Muziek / Algemeen / Artiesten waar je ontzettend véél BEWONDERING & Respect voor hebt!
zoeken in:
0
geplaatst: 3 januari 2009, 03:29 uur
Father McKenzie schreef:
De generatiekloof.... denk ik, ik bekeek even je profiel;
Dààrom heb ik dus nog nooit van je helden gehoord, laat staan één noot muziek van ze gehoord;
Komt er misschien eens van, ik vind het aanbod zo ontzettend groot geworden - ik bedoel van héél het spectrum van alles wat bestaat en gereleased wordt - een arme vijftiger kan het allemaal al lang niet meer bijhouden

(quote)
De generatiekloof.... denk ik, ik bekeek even je profiel;
Dààrom heb ik dus nog nooit van je helden gehoord, laat staan één noot muziek van ze gehoord;
Komt er misschien eens van, ik vind het aanbod zo ontzettend groot geworden - ik bedoel van héél het spectrum van alles wat bestaat en gereleased wordt - een arme vijftiger kan het allemaal al lang niet meer bijhouden

Doe er goed aan mijn nr 1 plaat eens te luisteren

0
geplaatst: 3 januari 2009, 04:56 uur
Dat lijkt me wel een leuke, horizonsverbredende, opdracht voor eerwaarde Father McKenzie.Artiesten die ik bewonder:
1. James Holden
Pioneer, gids en briljant DJ. En volgens mij nog een sympathieke kerel ook. Ik ben blij dat ie volledig zijn eigen ding doet en weet te vernieuwen. Grenzen tussen krautrock, electro, techno, rock, etc. etc. vervagen.
2. Erol Alkan
Doet eigenlijk hetzelfde. Zijn nieuwe draaistijl vind ik eigenlijk niet om te harden, maar ach, ik kan het ook wel waarderen dat ie steeds iets ander doet dan zijn publiek van hem verwacht. Wellicht dat ik het over een jaar wel begrijp. Mooi dat ie zijn eigen gang gaat.
3. Infadels
Een van de sympathiekste bandjes die ik ken. Ben niet zo'n gigantische fan van hun muziek (hun 2e album moet ik nog 's horen), maar ik ben zelden zulke enthousiaste mensen tegen gekomen. Ze gaan er echt helemaal voor en zijn in het persoonlijk leven net zo enthousiast als tijdens hun optredens.
Verder vind ik het maar moeilijk. Ik heb genoeg favoriete artiesten, maar een groot aantal zou in het echt net zo goed rete-onsympathiek kunnen zijn. Maar ik verzin er vast nog wel 's een paar.
0
Father McKenzie
geplaatst: 3 januari 2009, 08:32 uur
@ Herman; dat klopt, want ik ken die artiesten langs geen kanten. Ik moet zeggen dat ik er nog nooit van gehoord had, het konden voor mij net zogoed stervoetballers zijn, want daarin ben ik ook niet thuis... dus misschien heb ik wel iets te ontdekken.
Dat heb je met mijn mainstream smaak - waar ik overigens ontzettend trots op ben.
Maar ik sta wel open voor horizonverbreding, dat klopt!
Door MuMe heb ik toch al platen van artiesten in huis gehaald waar ik in heel mijn leven nog nooit van gehoord had (Can, Porcupine Tree, Camel...) en die me best tot heel goed bevallen.... dus wie weet?
Dat heb je met mijn mainstream smaak - waar ik overigens ontzettend trots op ben.
Maar ik sta wel open voor horizonverbreding, dat klopt!
Door MuMe heb ik toch al platen van artiesten in huis gehaald waar ik in heel mijn leven nog nooit van gehoord had (Can, Porcupine Tree, Camel...) en die me best tot heel goed bevallen.... dus wie weet?
0
geplaatst: 3 januari 2009, 08:57 uur
Sowieso is het electronic wereldje geen van artiestverering. Er zijn dan ook niet echt artiesten waar ik écht bewondering voor heb. Enige uitzondering daarop is denk ik Somatic Responses, één van de weinige projecten die zolang kunnen meedraaien in het electronic wereldje en bijna continue sterk werk afleveren.
0
thejazzscène
geplaatst: 3 januari 2009, 10:47 uur
Dan zou ik toch eerder op een artiest als Autechre inzetten.
0
Stijn_Slayer
geplaatst: 3 januari 2009, 11:22 uur
Elvis Presley schreef:
Schrijver, muzikant en vertaler Jan Rot.
Schrijver, muzikant en vertaler Jan Rot.
Dit vind ik vrij opvallend. Ik heb hem Heart of Gold en Teach Your Children in het Nederlands horen spelen.. tja, ik vind hem vreselijk slecht. En hij is degene die Tommy vertaald heeft....
Maar zo zie je maar weer eens dat smaken verschillen.

0
geplaatst: 3 januari 2009, 11:42 uur
thejazzscène schreef:
Dan zou ik toch eerder op een artiest als Autechre inzetten.
Dan zou ik toch eerder op een artiest als Autechre inzetten.
Als je dan toch die kant opgaat kan je beter op Aphex Twin inzetten. Maar beide heren/projecten vind ik toch een duidelijk trapje lager staan.
0
Father McKenzie
geplaatst: 3 januari 2009, 15:26 uur
Had ik Paul Weller al vernoemd, Ik dacht het niet; Weller is ook één van mijn helden, die man draait al heel lang mee, heeft heel wat muzikale watertjes doorzwommen;
Kam eerst met lekkere catchy punkachtige rock met The Jam, daarna liet hij zich meer door soul beïnvloeden met The Style Council en tenslotte vond hij al die vermommingen niet meer vandoen en is hij als Paul Weller prachtige platen beginnen maken die altijd het midden houden tussen rock, singer-songwriter, soul en pop. Moeilijk te omschrijven en al helemaal in geen vakje te stoppen en daarom net zo leuk.
Hij is redelijk productief, maar kwaliteit primeert bij hem altijd op kwantiteit, gelukkig maar.
Paul Weller is een hele grote Meneer in de muziek.
Kam eerst met lekkere catchy punkachtige rock met The Jam, daarna liet hij zich meer door soul beïnvloeden met The Style Council en tenslotte vond hij al die vermommingen niet meer vandoen en is hij als Paul Weller prachtige platen beginnen maken die altijd het midden houden tussen rock, singer-songwriter, soul en pop. Moeilijk te omschrijven en al helemaal in geen vakje te stoppen en daarom net zo leuk.
Hij is redelijk productief, maar kwaliteit primeert bij hem altijd op kwantiteit, gelukkig maar.
Paul Weller is een hele grote Meneer in de muziek.
0
Stijn_Slayer
geplaatst: 3 januari 2009, 16:01 uur
King Diamond, ten eerste omdat de gelijknamige band en Mercyful Fate bijna heilig voor mij zijn. Ten tweede omdat deze man met het grootste gemak constant zuiver falsetto kan zingen, en ook echt ontiegelijk hoog. Ongelofelijk! Verder verzint hij altijd boeiende conceptverhalen voor z'n albums. Ook is z'n act geweldig, zo'n show moet ik nog eens bijwonen.
Natuurlijk is zijn schmink een beetje Alice Cooper en KISS nadoen, maar hij gaf er weer z'n eigen draai aan. Tegenwoordig helaas door elke black metal band nagedaan waardoor het nogal belachelijk en meeloperig wordt...
Edit:
Ik had al gezegd dat ik volledig meeging met Father McKenzie wat betreft Neil Young, maar ik móet zelf ook een stukje schrijven. Kan het niet laten.
Hij heeft natuurlijk topwerk geleverd met Buffalo Springfield en CSNY, maar vooral solo heeft deze man zoveel mooi's gemaakt. Neil zingt met een herkenbare, gevoelige stem. Of je vind het schitterend en roept hem uit tot zo'n beetje de beste zanger ter wereld, of je vind het zeurderig en haat meteen zijn muziek. Neil Young wordt verder geheel terecht gezien als een van de grootste songwriters aller tijden (de grote Bob Dylan bewondert hem ook!). Zijn teksten zijn eerlijk, gevoelig, kritisch en soms onbegrijpbaar. Niet zelden met dubbele boodschappen.
