De performance van Ian Astbury had je altijd al kunnen zien als ófwel indrukwekkend authentiek ófwel randje parodie, en op dit album gaat hij af en toe (ruimschoots) over het randje heen – wie zou over zichzelf met droge ogen "I'm a free spirit, a traveling man, 'round the world I like to lurk" durven zingen? Earth, soul, rock n' roll... Standing at the edge of the world, please help me girl... Sets my soul harp on fire... En na de Sweet soul sister en het Sweet soul asylum kunnen nu dan de aanstekers aan bij de driekwartsmaat en het gospelkoor van Sweet salvation... (Dit voor oudere luisteraars – de rest mag z'n mobiel aanzetten.)
Toch kan ik dit met de beste (of slechtste) wil van de wereld geen beroerde plaat vinden. Het gitaargeluid is zo mogelijk nog vetter dan op Sonic temple (en dan bedoel ik "vet" niet in de moderne jeugdtaal-betekenis van "tof" maar in de zin van kamerbreed en heerlijk vol), de meeste composities hebben uitstekende melodieën en pakkende refreinen, Billy Duffy is weer geweldig op dreef, en ondanks Astbury's melodrama, clichématige rock & roll-tussenwerpselen (mama, yeah, funky, aawh, little woman – I'm in love with that shit baby!) en soms gênante teksten ("Indian woman, let down your hair...") twijfel ik toch nergens aan zijn oprechtheid. Feitelijk ervaar ik dit als de definitieve Cult-in-overdrive-en-overdaad-plaat, alsof Astbury en Duffy wisten dat ze hierna nooit meer een plaat zouden kunnen maken en daarom maar alles wat ze nog in hart, hoofd en vingers hadden eruit gooiden. Daardoor duurt de plaat voor mijn gevoel ook wel èrg lang, maar aan de andere kant kakt hij nergens echt langer dan één nummer op rij in (Full tilt, Indian), en zelfs dan vind het album eigenlijk nergens echt vervelend om naar te luisteren.
De twee minuten die volgens Aazhyd (25-1-2008) wel van White af hadden gemogen voeren mij persoonlijk terug naar de jaren 70, toen B-kantjes van singles soms een instrumentale en/of melige voortzetting van het nummer op de A-kant bevatten, misschien vanuit de prijzenswaardige bedoeling om de liefhebber nog wat meer van hetzelfde moois te geven, misschien ook wel omdat er even geen tweede nummer aanwezig was (Rock your baby, anyone?). En persoonlijk heb ik de neiging om in minstens twee nummers van deze plaat een ánder nummer te horen : na "Earth mother for you" begin ik altijd onwillekeurig "I chop it down with the edge of my hand" van Hendrix te zingen, en na het intro van Wild hearted son, de gezongen regels "Wild hearted... yeahhh..." en de eerste gitaarriff (dus net voordat de drums binnen komen zetten) denk ik steeds dat ze aan Fire woman gaan beginnen. Vreemde afwijkingen.