Buitengewoon obscuur plaatwerk van een man die vanaf 1959 tot aan zijn dood in 2001 talloze albums heeft uitgebracht die hogelijk gewaardeerd worden door diverse generaties avantgardisten.
Op deze cd uit 1973 staan 3 (lange) instrumentale stukken waarin Fahey, zonder enige verdere begeleiding, virtuoos fingerpicking gitaarspel laat horen.
Songstructuur ontbreek echter nagenoeg geheel, hetgeen er voor zorgt dat veel van de luisteraar gevraagd wordt.
De nummmers zijn moeilijk te doorgronden en hebben vele vele draaibeurten nodig om te beklijven.
Daarmee is dit echt een cd voor de liefhebbers en vooral voor doorzetters die ook Rivella light drinken (een beetje vreemd....nou ja je kent m...)
Voor mij persoonlijk is dit werk eigenlijk net een brug te ver. Ik herken de technische vaardigheden van Fahey en vind het moedig en van visie getuigen om deze muziek op de plaat te zetten. Desondanks is dit een album dat bij mij moeilijk uit de platenkast zal komen.
Ik kan me echter wel voorstellen dat ik het van tijd tot tijd, met lage frequentie, uit een soort fascinatie voor de vervreemdende sfeer van het album, weer zal opzetten.
Een score ? Haast onmogelijk. Ik houd het voor nu maar lafjes op een 3 tal sterren..