Muzikaal gezien vraag je je af hoe hij het flikt. Hij is absoluut geen geweldig goede gitarist (en zijn kompanen uit Crazy Horse kunnen eigenlijk al helemaal niet spelen) maar zijn lange solo's zijn ontiegelijk boeiend. Neil Young is de enige persoon op aarde die 18 keer dezelfde noot boeiend kan brengen. Neil samen met Crazy Horse in een lange jam staat voor de fans gelijk aan wat oud en nieuw is voor de vuurwerkfanaten! Op zijn akoestische gitaar en piano laat Neil prettige en rustige maar ook gevoelige en hartverscheurende nummers horen.
Wat mij een groot bewonderaar maakt is echter dat Neil Young altijd zijn eigen weg gaat. Als voorbeeld: De platenmaatschappij wil een tweede Harvest, maar Neil komt met de geweldige 'Ditch Trilogie' (door overlijden van CH-gitarist Whitten). Waar Neil vanaf 1969 tot en met 1979 alleen maar topplaten heeft geleverd volgen in de jaren 80 een lading experimenten. Toegegeven, hier heeft het niet erg veel goeds opgeleverd dat Neil Young doet wat hij zelf wil. Het e.e.a. zal hem kennelijk dwars gezeten hebben, en als je iemand niet boos wilt hebben is het Neil Young wel. Dat bleek hier maar weer. Eind jaren 80 maakt Neil een comeback en levert alsof er nooit iets aan de hand is geweest nieuwe topalbums. Ook recent maakt deze man nog steeds erg goede albums en dat doen toch ook weer niet zo heel veel artiesten uit zijn generatie hem nog na.
Zijn gedrag is ook interessant. Hij ziet zichzelf niet als dé Neil Young, treedt gewoon op in z'n houthakkersblouse of een pak vol met verf. Hij moet geopereerd worden (was ernstig) en zit 2 dagen daarvoor gewoon in de studio. Zijn strijd voor een betere maatschappij. Tuurlijk kan ik hem ook niet altijd volgen: hij haat de commercie, de meeste van z'n cd's kosten dan ook niks.. Maar hij vraagt 140 euro voor een concert? En het achterhouden van werk, niet uitbrengen van albums op CD.. Misschien komen we ooit achter het mysterie dat Neil Young heet
Natuurlijk is zijn schmink een beetje Alice Cooper en KISS nadoen, maar hij gaf er weer z'n eigen draai aan. Tegenwoordig helaas door elke black metal band nagedaan waardoor het nogal belachelijk en meeloperig wordt...
Edit:
Ik had al gezegd dat ik volledig meeging met Father McKenzie wat betreft Neil Young, maar ik móet zelf ook een stukje schrijven. Kan het niet laten.
Hij heeft natuurlijk topwerk geleverd met Buffalo Springfield en CSNY, maar vooral solo heeft deze man zoveel mooi's gemaakt. Neil zingt met een herkenbare, gevoelige stem. Of je vind het schitterend en roept hem uit tot zo'n beetje de beste zanger ter wereld, of je vind het zeurderig en haat meteen zijn muziek. Neil Young wordt verder geheel terecht gezien als een van de grootste songwriters aller tijden (de grote Bob Dylan bewondert hem ook!). Zijn teksten zijn eerlijk, gevoelig, kritisch en soms onbegrijpbaar. Niet zelden met dubbele boodschappen.
Muzikaal gezien vraag je je af hoe hij het flikt. Hij is absoluut geen geweldig goede gitarist (en zijn kompanen uit Crazy Horse kunnen eigenlijk al helemaal niet spelen) maar zijn lange solo's zijn ontiegelijk boeiend. Neil Young is de enige persoon op aarde die 18 keer dezelfde noot boeiend kan brengen. Neil samen met Crazy Horse in een lange jam staat voor de fans gelijk aan wat oud en nieuw is voor de vuurwerkfanaten! Op zijn akoestische gitaar en piano laat Neil prettige en rustige maar ook gevoelige en hartverscheurende nummers horen.
Wat mij een groot bewonderaar maakt is echter dat Neil Young altijd zijn eigen weg gaat. Als voorbeeld: De platenmaatschappij wil een tweede Harvest, maar Neil komt met de geweldige 'Ditch Trilogie' (door overlijden van CH-gitarist Whitten). Waar Neil vanaf 1969 tot en met 1979 alleen maar topplaten heeft geleverd volgen in de jaren 80 een lading experimenten. Toegegeven, hier heeft het niet erg veel goeds opgeleverd dat Neil Young doet wat hij zelf wil. Het e.e.a. zal hem kennelijk dwars gezeten hebben, en als je iemand niet boos wilt hebben is het Neil Young wel. Dat bleek hier maar weer. Eind jaren 80 maakt Neil een comeback en levert alsof er nooit iets aan de hand is geweest nieuwe topalbums. Ook recent maakt deze man nog steeds erg goede albums en dat doen toch ook weer niet zo heel veel artiesten uit zijn generatie hem nog na.
Zijn gedrag is ook interessant. Hij ziet zichzelf niet als dé Neil Young, treedt gewoon op in z'n houthakkersblouse of een pak vol met verf. Hij moet geopereerd worden (was ernstig) en zit 2 dagen daarvoor gewoon in de studio. Zijn strijd voor een betere maatschappij. Tuurlijk kan ik hem ook niet altijd volgen: hij haat de commercie, de meeste van z'n cd's kosten dan ook niks.. Maar hij vraagt 140 euro voor een concert? En het achterhouden van werk, niet uitbrengen van albums op CD.. Misschien komen we ooit achter het mysterie dat Neil Young heet

0
geplaatst: 3 januari 2009, 19:56 uur
Ik kan me sowieso (om verschillende redenen) wel vinden in de lijstjes van Levenvergeten en KampF.
Eigen lijstje:
Aphex Twin: Dat Rhubarb, Helioshpan en Pwsteal.ldpinch.d door dezelfde man zijn gemaakt is voor mij echt ongeloofelijk. Elektronisch meesterbrein is een eufemisme voor deze man, en dat hij dan ook nog eens omgeven is door geheimzinnige mythes maakt het allemaal niet minder spannend. Reed hij, net volwassenen, rond in een tank door zijn geboorteplaatsje Cornwall? Maakt hij muziek in een leegstaande kerk? Maakt hij muziek nog dagenlang niet te hebben geslapen? Heeft hij nog duizenden onuitgebrachte tapes liggen? Laat hij look-a-likes optreden doen? Mochten er leden zijn die over duistere bronnen beschikken waarin deze mythes onderuit worden gehaald, hoe deze dan aub voor je en laat mij in de waan dat D. James een buitenaards-elektronischmuziek-monster is.
David Sitek: Gitarist van TV on the Radio, een verdomd muzikale vent. Mooie muzikale visie ("Wij maken geen funk, want bij funk moet ik altijd aan de Red Hot Chili Peppers denken") en aanvoerder van een toffe band. Staat tijdens optredens gewoon volledig zn ding te doen, af en toe aan een knopje draaien, beetje meedrummen, beetje meeschreeuwen, af en toe op die gitaar rammen, sigaretje opsteken... Gaf als remixer Dark Star (Beck), Panic in Babylon (Lee Perry) en Marble House (The Knife) een kwaliteitsverdubbelingsinjectie en gaat meehelpen het nieuwe album van Massive Attack te produceren en dat gaat een geniaal album worden.
Delic: Er is geen persoon waarbij zijn voorkomen zo moeilijk valt te rijmen met zijn kwaliteiten als kunstenaar. Muzikant die eruit ziet als opgeschoten brommerknutselaar of FC Zwolle-hooligan. Maakte voor Opgezwolle geniale beats vol vernuftige details. Creëerde een universum (Delic's Hut) met totaal eigen muzikale waarden en maakte daarin belachelijk briljante hiphopbeats. Verdween na het uitbrengen van Fakkelteit (met Sticks) volledig van de aardbodem, naar eigen zeggen om kunstschilder te worden.
