MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

The Last Dinner Party - Prelude to Ecstasy (2024)

mijn stem
3,72 (191)
191 stemmen

Verenigd Koninkrijk
Pop / Rock
Label: Island

  1. Prelude to Ecstasy (1:36)
  2. Burn Alive (3:21)
  3. Caesar on a TV Screen (3:49)
  4. The Feminine Urge (3:26)
  5. On Your Side (4:27)
  6. Beautiful Boy (3:47)
  7. Gjuha (1:29)
  8. Sinner (2:56)
  9. My Lady of Mercy (2:55)
  10. Portrait of a Dead Girl (4:57)
  11. Nothing Matters (3:02)
  12. Mirror (5:24)
  13. Ceasar on a TV Screen [Acoustic] *
  14. Sinner [Acoustic] *
  15. My Lady of Mercy [Acoustic] *
  16. Nothing Matters [Acoustic Live from Studio Brussel] *
  17. Mirror [Acoustic from the Brudenell Social Club, Leeds] *
  18. This Town Ain't Big Enough for Both of Us *
  19. Up North [Live from Hebden Trades Club] *
  20. Wicked Game [Live from Showbox Sodo, Seattle] *
  21. Army Dreamers [Live from Studio Brussel] *
toon 9 bonustracks
totale tijdsduur: 41:09
zoeken in:
avatar van aERodynamIC
4,0
Blijkbaar is The Last Dinner Party een gezelschap waar de schijnwerpers op gericht zijn. Dat was me aanvankelijk wat ontgaan, maar een uitverkochte Melkweg nog voor de release van een debuutalbum zegt al wel iets. Hier is wat gaande.

Dan is het even op onderzoek gaan en blijkt inderdaad dat deze band aardig gehyped wordt. De dames hebben al in bekende internationale programma's gestaan en er wordt lovend over ze gesproken. Dat is het moment dat ik wat terughoudend ga worden. Want dat speurwerk leverde beelden op van verveelde meiden met een uitstraling van 'kijk ons eens even cool zijn'. Zal wel 'part of the act' zijn denk ik dan maar. Even negeren.

De muziek, daar gaat het om. Invloeden van Florence Welch, Marina and the Diamonds, David Bowie, Kate Bush, ABBA en weet ik wat ik er allemaal in hoor: beroerd is het zeker niet. Ja, elke keer denk je 'waar ken ik dit van?' of 'dit komt me bekend voor'.
Maar is dat heel erg? Er is nog maar weinig muziek welke me weet te verrassen na al die jaren pop/rock geschiedenis. Wil ik echt verrast worden dan moet ik het in andere genres gaan zoeken denk ik. Dan is het nu belangrijk of het me pakt ja of nee. En dat doet het zeker wel.

Muziek dat in mijn straatje past, dus dat helpt al aardig. De singles springen er zeker bovenuit en dat is wel vaker het geval met dit soort debuut albums. Maar ook de andere nummers klinken lekker.

The Last Dinner Party is natuurlijk ook behoorlijk theatraal waardoor ik soms het gevoel krijg dat het er allemaal net wat te dik bovenop ligt, maar met theatrale muziek heb ik altijd wel wat en als de nummers gewoon goed in elkaar zitten, perfect worden opgevoerd en mooi geproduceerd dan is dat wat mij betreft voldoende reden om met de hype en lovende kritieken mee te gaan.

Prelude to Ecstasy is een pakkend, flamboyant album, een album dat groots wil overkomen en dat ook wel doet. Drama op en top, en een reis door de muzikale tijd.

Is de hype terecht? Wat mij betreft niet helemaal. Het is zeker goed, maar ik heb de indruk dat de dames en heren critici iets té uitbundig zijn en te graag willen. Maar verder? Baroque-pop op z'n best. Wellicht niet voor iedereen weggelegd, dus The Last Dinner Party zal ongetwijfeld love or hate worden. Ik bevind me in kamp één.

avatar van erwinz
4,5
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: The Last Dinner Party - Prelude To Ecstasy - dekrentenuitdepop.blogspot.com

The Last Dinner Party - Prelude To Ecstasy
De Britse band The Last Dinner Party is op haar debuutalbum Prelude To Ecstasy niet vies van muzikaal en vocaal bombast, maar heeft ook volop avontuur en diepgang verstopt in de bijzondere songs op het album

