menu

John Coltrane - Olé Coltrane (1961)

mijn stem
4,11 (142)
142 stemmen

Verenigde Staten
Jazz
Label: Atlantic

  1. Olé (18:05)
  2. Dahomey Dance (10:48)
  3. Aisha (7:32)
  4. To Her Ladyship * (8:54)
toon 1 bonustrack
totale tijdsduur: 36:25 (45:19)
zoeken in:
avatar van frankmulder
4,0
Mooie plaat; was een goeie tip van voltazy. Vooral die fluit vind ik een mooie toevoeging in het eerste en het laatste nummer. Ben nu ook wel benieuwd naar het latere werk van Coltrane... 4*

avatar van heinonlein
5,0
hèhè, inderdaad, het wordt hoe langer hoe ontoegankelijker...

dit is echt m'n lievelings-jazzplaat. nou ja, m'n lievelingsplaat misschien wel!

tip: begin bij het tweede nummer en bewaar ole voor 't laatst, dahomey dance en aisha zijn ook meesterlijk maar vallen anders misschien in de schaduw van het mees-ter-lij-ke titelnummer...

avatar van josbosvos
4,0
Ik ben vooral gecharmeerd van het titelnummer, de rest doet mij niet zoveel. Beetje lastig om nu al een stem uit te brengen, aangezien ik 'm nog maar 3x heb beluisterd. Dus eerst nog maar wat vaker in zijn volledigheid beluisteren en wie weet kan de rest mij dan ook wat meer boeien. Olé is in ieder geval een geweldige eerste helft van de plaat, hopelijk gaat de tweede helft nog groeien .

avatar van Arrie
Ik vind het titelnummer er ook ver bovenuit steken inderdaad. Een van de allerbeste jazz-nummers die ik ken. De rest vind ik niet meer dan wel aardig.

avatar van Oldfart
Bij jazz is het vaak de wisselwerking tussen de musici die het spannend maakt , en zeker bij "Olé" vind ik de bijdragen van de anderen minstens zo invloedrijk als die van Coltrane.
En dan vooral het baswerk van Art Davis, die vooral in het tweede deel het "spaanse" thema prachtig met de strijkstok 'bewerkt'.

Daarom hier even de bezetting:

John Coltrane: sopraan sax op "Olé" tenor sax op "Dahomey Dance" en "Aisha"
Eric Dolphy: dwarsfluit op "Olé" en "To Her Ladyship", alt sax op "Dahomey Dance" en "Aisha"
Freddie Hubbard: trompet
McCoy Tyner: piano
Art Davis: bass op "Olé" en "Dahomey Dance"
Elvin Jones: drums
Reggie Workman: bass

Ik zou dit bijna een soort psychedelische jazz willen noemen; heerlijk hoe de muziek je 'meeneemt'.
Wat anderen in vorige posts wat vlak noemden, vind ik juist plezierig; nergens vertoren de soli de flow van het stuk.

4,0
Met zo'n opener kan de rest natuurlijk alleen maar tegen vallen... en dat doet het ook, maar dat is niet zo heel erg, want de rest is meer dan behoorlijk. Vooral afsluiter Aisha is erg fijn in het overbrengen van dat regenachtige stadse gevoel - een scherp contrast met de voorgaande, vrolijkere en 'zonnigere' nummers -, al zijn de solo's af en toe iets te druk om dat gevoel helemaal te behouden. Verder is dit een heel degelijke Coltrane, waarin de grootmeester zelf (samen met de twee bassisten) vooral in het eerste nummer laat zien wat 'ie in huis heeft, zonder overigens zijn toegankelijkheid te verliezen. Een prima album, niet alleen voor jazzliefhebbers maar ook voor beginners - zoals wel bleek uit het feit dat al mijn dronken (en jazzhatende) vrienden op nieuwjaarsavond dit prima konden waarderen. Goed werk, meneer Coltrane!