Erlend Oye: Zanger van The Whitest Boy Alive wiens stem mij nog een melancholieker gevoel geeft dan een tehuis vol voor-zich-uit-kijkende bejaarden. Maakte met Golden Cage een van de mooiste popliedjes aller tijden, maakte met zn DJ Kicks een compilatie met lak aan alle conventies binnen de dansbare muziek en speelt live vaak een fantastische versie van Robin S' Show Me Love. En daarnaast is hij ook nog erg cool.
James Holden: Al zijn remixes uit 2006 behoren tot mijn favoriete nummers aller tijden, zijn EP uit 2006 is mijn favoriete plaat aller tijden, At the Controls is mijn favoriete compilatie aller tijden, Border Community is mijn favoriete label aller tijden, zijn set op Pixel in 11 is mij favoriete dj-set aller tijden, James Holden is veruit de coolste persoon aller tijden.
Michael Rother: Ik weet niets over deze man, maar als je bij zowel Neu!, Can, Cluster, Harmonia als Kraftwerk gespeeld hebt ben je gewoon dope.
Moderat: Project van Modeselektor en Apparat waarin ze begin 2009 zowel een album gaan uitbrengen als een live-tour gaan starten. Hebben allebei een sound die ontzettend kan knallen, live fenomenaal klinkt en die fantastisch geproduceerd is, maar ook een sound vol ontroerende elementen. Naast hun volstrekte verscheidenheid ten opzichte van elkaar valt hun sound het beste te omschrijven als een combinatie van triphop, hiphop, dubstep, techno, reggae, elektronica, shoegaze etc. etc.
Ricardo Tobar: Slaagt erin om volledig zonder pretentie en poespas de meest geweldige elektronische dansmuziek te maken. Waar veel talentvolle elektronische acts vervallen in oeverloze soundscapes die vooral draaien om de materiaal obsessie (zeg maar: de progrock van de elektronica), daar maakt Ricardo Tobar emotionele en prachtige muziek met minimale materialen in rechttoe-rechtaan knallende dansvloernummers. Punk!
Eigen lijstje:
Aphex Twin: Dat Rhubarb, Helioshpan en Pwsteal.ldpinch.d door dezelfde man zijn gemaakt is voor mij echt ongeloofelijk. Elektronisch meesterbrein is een eufemisme voor deze man, en dat hij dan ook nog eens omgeven is door geheimzinnige mythes maakt het allemaal niet minder spannend. Reed hij, net volwassenen, rond in een tank door zijn geboorteplaatsje Cornwall? Maakt hij muziek in een leegstaande kerk? Maakt hij muziek nog dagenlang niet te hebben geslapen? Heeft hij nog duizenden onuitgebrachte tapes liggen? Laat hij look-a-likes optreden doen? Mochten er leden zijn die over duistere bronnen beschikken waarin deze mythes onderuit worden gehaald, hoe deze dan aub voor je en laat mij in de waan dat D. James een buitenaards-elektronischmuziek-monster is.
David Sitek: Gitarist van TV on the Radio, een verdomd muzikale vent. Mooie muzikale visie ("Wij maken geen funk, want bij funk moet ik altijd aan de Red Hot Chili Peppers denken") en aanvoerder van een toffe band. Staat tijdens optredens gewoon volledig zn ding te doen, af en toe aan een knopje draaien, beetje meedrummen, beetje meeschreeuwen, af en toe op die gitaar rammen, sigaretje opsteken... Gaf als remixer Dark Star (Beck), Panic in Babylon (Lee Perry) en Marble House (The Knife) een kwaliteitsverdubbelingsinjectie en gaat meehelpen het nieuwe album van Massive Attack te produceren en dat gaat een geniaal album worden.
Delic: Er is geen persoon waarbij zijn voorkomen zo moeilijk valt te rijmen met zijn kwaliteiten als kunstenaar. Muzikant die eruit ziet als opgeschoten brommerknutselaar of FC Zwolle-hooligan. Maakte voor Opgezwolle geniale beats vol vernuftige details. Creëerde een universum (Delic's Hut) met totaal eigen muzikale waarden en maakte daarin belachelijk briljante hiphopbeats. Verdween na het uitbrengen van Fakkelteit (met Sticks) volledig van de aardbodem, naar eigen zeggen om kunstschilder te worden.
Erlend Oye: Zanger van The Whitest Boy Alive wiens stem mij nog een melancholieker gevoel geeft dan een tehuis vol voor-zich-uit-kijkende bejaarden. Maakte met Golden Cage een van de mooiste popliedjes aller tijden, maakte met zn DJ Kicks een compilatie met lak aan alle conventies binnen de dansbare muziek en speelt live vaak een fantastische versie van Robin S' Show Me Love. En daarnaast is hij ook nog erg cool.
James Holden: Al zijn remixes uit 2006 behoren tot mijn favoriete nummers aller tijden, zijn EP uit 2006 is mijn favoriete plaat aller tijden, At the Controls is mijn favoriete compilatie aller tijden, Border Community is mijn favoriete label aller tijden, zijn set op Pixel in 11 is mij favoriete dj-set aller tijden, James Holden is veruit de coolste persoon aller tijden.
Michael Rother: Ik weet niets over deze man, maar als je bij zowel Neu!, Can, Cluster, Harmonia als Kraftwerk gespeeld hebt ben je gewoon dope.
Moderat: Project van Modeselektor en Apparat waarin ze begin 2009 zowel een album gaan uitbrengen als een live-tour gaan starten. Hebben allebei een sound die ontzettend kan knallen, live fenomenaal klinkt en die fantastisch geproduceerd is, maar ook een sound vol ontroerende elementen. Naast hun volstrekte verscheidenheid ten opzichte van elkaar valt hun sound het beste te omschrijven als een combinatie van triphop, hiphop, dubstep, techno, reggae, elektronica, shoegaze etc. etc.
Ricardo Tobar: Slaagt erin om volledig zonder pretentie en poespas de meest geweldige elektronische dansmuziek te maken. Waar veel talentvolle elektronische acts vervallen in oeverloze soundscapes die vooral draaien om de materiaal obsessie (zeg maar: de progrock van de elektronica), daar maakt Ricardo Tobar emotionele en prachtige muziek met minimale materialen in rechttoe-rechtaan knallende dansvloernummers. Punk!
0
geplaatst: 3 januari 2009, 20:29 uur
Sommige users zullen het niet ontgaan zijn, een van de artiesten die ik het meest bewoners is en blijft Metallica. Een band waar je of van houdt of een godsklere hekel aan hebt. In ieder geval geen saai bandje. Metallica ken ik nu sinds een jaar of vijf, toen ik nog een puber was van 15 lentes jong. Op de computer toevallig het nummer ‘Whereever I May Roam’ gedownload. Compleet overrompeld heb ik deze song wel 1000 keer gedraaid. Al snel volgden andere songs van The Black Album en mijn interesse groeide snel. Zoals bij velen ben ik ook via het zwarte plaatje bij de overige vier metalklassiekers terecht gekomen. Dagen en weken alleen maar Metallica geluisterd zonder te weten wie de mannen nu écht waren, maar de liefde voor de muziek was er.
Vijftal jaar verder ben ik me meer gaan verdiepen wie achter de meesterwerken zitten. Tot mijn grote verbazing bestond er een grote antipathie tegen Metallica. Velen konden ze niet uitstaan, verafschuwden ze. De een kon de schreeuw om het grote geld niet verdragen met het uitbrengen van ‘Metallica’. Weer een ander had alle Cd’s weggegooid na de Napster-affaire en een andere malloot kon Metallica wel schieten na St. Anger. Van dit alles heb ik niets bewust meegemaakt, wat ik maar beschouw als een voordeel.