Er wordt al een tijdje heel druk gedaan over het debuutalbum van The Last Dinner Party en dit album is deze week verschenen. Het is een album dat flink uitpakt met verrassend aanstekelijke popsongs, maar de songs van de vijf Britse vrouwen hebben ook iets bijzonders. Bombast kan omslaan in subtiliteit en hitgevoelige deuntjes kunnen zomaar worden vervangen door songs met veel diepgang. Prelude To Ecstasy klinkt aan de ene kant heel bekend, maar is aan de andere kant anders dan al het andere dat momenteel wordt gemaakt. The Last Dinner Party wordt in brede kring zeer uitvoerig bejubeld en dat lijkt wat overdreven, maar het is echt volkomen terecht.

In meerdere recensies van het deze week verschenen en stevig gehypte debuutalbum van de Britse band The Last Dinner Party wordt het album aangeraden aan iedereen met een zwak of zelfs een voorliefde voor musicals. Nu heb ik persoonlijk echt helemaal niets met musicals en ook Britse hypes laat ik over het algemeen graag aan me voorbij gaan, waardoor ik met de nodige scepsis begon aan de beluistering van Prelude To Ecstasy. Het album opent met een korte klassiek aandoende prelude, maar hierna barst het debuut van The Last Dinner Party los en verdween mijn scepsis als sneeuw voor de zon.

Abigail Morris, Emily Roberts, Georgia Davies, Lizzie Mayland en Aurora Nishevci hebben met Prelude To Ecstasy een geweldig album afgeleverd. Het is een album dat je bij eerste beluistering vooral van je sokken blaast, maar vervolgens hoor je steeds meer moois en bijzonder op het eerste album van The Last Dinner Party, dat de idioot hoge verwachtingen makkelijk waar maakt.

Ik heb zoals gezegd helemaal niets met musicals, maar de associaties met het genre begrijp ik wel. De muziek van The Last Dinner Party is immers behoorlijk pompeus en de zang knalt echt uit de speakers. Daar ben ik normaal gesproken helemaal niet gek op, maar de songs van The Last Dinner Party zijn songs waarvan je alleen maar kunt houden en dat deed ik direct bij mijn eerste beluistering van het album.

Prelude To Ecstasy wordt met van alles en nog wat vergeleken, maar de meest genoemde namen zijn Queen, ABBA en Kate Bush (op de voet gevolgd door Sparks, David Bowie en Florence & The Machine). De vergelijking met Kate Bush heeft vooral te maken met de stem van Abigail Morris, die af en toe wel wat heeft van het Britse icoon, terwijl de vergelijking met Queen en ABBA vooral zal zijn ingegeven door enerzijds het pompeuze karakter van de muziek van The Last Dinner Party en anderzijds het vermogen om steeds weer te verrassen met hopeloos verslavende popsongs.

Prelude To Ecstasy is zo’n album dat je bij eerste beluistering al jaren lijkt te kennen, maar het is ook een album waarop je continu nieuwe dingen blijft ontdekken. In muzikaal opzicht is het soms behoorlijk over the top, maar het Britse vijftal kan in muzikaal opzicht ook behoorlijk subtiel klinken. Hetzelfde geldt voor de zang van Abigail Morris, die alle registers open kan trekken, maar die ook prachtig subtiel kan zingen. Het komt allemaal samen in songs die makkelijk verleiden, maar die ook verrassend goed in elkaar zitten. Ook ik moest heel even wennen aan het behoorlijk bombastische geluid van The Last Dinner Party, maar al snel koesterde ik alle songs op het album.

Prelude To Ecstasy wordt misschien met van alles en nog wat vergeleken, maar de vijf Britse vrouwen verleggen continu de grenzen en blijven dingen doen die je niet verwacht, zoals met zijn allen vocaal losgaan in een track die herinnert aan de unieke klanken van Le Mystère Des Voix Bulgares, wat dan weer wordt gevolgd door een wereldhit die ABBA is vergeten te maken, tot de gitaren beginnen te scheuren.

