Er is iets bijzonders gaande als Massive Attack in de zomer van 1994 hun tweede plaat Protection uitbrengt. Bijna gelijktijdig verschijnt het jazzy triphop debuut Dummy van Portishead. De Bristol dance scene bloeit op en de nazaten van The Wild Bunch zetten zichzelf definitief op de kaart. Als dan ook nog protegé Tricky besluit om op eigen voeten te staan en de samenwerking met Massive Attack definitief vaarwel zegt, komt het Massive Attack gezelschap in een zwaar vaarwater terecht. Noodgedwongen offert Robert "3D" Del Naja de profetische voorspelbaarheid op om tot andere inzichten te komen. Voeg hierbij het feit dat de bevriende Neil Davidge producer als een soort van spion al bij het Dummy opnameproces aanwezig is, en deze bevindingen vervolgens met Andrew ‘Mushroom’ Vowles op Mezzanine deelt.
Als er een plaat is die de verslechterende verstandhoudingen binnen een collectief perfect weergeeft is dit het broeierige Mezzanine wel. De druk op het Massive Attack meesterbrein Robert Del Naja is immens groot. Vanuit de zijlijn ziet hij toe dat het verrookte stemgeluid van Beth Gibbons een prominente rol binnen Portishead vervult. Op Protection is het Everything But The Girl vocalist Tracey Thorn die zichzelf positief in de schijnwerpers plaatst. Vanwege het succes van de Todd Terry remix van Missing staat Everything But The Girl weer volop in de belangstelling. Robert Del Naja moet dus naar een andere gastvocalist op zoek, die hij in Cocteau Twins boegbeeld Elizabeth Fraser vindt.
Ondertussen zijn er reeds drie zomers verstreken als er in 1997 eindelijk een nieuwe Massive Attack single verschijnt. Het dreigende griezelige Risingson is zwaarder en duisterder dan het eerdere Massive Attack werk. Het tripgoth begrip is geboren. Van samenzang is geen sprake van meer, Robert Del Naja en Grant "Daddy G" Marshall zingen hun partijen afzonderlijk van elkaar in. Juist dat gebrek aan connectie en de voelbare onderhuidse spanning maakt Risingson zo sterk. De sfeer is naargeestig en uitgeblust. Risingson schept een duidelijk beeld van de vervreemding in het clubgebeuren. Door de drugs ontstaat er vervlakking en surrealisme. Na het genot volgt de cold turkey, de afterparty is een paranoïde angstdroom. Risingson is de vleesgeworden hypnotiserende nachtmerrie; ontwaken is vrijwel onmogelijk gemaakt.
Vervolgens is het weer voor een langere periode stil, totdat in april 1998 eindelijk dan de Mezzanine plaat verschijnt. Andrew ‘Mushroom’ Vowles stelt zich altijd al bescheiden op, en nu Robert Del Naja en Grant Marshall meer op de voorgrond treden, pakt hij bijna onzichtbaar de ondankbare schaduwpositie op. Andrew Vowles kan zich steeds minder in de uitgestippelde visie van Robert Del Naja vinden en keert na de albumrelease al snel Massive Attack de rug toe. Ook Grant Marshall twijfelt over de voortgang van het Massive Attack verhaal en stelt zich voor een langere periode afzijdig op. Ondanks deze negatieve bepalende ontwikkelingen is Mezzanine nog echt een collectieve Massive Attack plaat.
Vrijwel gelijktijdig met de Mezzanine release komt de tweede single Teardrop uit. Als basis gaat Massive Attack van bijna hetzelfde avondduistere fundament van de Protection single met Tracey Thorn uit. Deze Teardrop track zal vervolgens tot de ultieme Massive Attack klassieker uitgroeien, al speelt de opvallende videoclip hierbij ook een bijzondere rol. Elizabeth Fraser projecteert hierbij haar unieke dromerige stemgeluid aan een foetus die vanuit de baarmoeder de wereld toezingt. Het schept een fragiel tenger beeld van onschuld, waar juist die serieuze benadering zich hevig tegen verzet. Het veilige coconperspectief wordt al snel doorbroken, en het ongeboren kind bewapend zich tegen de heftige boze wereld. Ondanks de liefdevolle benadering van Elizabeth Fraser is Teardrop in alle opzichten zwartduister en onheilspellend.
Mezzanine opent echter met het moddervette slopende Angel. De hemelhoge dromerige kopstemsound van reggae icoon Horace Andy is hierbij een ware verademing. Hij breekt met gemak door de destructieve beats heen en laat blijken dat dit perfect samengaat. Door het gebruik van stevige rockgitaren creëert Massive Attack een ander soort geluid als wat we van dit drietal gewend zijn. Het krachtige Angel sluit geheel op de ingecalculeerde hoge verwachtingen van Risingson aan. Het is de voorliefde die Robert Del Naja voor de vroege postpunk artiesten heeft, zijn geslaagde poging om oud met nieuw te vermengen. Een dominante invloed die vervolgens ook op de overige Mezzanine tracks zijn weerslag heeft. Angel ademt in alles Massive Attack uit, het ironische daarvan is dat dit in principe een herbewerking van het uit 1973 afkomstige You Are My Angel nummer van Horrace Andy is.
