ZZ Top... Waar begon de rage voor mij? Waarschijnlijk bij het tribute album aan de heren op het album Sharp Dressed Men. Bekende grote (country)-sterren als Willie Nelson, Tracy Byrd, Hank Williams Jr. en de prachtige cover Rough Boy gedaan door Brooks & Dunn. Ja, dat moet mijn eerste kennismaking geweest zijn met dit behaarde bluestrio. Hoogtepunt was voor mij La Grange. De tribute vestigde natuurlijk alleen maar de aandacht op de oude hits en het recentere werk werd over het hoofd gezien. Misschien niet gek, gezien klaarblijkelijk de muziek van de heren er niet bepaald op vooruit ging. Toch wilde ik me wel eens wagen op wat recenter werk van ZZ Top en ik kwam dan ook op de Mescalero-release, nu al ruim vier jaar geleden uitgebracht. Ik hoorde dat de heren toch weer de studio zullen induiken om een nieuwe plaat op te nemen, maar voor nu moet ik het nog doen met Mescalero. Kijken of de heren hun ''fame'' kunnen behouden. Hun brandmerk (de baarden) hebben ze nog steeds niet afgeschoren. Een ander (nadelig) punt is dat al het hevige drinken en roken van deze ruige mannen hun stemmen er niet bepaald beter op hebben gemaakt. Tenminste dat was vrijwel het eerste wat me opviel toen ik Mescalero voor het eerst beluisterde. Gelukkig heeft het nooit rond de vocale hoogstandjes gedraaid van ZZ Top, maar het is voor mij toch een punt van kritiek geworden. Dan maar eens kijken of de heren nog steeds zo de pan uitrocken als een tiental jaren geleden. Als we het titelnummer Mescalero mogen geloven in ieder geval wel. De mix van harde bluesrock gitaren en semi-vrolijke xylofoon-geluiden maken van dit nummer een geweldig rockspectakel. Ook Two Ways to Play en Gator weten nog erg te overtuigen, maar het wordt allemaal al snel wat minder interessant. De heren weten niet echt te overtuigen en dreigen meer naar de hardrock kant te willen dan hun eigenlijk bluesroots ook maar even te willen benaderen. Dat vind ik jammer, want daar ligt het succes van de mannen. Slechts enkele nummers weten nog enigszins die feel van een deccennium terug te halen. Ik denk dan vooral aan Buck Nekkid (als in Butt Naked) en in zekere zin Piece. Maar positief feit blijft; geen nummer gaat voorbij zonder een heerlijke gitaarsolo. Al was het maar om dat kleine feitje dat ik dit album nog wel kan apprecieren. Want zeg nu zelf; wat is ZZ Top zonder geweldige solo's? Gelukkig daar geen gebrek aan, maar ik had meer verwacht van dit plaatje. Soms lijkt de zee van gitaarpartijen de mannen bijna te verdrinken.
Ach, het heeft wel wat. Oude mannen met lange baarden die proberen de pan uit te rocken. Misschien proberen ze juist wel ''te goed'' te zijn en willen ze te veel bewijzen naar mijn mening. Resultaat is een gematigd plaatje met schorre stemmen en een zee van gitaarpartijen en solo's. Je kunt er zelf een conclussie uittrekken. Ik houd het voorlopig bij 3*, maar dat zal met tijd vast een halve stijgen. Voor nu kijk ik uit naar het mogelijke nieuwe plaatje die nog steeds op de planken ligt. Eerst moeten de heren hun tour nog afmaken die ze een tijdje hebben laten moeten liggen door verschillende geluidsproblemen - de heren worden doof!