De Amerikaanse muzikant Emitt Rhodes was begin jaren zeventig verantwoordelijk voor één van de meest verfijnde popalbums uit het decennium. De jaren voordat dit debuutalbum, genaamd Emitt Rhodes, verscheen bracht de multi-instrumentalist zijn tijd achtereenvolgens door als ritmische drummer van The Emerals en The Palace Guard en als gitaarspeler en zanger van de door The Beatles beïnvloede band The Merry-Go-Round. Echter leverde zijn tijd als onderdeel van een band hem weinig succes op en koos hij voor een solocarrière, waarbij zijn vakmanschap pas echt tot leven kwam. Zijn zachtaardige zang, gestructureerde popsongs en werklust gaven hem zijn naam “one-man Beatles”, refererend naar het feit dat hij alle muziek zelf schreef, arrangeerde, opnam en produceerde. Naast het verschijnen van enkele compilatie albums en songs bleef het na het verschijnen van zijn vierde album Farewell to Paradise uit 1973 decennialang stil rondom nieuwe studioreleases. De geluidstechnicus nam diverse malen een nieuw album op, maar het leek erop dat al dit materiaal nooit in de platenzaken zou verschijnen. 2016 brengt daar 43 jaar na zijn laatste album verandering in. Enkele jaren geleden startte hij een succesvolle samenwerking met producer en muzikant Chris Price en het resultaat is genaamd Rainbow Ends. Met gastbijdrages van tal van gerenommeerde muzikanten levert de 66-jarige muzikant deze keer vooral zijn klasse als schrijver en zanger af. Het album voert de luisteraar door de pijn en het verdriet van mislukte relaties heen en zoekt een weg naar de manier waarop we met het ouder worden om moeten gaan.
Op Dog on a Chain is direct hoorbaar dat Emitt’s zang door de jaren heen een verandering heeft ondergaan. Zijn warme klanktoon is gebleven, maar zijn ervaringen uit het leven sluipen door in zijn aangrijpende zang. De akoestische gitaar pakt de draad na alle jaren op en voert de luisteraar direct in de verwarde situatie van een verbroken relatie. Het nummer, dat stamt uit eind jaren zeventig, bouwt zich na de intro gestaag uit tot een klankrijk geheel. Roger Manning weet de melodieuze geluiden uit de mellotron toe te voegen aan het gitaarspel van Jon Brian en Jason Falkner. De harmonieën brengen Aimee Mann en producer Chris Price dichter bij de ontroerende zang van Rhodes. Het koude weer voert zich bij de pijnlijke tijden die de hoofdpersoon tegemoet gaat. De melodieuze klanken zijn gebleven en leggen opnieuw Rhodes’ kwaliteiten als tekstschrijver en ontwikkelaar van popsongs bloot. De diepgaande baslijn van Fernando Perdomo vormt samen met het jazzy drumspel van Joseph Seiders de basis van het swingende If I Knew Then. Roger Manning ondersteund de jazz met zijn pianospel en Jason Falkner is verantwoordelijk voor het bluesy gitaarspel. Het samenspel van deze muzikanten vormt een gestructureerd klankenspektakel, waar Rhodes zich in de teksten kwetsbaar bij opstelt. De pijn die hij voelt vertaald hij naar zijn gitzwarte teksten, terwijl het ritme wordt opgezweept door het basspel en de swingende pianoklanken. Met subtiele strijkers, afkomstig van Kaitlin Wolfberg, kijkt Rhodes terug op het verleden en de momenten die zijn verstreken. De geest van het verleden komt meermalen voorbij zetten in zijn gedachten en brengt hem terug naar zijn door Paul McCartney beïnvloede songstructuren. De warme klanken worden nergens teniet gedaan en brengen zowel het gitaarspel als de ondersteunende percussieklanken onder de aandacht van de luisteraar. Een verbroken relatie vormt de basis van This Wall Between Us. De harmonieën duwen de muur tussen twee personen op en geven de ruimte aan het verfijnde gitaarspel en de melodieuze klanken van de mellotron. De productie is krachtig en geeft de ruimte aan de bijdrages van de vele muzikanten.