Waarom ik ze zo bewonder? Ten eerste om de muziek. De geniale vijf eerste albums. En misschien wel het belangrijkste, de muziek is met hun ziel gemaakt. De meeste nummers vanaf RTL gaan over menselijke aspecten van het leven, zoals de dood, verslaving of oneerlijkheid. Alleen al het eerbetoon aan Cliff met ‘To Live is To Die’. Of nummers betreffende de dood van James moeder: ‘Mama Said’, ‘The God That Failed’ en ‘Leper Messiah’. De ziel wat ik vaak mis bij andere metalbands zoals Slayer legt Metallica het er wel degelijk in.
Afgezien van de vijf geniale albums wat ze gemaakt hebben, bewonder ik ze zeker om wie ze zijn. De mannen hebben altijd hun eigen pad doorlopen. Het waren in de jaren 80 én 90 pioniers binnen de metalscéne. Hoe je het ook went of keert. Met het album ‘Metallica’ waren zij de eerste metalband die het grote publiek bereikte. Hiermee kreeg metal eindelijk de aandacht die het verdiend. Met de albums Load/Re-Load zochten ze de grenzen op. Ik zie het al een experiment dat niet goed uitpakte, maar het was wél hun eigen weg. Metallica had gewoon ballen. Metallica had durf. Met St. Anger ging Metallica keihard hun eigen weg. Alle frustraties van jaren diep in de shit moest er geragd worden om een nieuwe start te maken. Ook dit noem ik spelen met een ziel en geen kunstmatig kunstwerkje.
Met het volgende studio-album St. Anger maken ze wederom geen vrienden. Maar ook hier gingen ze keihard hun eigen weg. Alle frustratie van jaren diep in de shit moest er uitgeknald worden. Het liefst zo hard mogelijk. En om in 2008 terug naar de roots te gaan met het welbekende Death Magnetic.
De genialiteit in de muziek. De ziel die zij erin bloot legden. Altijd maar hun eigen weg gaan. Altijd de grenzen opzoeken. Meer als 20 jaar aan de top. Hierdoor heb ik bewondering en respect voor Metallica.
(Beetje snel opgeschreven lulverhaal, wat vast rommelt aan alle kanten. neem 't voor lief)
Vijftal jaar verder ben ik me meer gaan verdiepen wie achter de meesterwerken zitten. Tot mijn grote verbazing bestond er een grote antipathie tegen Metallica. Velen konden ze niet uitstaan, verafschuwden ze. De een kon de schreeuw om het grote geld niet verdragen met het uitbrengen van ‘Metallica’. Weer een ander had alle Cd’s weggegooid na de Napster-affaire en een andere malloot kon Metallica wel schieten na St. Anger. Van dit alles heb ik niets bewust meegemaakt, wat ik maar beschouw als een voordeel.
Waarom ik ze zo bewonder? Ten eerste om de muziek. De geniale vijf eerste albums. En misschien wel het belangrijkste, de muziek is met hun ziel gemaakt. De meeste nummers vanaf RTL gaan over menselijke aspecten van het leven, zoals de dood, verslaving of oneerlijkheid. Alleen al het eerbetoon aan Cliff met ‘To Live is To Die’. Of nummers betreffende de dood van James moeder: ‘Mama Said’, ‘The God That Failed’ en ‘Leper Messiah’. De ziel wat ik vaak mis bij andere metalbands zoals Slayer legt Metallica het er wel degelijk in.
Afgezien van de vijf geniale albums wat ze gemaakt hebben, bewonder ik ze zeker om wie ze zijn. De mannen hebben altijd hun eigen pad doorlopen. Het waren in de jaren 80 én 90 pioniers binnen de metalscéne. Hoe je het ook went of keert. Met het album ‘Metallica’ waren zij de eerste metalband die het grote publiek bereikte. Hiermee kreeg metal eindelijk de aandacht die het verdiend. Met de albums Load/Re-Load zochten ze de grenzen op. Ik zie het al een experiment dat niet goed uitpakte, maar het was wél hun eigen weg. Metallica had gewoon ballen. Metallica had durf. Met St. Anger ging Metallica keihard hun eigen weg. Alle frustraties van jaren diep in de shit moest er geragd worden om een nieuwe start te maken. Ook dit noem ik spelen met een ziel en geen kunstmatig kunstwerkje.
Met het volgende studio-album St. Anger maken ze wederom geen vrienden. Maar ook hier gingen ze keihard hun eigen weg. Alle frustratie van jaren diep in de shit moest er uitgeknald worden. Het liefst zo hard mogelijk. En om in 2008 terug naar de roots te gaan met het welbekende Death Magnetic.
De genialiteit in de muziek. De ziel die zij erin bloot legden. Altijd maar hun eigen weg gaan. Altijd de grenzen opzoeken. Meer als 20 jaar aan de top. Hierdoor heb ik bewondering en respect voor Metallica.
(Beetje snel opgeschreven lulverhaal, wat vast rommelt aan alle kanten. neem 't voor lief)
0
DutchViking
geplaatst: 3 januari 2009, 22:42 uur
Ik ben in mijn vrije tijd veel actief als muziekcolumnist en heb al veel van mijn muzikale helden als onderwerp gebruikt in deze columns. Achtereenvolgens komen Van Morrison, Gram Parsons, Los Lobos, Ministry, The Pogues, Mano Negra en Fleetwood Mac aan bod.
Muziek als medicijn
De helende werking van een kleine Ier
Melancholie, passie, bevlogenheid... Dat zijn de eerste woorden die in me op komen, als ik aan hem denk. Muziek heeft altijd al een helende werking gehad voor mij, maar hij is hierin de overtreffende trap. Als ik aan hem denk verdwijnen al mijn zorgen voor even. Zijn stem en muziek zijn in staat om de diepste emoties in mijn bewustzijn los te maken. Zijn tocht langs allerlei fascinerende muzikale landschappen maakt vaak gevoelens van nostalgie bij mij los, maar kan ook geluk, enthousiasme en vreugde bij me teweegbrengen.
Als ik aan hem denk, denk ik aan Ierland. Het eiland waar zo veel begenadigde en gewaardeerde muzikanten, schrijvers en dichters zijn geboren. Het land van in mist gehulde kastelen, van eindeloos groene landschappen en van overweldigende, oprechte gastvrijheid. Ierland en muziek, het is op voorhand een winnende combinatie. Geen enkel land won zo vaak het Eurovisie Songfestival, overwinningen die nog dateren uit een tijd dat het festival nog wél serieus genomen werd door de muziekpers. Geen enkel land ook heeft zo'n levendige, authentieke cultuur van folkmuziek. Waar die jeugd zich in veel andere landen zich liever waagt aan andere muziekstijlen, is die muziekcultuur op het groene eiland nog altijd springlevend. Wie de rol van Ierland - zowel het zuiden als het noorden - in de internationale muziekscène analyseert, kan dit onmogelijk weerleggen. Een cultuur die mede dankzij het weelderige leven in de Ierse pubs van generatie op generatie overgaat. Veelzeggend in dat opzicht zijn de woorden van de befaamde Ierse schrijver James Joyce: a good puzzle would be to cross Dublin without passing a pub.
George Ivan Morrison werd geboren in een grauwe volksbuurt in Belfast, Noord-Ierland. Zijn muziek komt het beste tot uiting in een sfeervolle bruine kroeg, alwaar de geur van sigaren je tegemoet treedt en waar de bezoekers zich hun pinten Guinness goed laten smaken. Dat hoor je terug in zijn muziek, waarin het beste uit jazz, blues, soul, folk, gospel en rock samengesmolten is tot een indrukwekkend geheel. Toegankelijk, maar tegelijkertijd onmiskenbaar inventief en met een enorme gedrevenheid. Soms sterk religieus aandoend gezien Van's protestantse achtergrond, maar daar heb ik geen moeite mee.
