The Rolling Stones, en hun gelijknamig debuutalbum, zijn van ongekende waarde voor de Britse en Angelsaksische rockmuziek geweest. Vijf rebelse pubers die, ondanks hun bleke huidskleer, durfden de zwarte bluesmuziek op te pakken en die te delen met een breed publiek. De ironie van de Amerikaanse popcultuur is dat witte Amerikanen Britse blanke jochies nodig hadden om geïntroduceerd te worden tot de zwarte muziek van eigen Amerikaanse bodem. Dit debuutwerk is buitengewoon ongegeneerd. Het klinkt buitenproportioneel rebels voor het jaar 1964, een jaar toen Doris Day nog met haar boterzachte altstem Let It Snow! zong op de Amerikaanse hitlijsten.
Maar dat is de historische waarde van deze langspeelplaat. Kunnen we die historische waarde echt scheiden van de muziekkwaliteit? Nauwelijks, zullen veel muziekliefhebbers beamen. En toch ga ik proberen de balans daar tussen op te zoeken.
Dit album is voor een alledaagse dag (zeg maar: zomer in de achtertuin, rijdend over een regenachtige snelweg, bierdrinkend in een knusse kroeg of PowerPoint-werkend in een kantoor) eigenlijk ronduit verschrikkelijk. Mick Jagger schreeuwt echt, en niet op een charmante manier. In iedere andere schoolband zou Mick de deur zijn gewezen.
De liedjes zelf zijn van ongeloofijk antropologische waarde: het is eigenlijk amper voor te stellen hoe deze Londense pubers de zwart-Amerikaanse bluesmuziek uit de stoffige hoeken van de Britse hoofdstad wisten te vinden! Zónder internet, mét de nodige mediacensuur.
Maar artestiek is het niet om aan te horen. Als ik de jongens hoor blèren over Route 66, krijg ik niet de kicks, totdat ik de originele van Bobby Troup opzet. De I Just Want to Make Love to You-cover zorgt er bij mij vooral voor dat ik de Muddy Waters-origineel wil luisteren. En eigenlijk is de Stones-uitvoering van Mona (I Need You Baby) een verschrikking vergeleken met de 1957-single van Bo Diddley.
Voor de babyboomgeneratie, en wellicht ook nog wel de nasleep van vroege Generatie-X-rockliefhebbers, kan dit album vast en zeker veel nostalgie opleveren. Hoewel ikzelf inmiddels ook de dertig ben gepasseerd, deel ik die generatie, noch die nostalgie; waardoor ik onoverkoombaar anders naar dit album luister.
Het is, vanuit mijn weinig nostalgisch oogpunt, vooral een erg bewonderenswaardige collectie aan hoogtepunten uit de klassieke Amerikaanse R&B-scene van de vijtiger jaren. Des te bewonderenswaardig is het album als je de achtergrond van de Londense jochies kent. Vanuit een bijna-academisch oogpunt (antropologisch, sociologisch, cultureel-historisch) verdient dit album een hoog cijfer. Muzikaal gezien verdient dit album een veel lagere beoordeling.
En dus geef ik het album een 2.5. Omdat de geschiedenis ook gehonereerd moet worden. Ook als die niet geschiedenis niet om aan te horen is.