Ik was in de eerste helft van de jaren zeventig behoorlijk fan van Genesis. Ik was niet blij met het plotselinge vertrek van Peter Gabriel want ze hadden in de loop van hun albums een steeds stijgende lijn te pakken. De teleurstelling werd verzacht door
Trick of the Tail en
Wind and Wuthering. Ik werd me er van bewust dat Steve Hackett wellicht nog belangrijker voor de band was dan Peter.
Toen het eerste soloalbum van Peter werd aangekondigd was ik ook erg benieuwd. En toen ik het hoorde was ik erg blij met zijn nieuwe muziek. Ook begreep ik nu beter waarom hij de band verliet. En hoewel er best verschil zit tussen de albums tot en met
Us, vond ik ze allemaal prachtig.
Daarom vond ik het vreemd om vast te stellen dat ik ze de laatste 20 jaar zelden meer gedraaid heb. Dit in tegenstelling tot de Genesis albums die ik zeer regelmatig beluister. Ik begrijp niet wat mij daarin heeft tegengehouden. Dus is er maar één remedie: ze na al die jaren weer eens opnieuw beluisteren. En wellicht leidt dat tot een aanpassing van de sterren en kan ik ze ook nog op kwaliteitsvolgorde schikken.
Dus dit album om te beginnen. En mijn ervaring was wisselend.
Morribund the Burgermeister en
Solsbury Hill staan nog altijd als een huis. En dat zelfde geldt voor
Humdrum en
Here Comes the Flood. Maar het rockende
Modern Love valt na al die jaren toch een beetje door de mand. En de overige nummers zijn zeker niet slecht, maar ook niet echt goed.
Waar ik vroeger het hele album geweldig vond, zie ik nu een album waarin de beginnende solo-artiest zijn weg aan het zoeken is.
Nog een terzijde: op
Robert Fripp - Exposure (1979) staat nog een versie van het door Peter gezongen
Here Comes the Flood, die nog een stuk beter is.