Door zijn muzikale ouders kwam Van al vroeg in aanraking met muziek. Zijn warme stemgeluid, in combinatie met zijn magnifieke dichterstalent schonk de wereld platen als Astral Weeks en Moondance, die 40 jaar na dato nog altijd te boek staan als klassiekers. Bij het grote, muziekminnende publiek zal hij vooral bekend zijn vanwege deze platen. Ondanks zijn grote successen heeft Van altijd een bepaalde eigenzinnigheid gehouden en heeft hij, ondanks de grote muzikale verscheidenheid in zijn albums, nooit concessies gedaan aan commercie of critici.
Volgende maand zou ik hem weer gaan zien, in een grote, sfeerloze ruimte die in de volksmond Heineken Music Hall heet. Het bombastische, groteske en tegelijkertijd kille van die hal strookt in geen enkel opzicht met de rasmuzikant Van Morrison en zijn eigenaardigheden. Dan heb ik nog niet eens over de in mijn ogen achterlijke, naar een slecht biermerk vernoemde, naam van het bouwwerk. Ach, het zal wel bij deze tijd horen waarin commercie in veel opzichten belangrijker lijkt te zijn dan de muziek zelf. Het optreden is geannuleerd en wordt verzet naar een nog onbekende datum.
Ik weet nu al dat het weer een gedenkwaardige dag zal worden, met duizenden enthousiaste bezoekers die zich niet hebben af laten schrikken door de hoge entreeprijzen. Stiekem mijmer ik over een optreden in een vervallen kroegje, waar Van voor een klein publiek de juiste, intieme sfeer weet te creëren. Tot die tijd vermaak ik me met Moondance, Avalon Sunset, Into the Music, Veedon Fleece en al die andere platen, die voor mij even de tijd doen stilstaan. Voor even waan ik me dan weer in Ierland...
Eenmalige ontmoeting
Oog in oog met een legende
Ineens liep ik daar, op woeste zandgrond temidden van kale, dorre heuvels en grote cactussen. Ik kon me niet meer herinneren hoe ik hier verzeild was geraakt. Hoezeer ik ook probeerde om herinneringen op te halen, het lukte maar niet. Ik keek wat voor me uit en liep naar de enige ranch in de omgeving, alwaar de lege flessen op de vloer herinneringen verklapten aan een tijd waarin ooit de whisky en het bier hier rijkelijk vloeiden. Een plek echter, die nu nog droger leek dan de dorre woestijn waar ik in was beland. Geen spoor van leven was hier te bekennen.
Ik liep weer naar buiten. Daar in de verte zag ik iemand zitten. Verscholen onder een grote beige hoed zat hij daar, enkel met zijn gitaar bij zich. Ja, hij was het. Ik durfde het me bijna niet voor te stellen, maar ik herkende hem direct aan zijn uit duizenden herkenbare bonte kostuum. Ik liep naar hem toe, schudde hem de hand en stond eigenlijk met mijn bek vol tanden. Hier had ik al die jaren naartoe geleefd en nu ik hem eindelijk zag, kon ik alleen maar ademloos toekijken. Dit kon niet waar zijn... Ik altijd maar denken dat hij niet meer onder de levenden was, maar nu stond ik recht tegenover hem. We spraken over de mensen die hem bewonderden. Hij leerde Keith Richards country spelen en speelde een voorname rol in de muzikale opvoeding van Ryan Adams. Van hem werden vele indrukwekkende duetten met Emmylou Harris op de vinylschijf vereeuwigd.
Deze man, die nu voor me stond, was groter dan hijzelf ooit kon bevroeden. Hij was de persoon die countrymuziek hip en bekend maakte bij het alternatieve publiek in zijn tijd, door er op geheel eigen wijze een psychedelische en rockende draai aan te geven. Een draai die 35 jaar na dato nog altijd relevant blijkt te zijn. Hij was in eigen persoon verantwoordelijk voor de stroming die later bekend werd als 'alt-country', een stroming waar talloze artiesten en bandjes de vruchten van zouden plukken. Hij was degene die er definitief voor zorgde dat countrymuziek uit het verdomhoekje werd gehaald, iets waar vele muziekliefhebbers hem nog altijd erkentelijk voor zijn. Van zijn persoon ging een haast mythische kracht uit, omdat hij al op jonge leeftijd het leven liet. Dat dacht ik althans, maar ik werd hier gefopt waar ik zelf bij stond.
Als ik van de kennismaking met hem melding zou maken bij Rio, zou deze me voor gek verklaren. Rio at, dronk en sliep countrymuziek en behoorde tot de grootste adepten van hem. Rio was de belichaming van countrymuziek in mijn omgeving. Ik was in de gelukkige omstandigheid de mens Rio te kennen. Hij kon met een enorme bevlogenheid verhalen over zijn muzikale helden en vertoonde angstvallig veel overeenkomsten met hem, niet in de laatste plaats vanwege zijn lange, rijzige gestalte en kenmerkende hoed. Soms beeldde ik me in alsof hij was herrezen en via Rio opnieuw tot de wereld was gekomen. Een theorie die ik naar de vuilnismand kon verwijzen, want ik stond nog steeds tegenover hem, midden in die dorre woestijn. We waren hier niet in het groene en vlakke Florida, zijn geboortegrond. Daar was ik inmiddels wel achtergekomen. Net op het moment dat ik mijn blik weer naar hem richtte, hoorde ik een geluid dat harder, steeds harder werd. Het deed pijn aan mijn oren. Er kwam geen einde aan en ik probeerde aan het geluid te ontsnappen.
Het lukte. Ik drukte de wekker uit en ontwaakte uit mijn roes. Het enige wat ik nu nog kon doen, was zijn muziek gaan beluisteren.
Well, it's said my life is been so free and easy
But I'll tell you now the story isn't so,
Cause I've spent a lot of time down on the corner
Tasting tears and spilling whisky on the floor
Hij had het niet treffender kunnen verwoorden. Zijn muziek is als goede wijn: ze komt beter tot zijn recht, naarmate de tijd vordert. Gekweld door de vroegtijdige dood van zijn vader en een moeilijke jeugd, wist hij zich te onderscheiden als een van de grootste genieën van zijn tijd. Alleen daarom al zal zijn muziek tot in lengte van dagen blijven voortleven. Gram Parsons, bedankt voor de onuitwisbare plek die je bij mij hebt achtergelaten.
Thuis in een vreemde wereld
Sfeer proeven in Mexicaans Amerika
Daar zaten we dan, nippend aan onze Corona met limoen, onder de stralende hoogtezon in downtown Los Angeles. Vanaf hier was het nog drie uur rijden naar Tijuana, de stad die Mexico met de Verenigde Staten verbindt. Toch leek het alsof ik me hier midden in Mexico bevond. Sinds jaar en dag maken Latino's in dit deel van Los Angeles per slot van rekening de dienst uit. De sfeer in deze buurt deed in alle opzichten denken aan een sfeervol, maar chaotisch Mexicaans stadje. De mensen leefden, dansten, aten en dronken hier op straat en speelden salsamuziek in de openlucht.
Mexico, land van sombrero's, burritos, guacamole en tex-mex. Eigenlijk is tex-mex - en in mindere mate ook een stroming als americana - in hoofdzaak Californisch-Texaanse muziek, maar de invloed kwam ontegenzeggelijk van Mexicaanse immigranten als Freddy Fender, Alejandro Escovedo en Los Lobos. Net zoals de Mexicaanse gemeenschap een prominente rol inneemt in de Amerikaanse samenleving, neemt ook deze oervorm van blues gecombineerd met salsa en folk een belangrijke plaats in binnen de muziekcultuur van de zuidelijke Amerikaanse staten.
We liepen een bar binnen op Mariachi Plaza, een in cultureel opzicht zeer verantwoorde plek, waar de gehele dag door Mexicaanse muzikanten acte de presènce gaven. Temidden van feestelijk uitgedoste jongedames en op maat geklede heren stond daar een man op het podium die mij in eerste instantie nog het meest aan the man in black, Roy Orbison deed denken. Voor mij stond echter César Rosas, net als Orbison herkenbaar door een karakteristieke grote zwarte zonnebril en zwarte, achterovergekamde haardos.
