Wat een bezig baasje is meneer Fripp toch altijd geweest. Zijn vruchtbare arbeid bij King Crimson is hem eigenlijk nooit genoeg geweest. Een vracht solo-albums en collaboraties met verschillende welgerespecteerde artiesten zoals Brian Eno, Andy Summers en David Sylvian leverde zowel een hoop bagger op als een hoop interessants. Dit album, een collaboratie met electronic-gigant Brian Eno en zijn eerste uitstapje buiten KC, is gelukkig in de laatste categorie te scharen. Bij beluistering van No pussyfooting bekruipt je het gevoel dat Fripp hier eindelijk iets kwijt kan dat hij bij KC niet kon, zijn honger naar wat meer avantgardistisch werk wordt hier gestild.
Het album bestaat uit 2 nummers die elk een hele LP-zijde opnemen. The heavenly music corporation is een fabuleus experiment waar de “Frippertronics” voor het eerst worden toegepast. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een tape-loopsysteem waarbij Fripp’s gitaarspel wordt opgenomen en vervolgens direct weer wordt afgespeeld, waarna het afgespeelde meteen een tweede keer wordt opgenomen, etc. Ook al draagt het Fripp’s naam, het idee komt eigenlijk van Eno (Al schijnen Terry Riley en Steve Reich al eerder soortgelijke experimenten te hebben uitgevoerd). Het resultaat is een fascinerende, bijzonder sfeervolle track, één van Fripp’s grote meesterwerken. De schitterende gitaarlijnen vormen samen met Eno’s elektronische figuren een ontzettend rijk tapijt van geluid. De tweede track Swastika girls, met wat onrustigere elektronica en minder hypnotiserend gitaarwerk, is wat minder geslaagd, maar nog altijd verre van middelmatig. Deze fascinerende plaat verdient niets minder dan 4/5.