Ik zat in het examenjaar van de middelbare school en aangezien ik nogal lui was aangelegd qua huiswerk maar niet wilde zakken, had ik mezelf streng toegesproken. Na iedere goede tentamenweek mocht ik een elpee kopen.
Kort voor Kerst 1982 kwam voor het eerst een officiële liveplaat van Black Sabbath uit (
deze was een dikke twee jaar eerder zonder medeweten van de band uitgebracht, ik had die plaat wel in de winkel zien staan maar nooit gehoord). Sinds
Heaven and Hell in mei 1980 was verschenen, waren de Sabs mijn überfavoriete band, van wie ik bovendien bezig was de vorige albums te ontdekken.
Maar deze bezetting was het summum. Immers, zowel de beste gitarist als de beste zanger ter wereld waren aan boord. Ja, ik was fanatiek fan, zoals dat hoort op die leeftijd en
Live Evil was dus het ultieme cadeau aan mezelf.
De resultaten van de tentamenweek bleken goed. Mijn muziekmaatje op school wist van mijn plannen en de maandag nadat ik de dubbelelpee had gekocht vroeg hij me na afloop van het eerste lesuur (gym) in de kleedkamer of het een goede plaat was. Uit mijn hoofd somde ik de tracklist op, ik vertelde over de prachtige klaphoes en dat ik 'm sinds zaterdagmiddag continu had gedraaid! Euforisch is het woord...
Vervolgens zal ik iets als het volgende hebben verteld. Bij de eerste beluistering waren er twee speerpunten geweest. Eerst Dio: hoe zong hij de nummers uit de periode Osbourne? Bovendien was ik benieuwd naar de gitaarsolo’s die Iommi live uit de hoed toverde. Let wel: ik was nog nooit naar een heavy rockconcert geweest, deze wereld kende ik alleen van radio en tijdschriften. Op mijn zolderkamer ging ik compleet op in hetgeen mijn oren en ogen bereikte. Dat ik onder de indruk was, is een groot understatement. Het was... magisch!
Wederom was ik onder de indruk van de twee namen die ik zojuist noemde, óók als de pre-Diosongs voorbij kwamen. Knap hoe deze in zijn eigen stijl deze songs een nieuw jasje gaf en de verhalen daarin vertelde; hoe hij bijvoorbeeld eng lachte in
Black Sabbath of gromde in het intro van
Iron Man, práchtig vond ik het!
Nieuwe drummer Vinny Appice drumde weliswaar stukken vierkanter dan zijn voorganger, maar dat stoorde mij in het geheel niet. En zijn drumsolo in
War Pigs mocht er zijn. Het was bekend dat menig oude fan ronduit vijandig stond tegenover de nieuwkomers; knap hoe beiden hun talent gebruikten en zo voor zichzelf een eigen hoofdstuk binnen het instituut Black Sabbath creëerden.
Slechts twee zaken vond ik minder: het publiek was wel erg ver naar de achtergrond gemixt en
Neon Knights knalde bij lange niet zo uit de speakers als ik had verwacht.
Via Oor en de radio was mij inmiddels bekend dat Dio de band mét Appice had verlaten. Grote ruzie hadden mijn helden gehad. Geleidelijk sijpelden verhalen door over hoe de kampen Iommi/Butler en Dio elkaar ervan beschuldigden met de mix van
Live Evil te hebben geknoeid als de anderen er niet waren. Vooral rond het uitkomen van Dio's debuutplaat laaiden deze verhalen op, in het internettijdperk worden ze steevast herkauwd. Het haalde in 1983 wel iets af van mijn romantische magie rondom
Live Evil.
Gelukkig is de onenigheid tussen de heren later bijgelegd. De nuchtere versie lijkt deze te zijn: het mixen van het album begon tijdens de geboekte studiodagen om 14 uur des namiddags. Hierbij was Dio keurig op tijd, in tegenstelling tot Iommi en Butler die steevast twee dure studio-uren te laat kwamen. De op-tijd-komer ging niet op zijn krent zitten, maar aan de slag.
Inmiddels was er enig wantrouwen vanuit de twee oudgedienden naar Dio gegroeid, die geheel naar Birminghamse volksaard niet werd uitgesproken. Het lijkt wel het verhaal van een vastlopend huwelijk, want met die stroeve communicatie verviel het van kwaad tot erger: exit Dio, die Appice meevroeg.
En toch vind ik dit nog altijd een lekker plaatje, zij het zeker niet meer zo briljant als toen. Van de 5 sterren die ik in februari 1983 zou hebben gegeven, blijven er nu 4 over.
28 september aanstaande hoop ik naar Kinepolis te gaan, waar alleen die avond de docu 'Dio: Dreamers Never Die' zal draaien.
Live Evil is slechts één van de interessante hoofdstukken waarvan ik hoop (kort) iets mee te krijgen.