Deel 2 in mijn ontdekkingsreis door Styx’ discografie brengt me naar het jaar dat de groep maar liefst twee albums uitbracht. Leek de groep op het debuut te twijfelen tussen progrock en (tegenwoordig benoemd als) adult oriented rock, op opvolger
II wordt gelaveerd tussen die vorm van radiovriendelijke hardrock en de vormen van rock die in 1973 gangbaar waren. In tegenstelling tot de voorganger klinken hier vooral eigen composities, op een verkorte fuga van J.S. Bach na.
De aftrap is pompeus met
You Need Love, waarna de scheurende ballade
Lady volgt, compleet met ronkende gitaren en knallende koortjes in het refrein. Qua arrangement doet het aan Uriah Heep denken, maar met zijn nog geen drie minuten is dit op popsinglelengte, veel korter dan de progrock die toen maatgevend was. Zanger en toetsenist Dennis DeYoung hield er kennelijk een eigen visie op na en mikte met dit liedje mede op een hitsingle. Alhoewel dit aanvankelijk mislukte, is
interessant hoe het bijna anderhalf jaar later alsnog in de hitlijsten landde:
Lady kwam half december 1974 de Billboard Hot 100 binnen, om in maart '75 #6 te halen.
Dan volgen twee nummers van gitarist en hier ook zanger John Curulewski. Het uitgesponnen
A Day bevat westcoastrock met verderop een jazzachtig deel; het had zomaar op een plaat van The Doors kunnen staan.
You Better Ask doet vervolgens aan gitaarrock á la Steve Miller denken, alsof die dit nummer als inspiratiebron voor
Abracadabra (1982) heeft gebruikt.
Qua compositie zijn beide nummers van Curulewski dik in orde, maar ze dissoneren bij de meer compact hardrockende koers die Styx in latere jaren zou varen. Ook hier vallen ze enigszins uit de toon, maar storend vind ik dat niet.
De B-kant start met symforock als
Fuga in ‘G’ van J.S. Bach wordt geleend, dat spoedig overgaat in
Father O.S.A., waarin rustiger delen met piano of akoestische gitaar worden afgewisseld met scheurende gitaren. Ook hier moet ik aan Heep denken.
Idem voor
Earl of Roseland, waar drummer John Panozzo heerlijk druk speelt, in de virtuoze stijl zoals die eind jaren ’60 modieus werd; je hoort hier de invloeden van Keith Moon en Ginger Baker. Koortjes klinken opnieuw, maar niet zo massief als in de eerste twee nummers van het album. Hetzelfde drukke drumspel hoor ik in het afsluitende
I'm Gonna Make You Feel It, waarbij de nadruk op koortjes groter is.
Daarmee zijn
You Need Love met
Lady mijn favorieten, met de dubbelslag van de B-kant
Fuga in ‘G’ / Father O.S.A. als goede derde. Styx als een mix van late jaren ’60 (psychedelische/progressieve) rock met geliktere jaren ’70 hardrock. Dat de heren konden musiceren is duidelijk. Een eigen stijl is nog in ontwikkeling, waardoor echter wél extra variatie klinkt.
Gaf ik het debuut een 7 oftewel 3,5 ster, hier past een 6,5 als tentamencijfer, uitgedrukt in drie MuMesterren.