Met: Miles Davis (trompet)
En op track 1-9: Jackie McLean (altsax); J.J. Johnson (trombone); Gil Coggins (piano); Oscar Pettiford (bas); Kenny Clarke (drums)
Op tracks 9: Horace Silver (piano); Percy Heath (bas); Art Blakey (drums)
Er zijn verschillende platen van Miles Davis die ‘Volume 1’ heten. Ik zal hier niet proberen de kluwen te ontwarren (Wikipedia kan de verwarde jazzfan soelaas bieden), maar de plaat bespreken met de hoes en tracklist zoals hierboven staan afgebeeld.
In dat geval hebben we het dus over een verzamel-cd van Blue Note uit 2001 (dus niet uit 1954). De eerste zes nummers werden oorspronkelijk uitgebracht op
Young Man With a Horn. Dit was Davis’ eerste sessie voor Blue Note, en zijn enige plaat uit 1952. De oorspronkelijke 10”-lp
staat op MusicMeter en op de albumpagina staat al een recensie van mij. Voor mensen die geen zin hebben de link aan te klikken: ik vind het wat gezapig, maar spontaniteit en spelplezier maken veel goed.
Een belangrijke opmerking voor moderne streamers is wel dat op Spotify dit deel van de verzamelaar
verkeerd is geüpload. Wie de titels aanklikt, hoort andere nummers dan bij die titels horen. Je kunt dus beter een andere goede verzamelaar opzoeken,
zoals deze..
Dan mis je wel de drie alternatieve takes uit deze sessie die er hier zijn bijgeplakt, maar die zijn sowieso voer voor completisten.
De laatste zes nummers stammen uit maart 1954, bijna twee jaar later. Deze nummers stonden oorspronkelijk op een 10”-lp die verwarrend genoeg dan weer
Volume 3 heette. Zoals op zijn meeste sessies uit 1954 maakt hij gebruik van pianist Horce Silver en bassist Percy Heath, met wie wellicht best een ‘klassiek kwintet’ te formeren was geweest, bijvoorbeeld met Kenny Clarke op drums en Sonny Rollins op sax.
Het liep (gelukkig voor John Coltrane) anders, maar voordat iedereen een andere weg insloeg maakte Davis wel een paar sterke platen met Silver op piano (ook b.v.
Walkin’, en de b-kant van
Bags’ Groove), die je kan zien als sleutelplaten in de ontwikkeling van de succesvolle ‘hardbop’-stroming in de jazz: moderne jazz dus, maar met stevige wortels in de blues en gospel.
Silver zou rond diezelfde tijd met drummer Art Blakey de ultieme hardbop-band oprichten, The Jazz Messengers. Dat Blakey op deze sessie dus ook de drummer is, maakt het historisch nog iets interessanter.
Silver is wel echt de uitblinker, met zijn romige, funky stijl. Iedereen speelt echter prima, al hoor ik liever Kenny Clarke achter de oude Miles Davis dan de wat hyperactieve Blakey. Of misschien is Miles zelf uiteindelijk toch niet echt de meest natuurlijke match voor dit soort hardbop. Alle zes nummers zijn verder dik oké, maar alleen tijdens de pianosolo’s van Silver spitsen mijn oren zich écht. Misschien is het daarom, dat deze opnames niet echt tot zijn klassiekers worden gerekend.
Desondanks een dikke vier sterren voor deze energieke hardbop. Met de magere vier sterren die ik al aan de ‘Young Man With A Horn’-opnames had uitgedeeld, laat het gemiddelde zich raden.