Waarschuwing van tevoren: u luistert hier naar een "psychedelic hip hop boy band", zoals deze drie Schotse heren zich definiëren. Klinkt op het eerste gezicht misschien net zo exotisch als interessantdoenerig, maar vandaag pas, tijdens de zoveelste kennismaking met de vele gezichten van DEAD, kwam voor mij het besef hoe treffend die titel eigenlijk is. Met het psychedelische gedeelte ruimschoots vertegenwoordigd door de soms gelukzalig harmonische, vaker ongemakkelijk snijdende beats (voor zover men de instrumentatie op deze plaat nog beats kan noemen - kom ik later nog op terug), de hiphop in de solide flow van alledrie de leden van deze groep en de boy band in de vorm van de refreintjes die, hoe verdomd ijzig ze soms ook kunnen klinken (met het bijna duivelse refrein van Hangman misschien nog wel als hoogtepunt van narigheid), toch ook wel minstens zo verdomd catchy en melodieus zijn.
Met alleen een genreaanduiding doe ik de muziek van Young Fathers echter niet genoeg recht: op wat mij betreft één van de interessantste hiphopreleases van de afgelopen jaren is namelijk zo'n royale lading inventiviteit te vinden dat één simpel alineaatje niet zou volstaan. Neem nou die "beats" waar ik het daarnet over had. Op bijna ieder nummer hebben de jonge vaders - ervanuit gaande dat ze met z'n drieën verantwoordelijk zijn voor de instrumentatie - de herhaling vakkundig gemeden, met begeleidingen die vaak op zich al een compleet nummer zouden kunnen vormen. Mmh Mhh, zo'n nummer dat zich pas na een tiental luisterbeurten ontpopt van mindere broeder tot hoogtepunt, is een vrij geschikt voorbeeld: na een begin met brommende, chagrijnige bastonen wordt dit liedje meerdere keren door half hemelse, half verontrustende (ja, dat kan) synthesizers opengebroken, om vervolgens in diep naargeestige sirene-achtige tonen door te gaan, die daarna dan weer overlopen in dat wrange synthtapijt, begeleid door hakkende, opzwepende percussie. Op zich al genoeg om een klein pareltje te vormen dus, maar met de hysterische uitroepen van Kayus Bankole in de climax, die ieder gezond mens rillingen bezorgen, wat mij betreft gewoon een meesterwerk.
Wat me op mijn volgende punt brengt: het is niet alleen maar de loepzuivere, aan gospeldominees doen denkende zang (luister maar naar de gepassioneerde uithalen in Am I Not Your Boy, waar menig folkmeneer nog een voorbeeld aan kan nemen) die deze (boy)band zo kenmerkt. Ook in de raps wordt menig punt in het scala van emoties door de drie meneren uitgediept, van ongegeneerde vrolijkheid in de eerste minuut van opener No Way en nonchalante onvriendelijkheid in de verses van Get up tot verontrustende ingehouden agressie in Just Another Bullet (die trillingen in de stem van Massaquoi over die valse beat, godvergeten heerlijk). Dankzij deze expressie en door relatief veel ruimte te geven aan de zang en instrumentatie geven ze de verses precies de toegevoegde waarde die ze verdienen - en dat ook nog eens zonder aan de behoefte om tongbrekend te spitten op hoge snelheid toe te geven.
Hoewel er altijd nog wel wat redenen zijn om dit niet als absoluut Allerbeste Album Van De Wereld Ooit te bombarderen (zoals bijvoorbeeld dat de qua woordkeuze nogal intelligente teksten misschien wel iets te veel ruimte voor interpretatie overlaten), is de hoeveelheid punten waarin DEAD uitblinkt toch echt te groot om u te storen met onbenullige details. DEAD is zo'n album waar je over ieder nummer wel een halve pagina kan volschrijven; DEAD is spannend, vernieuwend, melodieus, onvriendelijk, aanstekelijk en daardoor - terwijl elders op deze site nog naarstig gezocht wordt naar kandidaten voor die titel - onbetwist dé plaat van 2014.