Rook trekt op. Woestijnzand vermengd met bloed. Langzaam verschijnt Anna Calvi, mooi en kil. Zo’n soort spaghettiwestern-gevoel geeft ‘Rider to the Sea’ , en Anna Calvi’s album had net zo goed kunnen openen met Morricone’s eigen ‘Man with a Harmonica’. Dat de muziek van Calvi doet denken aan die van Once Upon a Time in the West is niet verwonderlijk; Anna heeft haar jeugdjaren doorgebracht bij haar muziekliefhebbende Italiaanse vader en heeft zo het een en ander meegekregen.
Anna Calvi is een van de namen die de BBC tipte in de ‘Sound of 2011′-lijst die elk jaar wordt uitgebracht en steeds verrassend accuraat blijkt te zijn (ze voorspelden onder andere het succes van Lady Gaga, Franz Ferdinand en Duffy). Calvi heeft drie jaar gedaan over het maken van haar debuutalbum. Dat deed ze opgesloten in haar kelder, geïsoleerd van de buitenwereld. Anna Calvi was altijd al een verlegen kind en durfde toen ze begon met het opnemen van Anna Calvi haar stem aan niemand te laten horen Pas toen ze haar muzikale zielsverwant Mally Harpaz ontmoette, en later drummer Daniel Maiden-Wood, begon ze met haar muziek naar buiten te komen en toen ze ook de waardering kreeg van onder andere Brian Eno en Nick Cave, bij wiens Grinderman ze in het voorprogramma mocht spelen, leek haar muzikale carrière een feit.
In haar muziek is Anna Calvi alles wat ze in het dagelijkse leven niet is. Op de tien nummers van haar debuutalbum horen we geen verlegen meisje van de kunstacademie, maar een stoere en volwassen cowboyvrouw vol lust en passie. ‘When I play live I’m a different person,’ zegt Anna Calvi. ‘I feel powerful and fearless. All the things I wish I felt in everyday life.’ De meeste van Calvi’s songs gaan over liefde, maar wel het soort liefde waarbij je zoveel van iemand houdt dat je hem wil vermoorden. Het is niet voor niks dat juist Nick Cave, de meester in het maken van liefdesliedjes die het tegenovergestelde van zoetsappig zijn, Anna Calvi heeft gevraagd voor zijn voorprogramma.
Diezelfde transformatie in persoonlijkheid horen we ook terug in de muziek. Met minimale uitrusting heeft Anna Calvi haar debuutalbum geproduceerd, wat resulteert in een puur en tegelijkertijd groots geluid. Calvi ontdekte de gitaar via Jimi Hendrix, maar probeert die, beïnvloed door de klassieke muziek van Ravel en Debussy, te laten klinken als een orkest. Niet met een overdaad aan gitaareffecten, maar op dezelfde manier als de impressionistische componisten die haar inspireerden het deden; recht uit het hart. De koortjes op het album bestaan enkel uit verschillende lagen van Calvi’s stem.
Toch is Anna Calvi niet slechts een zelfverzekerde superheldin als ze ons toezingt op haar debuutalbum. Anna Calvi kent vele donkere momenten. De eerste drie jaar van haar leven lag Anna Calvi in het ziekenhuis en de eenzaamheid van die overlevingsstrijd, en van de drie jaar die ze in haar kelder doorbracht tijdens het opnemen van haar debuutalbum, klinken door in de muziek. Eenzaamheid en verlangen. Anna Calvi is een vlucht uit de werkelijkheid.
Als de sfeer met ‘Rider to the Sea’ eenmaal is gezet neemt Anna Calvi je mee op deze vlucht en wanneer alle vocale registers opengaan in de epische afsluiter ‘Love Won’t Be Leaving’ is er niks meer te merken van Calvi’s verlegenheid. Dan zijn we inmiddels al voorbij nummers als het contrastrijke countrynummer ‘No More Words’, het uitbundige ‘Desire’, muzikale wervelwind ‘Blackout’ en het donkere lofi-liedje ‘First We Kiss’. Anna Calvi heeft de verwachtingen helemaal waargemaakt.
Origineel:
Beautiful Freaks