, vooral wanneer er, zo rond de 20 minuten, wat screeches en goed overstuurde feedback binnenvallen en de track best harsh begint te klinken. Tegen de 30 minuten onstaat er weer wat meer ruimte, en klinkt er wat effectief lo-fi analoog gerommel met daaroverheen gepiep, screeches en scrapings. Als er op het laatst dan nog wat vervormde, nauwelijks herkenbare en goed begraven stemsamples tussen het geweld doordringen blijkt Akita deze fascinerende trip tot een boeiend en waardig einde te kunnen brengen. Lichtelijk briljant!
2. Paradoxa Paradoxa Pt. 2
De oorsprong van deze track is mij onbekend (de oorspronkelijke tape (en dus live-opname) was een C46), maar dat 'ie is opgeduikeld is natuurlijk fantastisch. Hoewel 'ie toch net een slag anders klinkt dan deeltje 1, ademt Paradoxa Paradoxa Pt. 2 dezelfde sfeer als zijn voorganger en is daarom een welkome aanvulling. Wederom betegelt Akita de vloer met laag, gruizig gezoem dat gezelschap krijgt van meer gitaarfeedback en synthverkrachting, incluis lagen gepiep die effectief tegen en over elkaar worden geschoven. Iets minder subtiel en zorgvuldig samengesteld ditmaal en daarom een stukje minder, maar evengoed weer een uitstekende track.
Disc 8: Material Action for 2 Microphones (1982) (3,5)
1. Hoochie Coochie Scratched Man
Opent met wat subdued samples van een liedje en wat metalen geklater. Na krap een minuut doet een laag noise zijn intrede; overstuurde gitaarfeedback over een laag gerommel, waar de feedback soms aan kracht verliest en de ruimte laat voor de eerdere sample, die bij vlagen goed de overhand krijgt en een (door een Japanse gezongen) Duits gevalletje blijkt te zijn als een lied van Schumann. Onaangekondigd wisselen verschillende geluiden uit diverse bronnen elkaar af; dan zwelt een drone aan, dan wat licht vervormde percussie, dan metalen geschraap, dan ritmeloos getrommel, dan wat klassieke strijkers. Dat werkt eigenlijk als een tierelier. Fascinerende en gevarieerde compositie. Ademt weer een beetje de musique concrète / Dada-sfeer van bijvoorbeeld Prepared Guitar Solo 1 (disc 3), een vergelijking die volgens mij alleszins correct is. Uitstekend dus.
2. Yumin, Non Stop Disco
Een zwaar 80s klinkend nummer (galmende drums, gierende synths en zo verder) wordt bedolven onder een stortlaag aan feedback en wordt weldra volledig de mix uitgewerkt om plaats te maken voor wat vagere en meer vervormde samples welke van een radio lijken te komen die tegen wat willekeurige percussie en geklater moeten opboksen. Wederom een sterk geprepareerd-instrument-gevoel. Stoten gepiep en gezoem knallen hier en daar de mix in terwijl geschraap en licht, gruizig en rommelend gekraak de basis beginnen te vormen. Wederom wisselt een keur aan geluiden elkaar af, waaronder meer vervormde muziek (mooie toevoeging), generieke feedback en en metalen geschraap. Naarmate de track voortduurt krijgt de herrie wat meer de overhand en dat klinkt behoorlijk goed. Hoewel uteindelijk zeker zo gevarieerd als de voorgaande track (die zondermeer in hetzelfde straatje opereert), over het geheel net een slag minder interessant, maar evengoed nog altijd een bovengemiddeld goede track.
3.New Acoustic Music No. 7
Wederom veelal vervormde samples (overstuurde gitaar, piepende stemmetjes) die op zichzelf al erg lekker klinken en het meest interessante ingrediënt blijken over de gehele speelduur; althans, daar waar te horen. Daaroverheen weer een keur aan geluiden als op de eerdere twee tracks, hoewel hier voornamelijk beperkt tot gerommel op de gitaar. Dat gerommel (zowel laag geruis als gepiep en glitchy zooi) is hier en daar het enige ingrediënt en weet in die hoedanigheid niet altijd helemaal te boeien. Elders werkt wat percussioneel gekraak en meer van dat soort ongein zich nog de mix in (Akita blaast zelf nog ergens de microfoon in), maar voor een opleving zorgt het niet. Het hortende en stotende karakter (net of het hele zootje blijft hangen) is zelfs licht vervelend aangezien het geheel nooit eens lekker op gang komt en zich in een voortdurende stuiptrekking lijkt te bevinden. Deze track stond overigens niet op de originele taperelease (enigszins begrijpelijk, aangezien de andere twee duidelijk de betere zijn) en is dus ongereleased materiaal voor zover ik weet.
Disc 9: Yantra Material Action 2 (1982) (4)
1. Untitled
Wederom een 'Action' plaat. In naam echoot dat natuurlijk al welbekende Aktionen (oftewel performances, denk Nitsch maar ook (en wat mij betreft vooral) Beuys, Brus en Muehl). Dat suggereert, net als bij de voorgaande release overigens, een voornamelijk acccidenteel en improvisationeel karakter, iets wat ook wel degelijk blijkt te kloppen (zeker bij de voorgaande release). Wederom blijkt hieruit Akita's fascinatie voor en inspiratie door de Dada beweging en alles wat erna kwam; geprepareerde instrumenten, Aktionen en een gevonden-voorwerp-aanpak (evident in, bijvoorbeeld, het gebruik van radio en zgn. home instruments, oftewel keukengerei). Hier dus meer á la die benadering; een zoemende loop loopt, met wat toonwisseling, onder het hele geheel door terwijl een zwaar vertraagde stem en keukengerei-percussie eroverheen schuiven. Is in die zin dus vergelijkbaar met de tracks als op het voorgaande schijfje, hoewel dit een wat eenvormiger karakter kent en zonder al te veel oponthoud richting eindstreep doorspurt. Erg boeiende track wel juist omdat het nu eens gewoon flink doordreunt.
2. Untitled
Meer gitaargeneuzel. Wat feedback en gesuis en gekraak en een kort sampletje erdoorheen, hoewel het gitaarwerk te allen tijde de overhand houdt. Kort maar (misschien daarom) best aardig.