De leden van de band beschikken allemaal over de nodige muzikale en vocale bagage en dat hoor je track na track. Natuurlijk is het af en toe wel erg zwaar aangezet, maar net als functionele bombast lijkt door te slaan in holle bombast neemt The Last Dinner Party weer een andere afslag. Je moet er voor in de stemming zijn, maar als je dit bent is Prelude To Ecstasy van The Last Dinner Party een sensationeel goed album. Dat de Britse band de hype ver voorbij is zal duidelijk zijn. Erwin Zijleman

avatar van verm1973
4,5
Het nastreven van genot, dat is het hoogst bereikbare binnen het hedonisme. Deze filosofische levenshouding zorgt bij het bereiken van dit streven voor zelfontplooiing en zingeving. En hoewel deze filosofie al dateert uit de tijd van Epicurus (341-270 v.Chr.), is het anno nu aan een zekere opmars bezig. Zo ook bij de leden van de vrouwelijke Britse barok-rockband The Last Dinner Party. Hun oorspronkelijke naam ‘The Dinner Party’ was geïnspireerd op het beeld van een weelderig hedonistisch Romeins banket met alle vertoon van liederlijke losbandigheid, macht en genot. Het muzikale equivalent daarvan heeft The Last Dinner Party op voortreffelijk theatrale wijze weten te vangen op hun debuutalbum Prelude To Ecstasy.

Het album begint met de anderhalve minuut durende instrumentale titeltrack, gevolgd door Burn Alive. Een lied waarin zangeres Abigail Morris een intense, destructieve relatie bezingt waarin ze worstelt met pijn en zelfopoffering. ‘I am not the girl I set out to be’ en ‘I’d break off my ribs to make another you’ zijn opvallende zinnen uit dit Depeche Mode-achtige nummer over verandering van identiteit en de bereidheid om lichamelijke pijn te doorstaan om de ander te behagen. Maar wie dieper luistert hoort tevens een krachtige Bijbelse verwijzing, waarin Morris, gelijk het verhaal Genesis (2:22-24), een rib uit eigen lichaam gebruikt om een mens te creëren. Tekstueel is Burn Alive enorm indrukwekkend, zeker ook omdat het ambacht van de zeventiende-eeuwse barokke dichtkunst erin te ontwaren is. En deze schrijfkwaliteit duikt op in bijna alle songs, zoals Caesar On A TV Screen; de meest recente single van het vijftal. Opvallend zijn de tempo- en stijlwisselingen in dit lied, waardoor de songtekst over genderrollen, empowerment van vrouwen en het streven naar gelijkheid een extra dimensie krijgt. De historische verwijzingen in de tekst verraden een meer dan basale kennis van de wereldgeschiedenis, die The Last Dinner Party ook nog eens weet te verbinden aan het huidige tijdgewricht. Uiterst indrukwekkend.

De ballade Beautiful Boy is een intrigerend rustpunt halverwege de plaat. Morris zei in een interview met NME het volgende over dit lied: ‘Als je een mooie vrouw bent, is dat niet per se een voorrecht, het heeft ook verschrikkingen. Maar hoe is het om niet alleen een man te zijn, maar een man die zo mooi is dat niemand ooit nee tegen je zou zeggen?’ (ondergetekende moet het antwoord hierop schuldig blijven). Een boeiende en originele benadering van de complexiteit van genderidentiteit. Zowel het lied Sinner als Nothing Matters beginnen verraderlijk aantrekkelijk ABBA-esk. Sinner ontpopt zich al snel tot een energiek rocknummer dat zondigen niet alleen als iets religieus beschouwt, maar ook ziet als een vorm van corruptie van liefde als lust en passie om de hoek komen kijken. Nothing Matters begint onschuldig, maar ademt plots een einde-der-tijden-sfeer waarin de hoofdpersonen proberen te navigeren door een wereld die onzeker is en wellicht niet geschikt is voor hen. De herhaling van de zin ‘And I will fuck you like nothing matters’ benadrukt dit gevoel van dystopie. Mirror is het onheilspellend slotakkoord van Prelude To Ecstasy, waarin The Last Dinner Party een spiegel als metafoor gebruikt om de fragiliteit van het zelfbeeld en de afhankelijkheid van externe percepties bloot te leggen.

