Martin Barre, sinds 1969 gitarist bij Jethro Tull, had daar nauwelijks ruimte voor zijn eigen nummers, waar frontman Ian Anderson alle ruimte opeiste. Sinds de groep in de jaren '90 geleidelijk iets minder tijd ging vragen qua opnemen en touren, richtte Barre zich naast Tull ook op solowerk, waarop zelfgeschreven composities klinken. Steevast is daar de afwisseling groot, smullen voor hen die graag naar instrumentale gitaarmuziek luisteren.
Stage Left is zijn derde soloalbum. Anders dan op voorganger
The Meeting werkte slechts een kleine groep muzikanten in de studio. Van Jethro Tull doen toetsenist Andrew Giddings, bassist Jonathan Noyce en drummer Darren Mooney mee, co-producer Mark Tucker deed één en ander aan 'programming'.
Het is dus Barre die in het centrum staat, want ook anders is dat vooral instrumentaal werk klinkt. Daarbij veel variatie, het gaat van luid elektrisch naar kalm akoestisch en weer terug, van rock naar klassiek naar funkrock naar folk naar zelfs metal in het slotnummer.
Zoals vanaf opener
Count the Chickens (gitaar in het stopcontact) naar het kleine
As Told By naar het stevige
A French Correction en het nog steviger
Murphy's Paw, naar mijn favoriet
Favourite Things waar naast gitaar ook mandoline klinkt. Prachtig!
After You, After Me is stevig met een akoestisch tussendeel,
D.I.Y. bevat vingervlug akoestisch werk, net als
Spanish Tears dat op een gegeven moment elektrisch wordt. Gelijk zijn eerdere solowerk - en live bij Tull - speelt Barre ook dwarsfluit, wat de afwisseling verhoogt zoals
Stage Fright laat horen.
Het meest geniet ik van het akoestische werk op het album, al snap ik niet waarom dat is. Alsof Barre op de stillere momenten meer van zijn subtiele kwaliteit kwijt kan? Een knipoogje van de gitarist zit 'm in het enige vocale nummer op de cd,
Don't Say a Word genaamd. De afsluiter wordt gezongen door de mij onbekende Simon Burrett met pakkende, "dunne" stem. Met zijn wervelende gitaarlijnen zit Barre hier in de hoek van de metal, die in de jaren '80 kwam vanuit de Shrapnelstal (Tony MacAlpine, Vinnie Moore en collega's). Barre shredt weliswaar niet, maar spelen kan de gedreven veteraan wél. Met het nodige gevoel immers.
In 2019 herverscheen
Stage Left met een
nieuwe hoes en nu ook op vinyl. De cd-versie bevat twee livebonussen. Eerst het eveneens gezongen
Running Free, waar Maggie Reeday en Joy Russell bij de microfoon stonden in een scheurend nummer; Doane Perry, eveneens van Tull, zat hier op de drumkruk. Dan het kleinere
Warren met Simon Pilgrim op drums; Barre betoont zich weer een meester op de in dit geval akoestische gitaar. Deze editie staat op streaming.
Wellicht is dit muziek voor
Satriani/vai,
hnzm,
Neal Peart en
B.Robertson? In ieder geval aanbevolen voor gitaristische fijnproevers. Pas tien jaar later verscheen opvolger
Away with Words, dat mede om andere reden ontzettend smakelijk is.