Het Statenproject van Sufjan Stevens is verleden tijd. De ijdele hoop die enkele mensen nog koesterden, heeft de heer Stevens dit jaar zo goed als weggevaagd. Dit jaar heeft hij twee platen uitgebracht namelijk, met deze ‘All Delighted People EP’ (een EP van ongeveer een uur lang, ’t is eens iets anders) als voorbode van de langspeler ‘The Age Of Adz’. De fysieke release van deze EP is nu verkrijgbaar, volgens onder andere user aERodynamIC (een betrouwbaar user, dus het zal wel waar zijn), maar ik ben er nog niet aan toe gekomen. Ik wil ‘m wel, daar niet van, want dit is gewoon heel mooie muziek.
Het is duidelijk te horen dat Stevens hier toch een andere koers gaat varen. Nu ken ik zijn meest recente werk niet, moet ik toegeven (enkel ‘Michigan’, ‘Seven Swans’ en ‘Illinois’), maar dit is toch wat anders dan die drie platen. En toch zijn er ook genoeg herkenningspunten. Je zou kunnen zeggen dat de lijn van ‘Michigan’ over ‘Illinois’ naar meer bombast en grootsheid wordt doorgetrokken, met ook een vleugje electronica. ’t Is allemaal niet zo goed als ‘Illinois’, maar deze EP toont wel dat we Stevens zeker nog niet mogen afschrijven op het muziektoneel.
De EP is opgebouwd rond twee versies van de titelsong, een ‘Original Version’ en een ‘Classic Rock Version’. Er zit genoeg verschil tussen deze twee versies, en net omdat Stevens dit een EP noemt, kan ik het wel hebben dat hier twee versies van hetzelfde nummer opstaan. De originele versie is een stuk langer dan de classic rock versie (11 en halve minuut tegenover 8 minuten), en krijgt van mij de voorkeur. Sprookjesachtig nummer. Fluitjes, blazers, strijkers, koortjes, dat is Sufjan Stevens anno 2010, lijkt het. Op het eind groeit het nummer nog naar een climax toe, één van uitbarstende aard (die strijkers), waarna het abrupt eindigt. Daarna wordt ‘Enchanting Ghost’ ingezet. Daarin krijgen we het exact tegenovergestelde. Stevens houdt van extremen. Het is een rustig luisterlied, Stevens die zichzelf begeleidt op gitaar. Naargelang het nummer vordert, komt ook de piano piepen. Het bevalt me wel, niet van wereldklasse, maar betoverend genoeg.
Voor ‘Heirloom’ geldt hetzelfde als voor ‘Enchanting Ghost’; mooi luisterliedje, maar niet van wereldklasse. het gitaarspel is hier iets vinniger, maar blijft toch erg ingetogen. Het zijn in regel twee folksongs, die perfect op een eerdere plaat van Stevens hadden gepast, behalve dat hier de gitaar wordt bovengehaald in plaats van de banjo. De stem van Sufjan Stevens blijft trouwens nog altijd even begeesterend, naar mijn mening. Dan komt ‘From The Mouth Of Gabriel’. In dit nummer zijn de electronicainvloeden duidelijk te onderscheiden. Maar daar let ik nou niet zo erg op, voor mij is het vooral een kwiek nummer dat sprookjesachtig aandoet. Lekker meegenomen dus.
Maar dan, maar dan. Één van de beste nummers van het jaar, naar mijn bescheiden mening. Zelden heb ik iemand de twee klassieke componisten Chopin en Satie zo bij elkaar horen brengen. Ik hoor het rustgevende, ietwat macabere van Satie (ambigu!) en de virtuoze klasse van Chopin (doet me vooral aan zijn ‘Impromptu’ denken). ‘The Owl And The Tanager’ is een nummer zoals ik dat tot nu toe op elke release van Stevens die ik ken heb gevonden; een absoluut wereldnummer, en niets minder. Begeesterend, ontluisterend, meeslepend, ontroerend, monden vallen open. Als ik m’n ogen sluit, vormt zich een hele grote, vervreemdende wereld waarvan ik niet weet of ik er voor eeuwig zou willen blijven, of ‘m zo snel mogelijk zou willen ontvluchten. Om het met een huizenhoog cliché te zeggen: Jezus, wat een song!
