31 oktober begon direct al goed voor liefhebbers van Florence + The Machine. Op
YouTube werd een mash-up van ‘Which Witch’ (een bonustrack van de luxe editie van
How Big, How Blue, How Beautiful) en Lady Gaga’s ‘Abracadabra’ live gespeeld. ‘Which Witch’ behoort al jaren tot de fanfavorieten terwijl dit nummer tot voor kort nauwelijks live ten gehore was gebracht. Is deze live-uitvoering en het feit dat de nieuwe plaat
Everybody Scream op 31 oktober verschijnt een voorbode dat Florence + The Machine vooral een fanservice zal verlenen op de nieuwste langspeler?
Op de albumopener ‘Everybody Scream’ bezingt frontvrouw Florence Welch haar relatie met de coven, de fans, en de positie die zij op het podium aanneemt: “Here, I don't have to be quiet / Here, I don't have to be kind / Extraordinary and normal all at the same time.” Bovendien wordt in de outro van dit nummer eigenlijk al een tweede thema geïntroduceerd: hekserij. Door hekserij en medische wetenschap tegenover elkaar te zetten en te concluderen dat beide je kwetsbaar maken: “The magic and the misery, madness and the mystery / Oh, what has it done to me?”
Florence + The Machine heeft al eerder, namelijk op
High As Hope met ‘Patricia’, een eerbetoon gebracht aan Patti Smith, een van de grootste vrouwelijke singer-songwriters aller tijden en een groot voorbeeld voor de frontvrouw van Florence + The Machine. Dit keer doet Florence Welch en consorten dit nog een keer dunnetjes over maar dan vooral op visueel vlak. In de videoclip van de tweede single van
Everybody Scream, ‘One of the Greats’, draagt Welch een soortgelijke outfit als het ‘uniform’ van The Godmother of Punk. Daarnaast is Welch, net zoals op
Dance Fever, een directere weg ingeslagen wat betreft teksten, want metaforiek wordt vaker afgewisseld met directer taalgebruik. Zo wordt op ‘One of the Greats’ met “I crawled up from under the earth, broken nails and coughing dirt” verwezen naar de bijna-doodervaring die Welch bijna twee jaar geleden heeft gehad na een miskraam. En Welch bekritiseert op ditzelfde nummer op een zeer directe manier het discours dat vooral mannelijke artiesten de hoge noteringen op de albumlijsten van de beste platen aller tijden sieren. Dit terwijl zij, ook met genoeg zelfkennis, weet dat dit ook voor vrouwen weggelegd is:
You'll bury me again, you'll say it's all pretend
That I could never be great being held up against such male tastes
Because who really gets to be one of the greats, one of the greats?
But I've really done it this time (Ah-ah), this one is all mine
I'll be up there with the men and the ten other women (Ah-ah)
In the hundred greatest records of all time (Ah-ah)
Concluderend dat de lat voor haar mannelijke concurrenten een stuk lager ligt: “It must be nice to be a man and make boring music just because you can.”
Ook het energieke ‘Witch Dance’ gaat over de bijna-doodervaring die Welch had, waarbij zij metaforisch de liefde bedrijft met de dood en daarnaast verschillende manieren benoemt waarop je kunt omgaan met rouw en herstel. Duidelijk wordt dat de dood niet kan voortbestaan zonder het leven en andersom.
‘Sympathy Magic’ had qua geluid op
Lungs, de debuutplaat van het Engelse gezelschap, kunnen staan door de magische sfeer en instrumentatie (er is immers weer meer ruimte voor de harp die op eerder werk een grotere rol had).
Het akoestisch aandoende ‘Perfume and Milk’ is een van de rustigere nummers op
Everybody Scream en voor mij het duidelijkste voorbeeld waaruit blijkt dat Aaron Dessner (van The National) ook deels aan de knoppen heeft gezeten en heeft geholpen met de verdere muzikale aankleding van dit nummer. De ingetogen instrumentatie zorgt ervoor dat Florence Welchs stem echt tot haar recht komt.
Wat betreft de aankleding is ‘Buckle’ toch wel het niemendalletje van de nieuwe plaat. Een simplistisch nummer over een ongezonde relatie waarin tekstueel wordt gespeeld met de verschillende betekenissen van ‘buckle’ (gesp) in het Engels. De hoofdpersoon kan, als de gesp van de riem van degene met wie zij een relatie heeft, niet meer loskomen. Des te makkelijker is het voor mij om mij los te koppelen van een van de slechtste nummers uit de hele discografie van Florence + The Machine.