3,5*

Misterfool
Het titelnummer steekt weliswaar boven de rest uit, maar de overige twee nummers staan zeker hun mannetje. De samenwerking tussen Tyner en coltrane in het titelnummer is werkelijk geweldig. Samen met Giant steps mijn favoriete Coltraneplaat tot nu toe.

thedude1975
Aisha is heerlijk zo voor het slapen gaan. Het titelnummer is weliswaar de grote favoriet van dit album en is ook niet mis. Het is echter Aisha dat in mijn hoofd blijft hangen. Zoals Karl hierboven al zegt, 'het regenachtige stadsgevoel' komt in me op bij het luisteren van dat nummer. Laat ik nu in een stad wonen en het momenteel regenachtig zijn

avatar van Stijn_Slayer
4,0
Anderen zeiden het al: 'Olé' steekt boven de rest uit. Het titelnummer gaat eigenlijk verder waar Africa/Brass ophield, al heeft Coltrane de atlas deze keer tevens opengeslagen bij Spanje. 'Olé' heeft ook diezelfde dreigende klank. De rest is bovengemiddeld goed, maar valt toch een beetje tegen vergeleken met andere albums van Coltrane. Als Coltranefan raak je nu eenmaal een beetje verwend.

avatar van Soledad
5,0
Soledad (moderator)
Ik blijf Aisha ook ontzettend mooi vinden.

4,5
Dat titelnummer...man man man

Misterfool
Veel mooier wordt muziek inderdaad niet

avatar van Mssr Renard
5,0
Zo heerlijk om de achterkant van een lp te kunnen lezen. Fijn interview met Coltrane over soleren en nummers langer of korter houden.

Maar wat de achterkant van deze lp betreft; de fluit en altsax worden bespeeld door George Lane. Hey, wacht eens even, wie? Moet dat niet gewoon Eric Dolphy zijn? En inderdaad het is ook Eric Dolphy, maar daar waar Freddie Hubbard wél uitgeleend mocht worden door Blue Note, mocht Dolphy schijnbaar niet onder zijn eigen naam op een Atlantic-plaat spelen van Prestige. Daar gaan je royalties, denk ik dan.

Prachtig ook die dubbele bassolo in het titelstuk. Het enige nummer zonder dubbele bas is Aisha.

En ik altijd maar op zoek naar die dubbele drummer, waar ik zo gek op ben. De dubbele bas (die ik binnen de postbop steeds vaker tegenkom) begint ook aardig favoriet bij mij te worden.

Deze plaat is echt fenomenaal, en kent zoveel verrassingen en weetjes, dat je bezig blijft. Zijn laatste plaat voor Atlantic en zijn eerste voor Impulse! (Africa/Brass) liggen qua opnamedatum twee dagen uit elkaar en zijn in die zin ook in elkaars verlengde. Ik denk ook de twee platen van Coltrane die ik het meeste draai.

avatar van Tony
5,0
Mssr Renard schreef:
...maar daar waar Freddie Hubbard wél uitgeleend mocht worden door Blue Note, mocht Dolphy schijnbaar niet onder zijn eigen naam op een Atlantic-plaat spelen van Prestige.


What did I tell you about Prestige?
Top album van Coltrane, uiteraard, dit is midden in mijn favoriete periode van de meester.

avatar van Soledad
5,0
Soledad (moderator)
Met: John Coltrane (tenor saxophone, soprano saxophone), Eric Dolphy (alto saxophone, flute), Freddie Hubbard (trumpet), McCoy Tyner (piano), Reggie Workman, Art Davis (bass), Elvin Jones (drums)