De classic rock versie is wat statiger dan de originele versie. Hier treden de blazers meer op de voorgrond, in plaats van de strijkers. Naarmate het nummer vordert, wordt het nummer ook wat meer “classic rock”, met elektrische gitaar en uitbundiger drumwerk. Voor de rest zijn het eigenlijk dezelfde ingrediënten, maar de balans is anders. Dat is eigenlijk erg fraai, hoe hij dat doet. De laatste twee minuten worden gevuld met een elektrische gitaarsolo in combinatie met synths (heb ik dat juist?), en helemaal op het einde nog een koortje: “All delighted people raise their hand”.
‘Arnika’ is het volgende nummer, het voorlaatste. Dit nummer begint weer een pak rustiger, maar het mooie aan dit nummer is dat er vrij subtiel laag per laag wordt bijgelegd. Dat heeft ervoor gezorgd dat dit nummer enorm is gaan groeien bij mij, want bij de eerste luisterbeurten vond ik dit nummer niet zo bijzonder, eerlijk gezegd. Stevens speelt hier met lagen, zou je kunnen zeggen. eentje erbij, eentje eraf, eentje erbij, weer eentje eraf…
Last but not least is ‘Djohariah’ (zo heet de zus van Stevens, heb ik gelezen). Het is een erg experimenteel nummer, het bestaat eigenlijk uit een aanhef met blazers en een dame die wat zingt, daarna komt het thema van de song, dat zich zo’n beetje de hele tijd herhaalt, waarna een ellenlange gitaarsolo op gang wordt getrapt, eerst wat weifelend, maar eens ie op gang komt, is het echt wel lekker om te beluisteren. Ik vind het een enorm spannend nummer, en ondanks z’n lange duur (17 minuten! Sommige EP’s duren niet eens 17 minuten!) gaat het nooit vervelen. Wat achteraf bekeken vrij bizar is, want dit is niet zo afwisselend als pakweg het openingsnummer of (laten we in de toekomst kijken) ‘Impossible Soul’, de monumentale afsluiter van ‘The Age Of Adz’. Na zo’n 6 minuten wordt de solo even afgebroken, voor een half minuutje “Djohari-Djohariah”, waarna het tweede deel van de solo komt. Het is bijna voer voor boeddhisten, de song is gewoon een 17 minuten durend geheel van mantra’s. Geen wonder dat het de luisteraar zo vasthoudt. Na ongeveer 11 minuten zit het tweede deel van de solo erop, en wordt weer het “Djohari-Djohariah” ingezet. Tijd voor een derde sologedeelte, zou je denken, maar neen. Zo is de heer Stevens dan ook weer; nu begint er in feite een helemaal op zich staand nummer, met coupletten en al. Mooie samenzang (ik vraag me af of het met z’n zus zelf is?).
Tekstueel valt vooral op dat Stevens de wereld moe lijkt te zijn, en van mening is dat die wereld grondig naar de haaien aan het gaan is. Dat hij veel pijn voelt. Enkele quotes:
“When, your heirloom’s wilted brown;
When the devil’s pushing down;
When your mourning has a sound;
And you hesitate to laugh;
How quickly will your joy pass;
How quickly will your joy pass?”
(‘Heirloom’)
“Desperate measures lead to death;
From the mouth of Gabriel;
Who died in his sleep when the world was a very big mess;
A very big mess. He saw too much;
From now on I will look away from every accident;
That may or may not come my way.”
(‘From The Mouth Of Gabriel’)
“I’m tired of life, I’m tired of waiting for someone;
I’m tired of prices, I’m tired of waiting for something.”
(‘Arnika’)
‘Djohariah’ gaat over zijn zus, het is een soort van eerbetoon, de tekst spreekt eigenlijk voor zich. Het verhaal dat Sufjan Stevens vertelt, toont een grote bezorgdheid en empathie met zijn zus, en het laat uitschijnen dat zij al veel tegenslagen heeft gekend (“And the man who left you for dead; he’s the heart grabber back stabber double cheater wife beater, you don’t need that man in your life; and you worked yourself to the bone; while the people say what they say, it’s the neighbors anyway, they don’t know what’s good for your life.”)
Voor het overige kan ik maar één ding aanraden: beluisteren die handel, en genieten!
4,5 sterren