Ik heb een nieuw initiatief ondernomen om al mijn top 10-albums uitvoerig te bespreken, en vandaag begin ik dus met de nummer 1 uit mijn top 10:
Master of Puppets. Toen de heren deze uitbrachten in 1986, kregen ze ongelooflijk veel erkenning en lof door mensen die zelfs praktisch niets met metal te maken hadden. De reden is dan ook dat dit een steengoede plaat is die de tand des tijds meer dan doorstaan heeft.
Nog steeds lees ik op dagelijkse basis van allerlei mensen, niet enkel op MusicMeter, dat ze dit album bij hun favorieten rekenen, hoewel de heavy metal hen verder bitter weinig interesseert. Het is dan ook geen wonder dat er enkel in 1986 al meer dan een half miljoen exemplaren over de toonbank gingen, ondanks het feit dat ze nergens in de gewone media verschenen, noch op de radio, noch op tv. Maar dat wilden de mannen dan ook niet.
Enfin.
Battery opent het album; één enkele akoestische gitaar speelt een reeks lage, donkere akkoorden. Een tweede gitaar vergezelt de eerste, en speelt een hogere variatie op de eerste gitaarlijn, die dan gauw nog versterkt wordt door een derde akoestische gitaar. Het is als een opkomende storm en daar vallen plots die elektrische gitaren in en het zware, trage drumwerk dat dit verrassend element benadrukt. Alle gitaren gaan over op elektrisch, opbouwend en verhogend naar een climax al van zodra het album begint.
En daar komt die scheurende gitaarriff van 1000 km/u en we zijn vertrokken. De drums en bas vallen in en het is al onmiddellijk zo'n heerlijk thrash-moment.
"Lashing out the action, returning the reaction, weak are ripped and torn away!" zijn de allereerste teksten van het album, die door James in een furie worden uitgespuwd, en de toon voor de rest van het album is gezet. Dat refrein is een pure adrenaline rush, met de brullende backing vocals die je om de oren suizen. Net wanneer je helemaal zin gekregen hebt om in een mosh-pit te springen, ook al zit je in de woonkamer, komt er opnieuw een trager, opbouwend stuk en dan... die meesterlijke solo die het razend afwerkt. En hoor Lars' basdrum beuken (ik krijg altijd een grote grijns op mijn gezicht van dat mini-solootje aan 3:57 - inclusief nu). Na het refrein horen we het dan nog een versnelling verder gaan, met het herhaald schreeuwen en compleet samenvallen van alle instrumenten. Heel plots eindigt het nummer en dan krijgen we...
(Maak u niet ongerust, dit was de langste beschrijving, een lange inwijding om u in de sfeer te krijgen als u de plaat ondertussen al opgelegd heeft.

)
Master of Puppets, dat er direct aankomt met zijn onmiddellijk herkenbare openingsriff en de trend van Battery verderzet. Hier is alles ook weer doordacht en foutloos uitgevoerd: James die zijn stembanden uitschreeuwt en dat goddelijke refrein met -opnieuw- die backing vocals die je door het dak doen springen. Het thema, drugsverslaving, voel je perfect aan: het zich verliezen in welk middel het ook is, en dat uitgeblust gevoel dat men voelt nadat de kick over is, begint aan 3:30. Het stroomt over in zeer kalme, rustige, bezwerende gitaren; de nasleep, de puinhoop nadat de high verdwenen is, is aan de gang, maar plots versnelt het opnieuw.
De drug dringt wederom je lichaam binnen en het ritme versnelt; het wordt energieker, donkerder...
"Where's the dreams that I've been after? ... You promised only lies!" De hulpeloosheid en het verdriet worden weggedreven, de woede is terug en opnieuw een geweldige solo: de explosieve climax, die perfect de hopeloze vicieuze cirkel weergeeft, en het laatste vers en refrein rammen nogmaals op je in, gevolgd door duivels gelach waaraan je onderworpen bent. En blijkbaar zijn er alweer 8-en-een-halve minuut voorbij.
