Dit was mijn kennismaking met de groep Bruford en is voor mij altijd de beste van hem gebleven en ook het beste wat er op symfonisch getinte jazzrock gemaakt is.
Via Neil Peart ( ons wel bekend hier op de site) in aanraking gekomen met het solowerk van Bill Bruford (nog bedankt Nico.)
Bill Bruford is natuurlijk bekend van oa. Yes, King Crimson, UK en wat andere projecten.
Onder zijn achternaam maakte de legend drummer drie albums. In de line-up muzikale zwaargewichten als Jeff Berlin ( bas, vocals), Dave Stewart (keys) en de relatief onbekende John Clark, hier als vervanger van de vertrokken Alan Holsworth.
Clark hanteert een beetje dezelfde stijl als zijn voorganger en speelt nu als jaren in de Cliff Richard Band (!) Tja..... kan raar lopen.
Als eerste de laatste plaat van Bruford beluistert en dat heeft goed uitgepakt.
Fusion/ Symfo, dat was bekend, maar met een redelijk toegankelijke aanpak. De songs met zang zijn wat bijtend, maar wel heel pakkend ( Age Of Information/ The Sliding Floor.)
Het is bepaald geen album waar instrumentale krachtpatserij de boventoon voert.
Bill zelf speelt eigenlijk best wel dienend, en is er is vooral ruimte voor het geweldige basspel van Berlin, die ook nog wel lekker zingt ook.
Het is een echte groepsplaat. Tuurlijk hoor je de jazzrock terug, maar gespeeld met een prettige frivoliteit( Joe Frazier) Nergens over de top, maar natuurlijk wel kundig.
Enige minpuntje vind ik Palwell Park wat niet echt van de grond lijkt te komen. Aardig ideetje, maar ik vind het weinig boeiend.
Land's End is een mooie afsluiter van een verrassend fraaie plaat.
Kon zijn twee eerdere albums die nogal jazzy en jazzrock achtig klinken heel erg waarderen, deze plaat kon mij ruim 30 jaar geleden aanvankelijk niet zo bekoren. Wat eigenlijk achteraf beluisterd onterecht was. Deze sluit dan ook prima aan aan de topper ''One of a kind'' .Naast prima bass werk heeft Berlin ook nog eens een aangename zang die hier goed tot zijn recht komt.
Kortom een zeer geslaagde synthese tussen symphonische rock en fusion. UK, King Crimson.
Ik ben een stuk minder enthousiast over dit album. Vergeleken met de frisse symphonische jazzrock van One of a kind en Feels good to me draait de band hier stroef. De composities zijn matig. De gitarist is de zwakke schakel. Bah!
Ik vind de plaat, hoe meer ik het opzet, hoe slechter.
De eindmix is rommelig, waar de bas alles overheerst en er niets te horen is van de gitaar en drums. Daarbij zijn de composities niet echt pakkend. En de zang is ronduit vals. Onbegrijpelijk dat muzikanten op dit niveau denken met zulke zang te volstaan.
Verder zijn de drumpartijen goed en de baslijnen waanzinnig, maar daar redt je de plaat niet mee.
Ik heb deze ooit ook beluisterd, maar ik heb hem, in tegenstelling tot de eerste twee Bruford-platen, nooit aangeschaft. Dus waarschijnlijk ervoer ik dit ook als een tegenvaller ten opzichte van die eerste twee. Staat me bij dat de zang me nogal tegenstond.
Bill Bruford was natuurlijk een uitgesproken symfonische rock drummer met Yes, King Crimson en UK. En dit was voor mij destijds wel een overgang naar de meer jazz kant van de symfo. Hoewel het ook wel klinkt als een natuurlijke verdere ontwikkeling van de eerste UK plaat. En ook Dave Stewart heeft daar zeker een grote rol in. Maar hoe dan ook, ik vond alle drie de Bruford lp's bijna gelijk geweldig. En bij deze vind ik vooral de zangnummers ook erg sterk. Gothic 17 is daar een mooi voorbeeld van. De ingehouden spanning in de cello stukken en dan weer de uitbarstingen. Fantastisch nummer. Maar heel de plaat kan ik met veel genot van begin tot het einde luisteren. Nog steeds na al die jaren.