Waarom grijpt een album je, en waarom grijp je naar een album?
Het ligt bij mij vaak niet voor de hand welke platen tot mijn favorieten uitgroeien. Natuurlijk had ik al heel snel in de smiezen dat die eerste twee nummers van een onschatbare verstilde schoonheid zijn - wrange emotionele slowcore, zonder dat slepende effectbejag dat je vaak aantreft in dit genre, maar recht uit Kozelek's gekwelde ziel.
Bij 24 stel ik me altijd halfvergane amateurbeelden voor van een inmiddels lang volwassen kind dat zijn/haar eerste stapjes zet - met dezelfde kracht als het terugzien van die beelden appeleert het aan een gevoel van nostalgie dat zo ver opgeborgen zat dat je niet eens meer wist dat het bestond. Dat maakt het nummer zó verschrikkelijk ontwapenend.
Medicine Bottle - God, schrijf maar eens een stukje dat recht doet aan dat nummer. Ik maak me er maar van af met een koddige Maarten Ducrot-quote:"alsof je een emmer leeggooit", zelden een sliert lyrics gehoord waarvan ik voelde dat ze zó dicht bij de vertolker lagen.
Maar dan dat derde nummer, dat is een waarlijk scharnierpunt, met die repetitieve little drummer boy-drums - ik kon er aanvankelijk echt helemaal niks mee, waarom wordt dat lelijke lange nummer zo pontificaal in het midden van de plaat gezet?
Antwoord: omdat Kozelek je midden in zijn wrange werkelijkheid wil houden. En na veel luisterbeurten ontdekte ik óók de schoonheid van het nummer achter die kletterdrums; de smekende zanglijn, de vernuftige climax - en uiteindelijk zijn de drums er ook ingesleten, omdat ze het album zo mooi van kleur (of van sepia-tint) laten verschieten. Hoezo een valiumplaat?
De onverbiddelijke Kozelek vergunt de beginnende luisteraar sowieso weinig instant-genot: Japanese To English is ook een nummer dat in je systeem moet slijten. Of was je de eerste keer al overtuigd van dat refreintje, waarin de laatste lettergreep van het woord Japanese niet past, zodat hij nog eens heel lullig in een extra strofe het woordje 'eeese' moet zingen? Pas na veel luisterbeurten klopt het.
Lord Kill The Pain - defaitisme van het zuiverste water, ondanks dat dit nummer de vrolijkste zanglijn heeft die op de plaat te vinden is. Kozelek lijkt zich in zijn lot te schikken, hij verzoekt zelfs de kwade Goden. Het komt me voor dat dit een logische afsluiter zou zijn, maar zelfs defaitisme is kennelijk nog te comfortabel om de luisteraar mee achter te laten, de afsluiter is een mijmering over een verloren vriendschap.
Jawel, onze oren worden eens flink gewassen. Dit is geen plaat voor mensen die willen zwelgen in zelfmedelijden, die moeten zich maar wenden tot een duchtig rondje meejodelen met Morrissey (niks ten nadele van..) - deze plaat klieft dieper: melancholie, schoonheid, verliefdheid, gelatenheid, vriendschap, en dat alles op zo een ongekunstelde manier dat het me zelfs in mijn meest afgestompte buien weet te raken.
Goh, muziek over emoties, interessánt! moge de cynici nu denken. En deze plaat zal ongetwijfeld niet bij iedereen zo inslaan als hij bij mij deed - ¡edoch!: iedereen die ook maar een vage voeling met dit genre heeft, moet deze sepia CD een draai geven, bij hoge voorkeur in tienvoud.