3. Untitled
Hier krijgt de percussie de overhand. Een niet erg bijzonder ritme tikt een minuut of twee door terwijl er onderdoor wat gezoem en gesuis klinkt. Niet erg interessant.
4. Untitled
Dit gaat dan weer meer in de richting van de eerste track en de vorige schijf, hoewel de ruis hier een stuk prominenter ingemixed is. Daaroverheen en tussendoor trekt Akita meer welbekend gepiep uit zijn gitaar. Geluid van vermoedelijk home instruments maken het geheel af. Inmiddels mag dit geen punten meer ontvangen voor originaliteit, maar nog wel degelijk voor goed-klinkend-heid. Goed klinken doet het namelijk wel. Licht psychedelische invloeden á la (daar zijn ze weer) C.C.C.C. ook. Erg leuk, jammer dat 'ie wat aan de korte kant is.
5. Untitled
En weer een korte track. Een geprepareerd instrument gevoel. Behoorlijk ritmisch. Te kort om echter veel indruk te maken; meer een interlude.
6. Untitled
Opent alvast erg goed; een lekkere drone-achtige ruis en daardoorheen goed duister gekraak en geronk. Dat houdt onophoudelijk aan en in die hoedanigheid heeft het wel wat weg van de eerste Untitled track hier. Af en toe goed harsh en klinkt mede daarom meer Merzbow dan de voorlopige schijfjes dat deden. Heeft ook wel iets van onheilspellendheid van Paradoxa Paradoxa Pt.1 en klinkt ook weer redelijk power electronics, hoewel het minder heeft van het synth geluid van de meeste PE. Erg toffe track, dit.
7. Untitled
Wat gas terug, hoewel de power electronics sound aanhoudt. Wederom duister gerommel op de achtergrond, daaroverheen wat onheilspellende sampletjes (orgel en dergelijke) en wat gitaargerommel. Later onstaat er wat meer ruimte en klinkt er voornamelijk semi-duister gekraak en gepiep terwijl geloopede en afwisselende stemsampletjes er wat variatie in aanbrengen. Tegen het einde mag de laag rommelende feedback zijn opwachting weer maken, om er dan weer uit te sijpelen en dan weer terug te komen. Gevarieerde, boeiende track.
Disc 10: Solonoise (1982) (3,5)
1. Solonoise Pt. 1
Begint meteen vrij harsh. Overstuurde feedback en een laag gruizig ruis vormen de hoofdmoot. Daaroverheen wat geschraap en gekletter. Klinkt stukken meer als daadwerkelijke noise en verliest daarbij wat van de transparantie van eerder materiaal, dat vaak te allen tijde herkenbaar was als een som der delen, terwijl de som hier wel staat maar het soms raden blijft naar de delen. Dat vind ik echter alleszins geen minpunt. Vooral de harshheid vind ik hier heerlijk, aangezien daarvan voorts nog weinig te horen was in deze box, en een goede laag harsh noise kan ik altijd waarderen. Daarbij zeer prettig chaotisch, met een laag gevarieerde textuur over een voortdurend voortdenderende basis. Halverwege haalt Akita nog een strijkstok tevoorschijn en trakteert 'ie ons op schots, scheef en schel strijkergepiep waarmee de voortdurende ruis wat afzwakt en er zowaar wat ruimte in het geheel ontstaat, evengoed voor wat instrumentatie als op eerdere discs. De gierende feedback is echter nooit ver weg. Komt uiteindelijk vooral over als een stortvloed aan geluid, maar wel eentje dat niet gaat van twijfelen en misschien maar er vol inknalt, en is daarom nog extra genietbaar. Puik zootje dat op mooie wijze de werkwijze van de Action platen en daadwerkelijke noise mixt.
2. Solonoise Pt. 2
Een prettige, gruizige loop loopt onder het gehele stuk door terwijl gitaarmisbruik het geheel verder invult. Wederom dus een fijn voortdenderend geheel. Klinkt mij, vooral in de eerste tien minuten, iets minder chaotisch dan de voorganger in de oren en had zo een (geprepareerde-)gitaar-stuk kunnen zijn ware het niet dat die vette loop het meer richting recht-toe-recht-aan noise trekt. Later wordt het geheel een goed stuk harsher en evenzo chaotischer. Goed in het gehoord liggen gekraak en geruis waar dan luide feedback, dan een goede piep en dan een willekeurige loop doorheen gegooid worden. Samengevat wederom een noisier variant op de Action stukken, enkel op andere wijze uitgevoerd. Iets minder dan Pt. 1, maar die is dan ook echt fantastisch. Deze is gewoon ook niet misselijk.
3. Solonoise Pt. 3
Deels dezelfde koek en deels andere: hoewel hier weer een gruizige loop aan ten grondslag ligt horen we hier wederom wat daadwerkelijke ritmische percussie dat zowaar vrij 'knap' klinkt (Akita is natuurlijk drummer, maar gezien zijn uitspattingen op zijn Merzbowplaten zou je haast niet verwachten dat hij er ook echt iets van kon). Na 2 minuten komt daar een abrupt einde aan (jammer!) en nemen gitaargepiep en -feedback de boel over (maar daar kan ik ook wel mee leven). Klinkt echter vrij kaal aangezien de gitaarverkrachting zoniet de voornaamste dan wel de enige geluidsbron vormt. Daar waar de feedback en screeches echter luid, luider, luidst klinken is op zich echter niet vervelend. Later dringt wat minder boeiend percussiewerk (mak getik op de toms en wat metaal) de mix binnen, wat niet erg spannend is maar wel wat broodnodige variatie oplevert. Rond de 11 minuten weer een abrupt einde en daarvoor in de plaats wat geratel en makke poepgeluidjes. Allemaal wat weinig enerverend. Naar mijn weten overigens wederom unreleased, aangezien de eerste twee tracks de originele Solonoise release vormen. Trekt wel het gemiddelde wat omlaag, jammer genoeg.