Ineens stond ik oog in oog met de man die met zijn band Los Lobos twee decennia lang verantwoordelijk was voor de succesvolle synthese van authentieke Mexicaanse muziek met blues, cajun, folk en rock. In een tijd waarin americana, tex-mex en andere stijlen binnen rootsmuziek stevig op hun gat lagen, was daar ineens Los Lobos. Tegen wil en dank verwierven De Wolven wereldfaam met de carnavaleske dijenkletser La Bamba. Net op het moment dat een wereldwijde doorbraak in zicht was, legden Rosas en zijn medebandleden zich toe op het verder verkennen van muzikaal onontgonnen gebied. Nu was de stijl van Los Lobos altijd al uniek, maar met Kiko - waarop een kakofonie te horen is van allerlei met elkaar versmolten genres, maar dat tevens onmiskenbaar als Los Lobos klinkt - boorde de band stijlen aan die nog nimmer door andere artiesten verkend waren. De cultstatus van dat album is inmiddels legendarisch, een album dat iedere luisterbeurt weer nieuwe ontdekkingen prijsgeeft.
Toen Arizona Skies werd ingezet, werd het muisstil in de zaal. Hetzelfde gebeurde min of meer bij Saint Behind the Glass. Nooit eerder had Kiko - een album dat toch een onuitwisbare indruk op mij had achtergelaten - zo intens geklonken voor mij, en dat terwijl zanger David Hidalgo niet eens aanwezig was. Het voornamelijk uit Latino's bestaande publiek genoot zichtbaar en voor even was ik één van hen. Ineens kon ik mij hier identificeren met de Mexicaanse soul, die hier op gepassioneerde wijze werd blootgelegd. Ik voelde me hier direct thuis, in een omgeving waar muziek werd gespeeld zoals muziek eigenlijk bedoeld is. Ik was hier dan wel in de Verenigde Staten, maar veel van deze mannen en vrouwen voelden zich onmiskenbaar Mexicaan. Ik raakte aan de praat met enkele aanwezigen en werd vriendelijk te woord gestaan. Aan hen bemerkte ik een gevoel van trots, maar in mijn herinneringen komen nu toch vooral de hartstocht en de levendige cultuur naar voren.
De avond viel over de metropool Los Angeles en eenmaal buiten, was het nog immer met artiesten gevulde Mariachi Plaza veranderd in een zee van kleurrijke lichtjes. Een oud Engels spreekwoord luidt: wolves lose their teeth but not their memory. En zo is het. De wolven zullen altijd trouw blijven aan hun achtergrond en de muziek spelen waar zijzelf en hun meest verstokte en gepassioneerde fans achter staan. Al was het maar voor hun geliefde vaderland.
De chaos overziend
Hoe Alain Jourgensen de wereld veranderde
Het is 29 april 1992 wanneer er hevige rellen en plunderingen uitbreken in Los Angeles. De stad staat die dag letterlijk in brand. Aanleiding voor deze ongeregeldheden was de vrijspraak van vier blanke politieagenten, die ervan verdacht werden een donkere taxichauffeur zwaar mishandeld te hebben. Dit tot ontsteltenis van velen, omdat de mishandeling opgenomen was en de videobeelden weinig aan de verbeelding overlieten. Voor Allen David Jourgensen waren deze gebeurtenis en de daaropvolgende gevolgen aanleiding een nieuwe song op te nemen, waarin het thema van hebzucht en discriminatie werd verwerkt.
Als er één artiest op deze aardkloot in staat was de verrotte staat van beschaving treffend te schetsen, dan was Al Jourgensen het wel met zijn band Ministry. Aanvankelijk actief als elektro-ensemble, groeide de band rondom Jourgensen en zijn muzikale rechterhand Paul Barker eind jaren '80 uit tot absolute pioniers binnen het industrialgenre, niet in de laatste plaats vanwege Al's cynische, kritische kijk op de wereld en zijn onnavolgbare wijze om dit kenbaar te maken. Het zorgde ervoor dat ieder album van Ministry uit die tijd een hoogtepunt op zichzelf werd. De opperminister zelf was dronkelap, genie, junk, poëet, gitarist, zanger en historicus tegelijk en dat hoor je terug in de muziek.
De Cubaan Jourgensen, op 8 oktober 1958 geboren in Havana, heeft al vanaf het prille begin van zijn artistieke loopbaan een aantal doelen gezocht om zijn pijlen op te richten. Daarvoor is vooral de politiek een dankbaar onderwerp. Zo was eerder George Bush sr. meermaals mikpunt van spot en wordt Bush jr. op het meer recente Houses of the Molé ongenadig hard aangepakt. Er zullen weinig bands zijn die zo duidelijk in twee kampen verdeeld kunnen worden, niet zozeer op politiek vlak, maar meer in muzikaal opzicht. Waar Ministry voor de ene persoon een bak grenzeloze teringherrie is, is het ensemble - Al Jourgensen voorop - voor de ander een breekpunt in de muziekhistorie geweest. Ik ervoer dat gevoel bij het beluisteren van het magistrale en zowel in artistiek als commercieel opzicht zeer succesvolle album Psalm 69. Ik raakte vanaf de eerste seconden van mijn kennismaking, de intense track New World Order, in de ban van Al en zijn gezelschap.
Het was een gevoel dat me nooit meer echt heeft losgelaten. Ondanks dat ik 'zware muziek' al jaren geleden heb afgezworen, is Ministry nog altijd een verlichting in mijn bestaan. Het zorgt voor een voortdurende energieboost en het zorgt ervoor dat ik mezelf weer word in moeilijke tijden, iets dat weinig anderen is gegeven. Ministry is als een dreun, een geweldige dreun die mij als luisteraar weer met beide voeten stevig op de grond neerzet, maar mij ook doet genieten van de sfeer van enerzijds intensiteit en anderzijds chaos die zij, met name Jourgensen en Barker, keer op keer weten te creëren.
Wanorde, verraad, corruptie, onrecht en oorlog zullen nog eeuwig blijven voortbestaan, maar aan het instituut Ministry is na ruim 25 jaar in 2008 een eind gekomen. Het gezegde Idioten willen orde, genieën beheersen de chaos had op Al Jourgensen betrekking kunnen hebben. Hij beheerste en overzag alles. Hij had een vooruitziende blik en was met zijn creatieve ingevingen in staat om Bush jr. en diens vriendjes te degraderen tot gewetenloze en oorlogszuchtige moordmachines.
Nog even en dan komt het laatste optreden eraan. Iemand die een heel genre heeft opgezet, een genre waarvan duizenden muzikanten tegenwoordig de vruchten plukken, verdient een groots afscheid. Tot die tijd is aangebroken, zet ik met alle plezier nog even het album The Mind is a Terrible Thing to Taste op, meer specifiek het nummer Never Believe. Geloof niet in hetgeen geldwolven en zogenaamde regeringsleiders je zeggen en laat je niet de wet voorschrijven, maar ga af op je eigen gevoel en interpretaties. Alleen dan kun je tevreden zijn met jezelf. Al Jourgensen deed het. Het heeft hem bepaald geen windeieren gelegd.
Tussen gekte en genialiteit
De passie van Shane en The Pogues
Het was een plek die al een tijdje hoog op mijn verlanglijstje stond. Nu was ik er dan eindelijk, temidden van muzikanten en sfeerproevers. Het is 30 juli 2005 en een stralende zon schijnt boven Dublin. Temple Bar was nu nog indrukwekkender dan hoe ik het op foto's had gezien. Temple Bar is dé uitgaansbuurt van Dublin en bovendien een van de oudste kroegencomplexen ter wereld. Hier kwamen in lang vervlogen tijden al muzikanten, dichters en schilders bijeen om samen te zijn en het complex is feitelijk de blauwdruk geweest voor pubs die vervolgens overal ter wereld als paddestoelen uit de grond kwamen. Het is na 250 jaar nog altijd een plek waar jonge, gedreven muzikanten zich kunnen presenteren aan een groter publiek.
