Na het ijle en zoekende
Phaedra klinkt
Rubycon mij een stuk compacter en doelgerichter (hoewel niet per se
beter) in de oren, alsof de mannen met het nu definitief beheersen van hun (geavanceerdere) apparatuur ook efficiënter konden spelen en daardoor strakker naar een eindpunt konden toewerken. Zeker het eerste deel zou ik ook kunnen in fragmenten kunnen "opknippen" en elk stuk apart beschrijven (waar beginnen de ritmepatronen, waar "valt de druppel", waar wordt de percussie fysieker), hetgeen handig zou zijn om een soort overzicht van de opbouw te krijgen, maar dat natuurlijk ook de flow en de warmte van het nummer enorm onrecht (en misschien wel totaal teniet) zou doen. Het tweede deel komt op mij wat losser over, met wat minder herkenbare en duidelijke melodieën dan op deel 1, wat minder leunend op intensiteit en wat meer op sfeer (hoewel de laatste vijf minuten dan weer prachtig van broosheid zijn). Ja, hoe beschrijf ik dit, "die gitarist is geweldig maar die zanger haalt niet alle hoge noten, en aan dat laatste refreintje hadden ze nog wel wat meer zorg mogen besteden..." Of je dit een toegankelijk album mag noemen weet ik niet, maar deel 1 bevat zóveel moois, zóveel sterke melodieën, zóveel sfeer en zóveel warmte dat dit mij toch wel een mooi instappunt lijkt voor wie benieuwd is naar "dit soort muziek".
Overigens wordt dit natuurlijk op allemaal klassieke jaren-70-apparatuur gespeeld, maar de perfectie en de (nog altijd) abstractie van de muziek maakt het in mijn ogen toch totaal niet gedateerd. Wat wèl extreem gedateerd is is de hilarische anekdote die
Gerards Dream op 4-7-2007 aanhaalt:
Gerards Dream schreef:
Op dit album draait de mellotron inderdaad overuren. Dat instrument kwam Tangerine Dream duur te staan tijdens een tournee door het Verenigde Koninkrijk. Ze kregen namelijk een forse boete omdat ze door het gebruik van de mellotron vele muzikanten werkloos thuis lieten zitten en dat was niet volgens de wet.
Alsof ze zich daar tóén al op de Brexit aan het voorbereiden waren...