De 'knor-piep-boem' zusjes CocoRosie (Sierra en Bianca Casady) zijn terug en aERo waagt weer een poging..........
Niet boos worden lieve CocoRosie mensjes die deze dames zeer hoog hebben zitten: ik bedoel het nooit kwaad, noem het een beetje liefkozend van mijn kant. Ze zijn de gekke nichtjes van Björk in mijn oren: een beetje vreemd en toch lekker.
Elk album luister ik weer opnieuw en telkens weer weten ze me te boeien, maar weten ze me ook op veilige afstand te houden. Ik durf me nooit helemaal over te geven of onder te dompelen. Daarvoor ben ik ietwat te suf vrees ik en hou ik het bij artiesten die iets minder gek doen.
Maar doen de meiden eigenlijk nog wel gek. Freak-folk was het toch?!
Trinity's Crying is alvast een vreemde opener en toch...ehm....wel lekker. Het is hoe dan ook het eerste nummer van hun album op het Sub Pop label waar ze debuteren.
Smokey Taboo is een mengelmoes van diverse stijlen en komt vrij etherisch over. Misschien door de oosterse invloeden die er in verwerkt zijn inclusief een galmend, haast kerkelijk gezang waar ze bijna rappend doorheen zingen met hun vervreemdende kinderlijke stemmetjes. O ja, dat was het wat me altijd een beetje tegenstond: Joanna Newsom jengelt en dat doen deze zusjes ook. Het zorgt er altijd voor dat ik nooit in een 'hallelujah-bui' geraak als ik naar ze luister. Hier is het al niet anders. Maar boeiend is en blijft het wel, alhoewel de verrassing er inmiddels natuurlijk al lang vanaf is.
Zei ik kinderlijk? Zet dan
Hopscotch maar op dat van start gaat op een tingeltangel piano met irriterend fluitje op de achtergrond totdat het nummer een wending neemt en electronica toegevoegd wordt en CocoRosie opeens ook op een andere manier blijkt te kunnen zingen totdat de piano en het fluitje weer mogen opdraven. En hoe gek het ook klinkt: het werkt. Het is grappig en inventief en ergens klopt het nog ook. Mij weet het in elk geval te pakken.
Undertaker komt vrij donker en duister over. Ook het speelgoed doosje met de tinkelende belletjes wordt weer van stal gehaald.
Titeltrack
Grey Oceans leunt zwaar op piano en op de achtegrond horen we engelengezang alsof we devoot in een kerk rondlopen. Wat jammer toch dat ik de zang hier weer irriterend vind werken. Waarom toch dat jengelende? Gelukkig weet het nummer me dusdanig te boeien dat ik er redelijk van afgeleid kan worden, maar redelijk is natuurlijk niet helemaal. Dit zal altijd wel een probleempuntje tussen mij en CocoRosie blijven vrees ik en daarom zal ik nooit meegaan in het enthousiasme dat sommige mensen om mij heen hebben (en die me tevens willen meenemen naar optredens wat ik tot nu toe beleefd heb ageslagen).
Nee maar, de zussen hebben de vocoder ontdekt wat op
R.I.P. Burn Face te beluisteren valt. Wees niet ongerust want ze weten het op de juiste manier in te zetten waardoor het totaal niet stoort.
Het is een relaxed midtempo nummer dat behoorlijk sfeervol overkomt. Hier heb ik wel wat mee. En ondanks dat ze de hele speelgoedkast weer geplunderd lijken te hebben komt dit nummer zeer volwassen over.
Op
The Moon Asked the Crow krijgt de piano aanvankelijk ook weer voldoende ruimte en horen we daar oosters getinte ladders op gespeeld. En dan komt er een beat bij die het nummer een heerlijke schwung geven. En ook dit slaat goed aan: zo chaotisch en samengeraapt als het aanvankelijk lijkt allemaal, zo kloppend weten de meiden het te brengen en daarmee zorgen ze voor wel een favoriet nummer van mij, mede door het oosterse sfeertje.
Na al dit lekkers toe aan een glas
Lemonade? In elk geval wordt ons wat rust gegund door wederom de piano in het intro. Het lijkt een terugkerend truukje te worden: piano in het intro en vervolgens bijval van electronica. Maar op dit nummer worden daar ook nog eens blazers aan toegevoegd die het een warme gloed weten te geven. Zo voelt een warme, lome zomerdag waar de zweetdruppels in je nek gutsen dus aan.
Trappen ze tijdens het intro van
Gallows nu een kat op z'n staart? Ach gut, het arme beest! Natuurgeluiden staan sowieso centraal in dit nummer. Waar het vorige nummer een warme zomerdag kan zijn daar is dit een warme zomerochtend waar alles en iedereen nog moet ontwaken: de lucht is nog niet zinderend heet, maar je voelt dat het weer zo'n dag gaat worden.
Fairy Paradise zou zo een nummer van Björk kunnen zijn. Het is dansbaar en catchy maar weet ook een betoverend sfeertje neer te zetten: monotoon en toch heel divers. Verrassend? Nee, daarvoor hebben we allemaal misschien al te veel gehoord maar ik heb ook met dit nummer wel wat bijzonders moet ik zeggen. Het weet me snel in zijn greep te krijgen: bijna hypnotiserend.....
Here I Come is de Amazing Grace van CocoRosie. Hallelujah en Praise the Lord! Een fascinerend slot van wederom een bijzonder album.
Natuurlijk gaan dit soort termen altijd wel gepaard bij de albums van CocoRosie. Verrassen doen ze waarschijnlijk nog maar weinig luisteraars, zeker degenen die goed bekend zijn met dit duo.
Maar wat wil de ironie?! Het lijkt er haast op dat ik met dit album het best uit de voeten kan. Het knor-piep-boem-gehalte is hier een stuk lager of ligt in elk geval op een ander terrein. De kinderlijke zang irriteert me hier ook veel minder dan voorheen (enkele uitzonderingen daargelaten).
Is het dan echt zo anders? Nee, eigenlijk niet. Soms moet je jezelf ook niet willen verplichten uitleg te geven aan jezelf, anderen, of wie dan ook. Soms voelt muziek net even anders aan, ook al is de koers niet eens zo zeer gewijzigd. Onverklaarbaar ja. En dat is misschien ook het feit dat ik op dit moment aan dit album net een halfje meer geef dan aan de voorgangers, en mijn gevoel zegt me dan dat de grote liefhebbers juist lager zullen gaan beoordelen
