Fen lijkt met iedere plaat die ze uitbrengen een stukje beter te worden.
"Beacons of War" begint met een naar post-rock neigend riffje, maar word al snel vervangen door een beukende gitaarriff en drums. De grunts klinken lekker venijnig en de combinatie met de cleane zang zorgt voor een intens en complex geluid. Dit is echter nog maar de eerste helft van het nummer. In de tweede helft is enkel grunts te horen en vinden er een aantal tempowisselingen plaats, waardoor de aandacht erbij gehouden word.
Wanneer "Beacons of Sorrow" begint kan de vergelijking met Agalloch gemaakt worden. De stijl/tempowisselingen in het nummer en de snerpende grunts doen aan die band denken en ondanks dat ik een groot Agalloch liefhebber ben moet ik toegeven dat Frank "The Watcher" Allain misschien wel een betere grunter vind dan Haughm.
Met "The Dying Stars" gunnen de heren de luisteraar wat rust. Het nummer begint met wat langzaam, sfeervol gitaarwerk. Wanneer de drums erbij komen bouwt men op een mooie wijze op naar de intense eerste helft van het nummer waarin vooral het snoeiharde en strakke drumwerk opvalt.
In de tweede helft van het nummer vervalt men weer in een rustige, melancholisch klinkende riff. Er is zelfs wat ruimte voor wat akoestisch gitaarwerk en het klinkt allemaal best fraai. Tegen het einde vlamt men echter nog één keer op, om in de laatste minuut weer te vervallen in het melancholische gitaarwerk.
"Sentinels" valt dan weer gelijk op door de centrale rol van de bass in het eerste stuk van het nummer. Ook in dit nummer is er weer ruimte voor wat cleane zang en de combi grunts/cleane zang. Wederom valt de variatie in een positieve zin erg op.
"Menhir - Supplicant" is zo intens gespeeld dat je het idee hebt dat je helemaal in de muziek meegezogen word.
Men sluit op een prachtige wijze af met "Gathering the Stones". Een mooi uitgesponnen, melancholisch nummer dat relatief rustig is in vergelijking met de voorgaande nummers. In de eerste helft van het nummer komt er nog een prachtige, redelijk centrale rul van de drums voorbij, terwijl het lijkt of er een koor op de achtergrond meezingt met in het midden een prachtige cleane zang.
Het beste werk dat de band tot dusver voortgebracht heeft als je het mij vraagt. Voor liefhebbers van Agalloch is dit haast een must.