Disc 11: Expanded Music (1982) (4)
1. Manipulation 1
Een loop bestaande uit piepend geratel dreunt haast onveranderlijk door. Beetje een telecom-idee weer. Andere telecom-inferentie dringt hier en daar de mix binnen. Niet zo boeiend, saai zelfs. Lichtelijk irritant op de verkeerde manier. Na 7 minuten een doordringende piep en een abrupt einde aan de oersaaie loop, waarna chaotisch geratel en gezoem, klinkend als vrij standaard edoch goed luisterbare noise, de overhand krijgen. Vormt bij elkaar een redelijk energieke mix van allerhande geluiden zoals verder typisch voor de Merzbow van de vroege 80s.
2. Manipulation 2
Geen irritant telecomgepiep maar gewoon een vette, suizende en gruizige analoge loop die redelijk monsterlijk klinkt: erg lekker! Langzaamaan verandert en vervormt die en belandt erbij feedback en gepiep in de mix. Dit klinkt verrassend veel als de Merzbow van tien jaar later. Recht-toe-recht-aan rommelende en doordreunende analoge noise, maar hier kan ik zeker wel wat mee. Veelbelovend.
3. Manipulation 3
Wat geklap, een druk pratend publiek dat langzaam overstemd wordt door een laag ruis. Interessante live-opname slash performance of 'field recording' meets analoge noise opname, ik durf het niet met zekerheid te zeggen, maar het resultaat is alleszins fantastisch. De laag noise is heerlijk bruut en goed harsh. Genadeloos gezoem dat doordreunt zoals dat hoort terwijl de aanhoorders onveranderlijk doorkletsen.
4. Manipulation 4
Wederom een gruizige loop, maar eentje die behoorlijk melodieus aavangt en vrolijk langs de toonladders danst zonder al te veel aandacht te besteden aan enige ritmiek of verdere muzikaliteit. Een andere, stotterende laag gruis knalt er vrolijk overheen en stuurse feedback later al even goed. (Voorlopig) typerend voor de gehele sound van deze release, die veel geruis in de lage regionen en een redelijk harsh karakter kent, iets wat ik alleen maar kan toejuichen.
5. Manipulation 5
Iets transparanter; gruizig maar met een duidelijke ritmisch loopje aan de basis dat Akita uit zijn drumstel gesampled lijkt te hebben. Wederom klinkt het allemaal uitstekend en als geheel ook erg effectief. Ook weer redelijk harsh. Doet nog geen 3 minuten maar is er zeker niet minder om.
6. Manipulation 6
Deel 6 in de serie zet de lijn vrolijk door. Ditmaal iets meer gierende feedback dan misselijkmakend gerommel maar evengoed weer van een gruizige en harshe kwaliteit die de noiseliefhebber goed doet. Op de achtergrond tikt wat percussie mee dat doet denken aan de gamelan van Merz Gamlan 1 op disc 5. Wederom een korte maar uitstekende track.
7. Manipulation 7
Alweer zo'n kort trackje. Ditmaal schreeuwerige bliepjes en meer gesuis. Lekker chaotisch en opgefokt. Goed te luisteren dus weer, haast jammer dat het na 2 minuten alweer afgelopen moet zijn.
8. Manipulation 8
Hier doet het lage gerommel weer zijn intrede en het is dit dat de track voornamelijk voortstuwt. Willekeurige noise (voornamelijk wat lichte feedback) doet hier en daar ook mee maar speelt een ondergeschikte rol. Sober en kil maar evengoed weer fascinerend.
9. M.F.S.W. 1
Aanzwellende distortion gemixed met found sounds brengen de track op gang. Suizende geluiden, die hier en daar als beats klinken, doen hun intrede en de track klinkt weldra als een uitstekend voorbeeld van krakende, knarsende en suizende 80s japanoise. Over het geheel minimale progressie, deze stortvloed aan gierend ruis, maar dat deert weinig. Als geheel is Expanded Music de meest 'noise' klinkende plaat dusver en daarbij, los van het zwakke begin, ook duidelijk één van de betere releases die zowel consistent als consistent erg goed is.
Disc 12: Nil Vagina Tape Loops (1982) (4,5)
1. Nil Vagina Tape Loop No. 0
Een warped, gesampled, muzikaal (tape)loopje (heerlijk, die titels die je alvast een eind op gang helpen) opent het geheel, erg musique concrète en erg tof. Moet ook aan beetje aan het spul denken dat de gasten van The Skaters weleens willen uitbrengen (vooral in de soloprojectjes) en iets als Batztoutai is ook een referentie. De loop stottert een tijdje vrij ongestoord en vrolijk edoch redelijk gemarteld door terwijl willekeurige bizarre geluidjes incluis found sound (ergens loeit een sirene) er langzaamaan overheen gemept worden. Na luttele minuten moet het sampletje eraan geloven en doet een ander edoch soortgelijk sampletje (blazersgeluid) zijn intrede (dat onderwijl goed mishandeld wordt), terwijl er subtiel wat metalen percussie bij gemixed wordt. Elders een loop die lijkt te bestaan uit een over een schijf vinyl getrokken naald (Akita zou in zijn carrière meermalen van zijn platencollectie gebruik maken, waarvan Live at Radio 100 het meest fascinerend voorbeeld is, maar dit is wellicht het eerste), waar later bibberende en vervormde stemmen in te herkennen zijn. Harsh kan dit bij lange na allemaal niet genoemd worden (voor wie erop zat te wachten), maar uitermate fascinerend en boeiend is het evengoed weer wel. Een goede (tape)loop maken is een kunde, die boeiend houden een kunst; Akita toont er verstand van te hebben en het geweldig onder de knie te hebben. Mede door de extra ingrediënten extra genietbaar, en door de continue, subtiele mishandeling van zijn loops, die constant lijken te evolueren, weet hij eveneens de aandacht vast te houden.
