Veel mensen denken bij Crowded House toch eerder aan de hit Don't Dream It's Over en het album Woodface dan aan deze laatste plaat. Als je dan toch wat over Together Alone hoort, is het vaak iets in de trant van 'dat ie wat minder toegankelijk is dan zijn voorganger'. Mensen, laat me niet lachen, Crowded House maakte helemaal geen minder toegankelijke platen. Zouden ze ook helemaal niet aan moeten zijn begonnen. Wat meneer Finn goed kan is hele ongecompliceerde rechttoerechtaan popliedjes schrijven met, vooral in de coupletten, een haast niet te evenaren melodielijn. En dat is wat Crowded House op deze plaat tot in perfectie uitvoert.
Als ik naar Woodface luister, ik draai hem niet vaak, maar heb 'm gisteren voor de gelegenheid weer eens opgezet, valt me op dat Crowded House daar veel minder sterke composities aan de dag legt. Fall at Your Feet en met name Four Seasons in One Day (blijft mijn favoriete nummer van ze) zijn prachtig, een nummer als There Goes God mag er ook best zijn, maar Chocolate Cake en de laatste zes nummers zijn wat mij betreft maar weinig bijzonder. Gevolg is dus dat Woodface voor mij nogal inzakt. Together Alone vind ik dan op alle fronten beter, en (ieder zijn smaak natuurlijk, ik val niemand aan...) ik kan me eigenlijk bijna niet voorstellen dat anderen Woodface beter vinden.
Want hier begint begint Crowded House wel meteen goed.
Kare Kare is een degelijk popnummer. Geen absolute topper, maar het zet prima de toon voor de rest van de plaat. Ontoegankelijk geenszins, wel wat dromeriger dan dat men misschien van Crowded House gewend is. Want dat is wel een duidelijk verschil met de rest van het oeuvre, als je het mij vraagt. Het album ademt veel meer sfeer uit dan bijvoorbeeld Woodface. Aan het eind van Kare Kare valt voor het eerst wat wereldmuziekachtig getrommel te horen. Wat dat betreft heeft Finn wellicht geluisterd naar de Talking Heads. Ook hier werkt die combinatie tussen pop/rock en trommels wonderwel.
Het wat stevigere
In My Command staat ook als een huis. Het refrein is misschien een beetje kazig, maar het biedt goed tegenwicht tegen de wat meer doorrockende coupletten. De doorgaans zo beschaafde Finn bedient zich halverwege het nummer zelfs van een piepklein beetje geschreeuw.
Nails in My Feet is wat mij betreft het eerste grote hoogtepunt op Together Alone. Melodisch gezien een van de beste nummers van de Nieuw-Zeelanders. Memorabel is vooral de kleine onvolkomenheid in Neils stem aan het begin van het tweede couplet ('circle round in a strange hypnotic state').
Black & White Boy is een nummer waar je makkelijk voorbij luistert. Dat is toch wel een valkuil bij Crowded House, om alleen maar van ballad naar ballad te luisteren en de rest als noodzakelijk kwaad te zien. Want ook hier weer een lekkere gitaarpartij (mooi loopje!).
Fingers of Love opent prachtig, sober (electrisch) gitaartje en een wat galmende zangopname. Het nummer kabbelt lekker door, enige minpuntje is dat het refreintje niet veel om het lijf heeft en het daardoor een beetje te cliché dreigt te worden af en toe.
Pineapple Head staat in het teken van een van de meest aanstekelijke gitaarriffjes uit de popgeschiedenis. Hier staat of valt het nummer bij, want heel veel bijzonders zit er eigenlijk ook weer niet omheen. Niet dat dat voor mij ook maar enigszins problematisch is overigens, want de kracht van Crowded House zit m tenslotte in de eenvoud.
Locked out is een van de bekendere track van de plaat en schudt ons even wakker, want voor Crowded Housebegrippen rockt dit best heftig. Leuk nummer dan ook, beetje rock-n'-roll. Ondanks dat wat mij betreft niet echt een van de absolute hoogtepunten.
Locked out loopt prachtig over in
Private Universe, door velen genoemd als beste nummer van deze plaat en misschien ook wel van het hele oeuvre van de band. En ja, ook ik word toch altijd weer stil als ik het hoor. De flirt met wereldmuziek krijgt hier erg duidelijk vorm. Hoewel geen persoonlijke favoriet, is het misschien wel de beste compositie die Finn gebrouwen heeft. Het nummer kabbelt rustig naar een prachtig trommeltjesuitro. Aan
Walking on the Spot wordt nogal eens voorbij gegaan, maar ik vind het persoonlijk met Nails in My Feet het mooiste nummer van de plaat. Harmonica en piano leggen een prachtige basis waarover Neil weer een hemels coupletje mag zingen. Melodielijn van het couplet zou zo van Forever Changes van Love kunnen zijn getrokken. Het refrein is ook hier net weer iets minder, het zwaartepunt van de CH-ballad ligt dan ook in de coupletten.
Distant Sun is zowat het ideale popliedje. Leuk, vrolijk, nu wel met een sterk en pakkend refrein. Het is dan ook een van de bekendere Crowded Housenummers, en niet ten onrechte. Ook
Catherine Wheels mag er zijn. Let hier op het fluitachtige geluid dat af en toe in de achtergrondinstrumentatie terugkomt. Ook hier weer een ijzersterke coupletmelodie, om maar weer eens in herhaling te vallen. Als tegen de drie minuten een heel simpel gitaartje toch weer even een andere wending aan het nummer geeft, kan je toch ook hier weer niet anders dan een dikke pluim uitdelen aan onze Neil.
Skin Feeling is op zichzelf het minste nummer van het album. Het is allemaal net niet pakkend genoeg, juist de couplet zijn wat monotoon en saaiig. Toch staat het nummer wel in dienst van het album: na Catherine Wheels mag de luisteraar wel weer even wat stevigers horen. Refrein is hier trouwens wel aardig: 'It's the truth my child'... Ook hier komt overigens weer wat Afrikaans getrommel naar voren richting het einde. Die trommelinslag bereikt op het titelnummer
Together Alone zijn hoogtepunt. De afsluiter lijkt zelfs rechtstreeks uit The Lion King te zijn getrokken. Sterke song weer, lekker dromerig, waarin Simba en zijn vriendinnetje (ben haar naam even kwijt) ergens op een rots figureren. Hemelse afsluiter dus.
Het eindresultaat staat prominent op 1 in mijn top 10. Zoals ik al eerder bij deze plaat schreef, ik ben naarstig op zoek naar concurrenten die dit hoog uit mijn toplijst weg kunnen stoten, maar al luister ik heus veel nieuwe dingen uit veel ingewikkelder en voor sommigen superieure genres, de kracht van dertien popliedjes valt niet te overschatten. En daar kan dus nog niets tegenop voorlopig. Het zal vast mijn wansmaak zijn
