In 1982 had Hanneke Kappen in radioprogramma Stampij een
special over Scandinavische metal. Naar aanleiding hiervan verwachtte ik dat Silver Mountain dé grote band uit Zweden zou worden. Het werd echter Europe, dat in de uitzending ontbrak.
Het debuut lijkt qua productie ontzettend op hetgeen bij andere groepen via deze en andere afleveringen van Stampij klonk: droog en direct, hartstikke eerlijk maar niet per se uit de speakers knallend zoals topproducers dat wel wisten te doen. Denk aan de Engelsen Martin Birch, Pete Hinton en Tom Allom. Verrassend is dat de groep het debuut zelf produceerde met hulp van technicus Erik Videgård en manager (!) Thomas Erdtman.
De groep is hier nog een kwartet, waarbij Joey Tempest naast zang ook enige toetsen speelt. Drummer is Tony Reno / Niemistö, die met bassist John Levén een solide basis neerzet. Qua stijl klinkt energieke hardrock die soms metal wordt, herkenbaar aan de momenten dat de dubbele basdrum gaat rollen. Melodieus met lekkere gitaarlicks en -solo’s van John Norum.
Toen ik
Europe jaren later hoorde, moest ik wat vertederd lachen om de jongensachtigheid van hoes en muziek, maar inmiddels denk ik dat dit debuut meer waardering mijnerzijds verdient. In sporttermen: het is alsof je een jeugdploeg ziet spelen en denkt: die jongens hebben het talent om het ver te schoppen.
Het beste materiaal staat op kant 1, al is het uptempo
Children of This Time dat kant 2 aftrapt nog wel aardig en hetzelfde geldt voor de gitaarsolo in
Words of Wisdom.
Ook mijn favoriet is
Seven Doors Hotel met opener
The Future to Come en het Blackmoreaanse
The King Will Return als goede nummers 2 en 3. In het instrumentale
Boyazont, dat kant 1 afsluit, klinken ook invloeden van Michael Schenker en Thin Lizzy’s Scott Gorham en Brian Robertson. Het eerste deel van het nummer is vlot, waarna wordt overgeschakeld op een hogere versnelling.
Hierboven ging het gesprek over de hoes. Op website Wingsoftomorrow.com lees ik bij 'History 1978-1984' onder het kopje 'The first album' bij de
vierde alinea dat een Japanse rockjournalist het album in een importzaak in Londen kocht en zo enthousiast was, dat hij het bracht bij zijn landgenoten van Victor Records. Vervolgens meldt de site:
"The Japanese edition of the album was given a new cover and it's the cover that has been used for most (if not all) editions of the album that have been released ever since. (...) The album became a big succes in Japan, reaching the Top 10, mostly thanks to the popular single Seven Doors Hotel." Wie wil weten welke gebouwen zijn afgebeeld, verwijs ik naar diezelfde alinea.
Een beloftenteam met de wortels in de klassieke hardrock soms een scheutje New wave of British heavy metal toevoegend; qua stijl en productie herkenbaar uit de vroege jaren ’80 stammend.