Wat het probleem is met Halve Literatuur is, ik kan er niet goed mijn vinger op leggen. Misschien ben ik een zeiksnor en waren mijn verwachtingen te hoog van dit album (ik kende Flessepost niet, maar die schijnt behoorlijk legendarisch te zijn), maar ik kom maar niet van het gevoel af dat het beter had gekund. Eerlijk is eerlijk, ik moet steeds aan Opgezwolle denken en dan vind ik dit album toch echt achterblijven op vlak van teksten, karakteristieke stemgeluiden van rappers en biets. ‘In de Stad’ is dan ook een aardige poging om een soort Zeeuws ‘Verre Oosten’ te schrijven, maar Vlissingen is helaas geen Zwolle.
Wat er op het album gebeurd is zeker niet slecht hoor, maar het komt vaak wat kleurloos over. Het steekt prima in elkaar, maar de rappers klinken geregeld zo vlak dat ik maar weinig kan lachen om de punchlines, al zijn die soms inderdaad best spitsvondig. Ik schiet nog elke keer in de lach bij ‘Ik ben autistisch als Forrest Gump/Ik moet rennen’ en ‘Dit zijn echte rappers als Mulisch en Boon’/De meeste rappers die ik spot zijn op Dick Bruna-niveau’ vind ik ook een heerlijke regel, maar veel van de punchlines vind ik net iets te flauw of ze komen door de luie dictie van de mc’s niet echt over.
Toch zijn er zeker ook erg prettige momenten te vinden. ‘Gemiste Kansen’ is erg amusant, net als ‘Strontbeu’, een schets van een vastgelopen relatie. Op een bepaalde manier is de tekst van het laatste nummer ook wel aandoenlijk. ‘De Scène’ levert daarnaast nog wat terecht en vermakelijk commentaar op de hiphopscène. Het vreemde is alleen wel dat titeltrack ‘Halve Literatuur’ zo kwalitatief boven de rest staat, qua instrumentatie alleen al. De rappers trekken zich aan deze biet op en komen tot behoorlijke resultaten, maar het blijft opvallend dat ze hier pas echt het heilige vuur gevonden lijken te hebben.