MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Stevie Ray Vaughan and Double Trouble - Couldn't Stand the Weather (1984)

mijn stem
4,06 (231)
231 stemmen

Verenigde Staten
Blues
Label: Epic

  1. Scuttle Buttin' (1:53)
  2. Couldn't Stand the Weather (4:41)
  3. The Things (That) I Used to Do (4:55)
  4. Voodoo Chile (Slight Return) (8:01)
  5. Cold Shot (4:01)
  6. Tin Pan Alley (9:11)
  7. Honey Bee (2:43)
  8. Stang's Swang (2:47)
  9. SRV Speaks * (1:08)
  10. Hide Away * (4:04)
  11. Look at Little Sister * (2:46)
  12. Give Me Back My Wig * (4:07)
  13. Come On (Pt. III) * (4:33)
  14. Empty Arms * (3:28)
  15. The Sky Is Crying * (4:11)
  16. Boot Hill * (2:27)
  17. Wham! * (2:25)
  18. Close to You * (3:09)
  19. Little Wing * (6:48)
  20. Stang's Swang [Alternate Take] * (2:44)
toon 12 bonustracks
totale tijdsduur: 38:12 (1:20:02)
zoeken in:
avatar van Maartenn
4,5
Maartenn (crew)
Had ik hier nota bene nog niet eens op gestemd, terwijl ik deze paat toch al tijden in huis heb.

Wat kan ik verder nog over Stevie Ray Vaughan zeggen? Hij behoort tot het rijtje 'beste gitaristen' aller tijden en de exacte waarom bewijst hij op deze plaat bijvoorbeeld met Tin Pan Alley. Zeer goede plaat van deze gitaarmeester en daarom zonder twijfel:

4.5*

avatar van Ronald5150
5,0
Stevie Ray Vaughan is net als vele muzikale helden veel te vroeg gestorven. Op 27 augustus 1990 stortte de helikopter waarin hij zat neer na een optreden samen met Eric Clapton en Robert Cray. Hij werd slechts 35. Ondanks dat zijn leven voor een groot gedeelte werd beheerst door alcohol en drugsgebruik (hij was pas echt afgekickt in 1986) presteerde hij het om samen met zijn band Double Trouble vijf klasse albums af te leveren, waarvan er één na zijn dood werd uitgebracht. Hoewel ik elk van zijn albums van hoog niveau vind, steekt er toch eentje een klein beetje bovenuit en dat is zijn tweede album "Couldn't Stand The Weather" uit 1984.


Stevie Ray Vaughan's stijl valt in de categorie Texas Blues. Deze stijl kun je het beste omschrijven als een fusion van blues en rock, maar met een duidelijke swing drive. Stevie Ray Vaughan weet aan dit genre een volstrekt uniek geluid toe te voegen door veelvuldig de dikke snaren op zijn Fender Stratocaster te gebruiken. Door met zijn handpalm de snaren te dempen geeft hij de uptempo nummers een groove mee, waarbij het onmogelijk is stil te blijven zitten of staan. De afstelling van zijn gitaar zorgt voor een typische warme klank die elke gitaarsolo een flinke portie emotie meegeeft. Daarnaast wordt Stevie Ray Vaughan ondersteund door Double Trouble; bassist Tommy Shannon en drummer Chris Layton. Deze stuwende ritmesectie tilt de muziek naar een nog hoger plan en complementeert de toch al groovende Texas Blues ritmes.

Op het album "Couldn't Stand The Weather" opent de band met het instrumentale "Scuttle Buttin". Iedereen die bij dit nummer nog roerloos staat of zit, heeft toch echt een motorisch probleem vrees ik. Ik besef me dat je van instrumentale nummers moet houden (want dat is "Scuttle Buttin"), maar dit swingt echt de pan uit. De volgende 5 nummers zijn donkerder van toon, en dat is waarschijnlijk ook de reden waarom ik uiteindelijk toch dit album prefereer boven zijn andere werk. Het tempo gaat wat omlaag, de lage tonen uit zijn gitaar voeren de boventoon (met uitzondering van zijn weergaloze solo's). Hierdoor krijgen de nummers een meeslepend karakter.