Inertia Creeps schetst muzikaal een hectische late avond belevenis in het Turkse Istanbul. Een toerist in een onbekende stad, die plotseling ergens in een achteraf steegje belandt is. Het is de onheilspellende beangstigende aantrekkingskracht voor een onbekende cultuur, waarin tevens zoveel schoonheid verborgen zit. Deze benauwende Inertia Creeps aantrekkingskracht vertaalt Robert Del Naja naar het uitzichtloze spanningsveld van een op springen staande relatie. Inertia Creeps is de eindigheid van de liefde, het moment dat lust het van rationeel denken wint.
Net als Tricky en Geoff Barrow van Portishead spreekt ook Massive Attack hun bewondering voor soulfunk grootheid Isaac Hayes uit. Gelukkig kiezen ze niet voor Ike’s Rap 2, maar herstructureren ze hiervoor het gedragen Our Day Will Come om tot het instrumentale luie Exchange resultaat te komen. Op de afsluitende (Exchange) is Horrace Andy weer present, deze uitvoering ligt dichter bij het origineel. Van beide opnames is iets te zeggen, mijn voorkeur gaat dan toch naar de warmere zomerse versie van (Exchange) uit. Voegt het daadwerkelijk iets toe om deze track twee keer de revue te laten passeren? Nee, maar het misstaat hier ook weer niet.
Voor Dissolved Girl strikt Massive Attack de relatief onbekende soulzangeres Sara Jay. Sara Jay heeft een zachter mysterieus meisjesachtiger stemgeluid dan de beheerste Elizabeth Fraser en past net wat beter bij de destructieve noise begeleiding van Dissolved Girl. Het is een kwetsbaarheid die perfect bij die nachtelijke stadse straat intensiteit van Massive Attack aansluit. Het weerloze accent in de weerbare lugubere elastische wereld van Robert Del Naja. Wat een geweldenaar is deze artiest toch. Net als Sara Jay raken we ons een beetje in dit illustratieve schijngebied kwijt. Hoe prominent ze hier ook de hoofdrol opeist, net zo gemakkelijk vervaagd haar aandeel vervolgens en glipt ze eenvoudig weer door de vingers heen.
Dit geldt niet voor de geroutineerde werkkracht Horrace Andy. Ik heb hoe dan ook een zwak voor 10:15 Saturday Night van The Cure en het is een meesterzet hoe deze track in Man Next Door verweven zit. Man Next Door is een beklemmend nummer over huiselijk geweld. Ontvlucht je als buitenstaander deze waanzin of trek je aan de alarmbellen. Juist dat ijzige einde benadrukt een trieste niet terug te draaien afloop. Ook nu zet Massive Attack de reggae cover van de spokende I've Got To Get Away klassieker van John Holt in een ander daglicht, zeg gerust een ander nachtlicht. Robert Del Naja sluit hier een compromis met Horrace Andy waarbij ze twee persoonlijke helden eren, John Holt en de The Cure frontman Robert Smith.
Bij Black Milk neemt Elizabeth Fraser weer de honneurs waar. Dit is de enige albumtrack waarbij Robert Del Naja vrijwel geen bemoeienis heeft. De Teardrop samenwerking valt zo goed uit dat Grant Marshall gastzangeres Elizabeth Fraser alle vrijheid gunt om met zijn samplers aan de gang te gaan. Dit geeft de verstandhouding binnen Massive Attack nogmaals duidelijk weer. De gestructureerde Robert Del Naja heeft een uitgewerkt plan in gedachte, waar hij minimaal van afwijkt, Grant Marshall gaat eerder van de spontaniteit van een jamsessie uit. Toch past Black Milk in alle opzichten binnen het Mezzanine concept.
Het Mezzanine titelstuk mengt zich perfect tussen Angel en Risingson, al heeft het nog de meeste raakvlakken met Risingson. Hier bewijzen Robert Del Naja en Grant Marshall met hun verbale krachtpatserij dat ze niet perse buitenstaanders nodig hebben om die broeierigheid op te roepen. Sterker nog, deze twee tracks vormen voor mij het fundament van de plaat. Dit is het ingegooide kapotte raamwerk, waarin niks meer te lijmen valt. Dit is het punt waarin twee vrienden elkaar kwijtraken. Jaloezie, omdat de een overduidelijk zijn ideeën opdringt? Frustratie? Onbegrip? Of een gezonde natuurlijke vorm van afstand bewaken, omdat men te lang samen binnen die vier studiomuren opgesloten zit?
Elizabeth Fraser is de bemiddelaar in het fragmentarische bloedstollende Group Four. Het heeft een vergelijkbare filmische aanpak als Sour Times van Portishead. Dat beide bands elkaar beïnvloeden en hierdoor beter maken is een feit. Robert Del Naja geeft hier het gitaargeweld de overmacht en bewijst daarmee nogmaals dat Massive Attack het clubcircuit overstijgt. Group Four rockt als een dolle en Massive Attack claimt overduidelijk een plek op de festivalgronden. Group Four is een doordacht klein huiverig hoorspel, met de nodige onverwachte duistere wendingen. Die onverwachte duistere wendingen vatten de Mezzanine het beste samen. Mezzanine laat zich met niks anders vergelijken en is een absoluut hoogtepunt in de alternatieve muziekbeleving.