Een van mijn persoonlijke favorieten op deze plaat naast ‘One of the Greats’ is het opbeurende ‘Kraken’. Water en verdrinken zijn terugkerende thema’s in de muziek van Florence + The Machine. Of zoals Florence Welch ten tijde van
Ceremonials zelf zei: “I was obsessed with drowning. It’s about succumbing and being completely overwhelmed by something that’s bigger than everything” (
Elle, 2011). Zo ook het nummer ‘What the Water Gave Me’ dat geïnspireerd was door Virginia Woolf, de Engelse schrijfster die omgekomen is door verdrinking. En nu dus ‘Kraken’, waarin Florence Welch een mythologisch zeemonster belichaamt en korte metten maakt met vooral haar mannelijke collega’s: “And all of my peers, they had such potential / The swamp, it took them down / And my love, I have to tell you / I kissed them all and let them drown, oh.” Wederom een episch nummer met een episch einde: de verdrinkingsdood als gevolg. Eigenlijk wordt hier deels dezelfde thematiek bezongen als in ‘One of the Greats’. En ja, dit nummer is wel degelijk een fanservice door de terugkerende thematiek en het feit dat het een
Ceremonials-vibe heeft, een van de meest geprezen platen van de Britse band. Maar dat is niet erg, gezien het nummer tot de sterkere van de plaat behoort. Vernieuwend is ‘Kraken’ dus niet.
Op basis van de titel ‘The Old Religion’ verwachtte ik een bombastisch nummer dat niet had misstaan op
Ceremonials of op de soundtrack van een fantasieserie. (Florence + The Machine’s muziek is eerder gebruikt voor Game of Thrones en Welch zong ook ‘Jenny of Oldstones’ in voor die serie.) Mijn hoge verwachtingen van ‘The Old Religion’ werden na één luisterbeurt al ingelost. In het nummer beroept Welch zich op oude tijden waarin natuurlijke instincten meer de vrije loop krijgen: “And it's the old religion humming in your veins / Some animal instinct starting up again / And I am wound so tightly, I hardly even breathe / You wonder why we're hungry for some kind of release.” Eigenlijk wordt hier dus gewoon de kunst van het loslaten bezongen.
De echoënde passages in ‘Drink Deep’ - een nummer over zelfopoffering- werken betoverend, alsof iemand te diep in het glaasje heeft gekeken en daar een hoge prijs voor betaalt: “And the cup that they brought / Up to my lips / I realised I drank of myself.” Waar eerst sprake lijkt te zijn van oude volksvertellingen of mythologie (“I went to find the hidden folk”), blijkt uiteindelijk ordinaire zelfopoffering te zijn: “Yes, it came from me / It was made from me.” Anders dan ‘Kraken’ en ‘The Old Religion’ is dit nummer dus wel vernieuwend voor Florence + The Machine en staat het bij mij al geregeld op repeat.
Net zoals in ‘Buckle’ staat ‘Men in Music’ in het teken van een ongezonde relatie. Het hoofdpersonage valt als een blok voor een ander, maar heeft niet geleerd dat het bij een gezonde relatie draait om het sluiten van compromissen. Daarbij komt ook nog kijken dat Welchs relatie vaak uitging na een albumrelease. Zo hoopt ze nu op een andere uitkomst: “Let me put out a record and have it not ruin my life.” De toekomst zal uitwijzen of dit ook in de kaarten staat.
‘You Can Have It All’ gaat eveneens over de miskraam van Florence Welch en de gevoelens van rouw die hierbij komen kijken. Zo wordt er aan het einde van het nummer een schreeuw begraven waaruit een rode boom groeit die deels ook weer staat voor het leven en hartstocht, maar ook voor het verdriet is nog ruimte: “And when the wind blows, you can hear it”. ‘You Can Have It All’ eindigt dus met een optimistische noot. Hetzelfde kan gezegd worden over ‘And Love’ dat qua sfeer veel wegheeft van ‘No Choir’ van
High As Hope. “Peace is coming” wordt gezongen. Na veel uitlatingen van woede en pijn is er nu weer hoop aan het einde van de horizon. En daarmee is duidelijk geworden dat
Everybody Scream niet het stralende middelpunt is binnen de discografie maar een van de donkerdere platen.
Florence Welch heeft dan wel geen kind op deze wereld mogen zetten, maar de nieuwste telg in haar discografie is er wel een van grote belangrijkheid. Voor Welch is het een stukje therapie om deze traumatische ervaring te overkomen en de emotie een podium te bieden: de wereldstage. Voor haar fans is het een waardige opvolger van Dance Fever en een cadeautje: “So this one's for the ladies / Do I drive you crazy? / Did I get it right?” “Yes, you did” zal men schreeuwen in het koor, zeker ook omdat Florence + The Machine binnenkort weer gaat toeren.
Everybody Scream is de meest persoonlijke plaat van Florence + The Machine tot nu toe waar rouw, hekserij, seksisme en (parasociale) relaties op unieke wijze samenkomen. Ik kijk uit naar nieuwe ceremonies waar hopelijk ‘One of the Greats’, ‘Kraken’ en ‘The Old Religion’ live worden gespeeld en hoop dat Florence Welch daarna het nog gegund is om een kind te mogen verwelkomen. Als de muziek vaak een sprookje is laat de realiteit dan ook haar magie doen.