2. Nil Vagina Tape Loop No. 1
Nummer 1 gaat verder waar nummer 0 eindigde, meer langzaam evoluerende, zich voortslepende en mishandelde tapeloops. Heerlijk materiaal dit waar ik uren naar kan luisteren. De subtiele, haast onmerkbare veranderingen die de loops ondergaan vormen fantastisch luistervoer. Erg understated trackje dit met een minimum aan toegevoegde geluiden; de kale, doffe en gruizige loops hebben zwaar de overhand maar klinken des te meer fascinerend. Wederom associaties met het geflipte jazzwerk van Mêlée (waarbij geflipte niet direct manisch betekent, eerder een outside the box), hoewel anderen het misschien daar niet mee eens zouden zijn, maar de geluiden die Akita rond de 4 minuten uit de tapes trekt klinken als het minimale geluid van blazers en percussie dat de muzikanten, doodgespeeld en in de roes der nacht en vermoeidheid, nog uit hun instrumenten weten te slepen. Prachtig spul dit. Na een minuut of 10 wat duidelijker onderscheidbare en feller in de mix liggende geluiden, met duidelijk geschraap. Halverwege komt aan dit alles een abrupt einde en komt er een stommelender, voortrommelend loopje in de plaats dat nu wel wat geluidsbeleg over zich uitgesmeerd krijgt, met legio bliepjes, vervormde sampletjes, wat percussie en lichte feedback. Het geheel sterft na een minuut of wat af, en de tweede loop uit No. 0 doet zijn (her)intrede, die hier echter ook wat meer textuur krijgt middels toegevoegde bliepjes en zulks en aan het einde volledig overstuurd raakt en enkel nog uit horten, stoten en bliepjes bestaat. Blijft echter geniaal. Wederom een fantastische track.
3. Nil Vagina Tape Loop No. 2
Meer naald-over-plaat geloop. Wederom de sirene. De hele plaat fungeert als één groot werk aan afwisselende, afstervende en terugkerende loops, die, zoals gezegd, evolueren, vervormen en in die hoedanigheid echt eindeloos kunnen boeien. Ook hier is dit weer het geval. De loop lijkt zich soms met moeite de mix in te kunnen drukken en schiet slechts af en aan tot het oppervlak. Het geluid is wederom kaal, sober en redelijk minimaal wegens weinig toegevoegde decoratie (maar dat hoeft, zo mag inmiddels duidelijk zijn, alleszins geen gemis te zijn). Na een minuut of 5 doet een andere, stuiptrekkende en zacht gierende loop zijn intrede, traag evoluerend tot een nog gruiziger, kaler en geweldiger loop, en dan weer verder, en zo voort. Het resultaat is vooral erg dynamisch (en nogmaals, eindeloos boeiend) en laat zich daarom moeilijk vatten in een statische beschrijving. Het hele idee van revolutie, een cirkel of (afhangkelijk van uw blik op het glas; halfvol, half leeg, enzovoorts) een (neerwaartse, opwaartse) spiraal dat binnen een tapeloop, met een gemiddelde levensduur van een seconde of twee, gesuggereerd wordt, met een constant voortdurende cyclus van aanzwellen en afsterven en mismaakte (of volmaakte) op mismaakte reïncarnatie, biedt wellicht boeiend filosofisch materiaal en verschaft de tapeloop een, wat mij betreft, fascinerende en verdiende extra dimensie (zat er toch nog iets van waarheid in mijn quasi-academische artikel). Ronduit geniale plaat, dit.
Disc 13: Material Action 2 (N.A.M.) (1983) (4)
1. Nil ad Mirari
Percussioneel gerammel en geflipte bliepjes, doorspekt met gerommel en geratel, edoch behoorlijk transparent en open klinkend, openen het geheel. Meteen een heel verschil met de voorganger. Harsh is het nog niet, maar het was uiteraard inherent aan het karakter van voorgaande plaat (tapeloops) dat het een repetitieve bedoening was (waar repetitief overigens geenszins de negatieve bijklank behoeft te hebben die er normaal aan te pas komt, zie ook de uiteindelijke waardering voor disc 12) en dat ligt hier heel anders. Bovendien klonk Nil Vagina Tape Loops door de band genomen voornamelijk erg gruizig, dof en sober. Daarvan is eveneens geen sprake op Material Action 2. Minder structuur (edoch geen oncontroleerbare chaos) en een stukken helderder geluid. Evengoed lastig vat op te krijgen, maar een heerlijk onheilspellend sfeertje (wegens duistere tonen op de achtergrond (klinkt hier als een orgeltje, daar als een viool, en dat kan volgens de credits best kloppen), subtiel gemorrel aan de gitaar en bij vlagen piepende, schreeuwerige feedback) overheerst. Komt daarbij, hoewel abstract en ontdaan van enige noemenswaardige progressie, vrij muzikaal over, iets wat wellicht een gevolg is van de relatieve transparantie en herkenbare traditionele instrumentatie hier en daar. Daardoor eigenlijk ontzettend luisterbaar. Is gezien de titel een vervolg op de eerdere Material Actions (hoewel deze suggereert dat er slechts één voorganger is, terwijl het oeuvre toch echt reeds een Material Action for 2 Microphones en een Yantra Material Action kende) en klinkt ook wel degelijk in die straatjes. Vergelijkingen spreken dus ook voor zich. Hoe het ook zij een fascinerende luisterbeurt.
2. Nimbus Alter Magneto Electricity
Begint een stuk kaler, met een suizende basis welke geasfalteerd wordt met meer onheilspellende tonen en gekraak en geratel, edoch aanzienlijk minder chaotisch dan op de voorgaande track. Desalniettemin een perfect counterpiece. Hier etaleert Akita wederom zijn gevoel voor understatement en maakt hij eens te meer duidelijk dat hij met lo-fi, aan power electronics denkend gerommel uitermate goed uit de voeten kan. Heeft op zijn subtielste momenten wel iets van de betere and/OAR field recordings, zoals een Yours Gray van Sawako of Scenery of the Border van Kiyoshi Mizutani, welke overigens, interessant genoeg, op deze plaat ook een riedeltje meedoet. Overigens zijn de credits voor deze plaat vrij specifiek en verdienen die het wel om genoemd te worden, aangezien ze boeiend inzicht geven in de losse elementen van de tracks en de luisteraar iets conclusiever de mogelijkheden geven een idee te vormen over hoe de composities in elkaar steken en zijn gestoken. Akita bestuurt volgens de credits een orgel, (junk)percussie en tapes gecombineerd met elektro-akoestische noises en collages per bron tape. Mizutani doet viool, tape, synthesizer en machine noises. Het maakt duidelijk waar je naar luistert en biedt de gelegenheid een orde te scheppen in de geluidschaos, die hier echter sowieso (nogmaals) vrij transparant is. Daarom echter wel een boeiend kijkje in de noisekeuken voordat die, zo af en toe, puur stamppot zou afleveren en het raden zou zijn naar datgeen wat er ingegaan was. In ieder geval wederom een boeiende track. Samengevat dus een boeiende plaat.