Geen makkelijke kost wat de vijf leden van The Last Dinner Party je voorschotelen op hun debuutalbum. Wel uiterst smaakvolle, authentieke en eigenzinnige kost. Het valt nauwelijks in een genre te vatten. Sterker nog, het lijkt alsof The Last Dinner Party direct een eigen genre geworden is. Er is zowel muzikaal als tekstueel zoveel te ontdekken op deze plaat. Elke zin is weldoordacht en voorzien van meerdere lagen van betekenis- en interpretatiemogelijkheden. En dat mét behoud van emotie, persoonlijkheid en invoelbaarheid. Het sterkste songwriters-collectief in jaren! Muzikaal verdient Prelude To Ecstasy ook alle lof. De twaalf tracks klinken spannend, enerverend en uitdagend. Volgens de ongeschreven wetten van het hedonisme zouden individuen moeten streven naar het maximaliseren van plezier en het elimineren van emotionele pijn, zonder zich te veel zorgen te maken over toekomstige generaties. In het maximaliseren van plezier is The Last Dinner Party met deze debuutplaat zonder meer geslaagd. Over het elimineren van pijn zijn wij niet in de positie een oordeel te vellen en kan slechts gezegd worden dat de vijf leden een aantrekkelijk platform gecreëerd hebben om er uiting te geven. Nu maar hopen dat ze zich wél bekommeren om toekomstige generaties, want het zou toch een zonde zijn als de muzikale schoonheid van The Last Dinner Party zich zou beperken tot een enkele generatie.

The Last Dinner Party - Prelude To Ecstasy - nieuweplaat.nl

avatar van RonaldjK
4,0
Het Verenigd Koninkrijk is een land van tradities. Sinds ik als prille tiener naar popmuziek ging luisteren, najaar '76, is het hypen van 'the next big thing' er één. Dat geldt voor alle hypes in alle genres. Soms worden die beloftevolle namen inderdaad groot.
Ik herinner me dat vooral Britse bladen door de decennia heen graag hypeten, om het even welk genre: altijd goed voor de verkoopcijfers van deze magazines en zeg nou zelf: je wilt als hippe lezer toch wel kunnen meepraten?

Op basis van wat ik bij The Last Dinner Party hoor, zou dit inderdaad een hele grote naam kunnen worden. Op Prelude to Ecstasy overheersen aangename pop, afwisseling en pakkende composities. Wat ik ook fijn vind, is dat het niet allemaal digitaal is. Integendeel, hier klinkt een ouderwets bandje: gitaar, bas, drums en sterke zang. Natuurlijk klinken de diverse invloeden die door anderen werden genoemd en ik zou daar nog The Bangles aan kunnen toevoegen, maar wat dan nog?
Zo had ik indertijd bij Blondie allerlei vergelijkingen kunnen trekken met namen uit de jaren '60 en daarna, mits ik ouder was geweest. Maar ik was twaalf en vond het gewoon frisse liedjes van mensen die er ook nog eens goed uitzagen. Die categorie muziek-plus-imago klinkt ook hier. Mijn favootjes zijn Caesar on a TV Screen, The Feminine Urge, My Lady of Mercy, Nothing Matters - allemaal uptempo.

Kwaliteitspop, volgens mij uitermate geschikt voor de hitlijsten. Afgelopen vrijdag deden ze nog niets in de Nederlandse Top 40 en Dutch Charts en hetzelfde geldt voor de Vlaamse Ultratop. In het Verenigd Koninkrijk wel: tot dusver #22 voor single Nothing Matters en voor komende vrijdag wordt verwacht dat dit debuutalbum daar #1 haalt.
Lijkt me een uitermate geschikte groep voor NPO Radio 2, maar die zender heeft momenteel een jaren '80-week en moet dus even passen qua nieuwe muziek. Roodbeens Radar (iedere ochtend rond kwart voor 8 te horen op de zender) heeft het nog niet opgepakt, terwijl de muziek wel uiterst geschikt is voor het format en de sfeer van dat programma. Help, we missen een hype(je)!
Dat geldt niet voor 3FM, dat al in november over de groep berichtte en in januari dit Britse nieuws bracht.

Een 8 als schoolcijfer; gaucho, ben benieuwd naar je mening...

avatar van henrie9
4,5
Zie ze daar zitten, liggen, staan. In volle renaissancestijl wulps en hedonistisch ingelijst in corsetten op de cover van hun debuutplaat. Hoogst expressieve groepsfoto van de vijf bevallige Londense dametjes van The Last Dinner Party. Het gezelschap ziet zich al bij voorbaat op een ferme marmeren piëdestal geplaatst, omgeven door een en al adoratie. Massa's kaarsen, bloemetjes, kransen. Want inderdaad, al voorprogramma van Nick Cave en The Rolling Stones, Glastonbury, Tiktok laaiend, critici lyrisch, al direct een lekkere BBC Award 'Sound of 2024' en een zich vermenigvuldigende hype per nieuw uitgebrachte single. Begin 2023 oorwurm 'Nothing Matters', dan 'Sinner', 'My Lady of Mercy', 'On Your Side', tenslotte 'Caesar on a TV Screen'. Allen pal inslaand, hoogst clevere pop, con brio.

