Anna von Hausswolff wist me enorm te imponeren als voorprogramma van Efterklang (april 2013).
Ik moest en zou haar ook met een eigen optreden zien, nou die wens werd al snel vervuld omdat Rotown blijkbaar ook enorm onder de indruk was en haar in september datzelfde jaar voor een eigen optreden boekte. Snoeihard, maar hoe betoverend was dat.
Net als haar album Ceremony welke een verpletterende indruk op me maakte. Misschien iets té veel, want hoe goed ik opvolger The Miraculous ook vond, het wist het niet te halen bij Ceremony.
Met enige voorzichtigheid keek ik dan ook uit naar Dead Magic. Zou het nog donkerder worden? Harder misschien? The Mysterious Vanishing of Electra was het voorproefje eind 2017. Een lastige. Mooi, maar nog niet overtuigend genoeg voor mij. En er staan maar vijf nummers op.
Laat ik zeggen dat opener The Truth, the Glow, the Fall, dat ruim 12 minuten duurt, er alvast goed inkomt. Naar Hausswolff-begrippen niet eens zo loodzwaar. Pompeus is het nog steeds, maar het heeft ook wel iets lichts, het sprookjesachtige kan de horror bedwingen in dit nummer, maar na 8 minuten gaat de draaikolk zich weer roeren en duikt Alice in Wonderland de diepte in. Alsof Sigur Rós zich ermee is gaan bemoeien en Jonsí ineens zijn hoge tonen niet meer weet te bereiken. Anna lukt het om er uiteindelijk toch een naargeestig sfeertje aan te verbinden.
The Mysterious Vanishing of Electra is dan het nummer dat volgt. Alsof er een gothic western van start gaat. Het nummer valt binnen de context van het album veel beter op z'n plaats dan als losse, vooruitgesnelde opwarmer. Anna is sowieso van het tijd nemen in haar nummers, dus het werkte niet wat mij betreft. Gelukkig doet het dat nu wel degelijk. We kennen het inmiddels, een gevaar voor haar stijl zoals ze die op dit moment hanteert, maar voorlopig komt ze nog steeds goed weg met haar uithalen en loodzware, pompende klanken.
Iedereen die niet van bombast houdt is inmiddels al wel afgehaakt. Ugly and Vengeful is het volgende, tevens langste nummer van het album (meer dan een kwartier). Dat moet haast wel een flink muzikaal avontuur gaan worden.
Anna neemt in elk geval de tijd om dit nummer op gang te laten komen met een wat mistig intro. Een intro dat lang duurt en dan heel kalm gevolgd wordt door toevoeging van zang en dan weer gevolgd door dat loodzware orgel inclusief gitaarpartijen en rollende drums. Pas na tien minuten komt de vaart erin. Hoe knap is het dat ze je al die tijd toch weet te boeien.
Zonder dat je er erg in hebt zitten we dan in The Marble Eye. Een instrumentale track met de orgel uiteraard in de hoofdrol. De opmaat voor afsluiter Källans Återuppståndelse.
De wat minder zware toon van de opener keert hier terug. Er is licht aan het einde van de donkere tunnel. Daarmee zeg ik niet dat het één en al vrolijkheid is geworden. Het is meer de klankkleur die wat helderder is. Jammer dat het nummer, en daarmee het album, een beetje als een nachtkaars uitgaat door het wat abrupte einde. Anna klinkt hier berustend en het is alsof haar nummer ingevuld wordt als zijnde een schilderij dat bijna af is. Een wonderlijk palet dat de luisteraar toch wel wat vermoeid achterlaat.
Dat laatste kan op verschillende manieren: of je bent knock-out door de muzikale tour de force welke je hebt ondergaan, je moet alle indrukken een plek geven, of het was echt allemaal een beetje too much. Dat laatste zal niet opgaan voor de kenners. Die weten nu wel wat ze kunnen verwachten en ze krijgen het.
Anna slaagt er wederom in om te imponeren. Het zal nog wel even wat tijd vragen om echt goed te kunnen inschatten hoe ik het nu echt vind t.o.v. bijvoorbeeld Ceremony. Maar zo op zichzelf staand: petje af.