We doen het rustiger aan op
The Thing That Should Not Be: de woeste rivier wordt een kabbelende beek. Dit nummer heeft iets onheilspellends, traag, maar duister en intrigerend. Zoals het laatste zinnetje uit het refrein je er constant aan herinnert,
"In madness you dwell..." Hoewel dit nummer mij het minst van het album bekoort, vind ik die solo hier ook echt bovenmenselijk; ik noem het "heerlijk gestoord"; het heeft iets weg van een Kerry King-solo, maar subtieler. De thematiek is hier de transformatie in een monster, en tegen het einde voelt het ook alsof je in die transformatie bent meegegaan. Ook hier mist de mannen hun creativiteit hun uitwerking niet.
Nummer vier dan:
Welcome Home (Sanitarium). Dit is de zgn. ballad die Metallica op haast al hun albums op de vierde plaats zetten; ook hier is het begin sereen, rustgevend, misschien haast slaapverwekkend, met solo's die je kippenvel geven. In plaats van de eerder genoemde schreeuw kiest James hier voor een zangerige aanpak, een wanhopig geklaag van een slechts licht aangetaste geest die in de depressie en waanzin wordt gedreven door de mensen in de psychiatrie die hem juist zouden moeten helpen. Het is een gevangenis, geen thuis, en daarom blijft het hier ook niet bij het vermoeide, het hulpeloze.
("Mutiny in the air, got some death to do, mirror stares back hard, kill, it's such a friendly word, seems the only way for reaching out again!") Nouja, mijn beschrijvingen doen de toon en kracht van het nummer geen eer genoeg aan, dus mijn zegje is gedaan.
Van psychiatrie gaan we naar oorlogsvoering; een kleine stap, zoals blijkt uit
Disposable Heroes. Mensen worden als kanonnenvlees de dood in gejaagd door laffe presidenten, generalen, overheden, en hun bloed wordt verspild om hun kas te spijzen. Soldaat spelen is pas leuk tot het serieus wordt. Bijgevolg wordt de soldaat zodanig veel geconfronteerd met dood en verderf dat hij zich losmaakt van alle emoties, een leeg omhulsel, klaar om weg te werpen als het zijn nut verliest.
"Back to the front!"
Het volgende lied,
Leper Messiah, doet mij altijd denken aan de film There Will Be Blood (overigens een kijkbeurt meer dan waard!). Zoals dit nummer handelt de film ook over valse profeten, die inspelen op mensen hun geloof en religie voor persoonlijke winst. Ook voor James ligt dit nauw aan het hart: hij verloor zijn eigen moeder aan kanker, maar i.p.v. chemotherapie geloofde zij dat haar leven als toegewijde christen haar zou redden. Vandaar de woede die dit nummer kracht geeft. Ik zou hier heel het refrein kunnen citeren, maar je moet het James horen uitspugen voor je begrijpt waar ik het over heb.
Orion. Prachtige instrumental. Heerlijke opbouw. Barstend van creativiteit. Gevuld met adembenemende soli. En vooral: een meesterwerkje van voornaamste schrijver/performer Cliff Burton, die hier ongekende dingen met de basgitaar doet. Deze heb ik waarschijnlijk al meer dan honderd keer beluisterd, maar ze verveelt nooit. Zelfs zij die de rest van de plaat niet kunnen luchten, moeten hier toch de schoonheid van kunnen zien? Metallica overstijgt zichzelf hier en, zoals de titel doet vermoeden, is ook heel het nummer buitenwerelds. Jammer dat Cliff Burton het zelf nooit live heeft kunnen brengen, want dat zou pas een goddelijk optreden geweest zijn. Het is als een diepe ademhaling voor de afsluiter.
Ook het begin van
Damage, Inc. is zeer sereen, maar dat is enkel een verzachting om er des te harder in te beuken. Qua stijl borduurt deze verder op Battery, met de snelheid en furie alsof iemand met een kettingzaag achter je aanzit; zo snel suizen de gitaar- en basriffs je om de oren, en zelfs Lars slaat er hier weer niet naast. Net als de opener is de afsluiter zo'n nummer dat je bruusk wakkerschudt, je bij de keel grijpt en je niet loslaat tot het gedaan is.
En daarmee besluit ik mijn veel te lange review waarmee ik jullie ongetwijfeld mateloos verveeld hebt, maar voor de mensen die er toch in geslaagd zijn om hem van begin tot einde te lezen: chapeau! En dit is dus waarom deze plaat voor mij al meer dan 3 jaar torenhoog boven de rest uitkomt.