Net zo sierlijk ingekaderd staan al die atypische deuntjes van hen nu eindelijk op hun album 'Prelude To Extacy' en evenzo met klassieke ornamenten gelardeerd. In hun genre zo éclatant groots openen met een klassiek trompettende en strijkende titelsong als deze tot extase leidende 'Prelude to Ecstasy', het lijkt wel geleden van die onvolprezen Hollywood-intro op 'Jesus Lives' van The Bollock Brothers.

Om The Last Dinner Party onmiddellijk na dit sfeerzettertje wervelend op hun pootjes te zien terechtkomen met de barokke pathos van 'Burn Alive', een geweldige naargeestige gitaar. Een wild gothic eerbetoon aan Jeanne d'Arc. Volslagen herkenbaar als ware het een voor de Chess-musical schitterend georkestreerd ABBA-dansje.

Op deze plaat is alles groots en net als op een massief schilderij is een en al diversiteit er troef. Hun singles vallen daarin netjes op hun plaats, méér, ze komen er nog beter mee tot hun recht. Zoals de indrukwekkend glinsterende glamrocker 'Caesar on a TV Screen'. Een rustige opstap en dan barstend van gitaarspektakel en andere swingende energie. Met prachtige hooks en bruggen en Abigail Morris die er theatraal en dramatisch doorheen laveert als een machtswellustige Caesar. Of een bezwerende Anna Calvi als een net zo heftig evenbeeld. Opgepast, ook het met assertieve percussie aftrappende 'The Feminine Urge' is hevig bijtend. Er wordt naast de band tussen moeders en hun dochters, vooral complexloos 'vrouwelijke woede' geëtaleerd als een krachtige boodschap aan de door mannen gedomineerde wereld.

Dan wordt met de engelachtig tedere meisjesballade 'On Your Side' plots hypnotiserende indiepop geserveerd. Een wat langer nummer dat eenzaam als een bloem ineens ontluikt op een nevelige morgen. Een melancholische song die met de intrede van het hele The Last Dinner Party gaandeweg regelrecht de rockbasis in wordt getrokken. Strak spelend in de zowel zachte als hardere passages en dan mag het ook nog eens in diverse kosmische lagen mooi lang en episch uitdeinen. Vooral Morris in een absolute hoofdrol. Met een stem die, net als bij Florence and the Machine voortdurend in de hoogste regionen rondwaart.

Een sprookjeswereld daarmee vergeleken, 'Beautiful Boy', met die romantisch ingetogen startende fluit, wordt een prachtig ingehouden nummer vol geweldige samenzang.

'Gjuha', de tweede korte rustbrenger, is een sinister folknummer van toetseniste Aurora Nischevi, die onder meer ook de verbluffende klassieke prelude schreef. Hier in het Albanees gezongen, jawel, als zoenoffer voor het onvoldoende beheersen van haar moedertaal. Schoon. Met aanzwellend Bach-orgel vreugdevol uitmondend in hemelse Oost-Europese samenzang.

'Sinner', onvervalste rocktopper met talloze Sparks-pianostaccato's, zalige Queen-zangharmonieën. Verderop komen ook de verslavende riffs en de stijgende solo's van Emily Roberts erbij die er tot de laatste noot inhakken.

Opzwepend handgeklap bij 'My Lady of Mercy' leidt de switches in van fijne pop naar hardrock en terug, dolle rit door de pop- en rockgeschiedenis in amper drie minuten.

Repetitieve pianoakkoorden leiden vervolgens de complexiteit van 'Portrait of a Dead Girl' in. Met weer een hoofdrol voor de virtuoze Emily Roberts die haar kennis van de Brian May-gitaartechniek alle eer aandoet, daarbij bijgestaan door 'het zeer dure koor' dat het platenlabel hen toestond.

