MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

The Last Dinner Party - From the Pyre (2025)

mijn stem
3,56 (80)
80 stemmen

Verenigd Koninkrijk
Pop / Rock
Label: Island

  1. Agnus Dei (5:33)
  2. Count the Ways (3:58)
  3. Second Best (3:31)
  4. This Is the Killer Speaking (4:54)
  5. Rifle (4:31)
  6. Woman Is a Tree (3:57)
  7. I Hold Your Anger (4:21)
  8. Sail Away (3:59)
  9. The Scythe (4:45)
  10. Inferno (3:29)
totale tijdsduur: 42:58
zoeken in:
avatar van aERodynamIC
4,0
Vorig jaar wist Prelude to Ecstasy mijn top 10 te halen. Genoeg reden om enorm naar dit album uit te kijken, maar gek genoeg gebeurde dat niet echt.
Moeilijk te verklaren waarom, waarschijnlijk omdat ik nog zo geniet van het debuut en dit zo snel volgt.

Het stond op een laag pitje zullen we maar zeggen, maar dat wil niet zeggen dat ik het pitje wat hoger zet als ik het kan beluisteren uiteraard. De singles zijn wat langs me heengegaan, dus ik kan het album in z'n geheel zonder grote voorkennis tot me nemen.

En dan start het album met Agnus Dei, wat een kitscherig, bijna musical-achtig nummer blijkt te zijn en ik ben gelijk helemaal wakker. Want ik hou hier wel van!

En dat (ietwat brutale) musical-gevoel blijft het hele album hangen. Maar het is vooral het barokke, zwierige geluid dat hier voor zorgt. En dan de zang. Het is en blijft zo fijn. Plus een beetje Frans in Rifle.... lekker hoor.

Bij het intro van Woman Is a Tree wil je toch bijna 'easy come easy go, will you let me go' gaan zingen, of anders het akoestische deel van Queen's Prophet Song?! Wees gerust: het is geen Queen-imitatie poging verder, alhoewel ik naast de veelvuldige ABBA-vergelijking ten tijde van het debuut nu best wel een beetje Queen kan toevoegen (I Hold Your Anger).

From the Pyre blijkt een warm album; heerlijk om zo de donkere dagen tegemoet te gaan met een Last Dinner Party die ons nog even beglittert met een gouden gloed.

Deze zag ik even niet aankomen. Wat mij betreft net zo sterk als het debuut. Een beetje anders, maar toch ook heel herkenbaar.

avatar van verm1973
3,5
https://www.nieuweplaat.nl/album/the-last-dinner-party-from-the-pyre/

Er zijn in 2024 weinig debuutalbums geweest die meer indruk hebben gemaakt dan dat van The Last Dinner Party: Prelude To Ecstasy. En slechts anderhalf jaar later is daar al de opvolger met de titel From The Pyre. De weinige tijd tussen het debuut en haar opvolger kan meerdere redenen hebben: blakende creativiteit en het benutten van het momentum zijn er twee van. Het zorgt ervoor dat we From The Pyre enigszins met argusoren beluisteren.

De songteksten hebben, wellicht nog meer dan op de eerste lp, (wederom) een eigenaardige inhoud. Zo heeft het lied Agnus Dei (vertaald: het lam van God) een vreemde mix van Bijbelse symboliek en romantische erotiek, waarbij het klinkt alsof religieuze verering de bron is van persoonlijk lijden dat uiteindelijk leidt tot de ondergang. Een tekst die zowel geopolitiek als individueel geïnterpreteerd kan worden. Wat te denken van een openingszin als ‘Let the snake bite/Let her crawl under your skin’ in het nummer Count The Ways. De slang – een klassiek symbool van verleiding en kennis – doet hier dienst als brenger van vergif en besmetting. Daarmee verandert een liefdesverhaal met een paar pennenstreken in een doodsritueel. Op deze manier krijgen veel van de tien tracks op dit album iets Halloween-achtigs: macabere beeldtaal, theatrale overdrijving en speelse horrorromantiek.