Disc 14: Mechanization Takes Command (1983) (3,5)
1. Electric Pygmy Decollage
Ritmische percussie (die weldra echter ontspoort en dan plots weer spoort), vaag en willekeurig geloop er onderdoor, stemsamples er langsheen en willekeurige noiseburst er schots en scheef opgeplaatst. Wellicht Akita's (a)muzikale interpretatie van de decollage (zoveel suggereert de titel) en de wishful listener kan er zoveel in horen. Staat en valt als auditief equivalent van een lacerated poster. Waar de collage een geheel uit delen vormt, vormt een decollage delen uit gehelen. Akita plakt de abstractie over zijn figuratieve (d.w.z., muzikale) basis en scheurt de noise hier en daar aan stukken, waardoor de ritmes dan boven water komen en dan weer kopje onder gaan in de golven feedback en vervormde samples. Klinkt als geheel weldegelijk boeiend, hoewel wellicht wat stuurloos, hoewel dat op zijn beurt weer inherent is aan het accidentele karakter van de decollage. Geslaagd experiment, in ieder geval.
2. Mechanization Takes Command
De titeltrack lijkt aanvankelijk van een ander laken een pak. De chaotische aanpak van de opener blijft even achterwege. Meer rust en ruimte; zoemend basistrackje en af-en-aan lagen noise. Na grofweg 2 minuten ramt een berg machinale percussie á la de gemiddelde industrialtrack zich de mix in, hoewel Akita het niet kan laten het hier en daar door een paar pedaaltjes te tracken en het alle kanten op te sturen. Wat chaotischer noise, diep suizend en met hier en daar wat goeie feedback, wordt er overheen gedrapeerd. Te allen tijde ritmische track, ook daar waar de voorgenoemde percussie even een stap terug neemt en andere, evengoed mechanisch aandoende, geluiden de overhand krijgen. Wederom een titel die boekdelen blijkt te spreken. Materiaal als dit werpt wat mij betreft wel een interessante kwestie op, aangezien het ofwel vrij improvisationeel zou kunnen zijn ontstaan en de (nauw passende) titel er dan later opgeplakt is (wat onwaarschijnlijk, maar sluit niets uit), ofwel redelijk bewust gecomponeerd is volgens dit of dat recept naar aanleiding van een specifiek idee. Het toont mijns inziens dat Akita, in ieder geval in dit tijdperk, bewust en actief bezig was met componeren; het erkennen, verwerken en bewerken van invloeden; het tentoonspreidden van een bepaalde visie ten opzichte van kunst, muziek, etcetera (op welke manier, zo gezien, zijn achtergrond als hebbende gestuurd aan de faculteit der kunsten van Tamagawa eens te meer (zie ook, bijvoorbeeld, Remblandt Assemblage) wordt benadrukt; er steekt conceptueel soms meer achter dan wordt gedacht). De track op zichzelf is overigens zeker boeiend.
3. Peaches Red Indian
Zozo, (haast) een stuiterende dancebeat die dit zootje begeleid! Willekeurige noises en een duister loopje doen eroverheen vrijelijk hun ding. Weinig progressie, behoorlijk straightforward, aaangezien het de volle (ruim) 10 minuten op deze manier voortstuitert. Een soort hardcore avant la lettre. Grappig om te horen wel. Redelijk hypnotiserend resultaat, hoewel het echt verre van fantastisch is en op den duur wat op de zenuwen begint te werken. Niet Akita's best werk, zoveel mag duidelijk zijn.
4. Sahara
Ratelende, haperende noise en samples. Een zware drum mept traag ritmisch mee. Eroverheen meer willekeurige noises, waarbinnen de pure oversturing steeds meer de overhand krijgt. Net als de voorgaande track wellicht iets teveel gestoeld op één idee en in zijn herhaling (in tegenstelling tot bijvoorbeeld Nil Vagina Tape Loops) te weinig boeiend. In essentie geen verkeerde track, maar net ietwat magertjes.
5. Iggy
Wederom ritmische ondersteuning, tot dusver tekenend voor dit schijfje. Iets meer chaos en een goede laag aan gruizige noise. Beetje te stuurloos om veel indruk te maken, maar klinkt nochtans goed. Waar de overstuurde en verkrachte gitaarsolo de mix in vliegt gaat deze track op toffe wijze even helemaal los. Snel voorbij, maar vindt zijn sterkte in het feit dat het een korte, felle noise burst is. Verre van onaardig.
6. Suicide Machine
Wederom een machine in de titel, wederom machinale verwachtingen, wederom worden de verwachtingen ingelost. Een machinale beat onderbouwt de gruizige noise, hoewel de percussie hier, ten opzichte van de titeltrack, wat gas terugneemt en in een wat lager tempo voortdreunt. Wordt onderweg van alle kanten belaagd door Akita en schiet te pas en te onpas het rood in, wat enkel des te beter klinkt, om dan opeens volledig uit de mix te verdwijnen om plaats te maken voor ander machinaal geratel en (uiteindelijk) pure noisechaos. Daarom erg energiek, erg dynamisch en erg tof. De noise giert en brult en piept een eind weg en weet goed te bekoren. Lichtelijk fantastische track.
7. Ai-Da-Ho
Gruizige basis en richtingloos geïmproviseer op gitaar eroverheen. Gratis extra bliepjes, feedback en wat gepiep erop. Nogal vrijblijvend en niet bijzonder interessant. De voortschrapende ruis die hier en daar op te merken is maakt wel wat goed, maar het gepingel op de gitaar is wat mij betreft een (te grote) stoorfactor, evenals de wat suffe loop die het grootste deel van de speeltijd vrolijk meeloopt. Niet de meest geniale afsluiter dus, hoewel de plaat op zich zeker zijn goede (en zelfs geniale) momenten kent.
Disc 15: Dying Mapa Tapes 1-2 (1983) (4)
1. Denegation
Haperend loopje op de achtergrond en geklater en geratel eroverheen. Past wederom goed in de vroege Merzbowperiode. Transparant en helder geluid. Repetitief maar gevarieerd en vooral positief opvallend door middel van de effectieve, interessante percussiegeluiden (het voorgenoemde klater). Het loopje evolueert over de speelduur richting meer overstuurd, edoch nauwelijks merkbaar, wat eigenlijk wel tof uitpakt. Ietwat eenzijdig, maar het resultaat is tof genoeg.