De vrolijk klinkende debuutsingle 'Nothing Matters' is het rechttoe rechtaan toegankelijkste popnummer. Hier mixt men schaamteloos weer ABBA met weer Sparks. Een stoer liefdeslied met een als Siouxie Sioux seksueel vuilbekkende Abigail Morris. In een impressionante video bovendien, geënt op The Virgin Suicides van Sofia Coppola.

Het op en top filmische 'Mirror' besluit het album. Een percussienummer met dramatische Morricone-pauken, rollende drums, strijkers en piano en een grootse herneming van de prelude. En niet in het minst een laatste sterke vocale performance van Morris.

Met 'Prelude To Ecstasy' komt daar dus ineens uit de lockdown, kant en klaar, een ambitieuze jonge showband die zich met veel stijl, elegantie en charisma opwerpt als een eigentijdse ABBA, als een handvol arty Spice Girls, selfmade en met een pak meer finesse. The Last Dinner Party grossiert in ideeën en een eclectisch geluid dat ze vrijelijk pikten daar waar ze het maar konden vinden. Bij ABBA dus, maar evengoed gaan ze ervoor overheen Pink Floyd, Nine Inch Nails en tot bij Moessorgski. In plaats van eenheidsworst maken ze met vanalles opwindende, hoogst melodieuze songs en ze verpakken ze in theatraliteit en heerlijk bombast. Klinken ze daardoor dan weelderig, decadent en grotesk, hun harmonieën, arrangementen en overgangen zijn telkens zonder meer perfect. Surreëel allemaal, waar ze tegenwoordig verschijnen wordt het telkens in plaats van een Last Dinner Party het begin van een heus spektakel. Straks dus ook in een euforische The Barn bijvoorbeeld, op zaterdag 6 juli op Rock Werchter.

Al is deze 'Prelude To Ecstasy' een traaggroeier, geef The Last Dinner Party maar de tijd om al zijn magie prijs te geven. Want dat ze heel goed zijn, da's een feit.

Abigail Morris - zang
Lizzie Mayland - zang, gitaar
Emily Roberts - leadgitaar, mandoline, fluit
Georgia Davies - bas
Aurora Nishevci - zang, toetsen
Geen permanente drummer, live Rebekah Reyner

avatar van deric raven
3,5
Houdt het zeer gehypte The Last Dinner Party tegenover het overheersende gitaargeweld stand. Het uit Londen afkomstige vijftal is theatraler, bombastischer, zachter, vrouwelijker dan alles wat op dit moment op alternatief gebied uitkomt. Logisch, want in The Last Dinner Party is geen ruimte voor mannen, maar om hier over een feministische girlpowerband te spreken gaat mij net te ver. Zangeres Abigail Morris, bassist Georgia Davies, toetsenist Aurora Nishevci en de twee gitaristen Lizzie Mayland en Emily Roberts tekenen al bij het grote Island records voordat debuutsingle Nothing Matters verschijnt. Dan moet het vertrouwen wel erg groot zijn. Ze bouwen met verschillende drummers een indrukwekkende live reputatie op, al ziet het er naar uit dat Rebekah Rayner zich definitief bij het gezelschap voegt.

Wat maakt Nothing Matters dan zo’n geweldig nummer, of is het niet eens zo’n geweldig nummer? Zijn het de kwaadwillige woede uitbarstingen die de mierzoetigheid doorkruizen? Is het de bijna geschoold klinkende musicalstem van Abigail Morris? De hitgevoelige tegendraadsheid? Het geflirt met het ABBA nalatenschap? Of heeft men gewoon behoefte aan een goed uitziende stoere vrouwenband, het lang verwachte antwoord op The Spice Girls? Net als bij Lana Del Rey heeft het gevloek iets sensueels opwindends. Och, het is typisch Brits om de zoveelste belofte de hemel in te prijzen, en misschien moet ik ook overstag gaan voor deze barok met een hoog jaren zeventig glamrock en foute solerende rockgitaren gehalte. Valt bij Prelude to Ecstasy dan alles op zijn plek?

