Vier jaar na
Major Impacts verscheen
Major Impacts 2, waar Steve Morse opnieuw zijn invloeden laat horen en meestal in eigen jasje giet. Verschil met deel 1 is dat hij nu ook complete genres als 'impact' aanduidt. Zijn vaste begeleiders, bassist Dave LaRue en drummer Van Romain, zijn weer van de partij, waarbij Morse naast gitaar ook toetsen bespeelde. Dit op wederom een volledig instrumentaal album.
Ik luister via streaming en het hoesje
op Discogs is slechts deels leesbaar: niet te zien is welk nummer naar welke naam of welk genre verwijst. Ik maak er dus een spelletje van: welke invloed hoort bij welk nummer? Taalgrapjes in sommige liedtitels helpen. Mij corrigeren staat uiteraard vrij.
Bij de aangename akoestische opener
Wooden Music vermoed ik dat de wortels liggen bij Crosby, Stills, Nash & Young, het swingende
Where Are You? uit hoorbaar zijn liefde voor The Who en
Errol Smith moet de ode aan Aerosmith zijn, omdat iets doorklinkt van hun
Walk This Way.
Cool Wind, Green Hills is een eerbetoon aan de 'Celtic ballad', de rijke toetsenprogrock van
Organically Grown aan Emerson, Lake and Palmer oftewel ELP.
Is het vlotte
12 Strings on Carnaby Street met zijn lange, zingende gitaarlijnen de ode aan Lynyrd Skynyrd? Kan haast niet anders, zoals ZZ Top de inspiratie voor het boogierockende
Zig Zags vormde. Voor
Abracadab werd inspiratie gevonden bij Genesis,
Tri County Barn Dance is de razendsnelle pickingode aan country en bluegrass met bovendien een vliegende bassolo en
Air on a 6 String aan Johann Sebastian Bach. Ja, het gaat vele kanten op.
Dan kan het niet anders of het heerlijke, massief stoempende
Motor City Spirit put uit de nalatenschap van Spirit, Ted Nugent en Deep Purple, dezelfde waar Morse dan inmiddels alweer tien jaar deel van uitmaakt. In
Ghost of the Bayou wordt cajun geëerd en ten slotte
Leonard's Best. Is dat het eerbetoon aan The Yardbirds en Britpop?
Meer dan "slechts" een buitenklasse gitarist hoor je hier een enorme muziekliefhebber die bovendien een brede smaak heeft. Juist die grote variatie maakt dat ik dit met een dikke 8 waardeer.
Wel ben ik licht verbaasd omdat nergens ronduit zijn liefde voor fusion/jazzrock klinkt. Op de eerste
Major Impacts klonk die overigens wél in het nummer
The White Light, een buiging naar het werk van John McLaughlin, maar gezien het oeuvre van de gitarist zou je meer in die hoek verwachten.
Een minpunt is het echter niet, dit album biedt immers volop variatie, méér dan enig solowerk dat hij hiervoor deed. Wat dat betreft keerden de dagen van Dixie Dregs terug.
Morse was in 2004 ook te horen op het project
Living Loud. In 2005 verscheen de verzamelaar
Prime Cuts met daarop tevens werk dat ik niet op zijn soloalbums tegenkwam. Op daarnaartoe.