2. Indifferent Pt. 1
Een iets meer percussiegerichte basistrack hier, die de sfeer en het ritme van de track bepaalt. Een redelijk in-de-maat-blijvend, voortdreunend bas-drum loopje met daaroverheen veel gezoem en andere random noises. Net als de eerste track een repetition with variation verhaal dat alleszins boeiend om te luisteren is. De titel van deze disc suggereert overigens een (nauw) verwantschap met Basinski's Disintegration Loops, welke feitelijk ook bestonden uit stervende tapes. Hier, indien we de titel zo letterlijk mogen nemen, sterven de loops (of wellicht liever, tapes) geen stille dood middels trage (en immer fascinerende) disintegratie maar een al te meer luidruchtige dood die maar voortdendert en een eind weg stuiptrek, met zijn laatst overgebleven krachten er een stortvloed aan noise uitwerkt. In ieder geval, fascinerend stukje wel.
3. Indifferent Pt. 2
De percussiegerichte track uit voorgaand deel heeft nog geen (stille noch luidruchtige) dood willen sterven en schurkt hier op zijn laatste kermende tonen voort door de compositie om al snel definitief het loodje te leggen en plaats te maken voor een wat minder felle loop die langzaam voortkabbelt terwijl zich stilaan wat feedback de mix in werkt en ook andersoortige geluiden (misschien de hand van Mizutani weer) en een aftands gitaarsolootje hun intrede doen. Als ruim driekwart van de track erop zit komt aan alles een eind en horen we wat geklater en random noises. Dat blijkt nog een fascinerend stukje geluid en een waardige toevoeging zo in de blessuretijd.
4. Ooinon for Satva Karman (Sprashutavia) Decoup
Een laag fijn gruis vormt het muzikale asfalt van deze track waar een ritmische loop overheen wandelt. Redelijk noisy (hoewel zeker niet harsh) maar doet vrij muzikaal aan. Doet denken aan later materiaal als (hou me ten goede) Door Open at 8AM en meer (ook Batztoutai is eens te meer een referentiepunt). Fascinerend stukje volwassen muziek dat de willekeurige noise bursts hier en daar eigenlijk niet nodig heeft, hoewel die de track gelukkig geen permanente schade berokkenen. Ze brengen op zich wel wat variatie aan, maar lijken niet begrijpen dat de kracht van een track als deze evengoed in het minimale en de herhaling kan liggen (rebellie om de rebellie, waar is dat toch goed voor). Daar waar de noise wat compactere vormen aanneemt (suizende feedback die wat langer dan een fractie van een seconde aanhoudt) en waar metalen percussie en stemsamples worden geïntroduceerd, is de textuur bovenop de textuur evengoed best interessant. De manier waarop de track langzaamaan licht ontspoort is ook luister- en noemenswaardig. Desalniettemin blijft het ijzersterke fundament van de track de gehele speelduur het meest interessante element. Mede door die speelduur (ruim over de 20 minuten) redelijk hypnotiserend, een observatie danwel associatie die wellicht nog gevoed wordt door de titel.
5. Dharma Kamarage
Meer rommelend geloop aan de basis van deze track met verkracht gesample eroverheen en wat home instruments; een recept dat inmiddels als bekend mag gelden. Edoch, hoewel de beschrijving (en vele eerderen in dit straatje) lijken te suggereren dat er op de discs tot dusver besproken maar eenvormige zooi voorbijkomt, dient het gezegd te worden dat dit geenszins het geval is, aangezien Akita zich constant van andere geluiden bedient en ze op steeds nieuwe manieren met elkaar in contact brengt; een voortdurende stroom aan uitwerkingen van een concept dat wellicht geen perfecte vorm kent (en staat bij zijn imperfectie en onvoltooidheid; wederom presenteren zich verdere associaties richting tapeloops zoals eerder gemaakt, maar ik zal me even inhouden) maar die een zoektocht ernaar en documentatie ervan wel degelijk rechtvaardigt. Bovendien mag het resultaat er ook hier weer wel degelijk wezen. Het grooste deel is wat soberder en minder obstinaat trackje dan de voorgaande track (ook wanneer een andere loop zijn intrede doet), hoewel er vanaf halverwege hier en daar ook wat minder genuanceerde, suizende noise te horen is. Evengoed in zijn geheel weer een fascinerend trackje. Boeiend en dynamisch geloop.
Disc 16: Dying Mapa Tapes 2-3 (3,5)
1. Sukha, Chanda, Tanno, Kless
De titel suggereert een logisch vervolg op het vorige schijfje, maar dit begint nochtans niet met straightforward loops maar iets gevarieerder random geluidjes (voornamelijk home instruments en found sounds) en wat gekraak eronder. Die geluidjes en vervormde samples bepalen grotendeels het beeld van deze track. Ergens hanteert iemand nog een strijkstok (ik gok, wederom, Mizutani) en voegt daarmee een fragmentarisch ingezet maar fris element toe dat voor de overige speelduur voornamelijk de boventoon voert; elders is zowaar een piano te horen. Veelal kalme track, waarvan het geluidspalet wat mij betreft de grootste forte is. Een eclectische boel die soms iets te weinig een geheel weet te vormen maar in die variatie ook wel weer zijn sterkte kent. Fascinerend.
2. Genetic Erotic
Ritmisch voorttikkend loopje op de achtergrond, gierende feedback en gruizige noise er opgestapeld. Niet geheel zorgvuldig gebeurd wellicht, want de delen weten lang niet altijd een som te vormen. De lagen ratelen iets te onafhankelijk van elkaar een stuk door (een probleem dat zich op andere tracks in dit straatje nog niet voordeed) en lijken, zeker de eerste paar minuten, nog in strijd, nog een eenheid. Boet daarom wat aan kracht in. Het probleem lijkt zich al naar gelang de track voortduurt vanzelf op te lossen. Wederom gaat Mizutani met de strijkstok aan de gang en mede hierom groeit de laag noise uit tot een boeiend stuk herrie. De loop is wat te eenvormig en moet er (gelukkig) na een minuut of 9 aan geloven om plaats te maken voor een stukken geschiktere haperende en stuiterende loop die het geheel verder ondersteunt. Vanaf hier een goed stuk overtuigender. Na luttele minuten neemt een vlug stotterende loop (die overigens redelijk succesvol evolueert tot een net iets gevarieerdere loop) het geheel over om de geluidsstroom (inmiddels bestaande uit, voornamelijk, wat mij meer telecomgeneuzel lijkt) nerveus te begeleiden. Toch een pak minder weer. Een track die schommelt tussen erg goede en erg matige momenten en het daardoor gewoon niet helemaal is.
