Het debuut van Colosseum II had ondanks al het muzikale vakmanschap geen notering in de albumlijst gehaald. Wat begin jaren '70 nog wel mogelijk was met groepen als Mahavishnu Orchestra of Gary Moores eigen Skid Row, was in 1976 een brug te ver. Bandleider en drummer Jon Hiseman had een visie, maar zelfs het albumkopende publiek zat daar niet meer op te wachten.
Platenmaatschappij Bronze had eerst geëist dat de zanger zou verdwijnen, waarmee de groep zo goed als instrumentaal werd. Vervolgens werd Colosseum II door de platenbaas op straat gezet. Intern lag het spel van bassist Neil Murray niet goed: zowel Moore als Hiseman vonden het te druk. Murray eruit, John Mole erin, zo lees ik in 'Gary Moore: The Official Biography' (2022) van Harry Shapiro.
Murray treedt vervolgens toe tot jazzrockgroep National Health waarmee hij het
debuut (1978) opneemt en tourt, om vervolgens toe te treden tot Whitesnake, waarmee hij de EP
Snakebite (eveneens in 1978 verschenen) opneemt.
Het is platenproducer Monty Babson die de groep redt door heen te leiden naar een platencontract met MCA. Eentje met nare clausules, zoals ze later zouden merken. Met de opvallende hoes van
Electric Savage doet Colosseum II in 1977 een tweede poging om het albumkopende publiek te verleiden. Het is niet geheel instrumentaal: Moore zingt op
Rivers een ode aan vriendin Donna.
De muziek ontstaat tijdens repetities, wordt uitgewerkt tijdens optredens en dan pas opgenomen. Sterkste nummers voor mij:
Put It This Way waar Moore excelleert,
The Scorch dat begint met een lang toetsenintro van Don Airey, het nerveuze riffje van
Desperado en tenslotte
Intergalactic Strut dat vrij grimmig klinkt.
Maar ook
All Skin and Bone valt op met z'n invloeden uit world music, net als
Lament dat met zijn lange gitaarlijnen en klokken klinkt als een een poging tot een instrumentale kersthit, terwijl ook
Am I langzaam is. Juist bij dit nummer had een zangstem goed gepast.
Moeilijke instrumentale muziek, ongeschikt voor hitsingles en bovendien was net de punkrevolte begonnen, agerend tegen alle moeilijkdoenerij. Het kon niet anders of ook
Electric Savage flopte. De groep heeft het niet druk en Moore krijgt zelfs toestemming om korte tijd bij Thin Lizzy in te vallen als vervanger van de geblesseerde Brian Robertson. Dit tijdens een Amerikaanse tournee in het voorprogramma van Queen, dat menigmaal wordt weggespeeld.
Net als in 1974 probeert Phil Lynott Moore over te halen om te blijven, maar deze bedankt en keert terug naar Colosseum II.
Financiële redding komt uit compleet onverwachte hoek als componist Andrew Lloyd Webber het album
Variations wil gaan maken. Dit naar aanleiding van een verloren weddenschap. Het is Colosseum II dat hiervoor wordt ingehuurd.
Electric Savage vormt een sterke muzikale eenheid, meer dan het debuut. Wat dat betreft was het ontslag van de zanger een goede zet, diens goede stem ten spijt. Tegelijkertijd is dit wel heel erg muziek voor muzikanten, waarbij de muzikale trend in het Verenigd Koninkrijk in 1977 het adagio "minder is meer" omhelsde. De groep bleek echter in Duitsland en Scandinavië genoeg aanhang te hebben voor optredens, zodat de schoorsteen kon blijven roken.