Muziek is onlosmakelijk verbonden met Ierland. Overal in Dublin zie je straatmuzikanten en vrijwel alle pubs kennen een levendige cultuur als het aankomt op optredende artiesten. Het onbekommerde leven in de pub zal ongetwijfeld een bron van inspiratie geweest zijn voor Shane MacGowan. Op jonge leeftijd verhuisde hij met zijn ouders naar Engeland en jaren later zou hij uitgroeien tot een van de grootste songwriters uit zijn tijd en de personificatie van de Londense folkpunkband The Pogues, die ontstond uit de as van Shane's punkband The Nipple Erectors. De leden van The Pogues leefden bij het ontstaan in 1983 al jarenlang in Engeland, maar hadden op een enkeling na allemaal een Ierse achtergrond. Die achtergrond liet hen nooit meer los, net zoals miljoenen Ierse immigranten in de Verenigde Staten zich tegenwoordig bovenal Ier voelen. Het is een weerspiegeling van hun historie, waarin de Ieren lange tijd onder de voet gelopen werden door de meedogenloze Engelse overheersers, die het eiland eeuwenlang kolonialiseerden en ieder tegengeluid op hardhandige wijze de kop indrukten. De vernietigende hongersnood in de jaren 1840 tot en met 1845 leidde uiteindelijk het onvrijwillige vertrek in naar met name de Verenigde Staten, waardoor steden als Boston en Chicago tegenwoordig een grote Ierse gemeenschap kennen. Veel vluchtelingen kwamen echter nooit aan en stierven onderweg tijdens de lange boottochten. Veel van de Ieren wereldwijd hebben hun roerige historie nooit vergeten en kijken met een gemengd gevoel van melancholie en trots terug op hun dappere voorouders. Shane MacGowan is er daar ook een van.
Folkmuziek was begin jaren '80 helemaal van de kaart geveegd door achtereenvolgens punk en new wave. Wie in die tijd aan folk dacht, kwam al snel uit op het stereotype beeld van geitenwollensokkendragers. Op het Pogues-debuut Red Roses for Me werd op onmiskenbare wijze korte metten gemaakt met deze denkwijze. Met een stevige scheut gin achter de kiezen creëerde de romanticus MacGowan een nieuw genre, dat het beste uit Ierse folk combineerde met pop en punk uit die tijd. Het leidde uiteindelijk tot klassiekers als Rum Sodomy & the Lash en If I Should Fall from Grace with God. Door de jaren heen behielden The Pogues hun volstrekt unieke sound, wat mede te danken was aan het nogal ongebruikelijke instrumentarium dat werd gehanteerd door de bandleden. Zo stonden de tin whistler en de banjospeler bijvoorbeeld samen op het podium met de bassist en drummer. Hoewel de muziek van The Pogues voor niet-ingewijden misschien doet denken aan feest in het algemeen en carnaval in het bijzonder, biedt het oeuvre van het zevenkoppig collectief oneindig veel meer dan dat. Veel van de teksten zijn poëtisch van aard en handelen over het groene Ierland, over de nostalgische tijden van vroeger en over de massale trek naar Amerika. Frontman MacGowan ontpopte zich daarbij tot een van de grootste dichters van deze tijd. Een geniale gek, zo werd hij ooit in een interview genoemd. Gek van de drank, maar gezegend met een uitzonderlijke geest.
Vanaf het moment dat ik kennis maakte met de band, was ik overtuigd van hun klasse. De band zelf bestond toen al jaren niet meer. In 1991 werd bekend dat The Pogues hun flamboyante frontman uit de band hadden gegooid. Shane was door zijn alcoholverslaving nauwelijks meer te handhaven en stond bij optredens regelmatig ladderzat op het podium. The Pogues werden vervolgens nooit meer zichzelf en gooiden vijf jaar later de handdoek in de ring. Ondanks diverse reünie-optredens de voorbije jaren kwam er nooit meer een studioplaat uit.
Mocht de legendarische formatie nog ooit willen optreden, dan zal Temple Bar ze met open armen ontvangen. Muziek gaat immers om gevoel, passie en gedrevenheid. Die ingrediënten vind je terug in Temple Bar, ongeacht of het nu 1900 is of 2008. Het zal altijd een centrale rol blijven vervullen in het drukke leven van menig muziekliefhebber.
Pioniers uit Parijs
De mythische kracht van Mano Negra
Mijn muzikale reis rond de wereld leidde me al door Ierland, Nederland, Mexico, Schotland en de Verenigde Staten en brengt me nu naar Frankrijk, naar de godvergeten buitenwijken van Parijs, waar geen normale sterveling dood gevonden wil worden. Toch werd op deze broeierige, grauwe plek het stevige fundament gelegd voor een zowel in muzikaal als creatief opzicht zeer succesvolle band, die haar hoogtij vierde in de late jaren '80 en vroege jaren '90.
Wie aan Franse muziek denkt, komt al snel uit op het stereotype beeld van chansonniers, die met hun accordeon en gitaar traditionele muziek uit hun omgeving vertolken. Dit muzikale gezelschap deed echter in geen enkel opzicht denken aan Charles Aznavour, George Brassens of Serge Gainsbourg. Nee, hier was de rauwe wereld van de straatpunk te horen, gecombineerd met een fikse dosis Franse, Arabische, Afrikaanse en Spaanse klanken. De sound was in feite de weerspiegeling van de diverse achtergronden van de muzikanten, die Mano Negra tot grote hoogte brachten. Vernoemd naar een linkse, anarchistische Spaanse organisatie uit lang verlogen tijden, was Mano Negra niet minder dan een openbaring. Dat werd al duidelijk op het twintig jaar na dato nog altijd uniek klinkende debuut Patchanka, waarop ska en punk a la The Clash op overtuigende wijze in een nieuw jasje worden gegoten, niet in de laatste plaats vanwege de enorme variëteit aan mondiale klanken. Het internationale karakter werd versterkt door de afwisselend Franse, Engelse en Spaanse zang, iets dat in latere jaren een handelsmerk zou worden voor de Zwarte Handen.
De alternatieve Franse muziekwereld beleefde hoogtijdagen in de late jaren '80, zowel in commercieel als in artistiek opzicht. Het merendeel van de artiesten zong nog altijd het liefst in de eigen vertrouwde taal, maar Mano Negra liet zien dat alles mogelijk was, zolang je maar niet gelimiteerd was aan bepaalde muzikale grenzen. Niet lang na de opkomst van Mano Negra verschenen Les Négresses Vertes ten tonele, eveneens een Parijse band die wereldmuziek naar een hoger plan tilde. Ongeveer gelijktijdig braken de Gypsy Kings door met muziek die wel wat weg had van Mano Negra, maar die een stuk gelikter en radiovriendelijker klonk.
Helaas duurden de vette jaren niet voor eeuwig. De vrolijke, energieke sound van het debuut en het daaropvolgende Puta's Fever stond in schril contrast met het geruisloze afscheid. Toen Casa Babylon in 1994 verscheen, keek geen hond meer op van Mano Negra. De band zelf viel weinig te verwijten. Tegen wil en dank was de ooit zo trotse Parijse formatie een mainstream-band geworden, ingehaald door haar eigen pionierswerk en creativiteit. Terwijl wereldmuziek in de loop van de jaren '90 steeds meer begon te versnipperen, probeerde frontman Manu Chao in die jaren een solodoorbraak te realiseren, hetgeen hem geen windeieren legde. Zijn debuut Clandestino werd een enorm verkoopsucces, maar mag op muzikaal vlak niet eens in de schaduw staan van het betere werk bij Mano Negra.
