Vorig jaar maakte ik kennis met Sprints dankzij
Letter to Self. Intense teksten van gitariste en zangeres Karla Chubb en veelal een aangename opbouw van zacht naar hard.
Anderhalf jaar verder is gitarist Colm O'Reilly vervangen door Zac Stephenson; ik herinner me de gitaristenwissel bij Editors, die destijds niet goed uitviel. Ik miste daar onstuimigheid en schurende randjes op de navolgende albums, al dacht het grote publiek daar anders over. Zou het hier wél goed gaan?
De eerste verrassing is dat
All that Is Over stemmig begint met
Abandon, in de sfeer van 1980 toen Thatcher regeerde; dan een akoestisch vervolg met
To the Bone. Twee aangename nummers, maar met
Descartes barst het alsnog los en de gitaarpartijen in
Need huilen heul aangenaam.
In
Beg ingetogen en heavy delen,
Rage doet me minder, met
Something's Gonna Happen is het weer raak en in
Pieces strijden kracht en wanhoop om voorrang in zowel tekst als muziek.
Met
Better dient melancholie zich aan en in de zang van
Coming Alive klinkt veel, veel emotie in combinatie met de riff, intense drums en opnieuw wenende gitaar. Allemaal vrij korte nummers, totdat slotlied
Desire tweemaal zo lang blijkt als de overige nummers, met bijna surfgitaren in het eerste deel. Uiteraard én gelukkig groeit dit uit tot een geluidsexplosie van het aangename soort met de passionele tekst
"I wanna eat you alive", waarna een akoestisch slot de plaat afrondt.
Die teksten zijn hier en daar opmerkelijk. Hoeveel liedjes kennen we die zijn geïnspireerd door filosoof René Descartes (1596-1650)?
"Vanity is the curse of culture, a cyanide for the soul". Ik denk aan menig persoon, al dan niet politicus, in de (sociale) media. Het dienen van zichzelf in plaats van de ander. Mevrouw Chubb heeft gelijk en over de hele linie blijft de muziek onverminderd fel, waarbij het "trucje" van ingetogen naar luid minder prominent aanwezig is.
Hierna keer ik terug naar
March, een groep waarmee Sprints prima op één concertavond zou passen. Daar klinkt punk met de nodige andere rockinvloeden, bij Sprints wat postpunk wordt genoemd. Anders in aanpak, maar dankzij de frontvrouwen en het gevarieerde gitaarwerk zijn er de nodige overeenkomsten.