3. Rejet, Ictus, Connotation, Accompagnement, Penisersatz, Stigma Indelible Etc.
Gitaarverkrachting wordt begraven onder een laag geluid die wederom vrij muzikaal aandoet (en het soms ronduit is, bijvoorbeeld zo rond de 15 minuten), iets dat, in verschillende verschijningsvormen (ritmes, instrumentatie, samples), tekenend lijkt voor de Dying Mapa Tapes. Meer van Mizutani gekwelde emissies via strijkstok die te allen tijde ontzettend fascinerend blijven klinken. Heeft in karakter, opzet en geluid nogal wat weg van de eerste track op deze schijf, die middels eenzelfde (schijnbaar) willekeurige juxtapositie van muzikale en a-muzikale geluiden een even herkenbaar als vervreemdend resultaat weet te produceren. Wederom ook intrigerend luistermateriaal dat neigt naar musique concrète en hier en daar soms aandoet als maffe maar ultiem fascinerende field recording (zoals Fireworks op die plaat van Wolf Eyes en John Wiese, om er uit m'n hoofd even eentje te noemen). Erg tof.
Disc 17: Agni Hotra (1984) (3,5)
1. Agni Hotra
Metalen geschraap en gekletter vormt de loop die de track op gang helpt. Luid, ratelend en fascinerend. Een licht cyberpunkgevoel, hoewel dit natuurlijk pre-Tetsuo en de machinale soundtrack van Chu Ishikawa is. Suizende en piepende noise wordt langzaamaan toegevoegd en ergens loopt een stemsample zelfs vrolijk mee. Het geluid is echt heerlijk; met het geloop kan ik alleszins geen moeite hebben (zoals ik al eerder aanhaalde waar het Akita's loopkunde en -kunsten betreft; tevens mag het hele loopverhaal weer genoemd worden, aangezien deze immer traag evoluerende loop een bijzonder schoon voorbeeld is) en is wat mij betreft juist alleszins positief. Loom maar erg krachtig en intens, tevens net lekker harsh genoeg. Heerlijk.
2. Asagaya in Rain
De titel is ultiem des Mizutanis, de track klinkt ook als een field recording, zij het met toegevoegde geluiden en post-hoc bewerking. Wel een fascinerend stukje muziek.
3. Swamp Metal
Gierende noise, een beetje een sirene-idee. Een inkoppertje maar, ook ultiem zompig geruis. De twee tezamen, voortdurend gelooped en met constant cumulatief toegevoegde herrie (geklater en gesuis) brengen de track tot zijn einde. In die hoedanigheid vergelijkbaar met de titeltrack, maar ik vind deze toch wat minder klinken. Tevens een stuk korter, hoewel in dit geval de langere speelduur niet direct gerechtvaardigd zou zijn, hoewel dit eens te meer aanduidt dat de eerste track wel op alle fronten fantastisch boeiend was. Desalniettemin is dit verre van vervelend.
4. Loops in Flames
Weer zo'n titel. Een piepende loop huppelt vrolijk door terwijl 'ie letterlijk bestookt lijkt te worden door een uitslaand vuur. Verscheidene andere noises, veelal wat manisch geratel, worden er nog bijgestopt. Wel een aardige track met een fijn suizend geluid, hoewel de basisloop me niet helemaal kan bekoren in dit geval. Een wat langere track weer die echter niet volledig boeiend is, voornamelijk omdat je wat snel uitgekeken raakt op eerdergenoemde loop en de textuur aan noise erbovenop niet heel bijzonder klinkt.
5. Arbertus Magnus
Een wat subtielere loop hier, die meer dan voorgaand materiaal aan Basinski refereert. Het blijft natuurlijk echter Akita dus hij voelt zich genoodzaakt zijn drone-achtige basis uit te breiden met een gelooped stem sampletje en weldra een stuurse, suizende noiseloop en random noisegeluidjes (wat lichte feedback en zo verder). Het resultaat is nochtans niet harsh, maar wel fascinerend, aangezien de subtiele, lage loop te allen tijde goed hoorbaar blijft en de sfeer en het ritme van de track zo grotendeels bepaalt. Best tof.
6. Kunyan
Een stotterende loop wordt langzaam aan mishandeld en vervormd. Lichte noise wordt toegevoegd, evenals wat willekeurige geluiden van home instruments. Die krijgen echter nauwelijks ergens echt de overhand en lijken meer te dienen als loze vulling dan boeiende inkleuring. Blijft daarom wat kaal en pover. Niks bijzonders, helaas.
7. Untitled Waves
Meer sober geloop, zoemend en drone-achtig, richting dat van Arbertus Magnus. Boeiend en (duister) sfeervol. Verderop aanhoudende blaasinstrumenten (effectieve loop) en Akita die z'n keel schraapt. Zeer licht gerinkel, verder welhaast niets. Eén grote aanhoudende piep, in die zin, maar wel weer een boeiende. Toffe afsluiter van een schijf die behoorlijk hit-and-miss is, maar in zijn hits wel erg goed.
Disc 18: Pornoise 1kg Vol.1 (4,5)
1. Industrial
Wederom een krakende en gruizige loop die rijkelijk belegd wordt met allerhande noises. Vrij harsh gebeuren. Klinkt lekker. Vervormde samples lijken hier en daar onherkenbaar langs te komen, gierende feedback voegt een laag goed scheurende noise toe die behoorlijk tof klinkt. Veelbelovende opener.
