Waar het debuut van Fad Gadget nog klonk als een (weliswaar kwaliteitsvolle) demo, bij opvolger
Incontinent is de productie verbeterd. De hoesfoto van Anton Corbijn doet denken aan videoclips die de Nederlander later zou maken. Net als Peter Gabriel in diens jaren bij Genesis draagt Gadget daarop een theatraal pak, te weten dat van Punch oftewel Jan Klaassen van de poppenkast.
Wederom hoor ik muziek als een kruising tussen de synthwave van de vroege Human League en, dankzij Gadgets zware stem, de donkerte van Joy Division.
Het instrumentarium van Gadget is ugroter. Waar hij ooit letterlijk begon met een bandrecorder in een keukenkastje, horen we hier nieuwe synthesizers. De rauwe synths van het debuut krijgen daardoor lichtvoetiger geluiden als gezelschap, met bovendien enkele traditionele instrumenten.
Daarbij klinkt bijtende maatschappijkritiek, zoals in
Blind Eyes over het wegkijken van kwaad; in de driekwartsmaat van
Saturday Night Special gaat het over wapens en geweld, met schier sacrale zang van zijn eega Barbara Frost.
De muziek is niet gemaakt voor de hitlijsten en die werden dan ook niet gehaald. Het titelnummer bijvoorbeeld, een semi-instrumentaal nummer met ruimte voor steeldrums (!) en scatgeluiden, wordt gevold door
Manual Dexterity, dat de B-kant aftrapt; een soortgelijk nummer met laag-vervormde “paddenstem”.
Innocent Bystander is qua muziek weliswaar lichter, maar de tekst over toeschouwers die ooggetuigen zijn van een bloederig ongeval op straat stemt niet bepaald vrolijk. Hetzelfde geldt voor
King of Flies, waarin de ik-persoon zichzelf aantreft op de koudstenen vloer van een cel.
Diminished Responsibility is het derde bijna-instrumentale nummer met getormenteerde geluiden, waarna verrassenderwijs in afsluiter
Plain Clothes een elektrische gitaar klinkt; hier is de associatie met Joy Division het sterkst.
Synthwave met moeilijker toegankelijke muziek dan op het debuut, ondanks de grotere variatie aan al dan niet digitale instrumenten. Teksten die een blik werpen op de zelfkant van de maatschappij, bedoeld om de luisteraar te confronteren met de lelijkheid daarvan. Muziek niet ter vermaak maar als kunst. Zoals Rogier van Bakel terecht in Oor
noteerde: “Een album vol bruuske contrasten”.