Prelude to Ecstasy staat tevens voor het gelijknamige The Nights Of The Proms achtige rijkelijk opgezette ouverture intro. Een kleine amuse om de smaakpapillen te stimuleren, waarna je vervolgens het hoofdgerecht voorgeschoteld krijgt. Prelude to Ecstasy is een klassiek muzikaal schilderij, welke door de moderne technieken herziend van kleur wordt voorzien. We poetsen het verleden weg en plamuren deze met een nieuwe dikke verflaag. Prelude to Ecstasy is een rockopera met de nodige sentimentele ballads over vrouwelijke bewustwording, liefdesverdriet, familiebanden en vriendschap. Een satijnzacht Victoriaans verkleedpartijtje met sprookjesachtige allure. Een opzet die ze tevens groot in de musical videoclip van Caesar on a TV Screen delen.

De kracht ligt in de eenheid van de girlpower samenzang waarbij al het vrouwelijke samenkomt. Eigenlijk begint het allemaal met de gothic track Burn Alive waar Abigail Morris de pijn van het overlijden van haar vader van zich afzingt. Pijn bestrijden door jezelf te pijnigen. Het zelf kastijdende Burn Alive is het eerste nummer wat The Last Dinner Party gezamenlijk uitwerkt, en waarin dus de basis van de band ligt. Deze gebeurtenis versterkt de band met haar moeder, iets waar ze zich in The Feminine Urge zeer bewust van is. The Last Dinner Party heeft tevens iets literairs evangelisch waarin de zeven hoofdzondes jaloezie, hoogmoed, onmatigheid, hebzucht, wellust, woede, luiheid samenkomen.

Caesar On A TV Screen bewapend zich met soulblazers en opwindende All Saints getinte vocalen. Op haar beste momenten pakt Abigail Morris je als een cabareteske Amanda Palmer van The Dresden Dolls in. Juist de meeste overtuiging hoor ik als ze kaal kwetsbaar On Your Side inzet. Een sprookjesachtige beladen song met sprankelende paarse regen pianopartijen. Bijzonder hoe de kerkelijke koorzang zich met de Albanese cultuur in het korte Gjuha mengt. Sinner onderscheidt zich met de sprekende postpunk gitaarakkoorden. Ze overtuigen mij het meeste met de duistere Mirror zwaarte waar op de achtergrond dreigende drums die diepte accentueren. Prelude to Ecstasy heeft een hoog nostalgisch donkerbruine plavuizen, zitkuil en oranje bebloemd Brabantia gehalte. The Last Dinner Party maakt hedendaagse indie glamcamp waarmee ze de grens tussen kunst en kitsch nivelleren.

The Last Dinner Party - Prelude to Ecstasy | Pop | Written in Music - writteninmusic.com

avatar van DjFrankie
3,5
DjFrankie (moderator)
Mmm, plaat begint geweldig met Burn Alive. Maar dit niveau wordt nergens meer gehaald.

Deze plaat herbergt teveel verschillende stijlen, waardoor de som minder is dan de delen.
Voor sommige luisteraars zal dit wel fijn zijn, ook is de zangeres prima.

Sommige nummers zijn te theatraal en die doen me minder. Wel een eigen schwung die ze eraan geven.

Sparks, meets ABBA met een snufje postpunk zou ik omschrijven. Dus davevr dat heb je goed gehoord.

Voor mij mag allemaal dus wat donkerder en meer ingetogen.

avatar van Slowgaze
4,0
What a time to be alive: progpop als reactie op de zoveelste postpunkheropleving - de ironie! Juist omdat ik de revival midden jaren 2000 best wel bewust heb meegemaakt, en ook hoe die ontaardde in vervelende landfill indie (wie van jullie denkt nog weleens aan de Pigeon Detectives? Ik wel, maar ik ben er niet blij mee), heb ik niet vaak meer de neiging gehad om naar Britse indie te luisteren. Toen Slowthai een hiphop/postpunkalbum zou hebben gemaakt en dat voor een groot deel gewoon landfill indie met raps was, sterkte dat me in mijn overtuigingen, al kan dat best eens ten onrechte zijn geweest. De controverse rondom The Last Dinner Party maakte mij echter toch best benieuwd naar Prelude to Ecstasy: een band die voor zover ik weet gewoon uit de middenklasse komt, maar onthaald wordt als een stel nepobabies die eigenhandig working-class-muziek de kop hebben omgedraaid. (Het is net zoiets als het dédain waarop sommige mensen die met hun handen werken, praten over kantoorpersoneel. Dat mag blijkbaar allemaal, maar andersom is de kamer - terecht - te klein. Uiteindelijk vervult iedereen gewoon zijn plaats in het geheel en is iedereen nodig. Maar ik dwaal af.)