Muzikaal wordt een minstens zo grote trukendoos opengetrokken: dramatische orkestraties, vocalen die klinken als heksenbezweringen en onvoorspelbare ritmes. Woman In A Tree en Second Best zijn exemplarisch voor al wat The Last Dinner Party aan hectische, ontregelende barokpop in huis heeft. En daarin schuilt een beetje het probleem met deze plaat: het is nieuw, het is volgepropt, en toch klinkt het als een herhaling van zetten. The Last Dinner Party beweegt zich op From The Pyre ergens tussen artpop en theatrale rockopera, met evenveel overdaad als emotie en evenveel plezier als ernst. Zelf zeggen ze daarover: “We hebben gekozen voor het maken van plezier, in plaats van het voelen van de gigantische druk na zo’n succesvol debuut.” Toch ligt het gevaar op de loer dat het vijftal, in een vlaag van overkill, je soms op de lachspieren gaat werken.

Ter compensatie (mocht het nodig zijn) heeft The Last Dinner Party richting het einde van het album nog een mooie klassieke ballade in petto met Sail Away. De slotzinnen van dit lied – ‘Take you with me anywhere/I’ll take you everywhere’ – vormen een aardig, bedoeld of onbedoeld, bruggetje naar het laatste lied Inferno. Dat nummer hangt fonetisch tegen Fleetwood Macs Everywhere uit 1987 aan, met Elton John op piano á la Tiny Dancer uit 1972. In dit slotlied worden religieuze martelaren en symbolen van lijden en zonde kriskras door elkaar gebruikt om uiting te geven aan de gedachte dat lijden een vorm van kunst is. ‘And cowardice is prettiest in a nice dress,’ zingt Abigail Morris. Ze raakt hier een alomvattend The Last Dinner Party-motief: zonde, al dan niet verpakt in schoonheid. De voorzichtige conclusie is daarmee dat From The Pyre misschien wel ’s werelds eerste echte Halloweenalbum is geworden – bedoeld of onbedoeld.

avatar van erwinz
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Review: The Last Dinner Party - From The Pyre - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Review: The Last Dinner Party - From The Pyre
The Last Dinner Party begon aan het begin van 2024 als een heuse hype, maar maakte de belofte waar met een geweldig debuutalbum, waar de vijf vrouwen op het deze week verschenen From The Pyre nog een schepje bovenop doen

Ik hou over het algemeen van ingetogen popsongs, maar hiervoor ben je bij de Britse band The Last Dinner Party meestal aan het verkeerde adres. Ook op hun tweede album staan de vijf vrouwen uit Londen over het algemeen garant voor behoorlijk theatrale en soms bijna bombastische popsongs. Het zijn echter wel hele leuke popsongs en vaak volstrekt onweerstaanbare popsongs. In muzikaal opzicht sleept de Britse band er van alles bij en dat doet The Last Dinner Party ook in vocaal opzicht, zeker wanneer de uitstekende zang van Abigail Morris wordt omringd met fraaie koortjes. Objectief beschouwd is de muziek van The Last Dinner Party teveel van alles, maar het pakt echt fantastisch uit.

Voor mijn gevoel is het debuutalbum van de Britse band The Last Dinner Party nog helemaal niet zo oud, maar Prelude To Ecstasy gaat inmiddels toch alweer ruim anderhalf jaar mee. Bij het verschijnen van het debuutalbum aan het begin van 2024 leek de compleet uit vrouwen bestaande band me nog vooral een enorme hype, maar met zowel het album als met de indrukwekkende liveoptredens die volgden hebben Abigail Morris, Aurora Nishevci, Emily Roberts, Lizzie Mayland en Georgia Davies laten horen dat ze wel degelijk veel te bieden hebben.

