Afgelopen april bezocht ik het uitgestelde concert van Fischer-Z in de grote zaal van Fluor in Amersfoort. Die was volgepakt met vooral fans uit de hitparadedagen van de band, 1979 – 1981. De nummers die het meeste bijval kregen, zijn zij die herkenning oproepen aan die dagen, maar aan de
setlist was te merken dat enig oorspronkelijk bandlid John Watts niet bij het verleden wil blijven steken. Net als in ’82 op zijn
eerste soloplaat, toen hij niet zijn vorige drie platen met Fischer-Z kopieerde. Toen al.
Dat neemt niet weg dat hij op hun laatste album
Til the Oceans Overflow terugblikt. Op de cover zien we oude foto’s van (Oost-)Berlijn, met name de Alexanderplatz met de Brunnen der Völkerfreundschaft en daarachter de iconische televisietoren. Een jonge John Watts (?) ziet hoe golven op het punt staan de argelozen te overspoelen.
Op de achterzijde van het cd-boekje legt Watts uit hoe het album tijdens de coronapandemie tot stand kwam: oorspronkelijk wilde hij een soloalbum én een bandalbum opnemen, maar door de lockdowns werd dit tot één plaat. Omdat de band een internationale bezetting kent, werden de thuisopnamen verzonden tussen Berlijn, Brighton en Parijs. Aan zelfspot geen gebrek als hij noteert dat hij qua mixen “eindelijk in het reine kwam qua het professioneel opnemen met de computer”.
Watts schrijft ook in het boekje dat het bandalbum moest samenvallen met de veertigste verjaardag van Fischer-Z’s
Red Skies over Paradise. Ik heb geen studie gemaakt van welke nieuwe liedjes terugslaan op liedjes van dat album, maar bij herhaalde draaibeurten valt wel één en ander op.
Eerst over de muziek: er wordt vaker gebruik gemaakt van drumcomputer (live was er wel degelijk een drummer). De liedjes hebben een ernstige toon, waarbij Watts rustiger en lager zingt dan in zijn jonge jaren. Ook de gitaar speelt een minder prominente rol, waardoor er meer ruimte is voor digitale geluiden. De plaat opent bombastisch, maar na het tweede nummer, het uptempo
Brian, bepalen midtempo songs de sfeer.
De dreiging is gebleven. In 1981 ging het deels over een atoomoorlog, nu een milieucatastrofe; dit in opener
Choose en de titelsong.
Track 8 is
Narcissus, in het boekje als nummer 10 gezet. Een heftige tekst over niet gekend zijn door degenen die je het meest lief zijn. Dit blijkt een tweede rode draad in de teksten: liefdeloosheid, juist ook bij hemzelf. Ja, over de teksten valt wel een apart boekje te schrijven.
Eén keer is meteen zonneklaar naar welk liedje hij verwijst: in
Oh Compassion wordt
Marliese bij naam genoemd. Ze is op leeftijd gekomen, ook zichtbaar aan de tekening in het boekje, maar de ontmoeting maakt wederom indruk op Watts.
De laatste twee nummers zijn qua instrumenten vooral digitaal.
Dystopia's Here en
A.I. Owns U. behandelen de digitale wereld, als een update op George Orwells boek
1984. Op dit laatste lied gaat het tempo omhoog, een gitaartje doet de boel “rocken” en Watts slingert op humoristische wijze enkele digitermen de wereld in. Op streaming staat bonustrack
Same Boat, een alleraardigst popliedje met een retro toetsensound, akoestische gitaren en een refrein dat je doet meezingen. De man vertelt zelf meer over de plaat in
dit interview.
Ik kocht de cd bij de bandstand, samen met een handige sleutelhanger annex flesopener-met-bandlogo. Voor mij een effectief middel om Watts’ platen vaker te draaien…