Muziekpioniers zijn niet per definitie de beste artiesten in hun vak, maar ze zijn er wel vanaf het eerste uur bij geweest en hebben daarnaast een pad vrijgemaakt voor de mensen die na hen kwamen. Snoop Dogg zit al bijna twintig jaar in het vak en mag tot deze categorie worden gerekend: de legende uit L.A. is namelijk een beperkte rapper, maar hij klampt zich (na bijna twee decennia) nog steeds vast aan zijn significante positie in de scene. De muziek die hij tot nu toe heeft gemaakt is weliswaar van wisselende kwaliteit en met fluctuerend succes, maar toch is een hiphopcultuur zonder hem ondenkbaar. Zijn herkenbare stemgeluid en geheel eigen flow scheppen de icoon van Snoop. Daarnaast heeft de boomlange rapper een aparte en ook charismatische vertoning: hij weet zijn gevaarlijke gangsterimago te behouden, terwijl hij zich - vooral in de media - toch vaak clownesk gedraagt. Anno 2009 is Snoop klaar om zijn tiende soloalbum, genaamd Malice N Wonderland, uit te brengen. Het is nu de vraag of het behalen van dit magische aantal een even magische plaat tot gevolg zal hebben.
Het album begint tamelijk goed; na een korte intro (ingesproken door zijn zoontje) knalt het album met de single I Wanna Rock meteen door de speakers. Het is een klassieke Snoop Dogg-track waarin hij stijlvol met inhoudloos gezwets over de beat heen walst. De productie van Scoop DeVille en Dr. Dre is tevens pakkend en heeft tegelijkertijd iets onheilspellends. Op 2 Minute Warning toont The Doggfather in één minuut en drieënvijftig seconden zijn spreekwoordelijke tanden aan het publiek, en op 1800 laat hij zich op een degelijke beat van Lil Jon volledig gaan. Tot dan toe is de plaat nog goed te beluisteren, alhoewel het geleuter van Snoop over pimps, ho’s en bitches langzaamaan steeds meer begint te vervelen.
Maar vanaf Gangsta Luv begint de ellende pas echt. De beat van The-Dream is niet de boosdoener: de productie is niet bijzonder, maar heeft wel een herkenbare melodie en zal bij het uitgaan ongetwijfeld wat mensen ophitsen. Het zijn de gezongen refreintjes van de producer die de track de das om doen. Het is dus bedroevend dat The-Dream zijn gesmeerde vaseline-stem op Luv Drunk voor een tweede keer mag laten horen. Het dieptepunt van de plaat is de samenwerking met Soulja Boy. Alsof het al niet erg genoeg is dat Snoop hem voor Pronto heeft uitgenodigd, grijpt de jonge miljonair ook nog eens naar de autotune. Wanneer Soulja Boy de robotische stem eens niet gebruikt, scandeert hij ingenieuze teksten als “Mic check zero, one, two three//I don’t freestyle cause my style ain’t free//Soulja no limit, but I ain’t talking bout Master P.” De enige track op de tweede helft van de plaat die wel goed is, is Upside Down met Nipsey Hussle. Op een sterke minimalistische beat van Terrace Martin lijkt Snoop Dogg opgezweept te worden door de aanwezigheid van zijn look-a-like. De jonge Nipsey klinkt ook in zijn eigen couplet uiterst gretig, wat het hele liedje naar een hoger plan tilt en de inhoudloze raps enigszins goedmaakt.
Op Malice N Wonderland bewijst Snoop Dogg nogmaals een eenzijdige rapper te zijn. Na maximaal drie nummers beginnen zijn raps te vervelen, omdat hij alleen maar strooit met woorden als bitch, nigga, pimps en ho’s. Dit zijn wel woorden die de rapper uit South Central sinds het begin van zijn carrière gebruikt, maar na tien albums begint het wel flink uitgekauwd te klinken. Als hij zichzelf niet kan blijven vernieuwen is het misschien tijd om een pensioen te overwegen. De producties zijn over het algemeen het aanhoren waard, maar zeker niet sterk genoeg om de zwaktes van Snoop te verhullen. In dit soort gevallen was het handig geweest als hij werd bijgestaan door een aantal capabele gastartiesten die voor een evenwicht kunnen zorgen. Helaas kan dit niet verwacht worden van mensen als The-Dream, R. Kelly en Soulja Boy. Snoop Dogg laat op Malice N Wonderland zijn oude trucjes zien, maar helaas blijft het alleen bij wat slap geblaf en is het venijn er bij deze oude hond nu echt vanaf.
Bron:
Hiphopleeft