Daniël Gildenlöw is boos, heel boos. Hij is op de vorige albums wel vaker eens wat chagrijnig geweest, maar dat is meer richting het niveau ‘commentaar bij een kinderplaybackshow’ vergeleken het gal spuwen op deze plaat. Alles en iedereen krijgt er van langs en niemand wordt gespaard. Dat hij hierbij zelfs een deel van zijn fanbase tegen het zere been schopte, leek hem niks te deren.
Het verhaal gaat verder waar The Perfect Element pt. 1 ophield. De psychologisch niet helemaal stabiele mannelijke hoofdfiguur van de voorloper wordt in onze verdorven wereld geworpen. In de eerste helft van het album (‘His skin against this dirty floor’) laat hij de huidige maatschappij aan zich voorbij trekken en maakt hij zich vooral kwaad, heel kwaad. Onder andere de mainstream hiphop-wereld, het materialisme, de Verenigde Staten, narcisme, drugsmisbruik, disco en nog veel meer (
volledige lijst hier) komt langs en wordt afgebrand. Na de passieve eerste helft slaat de stemming in het album volledig om in de tweede helft, toepasselijk ‘Why can't I close my eyes’ genoemd, Niet meer in staat deze wereld alleen maar te aanschouwen, slaat het hoofdpersonage volledig door.
Scarsick is het muzikale equivalent van een baksteen: hard, rechthoekig en weinig subtiel. De nummers zijn in vergelijking met vorige albums een stuk spaarzamer gearrangeerd zonder overbodige franje. Lange instrumentale secties en technische uitspattingen zijn niet meer te vinden en gitaarsolo’s zijn daar waar aanwezig bijna allemaal verstopt onder zangpartijen of outro’s. Niks staat de boodschap van het album in de weg om keihard binnen te komen.
Ik ken maar weinig albums waar er zo’n mooie symbiose is tussen tekst en muziek. Ook hier is een duidelijke scheiding te zien tussen de twee helften van het album. In de eerste zijn is het allemaal lekker lomp en opvallend: countrymuziek bij een nummer over de V.S., een hiphop-nummer om de rappers af te zeiken, een duister disco-nummer om de donkere kant van het nachtleven te symboliseren; u snapt het plaatje. Het lijken wel stuk voor stuk tv-programma’s die langskomen terwijl het hoofdpersoon langs zapt. Dit idee wordt nog eens versterkt door de tv-geluiden te horen in de intro van Kingdom of Loss, de aftrap van de tweede helft. Hier gaat Gildenlow wat subtieler te werk. Prachtig voorbeeld hier is Idiocracy. De geflipte coupletten waar het hoofdpersonage langzaam aan de gevolgen van een oorlog (Irak?) ten onder lijkt te gaan, maar in het zoete refrein weer berustend wordt toegezongen. Uiteindelijk kan hij al de leugens niet meer aan en slaat hij door, wat uiteindelijk weer wordt overheerst door een moedeloze berusting in de mellow outro. In het afsluitende wordt vervolgens nog eens prachtig de brug gelegd tussen dit album en TPE Pt. 1. Hier moet het personage de consequenties van zijn keuzes onder ogen zien. Waar hij in het titelnummer van het vorige deel psychologisch gevallen is, gebeurd dat hier letterlijk.
Het enige smetje op dit album is het nummer Mrs Modern Mother Mary. Tekstueel lijkt het wat misplaatst op de tweede helft en daarnaast is het vooral niet zo’n gedenkwaardig nummer. Verder is het een prachtig voorbeeld waar een concept van een album met zoveel variatie en uitersten toch één geheel kan maken. Wat mij betreft wederom een gewaagd én geslaagd hoogtepunt uit het oeuvre van de band.