Ik kende Krokus niet toen ik
Hardware uit de dorpsfonotheek leende, al wist ik van hun Zwitserse afkomst en stijl in het voetspoor van AC/DC.
Na fabrieksgeluiden begint het trage
Celebration, een curieuze start van een hardrockplaat. Raar, maar als opwarmer niet onprettig. Daarna ging het tempo omhoog in
Easy Rocker en van zulke muziek hield ik. Degelijk geproduceerd bovendien, waarbij ik helemaal opveerde bij de gitaarsolo. Deze wordt heel fraai opgebouwd van langzaam naar snel en tegelijkertijd van laag naar hoog. Wie was deze snarenracer? Fernando von Arb, nam ik ten onrechte aan na bestudering van de achterzijde van de hoes; de binnenhoes ontbrak, zoals wel vaker bij platen die je uit de bieb leende; gejat door een eerdere lener.
Mr. 69 was wel erg schaamteloos van het Australische voorbeeld geleend, maar dan wel goed en wederom was daar een snelle gitaarsolo, ditmaal in de stijl van Angus Young. Toch had ik liever het weer snellere
She’s Got Everything, dat de A-kant afsluit: de slaggitaar leek beïnvloed door Motörhead of Ramones (Huh? Ja, echt waar!) en de gitaarsolo is wederom fraai opgebouwd: beginnend op volle snelheid en diverse hoofdstukken bevattend, waarbij de riff aan het einde soepeltjes wijzigt. Beste nummer van de plaat, zeker omdat in het uittro alweer een lekker solootje zit.
Op de B-kant waren het de laatste twee nummers die me pakten:
Winning Man dat midtempo begint en dan versnelt en ten slotte
Mad Racket, dat zo lekker swingt dat ik hen de AC/DC-kopieerstijl vergaf.
Sommige nummers van dit album noem ik niet: dat vond ik slappe aftreksels van de band uit Sydney. Vijf nummers belandden op een cassettebandje, dat ik vaak heb gedraaid.
Pas enkele jaren geleden ontdekte ik dat het Tommy Kiefer was die de gitaarsolo’s deed. Misschien ontstond het misverstand omdat Von Arb vanaf de volgende plaat inderdaad hiervoor verantwoordelijk was. Kiefer moest afhaken wegens zijn heroïneverslaving en zou in 1986 tragisch overlijden, zoals
Nieuwstad twaalf jaar geleden al vermeldde. De solo's van Kiefer (soms kom ik zijn naam als Keifer tegen) blijken niet zo knap als ik toentertijd dacht, tegelijkertijd was hij een meester in timing. Blijft zeer aangenaam.
Krokus is voor mij op z’n best als ze een eigen geluid zoeken en daarbij uptempo nét iets verdergaan dan hun voorbeeld in die jaren. Een dikke zeven.