Stevie Ray Vaughan staat er ook om bekend de nodige covers te hebben opgenomen. Ik heb totaal geen moeite met covers. Ik hoor wel eens dat het goedkoop is om covers te doen. Er wordt artiesten wel eens luiheid verweten om nummers van anderen te coveren in plaats van zelf nummers te schrijven. Ik zou het graag willen omdraaien; het is moeilijker om een nummer van een ander goed te coveren, dan zelf een goed nummer te componeren. Op dit album waagt Stevie Ray Vaughan zich aan "Voodoo Chile (Slight Return)" van Jimi Hendrix. Stevie Ray Vaughan heeft nooit onder stoelen of banken geschoven een fan van Hendrix te zijn en dat is hier te merken. De versie die Stevie Ray Vaughan samen met Tommy Shannon en Chris Layton hier ten toon spreidt is briljant en ik durf zelfs te stellen dat deze het origineel overtreft, en dat zul je me niet vaak horen zeggen.

Prijsnummer op de plaat is wat mij betreft het bijna tien minuten durende slowblues nummer "Tin Pan Alley (aka Roughest Place In Town)". Dit is blues zoals blues hoort te zijn. Het nummer heeft een langzame en duistere opbouw (wat de titel van het nummer al suggereert) en mondt uit in een adembenemende gitaarsolo. Met het nummer "Honey Bee" schroeft Stevie Ray Vaughan het tempo nog maar eens op. Het is een heerlijke shuffle, maar past mijn inziens qua sfeer niet helemaal bij de rest van de plaat. De instrumentale afsluiter "Stang's Swang" is een jazzy groovend nummer, maar wel met een wat onheilspellend gevoel.

Over onheilspellend gesproken. De hoes weerspiegelt mijn inziens perfect de algehele sfeer van de plaat. Je ziet Stevie Ray Vaughan spelend op zijn gitaar temidden van een tornado. Eerder refereerde ik al even aan het meeslepende gevoel van het gros van de nummers. Alsof je in elk nummer gezogen wordt. Ik weet niet of dat de betekenis van de tornado op de hoes is, maar zo voelt het voor mij in ieder geval wel.

Onlangs is Amy Winehouse ons ontvallen. Ik wil haar nog geen legende noemen, maar ze heeft een tweetal broeierige (en goede) soulplaten gemaakt. Zoals ik deze blog opende zijn de sterfgevallen onder talentvolle muzikanten helaas talloos. Gelukkig hebben we hun muziek nog. Houdt de herinnering van Stevie Ray Vaughan en zijn lotgenoten levend door hun muziek te draaien en te verspreiden.

Spread the word, music is our soul!

avatar van BoyOnHeavenHill
3,0
Een sterke en indrukwekkende opvolger, maar er kleven twee bezwaren aan die mij toch nopen hem lager te waarderen dan het debuut. Ten eerste sluit het album af met een jazzy instrumentaaltje dat ik persoonlijk echt, ècht verschrikkelijk vind, en ten tweede valt het me nu (meer dan bij Texas flood) op dat de ritmesectie af en toe tamelijk beperkt is en nogal saaie partijen speelt. Misschien was dat de bedoeling om SRV's vuurspuwende solo's des te beter te laten uitkomen, maar in dat geval schiet die opzet voor mij z'n doel voorbij. (Datzelfde gevoel heb ik bij See the light, het debuutalbum van de Jeff Healey Band uit 1988, waarop toevallig eveneens een cover van Freddie Kings Hideaway stond, dat ik zelf leerde kennen via het "Beano"-album van John Mayall's Bluesbreakers met Eric Clapton.)
        Hoogtepunten voor mij zijn Tin Pan Alley (daarbij ben ik niet de enige) en het titelnummer met dat lekker dwarse ritme. En verder is dit een prima cover van Voodoo chile (slight return), maar haalt hij het toch niet bij het origineel, alleen al vanwege de soms rijke, soms ontregelende sound daarvan. Nog een grappig weetje : volgens Wikipedia gaf Vaughan zijn versie van Come on het volgnummer "part 3" omdat het origineel van Earl King "part 1" zou zijn en de coverversie van Jimi Hendrix "part 2", maar volgens Arnold Rypens' The originals heet Vaughans versie "part 3" omdat Hendrix in zijn versie al "parts 1 en 2" (in dit geval de A- en B-kantjes van Kings single) zou hebben samengevoegd. (Ik weet niet of hierover nog iets vermeld wordt in het boekje bij Soul to soul, waar de officiële versie van Come on (part 3) opstaat.)

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 02:49 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 02:49 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.