De muziek van The Last Dinner Party werd na de release van Prelude To Ecstasy vergeleken met de muziek van onder andere Queen, ABBA, Kate Bush, Sparks, David Bowie en Florence & The Machine en werd hier en daar zelfs in het hokje musical geduwd. Voor alles was wel iets te zeggen, al hoorde ik de link met musicals gelukkig niet en in plaats hiervan hoorde ik wel een vleugje Siouxsie & The Banshees, maar de Britse band maakte wat mij betreft vooral hopeloos verslavende popsongs met de geweldige stem van Abigail Morris als smaakmaker.

Alle reden dus om nieuwsgierig te zijn naar het tweede album van de Britse band en dat album is deze week verschenen. De band werkt op haar tweede album met producer Markus Dravs, die onder andere werkte met Arcade Fire, Wolf Alice en Florence And The Machine, en rekruteerde voor de mix de legendarische Alan Moulder, die een cv heeft om bang van te worden. Het zorgt er voor dat het tweede album van The Last Dinner Party nog wat grootster en meeslepender klinkt dan het debuutalbum van de band.

The Last Dinner Party doet op From The Pyre geen poging om zichzelf opnieuw uit te vinden. Het tweede album van de band ligt in het verlengde van het terecht zo geprezen debuutalbum, maar is in alle opzichten nog net wat beter. Ook de muziek op From The Pyre is weer behoorlijk stevig ingezet en bij vlagen bijna bombastisch, maar echt uit de bocht vliegen doet de band nooit.

Wat voor de muziek geldt, geldt ook voor de zang van Abigail Morris, die uitpakt met bij vlagen behoorlijk theatrale zang, maar ook mooi en trefzeker zingt. Het is een stem die vaak wordt ondersteund met heerlijke koortjes, die de songs van The Last Dinner Party nog wat onweerstaanbaarder maken.

Overdaad schaadt en in meerdere opzichten lijkt op From The Pyre sprake van overdaad, maar op een of andere manier blijft The Last Dinner Party op haar tweede album altijd aan de goede kant van de streep en dat is knap. Ik moest ruim anderhalf jaar geleden wel even wennen aan de uitbundige muziek van de vijf vrouwen uit Londen, maar uiteindelijk viel ik als een blok voor de muzikale en vocale verleidingen van The Last Dinner Party.

Aan From The Pyre hoefde ik niet te wennen, want het album sluit naadloos aan op zijn voorganger. Ik kon dus direct genieten van de aanstekelijke popsongs van de band en van de echt fantastische zang van de frontvrouw van de band. From The Pyre klinkt een beetje als een verzamelaar met al die bijna over de top popsongs die je de afgelopen decennia koesterde, maar de popsongs van The Last Dinner Party zijn gloednieuw, wat het nieuwe album alleen maar knapper maakt. De band gaat op haar nieuwe album overigens zeker niet alleen maar voluit, wat From The Pyre nog wat knapper maakt. Het altijd lastige tweede album is voor The Last Dinner Party al met al een makkie. Erwin Zijleman

avatar van deric raven
4,0
Het is niet vanzelfsprekend dat een band vrij snel na een debuut al een opvolger uitbrengt. Het etiket ‘de lastige tweede’ etiket staat immers voor de verwachtingen die de buitenwereld oplegt. Maar vergeet ook niet dat men vaak al jaren aan nummers heeft gesleuteld en men in een dusdanige creatieve fase verkeerde dat er vaak genoeg restmateriaal achtergebleven is om mee aan de slag te gaan. Zo verschijnt amper anderhalf jaar na Prelude to Ecstasy al From the Pyre, de tweede plaat van The Last Dinner Party.

De formule werkt, dus waarom niet op diezelfde lijn doorgaan? Prelude to Ecstasy is een redelijk opgewekt barok glamrock-album met een hoog sprookjesgehalte. Sprookjes lopen over het algemeen niet goed af en worden voor kinderen geromantiseerd. From the Pyre is een tikkeltje duisterder en realistischer, maar aan de basis verandert er bar weinig. De gedragen voordracht van frontvrouw Abigail Morris bepaalde het grote verschil met haar mannelijke tijdgenoten. Het snelle succes heeft er in ieder geval voor gezorgd dat ze zich in het groeiproces nu vooral volwassener en directer presenteert.