Someone Else voert zich met het akoestische gitaarspel nog wat verder de diepte van een relatie in. Het liefdevolle begin gaat al snel over in de twijfels die er gedurende een huwelijk ontstaan. Susanna Hoffs van The Bangles weet in haar zang de vrouwelijke bijdrage te leveren aan de kant van de relatie. Rhodes zoekt in de achterdochtigheid naar een reden achter het mislukte huwelijk, drums en gitaren drijven de stroom aan gedachten op. De zoete klanken van de keyboards en percussie laten je in ontroering achter. Op I Can’t Tell My Heart fuseren de pop en rock zich tot een aangrijpend schouwspel. Waar het pianospel Rhodes de emoties in voert, grijpt het drum- en gitaarspel naar zwaardere middelen. De pijn die het teveel liefhebben aanricht wordt in Nels Cline’s (Wilco) gitaarspel tot waanzin gedreven. Roger Manning bereikt als toetsenist een hoogtepunt in het samenkomen van piano- en orgelklanken. De gedachten gaan terug naar de zang van Warren Zevon, maar ook naar het nummer Love Will Stone You, afkomstig van Rhodes’ album Mirror’s. De akkoordwijzigingen en pakkende melodieën sluiten perfect aan op Rhodes’ warme en aangrijpende stemgeluid en de momenten na een verbroken relatie. Wat meer oplevende tonen doen zich aan in het funky Put Some Rhythm to It, met een zwaar beladen basgeluid. Het swingende pianospel en de ritmische gitaar en drums laten je losgaan op de dansvloer, zoekend naar het gevoel van vrijheid. Op It’s All Behind Us Now laat Rhodes het verleden achter zich en doen de ontspannende klanken zich tegoed aan een nieuwe start. Zijn eenzaamheid en levenskennis laten de groove van het nummer omringen met opfleurende gedachten. De vuile gitaarklanken voeren de negatieve gedachten van zich af, waarna Roger Manning zich tegoed doet aan de elektrisch geladen klanken van de Fender Rhodes piano.
What’s a Man to Do komt in het zoete klankenpalet tot leven als een dromerige liefdesballad, maar kent vooral pijn en afgunst van het gehele liefdesspel. De synths en subtiele drumklanken ondersteunen de fijnzinnigheid van Rhodes teksten en zang. De treurnis sluipt door zijn ontroerende zang heen en toont de twijfels van een man. Friday’s Love brengt misschien nog wel de meest positieve toon, in het door pijn en verdriet gedrenkte album. Vanuit de koude winter zoekt Rhodes de liefde in de dromerige klanken van gitaren, keyboards en blazers. Een combinatie van new wave, rock en pop voert het klankenspectrum aan, je voerend vanaf de jaren zeventig naar het heden. Probyn Gregory van Brian Wilson’s band draagt zijn steentje bij in de klanken van de hoorn, maar het zijn vooral de catchy klanken van toetsenist Roger Manning die de sfeer van het nummer neerzetten. Het album wordt afgesloten met titeltrack Rainbow Ends, een kleurrijk licht aan deze donkere tunnel. De folk en indie muziek voeren de zwoele klanken van gitaren, mellotron en en piano aan. De tamboerijn van Nelson Bragg ondersteunt de strijkers en percussie van Kaitlin Wolfberg en Joseph Seiders. Het liefdesspel weet nu in alle schoonheid te groeien in de verfijnde klanken van het nummer. Rhodes wilt het liefst bij degene zijn die hij liefheeft en de moeilijke tijden neemt hij voor lief. Het instrumentale einde brengt nog eenmaal de klasse van de muzikanten en producer Chris Price onder de aandacht en brengt Rhodes terug de jaren zeventig in.
Emitt Rhodes heeft ons 43 jaar laten wachten, maar het is hem vergeven, want met Rainbow Ends toont hij opnieuw zijn klasse als muzikant en tekstschrijver. Zijn warme en ontroerende stemgeluid is gebleven en kent meer diepgang door zijn levenservaring en werk als geluidstechnicus. Hij weet de pijn uit zijn verleden te vertalen naar ontroerende en diepgaande songs, ondersteunt door het vakmanschap van vele muzikanten. Dat hij er deze keer niet alleen voor staat doet niets af aan de klasse van het album, want juist door de toevoeging van deze muzikanten is zijn focus op tekst en structuur alleen maar scherper geworden. De humoristische kant die vaak in zijn nummers verborgen ligt zorgt ervoor dat er altijd iets luchtigs in zijn beladen en ontroerende teksten blijft hangen. Zijn levensdroom is nog steeds intact en draagt met de meeslepende melodieën en klankvolle passages niet langer meer de stempel one-man band, maar hij blijft op Rainbow Ends volledig Emitt Rhodes.
4*
Afkomstig van mijn site
Platendraaier.