2. Loop Fuck 1
Meer overstuurde herrie en een luid gestommel. Chaotische maar dynamische en fascinerende boel die alleszins in het straatje van de opener ligt. Welkome harshheid die middels zijn subtiel maar effectief ingezette loops toch een zekere structuur weet te behouden die de track niet doet verzanden in wat loos heen-en-weer gekletter. Meer tot pure oversturing vervormde samples die op ziekelijk geweldige wijze gelooped worden. Geweldige stukje herrie.
3. Loop Fuck 2
Loop Fuck 2 gaat (verrassing) door waar deel 1 ophield. Dat is echter verre van vervelend, natuurlijk, aangezien deel 1 al gewoon erg lekker klonk en het haast spijtig was dat die na 6 minuten al afgelopen moest zijn. Wederom vormt een uit vervormde samples bestaande loop het a-muzikale fundament, hoewel die hier een stukje minder vervormd is en er duidelijk wat gekreun van een Japans dametje en zo meer te ontwaren is. Geeft de track een perverse maar fascinerende lading die de titel (van de track en de release) eer aandoet.
4. Obituary 1
Deze Pornoise 1kg blijkt een consistente release, want ook de volgende track ligt in hetzelfde straatje. Vervormde stemsamples worden doorlopend gelooped terwijl er schrapende en piepende noise overheen geknald wordt. Dat is echter een recept dat er bij deze luisteraar als koek in gaat. Wederom een geslaagde episode binnen een tot dusver geweldige en intrigerende release.
5. Obituary 2
Iets meer generieke noise; de bizarre stemsamples lijken ditmaal achterwege te blijven. De noise klinkt echt alleszins goed en de gruizige, ruisende textuur van de laag herrie plaatst Obituary 2 verder zonder problemen binnen de lijn van dit schijfje tot dusver. Redelijk stuurloos en chaotisch gepiep verder dat misschien een beetje jammerlijk de structuur ontbeert die eerdere tracks wel kenden wegens de voortdurende loops van mishandelde stemsamples, maar in zijn geheel best prettig wegluistert.
6. Night Noise White
Een stukken minder vervormde stemsample (de één of andere Engelssprekende knakker) doet zijn intrede en vormt het fundament van de afsluiter van deze schijf, die zo lang duurt als alle andere tracks bij elkaar. Langzaamaan wordt die vervormd, verkracht en disintegreert 'ie tot er haast niets anders dan een goed gruizige en nauwelijks herkenbare loop overblijft die aangevuld wordt met wat suizende noise en gerommel. Hier en daar neemt de stemsample weer wat herkenbaardere vormen aan en zo suist en schommelt 'ie gedurende de speelduur tussen puur gruis en puur sample. Kundig gedaan. Als geheel meer gruizige, haperende en stuiterende geflipte loops-meets-random-noise die perfect in het plaatje van de release past. Erg tof allemaal!
Disc 19: Pornoise 1kg Vol. 2 (1984) (4)
1. New Karhma
Waar Vol. 1 middels een hoop gruis en feedback nog vrij harsh eindigde, is het daar abrupt mee gedaan als Vol. 2 inzet. Hoewel de loop alleszins gruizig is, kan 'ie onmogelijk harsh genoemd worden. Dat is natuurlijk echter slechts een karakterisatie en geen waardeoordeel; immers, Akita kan goed uit te voeten met lo-fi, rommelende en understated loopjes. Dat is ook hier het geval. Hoewel het loopje zonder veel opmerkelijke wijzigingen een flink aantal minuten ongehinderd doordendert klinkt het alleszins boeiend en weet het een prettig kaal en licht duister sfeertje te scheppen. Klinkt bovendien gewoon weer puik. Akita introduceert langzaamaan een keur aan noises terwijl de loop stilaan maar duidelijk evolueert tot een wat steviger (en later noisier en dreunender) stuk gerammel. Een wat subtielere en sobere tegenhanger van Vol. 1 lijkt dit Vol. 2 voorlopig te worden, evenook sans de samples, iets wat best een gemis mag worden genoemd zonder daarmee afbreuk te willen doen aan New Karhma, want het trackje is op zichzelf eigenlijk al interessant genoeg. Weet zich door zijn relatieve kaalheid en voortdurende herhaling (edoch incluis variatie, natuurlijk) een hypnotiserend effect aan te meten. Daarom eigenlijk de volle speelduur (toch over de 30 minuten) boeiend genoeg.
2. Dynamite Don Pt. 1
Wederom zoekt Akita het in de gruizigheid en voortrommelende loops. Een vrij harshe track die op een flink tempo zijn stoffige en korrelige gal spuwt. Een muur aan noise en feedback die echter genoeg variatie en grove textuur kent om als boeiend luistermateriaal te dienen. Iets wat deels te danken is aan het feit dat we hier nog altijd (15 jaar voor Akita (definitief) digitaal zou gaan) met pure analoge noise te maken hebben, die te allen tijde gevormd is uit een substantie die voortkomt uit bronnen die soms niet meer direct in hun hoedanigheid herkenbaar zijn, maar wel áls zodanig. Mede hierom blijft een op zich vrij volle en chaotische track als deze toch een bewonderenswaardige transparantie en een duidelijk smoelwerk behouden. Overigens ontbreken de stemsamples hier weer grotendeels, hoewel er tegen het eind wel wat zwaar vervormd gekreun de mix in lijkt te kruipen. Andersoortige noise vormt echter de hoofdmoot. Toffe track wel weer.
3. Dynamite Don Pt. 2
Het logische vervolg op deel 1. Meer gruizig gerommel en een voortdurende loop over de gehele speelduur. Aangezien deel 1 goed te pruimen was is deze dat eigenlijk ook gewoon. Haalt zonder problemen de eindstreep. Als geheel is Vol. 2 boeiend genoeg, hoewel 'ie het hoge niveau van Vol. 1 niet weet te halen. Het totale ontbreken van de samples hier was wat onverwacht, gezien de verwachtingen die deel 1 en de titels van de gehele serie scheppen. Die samples wisten, waar scherp ingezet, Vol. 1 toch wel degelijk naar een hoger plan te tillen, waar deze dus blijft steken (zo het al zo genoemd mag worden) op een schijfje vol met bovengemiddeld goede maar niet geniale noise. Edoch weer een goede entry in de Pornoise serie, die voorlopig als goed tot zeer goed te boek mag staan.