Dus de twee albums zijn verder inwisselbaar? Zeker niet! Laten we stellen dat op Prelude to Ecstasy perfecte popliedjes staan en dat From the Pyre diepgaander en gewaagder is. Minder ABBA en meer Arctic Monkeys, met hier en daar een klantvriendelijke bubblegum-uitspatting. From the Pyre openbaart zich als een afgekeurd Disney scenario dat ergens achter in de kast lag te verstoffen. Agnus Dei, de wedergeboorte van de koning, of mag Abigail Morris zich in de gothic-folk van Rifle de rechtvaardige opvolger van ijskoningin Siouxsie Sioux noemen? En dan kom je tot de ontdekking dat The Last Dinner Party letterlijk naar het Laatste Avondmaal verwijst, een gedachte die nooit eerder bij mij opgekomen was.

Verlos ons van het kwade, maar niet voordat we die gifbeker hebben leeggedronken. Dronken van geluk beproeven we de lusten van het bestaan, soms stiekem, dan weer juist uitbundig. Het sensuele Count the Ways telt de verleidingskansen en calculeert het vermogen tot bedriegen in. Liefde moet ondraaglijk zijn, liefde moet pijn doen, men moet lijden om tot een genot te komen. De vrouw als het opperwezen, geworteld in Woman Is a Tree. De liefde is haar wapen, de takken houden je in een wurggreep. Het menselijke aspect zit hem vooral in de meer rustige passages van het tweede gedeelte van From the Pyre. De dood is niet alleen een vriend, het is tevens een sluipmoordenaar die levens opeist. Het overlijden van Abigail Morris’ vader staat daar op de voorgrond. Acceptatie, verwerken en loslaten.

Het is een beproeving, een nachtelijke heksensabbat. Second Best vraagt het uiterste van The Last Dinner Party. Nooit met een tweede plek instemmen, altijd voor het maximale gaan. Geen onderdrukking, dan liever strijdend ten onder gaan. Emancipatie afdwingen en als een femme fatale verwarring en onrust zaaien. The Last Dinner Party bewijst in ieder geval dat ze niet alleen op een poppodium thuishoren, maar tevens een plek in het theater kunnen afdwingen.

The Last Dinner Party - From the Pyre | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

avatar van RonaldjK
4,0
The Last Dinner Party en hun tweede album From the Pyre: het wennen is voorbij, het genieten zeker niet. Eerst de wiegende 6/8-maat van opener Agnus Dei: de ode aan countryzanger Lee Hazlewood die wordt gekoppeld aan het Lam Gods, bekend bij gelovigen, kunstliefhebbers en Gentenaren.
Bij het debuut klonken vergelijkingen over kruisbestuivingen van pakkumbeet Abba tot Queen. Pop en rock. Die vergelijkingen kun je hier opnieuw doen en al ligt de balans wat meer op rock, met zang en soms uitbundige arrangementen is dit herkenbaar The Last Dinner Party.
Hoe liefde omsloeg in haat vertelt het eveneens popachtige Count the Ways, Second Best heeft iets van Roxy Music en is met het daarop volgende Rifle mijn favoriet. Op kant 2 een rustpuntje met Sail Away, gevolgd door volle radiopop van The Skythe. Meer religieuze verwijzingen in het fladderende slot Inferno.

Ik waag me niet aan vergelijkingen met hetgeen Kate Bush en Siouxsie Sioux eind jaren '70 deden via hun eerste twee albums, die eveneens succesvol waren: Bush haalde de Britse #3 en 6, Siouxsie #12 en 13. Maar dat was een heel ander, analoog tijdsgewricht en alleen daarom is hen naast TLDP leggen als appels met peren vergelijken.
Of moet ik TLDP met het nu vergelijken? In dat geval zie ik dat ze zich qua verkoop- en streamingcijfers en fanschare (nog?) niet kunnen meten met popkoningin Taylor Swift. Of is een vergelijking met Billie Eilish passender? Opnieuw 'appels met peren', al is het maar de muziekstijlen.
Ik vergelijk maar niet. Laat de muziek het werk doen. From the Pyre blaast me weliswaar niet omver maar brengt wél een eigen geluid. Creatief en fris met meestal sterke liedjes. Een krappe vier sterren.

