Troublegum: de naam alleen al zou een muziekgenre op zich kunnen zijn, een genre waarin meezingrefreinen en knappe gitaarhooks gekoppeld worden aan teksten over boosheid & frustratie over de wereld en harde gitaarmuziek. En dit album is dan het summum van dat genre. Te goed gespeeld om punk te zijn, te melodieus ook voor punk, en te hard voor pop, en te verfijnd voor de simpele meebrullers.
Opener knives is geweldig: het stil-luid-stil concept tot in de perfectie verfijnd, en dan nog een stadionrefrein dat elke bierbuik (hallo Andy Cairns) luidop kan meebrullen “I’m gonna get drunk, come round and fuck you up”. We zijn vertrokken, het tempo ligt hoog en onze keel is al halfschor.
Screamager is alles wat een punkpopsong moet zijn: geweldige intro, die nog eens verbeterd wordt door die schitterende gitaar die erbovenop komt, de drums kicken, na de intro allemaal samen roepen ‘GO’ en haal maar je luchtgitaar boven, want dit is het betere werk. Geweldige song !!!
Hellbelly is een ‘rustpunt’, we roepen wat over Jesus, tijd om een nieuwe pils van onze sixpack te openen, en dan zeilen we vrolijk binnen in de madness van nummertje 4 van de vuilbak ‘stop it you’re killing me’. Alweer zo’n geweldige intro, en dan aub wat aandacht voor de tekst want die is van hoog niveau. With a face like that you won’t brake any hearts. Thinking like that I won’t make any friends. Oke, de song is wel geweldig schatplichtig aan ‘unsung’ van Helmet, maar in dit geval is dat niet zo erg.
Gitaren ooit horen zigzaggen? Wel, da’s Nowhere. Slechts 1 boodschap hier: we are going nowhere, maar hey, kan het iemand wat schelen als de bus nergens geen gaat, maar de muziek is van deze kwaliteit
Die laughing heeft weer zo’n geweldige gitaarlijn. Onze sixpack is ondertussen volledig binnen, en dus brullen we naar hartelust mee: I think I’ve gone insane I can’t remember my own name. Maar onder al dat gebrul zit wel opnieuw een prachtige song, die moeiteloos zou overeind blijven in bvb een akoestische versie.
Unbeliever – Trigger Inside – Lunacy Booth zijn allen meer van hetzelfde. Klinkt misschien wat negatief maar zo is het niet. Dit is zo’n album waarbij elke song goed in elkaar zit, perfect in het geheel past, maar ook op zichzelf goed blijft. Wie trouwens al eens de instrumentale string-versie van Lunacy Booth heeft gehoord, weet dat dat nummer in een letterlijk klassiek jasje ook geweldig blijft klinken.
Isolation van Joy Division: waar blijven ze die fantastische gitaarleads toch halen? Aub niet afspelen in West-Vlaanderen dit nummer, het risico dat er plots een bende mafkezen begint te zingen ‘isolatie’ ipv ‘isolation’ is iets te hoog.
Turn kan je naast Screamager zetten, maar dan op gebied van kwaliteit. Een gitaarmuur, mooie slepende zang van Andy Cairns… heel mooi. Femtex is te verwaarlozen, ware het niet voor de fantastische one-liner ‘masturbation saved my life’.
Unrequited is voor mij 1 van mijn favorieten op deze plaat, alhoewel wellicht wat miskend. Het klinkt wat anders dan de rest, Er zit een soort strijkersachtig iets in (ja, ik weet het, heel duidelijk, instrumenten zijn mijn ding niet), en de samenzang is ook perfect. Brainsaw is gewoontjes, maar op het eind krijg je dan plots nog een breekbaar ‘you are my sunshine’ te horen, wat de hele plaat plots een extra laagje geeft.
Negatief puntje: het is volle bak in zesde versnelling, wat geweldig is, maar waar is de verfijnde rustigere song waar Therapy? ook sterk in is (zie gone, zie later six mile water) en waar is de vuilere industriële sound heen? Als er al iets aan te merken valt, dan is het de heldere maar soms te gladde productie.
Maar voor de rest: fantastisch album, mooi artwork ook. Troublegum: bubblegum die ontploft in je mond…
