Met: Grant Green (gitaar), Herbie Hancock (piano), Butch Warren (bass), Billy Higgins (drums), Garvin Masseaux (tambourine)
Heerlijke, onderbelichte plaat van Green. Hij speelt hier 'spirituals' uit de gospelkerken en de slaventraditie. Nou heb ik al een andere plaat met dat soort nummers,
Archie Shepp & Horace Parlan - Goin' Home (1977) , en ook daar is het voor mij een daverend succes. Niet gek, jazz is tenslotte gebouwd op de muziek die vroeger door slaven werd gemaakt. Het is vaak muziek die je direct voelt, net zo goed als dat je door een gospelkoor kan worden meegesleept zonder dat je een letter uit de Bijbel gelooft.
Geloven in deze plaat deed ik in eerste instantie niet echt als ik helemaal eerlijk ben. Blind aangeschaft vanwege Green zonder orgel, dat kan soms heel goed uitpakken. Echter bij mijn eerste beluistering zette ik het al bij het eerst nummer af. Het deed helemaal niets met me, en ik vond het wat knullig klinken. Laatst toch weer eens opgezet en hoe anders voelde het toen: de klik was er direct. Geen idee wat het nu zo veel anders of beter maakte maar jongens wat een heerlijke plaat. Het swingt, het is aanstekelijk, het zit boordevol gevoel en emotie en het draait heerlijk weg.
Daarmee is het zo'n typische Green plaat die je blijft grijpen en blijft draaien. De hele band is prima op elkaar afgestemd en vooral Hancock is in bloedvorm. Hij is nog piepjong maar wat wist hij zich te onderscheiden van andere pianisten in die tijd. Eigenlijk is het nergens te horen dat hij nog slechts aan het begin van zijn ontwikkeling als pianist stond. Hij speelt feilloos in op de tonen van Green, heeft een adembenemende techniek maar vooral zijn souplesse en speelgemak is al duidelijk hoorbaar. Daarnaast is hij dé pianist voor zo'n laidback swingende sessie als deze. Het past allemaal precies. Grant Green is naast Montgomery één van de weinige gitaristen waar ik veel platen van heb. Hoewel hij soms de plaat weleens misslaat weet hij soms ook heel hard raak te slaan. Dit is er in ieder geval zo eentje. En hij speel helemaal magisch in combinatie met een goede pianist: hier is dit Hancock, het is ook wel eens Sonny Clark of McCoy Tyner. Dat hoor ik sowieso duizend maal zo lief als een Hammondorgel, waar Green helaas ook veel mee heeft samengespeeld.
Grappig vind ik de aparte vermelding van Garvin Masseux op de tamboerijn... het zal een vak apart zijn. Ik heb ook altijd zo'n medelijden met de bekkenspeler in een klassiek orkest. Afijn de tamboerijn swingt lekker maar daar is dan wel alles mee gezegd.
Aan alle Green liefhebbers: blind kopen deze!