Ik weet nog goed dat ik deze plaat voor het eerst hoorde. Ik was toen nog een behoorlijke jazz-leek. En ook een Coltrane leek. Ik ben toen letterlijk gestopt met wat ik ook aan het doen was en heb ademloos zitten luisteren. Zoiets had ik nog nooit gehoord! Dit blijft een unieke plaat om zoveel redenen. Het is de eerste studio-plaat waar de oosterse invloeden echt hoorbaar worden in zijn muziek. Het is dé plaat die de overgang van bop en blues naar meer modale muziekvormen markeert. Trane omgeeft zich hier met een kudde jonge honden (lees aanstormend talent). Dan zijn er nog twee bassisten, waar hij later vaker gebruik van zou maken. Deze plaat klinkt vooral totaal anders dan alles dat daarvoor kwam en is een prachtige aanzet tot wat hij een paar maandjes later bij 'The Village Vanguard' ging laten horen.

Het titelnummer is natuurlijk weergaloos. Een opener van formaat die je direct van de stoel blaast. Gebaseerd op een Spaans volkslied voel je de exotische toon direct. Een suite van 18 minuten die constant je aandacht erbij vraagt. Trane's eerste solo is fantastisch evenals die Dolphy op fluit en een uitstekende Freddie Hubbard. Hij blijkt op die jonge leeftijd al een muzikale duizendpoot te zijn! McCoy's solo is adembenemend. Hij is een virtuoos maar zegt hier zoveel met alleen wat akkoorden. Hij is als geen ander in staat om de spanning alleen maar verder te laten toenemen. Dan als absolute climax nog één keer Coltrane op sopraan. Het is die onderhuidse spanning die zijn muziek vaak zo interssant maakt. Je voelt dat er ergens naartoe wordt gewerkt en als dat moment dan daar is....

Het is oneerlijk te stellen dat dit album volledig wordt gedragen door het titelnummer. Toegegeven: het is het hoogtepunt van het album, maar de andere nummers zijn alle drie klasbakken op hun eigen manier. Dahomey Dance is een uiterst ontspannen blues met genoeg ruimte voor alle muzikanten om hun talenten te showen. Dolphy spring er het meest uit met die heerlijk geknepen toon op alt. Een soort Benny Carter on acid: een mooie volle bluesy toon maar wel met hele scherpe randjes. Fascinerend figuur en een uitstekende sparringpartner voor Coltrane. Aisha is gewoon beeldschoon: Coltrane's warme tonen over het zachte akkoordenpallet van Tyner. En wederom die unieke sound, herkenbaar en zoveel anders dan veel andere jazz-ballads. Hier een prachtige rol voor een subtiele Freddie Hubbard en fascinerend hoe Dolphy zijn ideeën verder uitbouwt in zijn eigen wonderschone solo. Met 36 minuten is de plaat wel wat kort. Gelukkig kwam er nog een cd-versie uit met een mooie bonus. Ook de laatste ballad is meer dan de moeite waard.

Het feit dat de titelsong zo bekend is geworden en zo catchy is maar alsnog zelden is 'gecoverd' is veelzeggend. Ik denk dat, net als met 'A Love Supreme' bijvoorbeeld, niemand zijn handen eraan durft te branden. Als de perfecte versie al op plaat staat, kun je er alleen maar op achteruit gaan natuurlijk. De versie die Pharoah Sanders live opnam in 1982 is trouwens wel ontzettend goed. Die van Noah Howard is zeker niet slecht maar tikt hét niveau niet aan.

Dit was Trane's laatste plaat voor Atlantic. Een behoorlijk glorierijke 2 jaar waarin hij fantastische platen voortbracht zoals deze, Giant Steps, My Favorite Things en Coltrane's Sound. Hij was natuurlijk nog lang niet uitontwikkeld. Zijn avontuur bij Impulse! bracht hem in nog zoveel meer richtingen. De band en zijn sound kregen hier in ieder geval al steeds meer vorm....

Gast
geplaatst: vandaag om 23:44 uur

geplaatst: vandaag om 23:44 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.

Let op! Je gebruikersnaam is voor iedereen zichtbaar, en kun je later niet meer aanpassen.

* denotes required fields.