Behalve dat dit een heel behoorlijk debuut is, een soort rockbandversie van Regina Spektor, merk ik dat ik juist die controverse heel interessant vind (heb me vandaag weer een hele tijd zitten inlezen over de Britse klassenmaatschappij toen ik me verveelde). Gelukkig zijn er heel wat mensen die erop wijzen dat er in de verwijten een bizarre ondertoon zit van 'o, heeft alleen de arbeidersklasse er dan recht op om muziek te maken?' (Veel figuren die het hardst roepen dat 'het gaat me echt puur om de muziek en niet om alles daaromheen', keren zich blijkbaar tegen muzikanten van wie de ouders wat meer verdienen dan die van henzelf.) Maar het fijnste is dat The Last Dinner Party wat intellectueler klinkt, met dat kunstacademiesfeertje en de doorwrochte nummers. Juist 'Nothing Matters' vind ik het minste nummer, met het te platte refrein dat als een soort landfill-meezinger klinkt.

Maar verder heb ik het gevoel dat het goed is dat deze band enig tegenwicht biedt aan anti-intellectuele tendensen, zowel in de muziek, als in de bredere maatschappij - ja, zeker in een jaar waarin de comeback van Oasis zo gevierd wordt. The Guardian heeft ooit een boeiend artikel gepubliceerd over de relatie tussen de klassenmaatschappij en indie, juist in de tijd dat de postpunkrevival overging in landfill indie. Bands als The Twang (denken jullie daar nog weleens aan? #2) werden geacht om een boerenlulimago hoog te houden, terwijl dat ze beperkte. Sterker nog: daarmee zet je een heel beperkt idee neer van de arbeidersklasse, alsof dat een soort bons sauvages zijn, waar populistisch rechts een deel van de werkende, middelbaar opgeleide populatie ook voor aanziet.

Er werd in dat stuk ook kritisch naar Oasis gekeken: 'There was that famous quote of Noel Gallagher saying that he never reads books. Compare that to the Manic Street Preachers - they came from a South Walian valleys tradition, an old Labour tradition of education and hard work and self improvement, which is a very strong part of working-class history, but something Oasis always rejected. Oasis are a very fundamentalist act, in their attitude to class and their attitude to music. In a way they're very reactionary.'

Toen Oasis weer bij elkaar kwam, kreeg ik zin om weer naar Blur te luisteren, maar óók naar Bloc Party. Tijdens de postpunkrevival was dat een van de bands die zich echt aan het ontwikkelen was, waardoor een conservatief luisterpubliek zich van hen afkeerde. Kele Okereke, iemand voor wie ik veel respect heb, merkte op dat Oasis 'made stupidity hip. They claim to be inspired by the Beatles but, and this so saddens me, they have failed to grasp that the Beatles were about constant change and evolution. Oasis are repetitive Luddites.'

The Last Dinner Party is voor mij een soort Blur of Bloc Party van dit tijdsgewricht: trots dat ze wat kunstzinniger en intellectueler zijn, maar het blijft ook gewoon heel fijn luisterbare muziek. In die zin is dit gewoon heel erg een band in het midden: ergens tussen donkere postpunk en lichtvoetige Abba, volop citerend uit andere muziek ('Nothing Matters' klinkt als 'Would I Lie To You' van Charles & Eddie; voor 'The Feminine Principle' is goed naar 4 Non Blondes geluisterd). Bovendien, is het zo'n probleem om in deze zware tijden toch enig escapisme te bieden? Kon je de crisis van 2008 terughoren bij The Arctic Monkeys of The Wombats, of was dat gewoon popmuziek met gitaren waar je niet te veel bij naast moest denken?

Het is wel echt problematisch dat zo'n centristische positie als van The Last Dinner Party tegenwoordig als controversieel gezien wordt (want eerlijk is eerlijk, de middenklasse betaalt tegenwoordig de rekening voor de samenleving, zolang populistisch rechts - terecht - de armeren in de samenleving wil ondersteunen, maar daar - onterecht - niet de zeer rijken voor belast). David Bowie werd en wordt toch ook door de arbeidersklasse omarmd? Punk was toch ook een beweging die verschillende klassen bij elkaar bracht? Waarom kan dat dan niet ook gewoon met The Last Dinner Party? Prelude to Ecstasy verdient het.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 21:49 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 21:49 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.