Gisteren, in een verloren theater in een woonwijk in Amsterdam, zag en hoorde ik Peter Silberman. Hij was moederziel alleen, een weekje Europa met enkel een geluidsman die tevens als chauffeur diende. En daar stond ie dan, elementair, bijna entropisch, gereduceerd tot de absolute essentie van man-met-gitaar.
En zo begon het ook. Enkel elektrisch gitaargeluid, tergend langzaam. Een noot, en dan nog een noot, en nog één, en dan die eerste weer. Het was als verf op de muur zien drogen, of als Noorse Slow TV, maar dan mooie verf, in het mooie noorderse landschap. Het kon eigenlijk ook niet. Oké, er waren maar een man of 30 in de zaal, en die waren geduldig, want anders waren ze hier niet geweest. Maar toch. Ik dacht aan mijn ouders, die vinden dat een avond muziek een avond entertainment moest zijn. En wat was dit? Silberman grapte dat het oké was voor ons om in slaap te vallen. "That's a service I'm happy to provide." Hij wist zelf ook wel dat het niet kon.
Hij was als zo iemand op een feestje die je vergeet, en die ergens in een hoekje op z'n gitaar zit te spelen. Schijnbaar, denk je dan, is het wel degelijk mogelijk om een hele avond een gitaar op je schoot te hebben en toch geen Wonderwall te spelen.
En hij zong, niet te vergeten. Hoog, repetitief, obsessief, de nummers van deze plaat zijn - nog veel meer dan Antlers nummers - mantras, cassettebandjes die zichzelf vastdraaien. Hij eindigde met No Violence, "no violence, no violence, today..." En toen begreep ik de kalmte, de rust opeens. We waren inderdaad in een verloren theater ergens in Amsterdam-Noord. Van buiten een mooi maar onopvallend bakstenen gebouw, van binnen een anomalie: fluweelrode gordijnen, oude schoolstoeltjes op de vloer. In deze plek was "no violence" geen wens - zelfs de grootste optimist acht dat ongeloofwaardig dezer dagen - en het was ook geen statement van de stand der zaken. Het was een transportatie naar een parallelle werkelijkheid, geholpen door het theater, waarin het enkel volstond om mijmerend en in alle rust no violence, no violence, no violence voor onszelf te herhalen en onder een soort bedwelmende narcose te glijden. We waren heel even aan het restaurant aan het einde van het universum. En het was daar goed toeven.