Een album dat opent met het minste nummer? Dat is volgens mij het geval met
TV Tube Heart.
De eerste Ierse band die voor een internationale carrière niet verkaste naar Londen. Althans, niet meteen. Dat was voordien bij bijvoorbeeld Skid Row (met daarin Gary Moore) en Thin Lizzy anders geweest. Toen was emigratie een voorwaarde om een platencontract te kunnen tekenen.
In 1977 was daar echter in Londen een jong label, opgezet door Ted Carroll. Deze ex-manager van Thin Lizzy en eigenaar van een drietal platenzaken genaamd Rock On, begon in 1975 Chiswick Records. Aanvankelijk richtte hij zich op pubrock, maar als punk de kop opsteekt is hij alert. Daarbij ontgaat hem niet dat ook in zijn Dublin in september 1976 een punkband het licht zag: The Radiators from Space. Hij tekent hen en met single
Television Screen wordt in Ierland #17 gehaald. Het vijftal mag er van hem blijven wonen.
Wat klinkt is - met de oren van nu - vriendelijke punk op een afwisselend album.
TV Tube Heart opent met de lange versie van de single, eigenlijk niet meer dan stevige rock op een klassiek blues-/rock 'n'rollakkoordenschema. Tegelijkertijd zal juist dat herkenbaar hebben geklonken, resulterend in de hitnotering.
Daarna wordt het avontuurlijker. Eerst wat voorzichtig met
Prison Bars, daarna heftiger met
Great Expectations en weer wat sneller met
Roxy Girl. Tegelijkertijd is het melodieus en herkenbaar. Gitaristen Phil Chevron (later bij The Pogues) en Pete Holidai doen om beurten de leadzang, waardoor het extra afwisselend is. Kant 1 wordt afgesloten met het tweestemmig gezongen (of is het roepen?)
Sunday World, over hoe het leven er op die dag in Ierland uitziet. Charmant, al werd het als single geen hit in het Roomse Ierland.
Kant 2 opent met het achtste nummer van de plaat. In
Electric Shares valt schuttingtaal, hartstikke punk en schoppend tegen de moraal.
Enemies (geflopt als single) blijkt extra melodieus en stevig tegelijk,
Ripped and Torn doet hetzelfde met rauwe leadzang in combinatie met een melodieus koortje,
Not Too Late heeft een grommend riffje, met
Party Line sluiten The Radiators from Space relatief grimmig af met een opvallende gitaarlick in de coupletten.
Zeker geen wereldschokkend plaatje, al doen de dubbele gitaren en uptempo muziek je beseffen dat deze "oerrock 'n' roll" in 1977 als schokkend werd beleefd. Meer informatie over de Radiators op
Irishrock.org, inclusief het verhaal over de slechte publiciteit die losbarstte na een dodelijke steekpartij. Dit in de zomer van 1977 op een festival door de groep georganiseerd met zichzelf als headliner. Punk was gevaarlijk, zoveel was duidelijk...
Mijn reis door new wave en aanverwanten kwam van het debuut van
The Clash dat in diezelfde aprilmaand verscheen en vervolgt bij een volgend debuut, dat van
The Jam, ook al uit april. In 1977 was die maand een prachtige tijd voor debutanten!