avatar
4,5
Ok, het heeft even geduurd maar hier nu toch de track by track review, één van m’n eerste ooit, dus please bear with me

De eerste luisterbeurt viel zoals reeds gezegd eerder tegen, net zoals de eerder vrijgegeven nummers die hun uitstekende live reputatie geen eer aandeden.
Ik vond de 3 singles op zich wel goed maar miste iets en hoopte stiekem op een duidelijker beeld bij het beluisteren van het volledige album.
En jawel, de sound van de plaat klopt en de singles vinden hun plaats.

Beginnen doen we bij opener Agnus Dei ( vertaling van lam gods) en we kunnen meteen stellen dat ze verdergaan waar prelude to ectasy stopte. Hier gebeurt veel, heel veel. Maar het nummer is zo sterk dat het dit wel aankan. Even Lee Hazlewood namedroppen in het begin om dan Abigail te horen dat ze geen genoeg kan krijgen van de apocalyps. Even een versnelling en de nodige ooh en aah’s ( op quasi elk nummer wel ergens te horen). Dit is echt wel een opener om u tegen te zeggen. Ietwat poppier dan de songs op PTE.

Count The Ways begint met een vette riff, broertje van Arctic Monkeys, en gelijk zit je in het nummer. Abigail zingt net als op het openingsnummer over ( trouw)ringen die voor haar bestemd zijn. Vervolgens weer een pracht van een refrein met als onderwerp (ex) geliefden. Ook dit komt een aantal maal terug op het album. Ik verdenk Abigail ervan om, net zoals een Tom Barman, elke song wel te proberen voorzien van een catchy refrein. En nog een goede outro om het nummer af te sluiten. Ook een topper, deze Count The Ways.

Second Best was één van de songs die ze al geruime tijd ( bijna 2 jaar) live speelden. Geschreven door leadgitariste Emily Roberts begint het met een hemelse engelachtige samenzang om vervolgens een song te horen over iemand die zich altijd op de tweede plaats laat zetten door haar partner. Er zit een goede flow in het nummer en hoewel Abigail prachtig zingt komt het een aantal maal in de buurt van irritant.Het is echt op het randje. Een goed live nummer, hoewel de outro op eerdere live versies beter was als deze op plaat en hoe ze het nu live brengen.

Vervolgens de eerste single van het album, This Is The Killer Speaking ( eerder gekend als yeehaw interlude en the killer). Ook deze spelen ze al een dik jaar live als 1 van de bisnummers. Het is een zusje van de murderballads van Nick Cave, overgoten in een western jasje, goed geïllustreerd in de clip. Ook hier weer een ( vrolijk) catchy refrein gevolgd door de nodige aah’s. Echt wel een prijsbeest deze track. Net als je denkt dat het is afgelopen komt er nog een coda om u tegen te zeggen. Op een red right hand-achtige manier ontploft de song en laat TLDP zien dat deze song het dak van de concertzalen en festivaltenten zal blazen. Live een echte topper.

Net als op de debuutplaat staat er hier ook een nummer van de hand van slaggitariste Lizzy. Toen Sinner nu Rifle. Ook hier neemt Lizzy de zang voor die rekening. ( Lizzy is non binair, geen idee of ik de juiste aanspreekvorm gebruik, alvast excuses) en laat die zien dat die een goede song kan schrijven. De song is een aanklacht tegen het vele oorlogsgeweld. Het begint rustig met erupties in het refrein waar we ook weer de aah’s horen ( ok, het is een trucje maar als het werkt, werkt het, het is zeker niet storend en komt ook niet geforceerd over). Na het tweede refrein vervoegt Abigail Lizzy om er een Frans gezongen middenstuk tegenaan te gooien. Wat onverwacht maar het moet gezegd, het is zeer mooi. Wederom de aah’s in het refrein en einde song. Steekt toch wel boven het maaiveld uit.

