Hier even een review gekopieert van ml75.nl

Misschien heb je hier wat aan.
Inleiding
Wat doe je als je de zoon ben van een van de meest legendarische muzikanten van onze tijd, en je een gave hebt geerfd, je opgroeid in een familie waar muziek niet weg te denken is, je mag werken met met de beste muzikanten die er op Jamaica te vinden zijn?
Precies...
Review
Damian draagt de naam van een legende en dat heeft zijn voordelen, maar dat betekend ook dat er muzikaal veel van hem verwacht wordt. Zijn broers Ziggy, Stephan en Junior Marley proberen al jaren om hun naam waar te maken, maar uiteindelijk is het Damian die er in slaagd om een album neer te zetten die de eer hoog houd.
Het album begint met een militante beat met samples uit toespraken van Haile Selassie I en Marcus Garvey. Twee belangrijke figuren voor Jamaicanen en in het geloof van Rastafari waarvan de namen vaak genoeg te horen zijn in reggae. Op “Confrontation” maakt Damian iedereen duidelijk dat hij gearriveerd is en korte metten wil maken met het zogenaamde Babylon; de gevestigde orde die het volk onderdrukt.
De heftige intro wordt gevolgd door “There For You”. Een heerlijke laidback roots track waar hij zijn zangtalenten laat horen. En ook al wil ik het niet zeggen, maar je hoort echt soms de invloeden van zijn vader terug in zijn stem.
Maar als de track is afgelopen is en je de eerste tonen hoort van de track die volgt, dan begin je de titel al mee te schreeuwen, in gedachte of gewoon hard op:
Out in the streets, they call it MUUUUUUUURDAAAAH!!!!!!!!
Een remake van Ini Kamoze’s "World A Reggae" die geproduceerd werd door het legendarische duo Sly & Robbie, waarop Damian zijn toasting skills over de harde bass legt en de hele track ript. Heerlijk!
“The Master Has Come Back” heeft een aanstekelijke Caribische productie met lekkere r&b en hiphop-invloeden. Om de vrolijke vibes voort te zetten, volgt “All Night”. Een opzwepende dancehall-beebop track a la Shaggy “Carolina”
Waarschijnlijk zullen veel reggae liefhebbers een beetje moeite hebben met dit soort tracks, maar ik vind dat Damian met zijn charisma en stem het popniveau, netjes binnen de grenzen kan houden.
Ook al heb ik me lichtelijk geergerd aan de hiphop remixes op Chant Down Babylon, ben ik toch vreselijk blij met “Pimpa's Paradise” waar hij hulp krijgt van Stephan Marley en Black Thought. Bob’s Pimpers Paradise wordt omgetoverd tot een lekkere hiphoptrack waar Black Thought precies bij past. Toch wel een uitblinker op het album.
En alsof Damian stoer wil doen door te laten zien dat hij belangrijke vriendjes heeft, nodigt hij Nas uit op “Road to Zion”. Een simpele boombap track die toch hoog gehouden wordt door wederom Damian’s charisma en stem. Nas levert een prima verse met wat wijze worden om het geheel compleet te maken.
Okay. Van de States terug naar Jamaica. We willen weer wat lekkere dancehall. Dus waarom niet gewoon Bounty Killer en Eek-A-Mouse opzoeken en vragen of ze samen met jou een track willen maken? Alsof het niets is transformeert Damian van chanter en toaster tot deejay (de Jamaicaanse versie van een mc die de dj bijstaat maar waar er ook daadwerkelijk gespit wordt). Luister en huiver. Je hebt al snel door dat Damian z’n mannetje wel staat. Bounty Killer is een legendarische dancehallfenomeen en staat op deze track weer garant voor kwaliteit. Dit wordt zeker een clubbanger op dancehallparties en ik ben er heilig van overtuigd dat dit een riddim gaat worden.
Het einde van de schijf. Mijn joint is op, en ik zoek nu al de play knop omdat ik het album opnieuw wil luisteren. Als Damian in 2001 een Grammy heeft gewonnen voor zijn Halfway Tree album, dan ben ik benieuwd wat hij bij de eerst komende nominaties aan awards gaat binnen slepen.
Een album dat je mee neemt naar de duistere kant van Jamaica, de hete dancehalls, een uitstapje maakt richting Philly en New York, maar uiteindelijk weer terugkeert naar de roots van reggae.
Een knipoog naar Bob.
Jah Bless!