5 songs ver en een zeer positieve indruk, veel up tempo rocknummers met de nodige intensiteit en drang. Weinig rustpunten naast het begin en middenstuk van rifle.

Dus is het bij song 6 tijd om wat gas terug te nemen. Woman Is A Tree begint met een etherische samenzang van de hele band, net zoals op second best maar toch volledig anders gezien we nu geen prachtig gezongen woorden krijgen maar wel wederom de aah’s. Past perfect bij de song en hoewel het iets volledig anders is, is het ook wel iets dat ooit moest gebeuren voor de band. Het aardse komt hier naar boven. Dit is zeker een groeisong die past in de context van het album.

Naast Lizzy en leadzangeres Abigail mag ook toetseniste Aurora een song aanbrengen en zingen. Op PTE was dit Gjuha, deze keer I Hold Your Anger. Vooreest is het duidelijk dat Aurora een totaal andere stem heeft als Abigail en Lizzy maar het past perfect bij de song over vrouw en moeder zijn. Ook hier een song die meerder luisterbeurten nodig heeft om volledig te kunnen ontplooien. Niet m’n favoriet maar toch nog sterk. En hoor ik daar weer enkele zinnnen in Aurora’s moedertaal? ( Kosovaars).

Na 2 ietwat moeilijkere songs is het tijd voor een pianoliedje van Abigail. Naar verluid al meer dan 4 jaar geleden geschreven is Sail Away met z’n prachtige melodielijn de ideale song om het beste in Abigail naar boven te halen. Het is pas na meerder luisterbeurten dat je de echte pracht ontdekt en dat het meer is dan een simpele pianosong. Ook hier weer het wegdromen bij een verloren liefde en een nostalgisch gevoel. Om dan uit te komen bij een werkelijk fenomenale outro. Je voelt hier echt de pijn van de song in de samenzang van de stemmen.

Het voorlaatste nummer is The Scythe, de tweede single van het album. Wederom een nummer van Abigail over een stukgelopen relatie en het verlies van haar vader. En je gelooft haar als ze zingt, misschien wel het moeilijkste om te verwezelijken als zangeres. De mmm in de eerste strofes zijn een kleine toevoeging met maximaal resultaat. Het zijn zo’n details die van deze song een topsong maken. De gitaarsolo van Emily op het eind voelt ietwat geforceerd aan De song had misschien nog iets nodig maar ik weet niet of deze solo het beste idee was.

Zo komen we bij het einde. Inferno, één van de laatst geschreven nummers van Abigail die het album gehaald hebben. Vorig jaar tijdens de eindejaarsperiode in Parijs zette ze zich aan de piano met Inferno als resultaat. Het begint als een Elton John song. Zeer poppy en familie van openingstrack Agnus Dei. Net zoals in andere songs proberen ze ook hier subtiel woorden van plaats te wisselen om een andere betekenis aan de tekst te geven. Een aloude truc maar ook deze werkt. De song gaat vooruit, verwacht je niet aan een spectaculair episch slotoffensief. Het is gewoon een steengoede popsong.


We kunnen er niet omheen, net zoals in the Velvet Underground, the Beatles en dEUS zit er bij alle bandleden veel talent, misschien te veel talent om een lang bestaan te garanderen, de ego’s weet je wel. Er zal een tijd komen dat er songs sneuvelen van een bepaald bandlid en wat zeggen de ego’s dan? Maar als ze deze kunnen opzij zetten komt er muziek en niet zomaar muziek. Voor het tweede jaar op rij een pracht van een album. Is het een meesterwerk dat de muzikale geschiedenis gaat veranderen? Neen, zeker niet maar dat moet ook niet. Het is een schitterend tweede album dat ons laat uitkijken naar de live optredens die volgen. En wees maar zeker dat het live nog beter is.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 18:27 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 18:27 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.