Terwijl een nieuwe golf aan Frans talent inmiddels de reguliere en alternatieve hitlijsten heeft bestormd en de rol van Mano Negra in meer of mindere mate heeft overgenomen, geniet ik nog immer in stilte van Out of Time Man, die een band in absolute topvorm laat horen. De Joe Strummer-achtige zang van Chao gaat hier perfect samen met de bitterzoete, melancholieke mediterrane sound. Mijn gedachten dwalen af naar de roerige jaren '80, waarin het harde leven in de rauwe, stadse buitenwijken nog de boventoon voerde. Een tijd bovendien, waarin de maatschappelijk en sociaal betrokken Chao menigmaal van zich liet horen en die onvrede knap versmolt in zijn songs, daar waar zijn huidige solowerk over het algemeen verzandt in vrijblijvendheid en gezapigheid.
Sommige tijden komen nooit meer terug. De tijd van Mano Negra zal nooit meer terugkeren, dat is mij nu wel duidelijk geworden. Voor even bepaalden zij echter de muzikale koers van alternatief Frankrijk, iets waar menig rechtgeaard artiest tot op de dag vandaag de vruchten van heeft mogen plukken. Alleen daarom al verdient deze band alle lof.
Verantwoorde popmuziek
Fleetwood Mac in een notendop
Toen ik voorjaar 2003 vernam dat Fleetwood Mac een nieuwe plaat ging opnemen, bekroop me een dubbel gevoel. Enerzijds was ik hartstikke blij dat de idolen uit mijn vroege tienerjaren weer bij elkaar waren, maar anderzijds was ik bang dat de nieuwe poging eenzelfde flop zou worden als Time, op dat moment het laatste studioalbum van de ooit bewierookte Brits-Amerikaanse band. Na het beluisteren van de prachtige nieuwe single Peacekeeper steeg mijn hoop en toen ik het gloednieuwe album met de naam Say You Will enkele weken later tijdens mijn trip in Barcelona in een platenzaak zag liggen, aarzelde ik geen moment. Ik heb geen moment spijt gehad van mijn aanschaf.
Commerciële popmuziek wordt vaak veracht door zogenaamd serieuze muziekliefhebbers, zelfs als deze muziek van voor tot achter prima in elkaar zit. Het is voor deze mensen niet in de haak om een band als Fleetwood Mac cool te vinden, want dat is in hun optiek immers niets meer dan platvloerse pop in een commercieel jasje. Deze zogenaamde kenners hebben doorgaans een hekel aan alles wat niet obscuur klinkt en clean geproduceerd is. Ik vraag me af waar die bevooroordeelde mening op gebaseerd is en of deze groep mensen hun eigen favoriete artiest nog wel een wam hart toedragen zodra deze zich op een meer commercieel pad begeven. Ieder heeft recht op een eigen mening, maar de door deze dwarsliggers gebezigde theorie dat commercieel per definitie synoniem is voor inferieur, mag voor mij bij voorbaat al naar de prullenmand. Een band die haar eigen sound keer op keer vernieuwd heeft en er ook nog mee weg komt en bovendien herkenbaar klinkt, verdient wat mij betreft namelijk alle credits. Al is het bij vlagen retecommercieel, zolang de muziek zelf dik in orde is blijf ik als luisteraar geboeid.
Bij geen enkele andere band ervaar ik het hierboven genoemde gevoel zo sterk als bij Fleetwood Mac. Muziek wordt niet slechter naarmate het in commercieel opzicht succesvoller wordt, muziek wordt slechter zodra er geen inspiratie en bezieling meer is en alle oprechtheid weg is. Zolang het heilige vuur bij Fleetwood Mac nog altijd aanwezig is, zoals Say You Will overtuigend bewijst, gaat het er bij mij niet in dat een dergelijke band als tweederangs of mogelijk nog lager wordt beschouwd. Ik heb altijd een zwak gehad voor de band die in grote mate mijn muzikale weg bepaalde, zeker gezien de enorme variatie en tijdloosheid die als een rode draad door de muziek van het instituut Fleetwood Mac loopt.
Hoewel oorspronkelijk opgericht als Engels bluesensemble, begon Fleetwood Mac zich na het aantrekken van het Amerikaanse duo Nicks / Buckingham steeds meer toe te leggen op Amerikaans aandoende popmuziek, die tot een hoogtepunt kwam op het terecht geprezen Rumours uit 1977. Het succes kwam snel en de hit na de andere volgde. Generaties groeiden op met deze Rumours, Tusk en Mirage en opeens behoorde Fleetwood Mac tot de absolute top van de popwereld in die tijd. Na het eveneens succesvolle Tango in the Night uit 1987 verliet de belangrijkste songwriter Lindsey Buckingham de band en Fleetwood Mac werd vervolgens nooit meer zichzelf. Na het verschijnen van het halfbakken Behind the Mask bleef het verontrustend lang stil. De stilte werd even doorbroken met het magere Time, maar nieuw studiomateriaal liet nog lang op zich wachten, tot die zonnige lentedag in mei 2003.
De levensloop van Fleetwood Mac is als een spannend boek waarin hoogtepunten en dieptepunten elkaar opvolgen. Gelukkig zal bij het grote, muziekminnende publiek het postieve gevoel van Rumours en Tango in the Night blijven overheersen, een gevoel dat door de luchtige, maar tegelijkertijd immer verfrissende aanpak van de band zal voortbestaan. Mede door deze aanpak klinkt Fleetwood Mac 30 jaar na Rumours immers nog altijd als een unieke, geoliede popmachine, al was het alleen maar vanwege de tijdloze klassiekers. Dat de band het vakmanschap nog altijd niet verleerd is, werd bewezen op hun nieuwste album. Het is voor mij hét bewijs dat Fleetwood Mac niet kapot te krijgen is. Daar kan geen quasi-intellectuele dwaas iets aan veranderen.
Muziek als medicijn
De helende werking van een kleine Ier
Melancholie, passie, bevlogenheid... Dat zijn de eerste woorden die in me op komen, als ik aan hem denk. Muziek heeft altijd al een helende werking gehad voor mij, maar hij is hierin de overtreffende trap. Als ik aan hem denk verdwijnen al mijn zorgen voor even. Zijn stem en muziek zijn in staat om de diepste emoties in mijn bewustzijn los te maken. Zijn tocht langs allerlei fascinerende muzikale landschappen maakt vaak gevoelens van nostalgie bij mij los, maar kan ook geluk, enthousiasme en vreugde bij me teweegbrengen.
Als ik aan hem denk, denk ik aan Ierland. Het eiland waar zo veel begenadigde en gewaardeerde muzikanten, schrijvers en dichters zijn geboren. Het land van in mist gehulde kastelen, van eindeloos groene landschappen en van overweldigende, oprechte gastvrijheid. Ierland en muziek, het is op voorhand een winnende combinatie. Geen enkel land won zo vaak het Eurovisie Songfestival, overwinningen die nog dateren uit een tijd dat het festival nog wél serieus genomen werd door de muziekpers. Geen enkel land ook heeft zo'n levendige, authentieke cultuur van folkmuziek. Waar die jeugd zich in veel andere landen zich liever waagt aan andere muziekstijlen, is die muziekcultuur op het groene eiland nog altijd springlevend. Wie de rol van Ierland - zowel het zuiden als het noorden - in de internationale muziekscène analyseert, kan dit onmogelijk weerleggen. Een cultuur die mede dankzij het weelderige leven in de Ierse pubs van generatie op generatie overgaat. Veelzeggend in dat opzicht zijn de woorden van de befaamde Ierse schrijver James Joyce: a good puzzle would be to cross Dublin without passing a pub.
George Ivan Morrison werd geboren in een grauwe volksbuurt in Belfast, Noord-Ierland. Zijn muziek komt het beste tot uiting in een sfeervolle bruine kroeg, alwaar de geur van sigaren je tegemoet treedt en waar de bezoekers zich hun pinten Guinness goed laten smaken. Dat hoor je terug in zijn muziek, waarin het beste uit jazz, blues, soul, folk, gospel en rock samengesmolten is tot een indrukwekkend geheel. Toegankelijk, maar tegelijkertijd onmiskenbaar inventief en met een enorme gedrevenheid. Soms sterk religieus aandoend gezien Van's protestantse achtergrond, maar daar heb ik geen moeite mee.
Door zijn muzikale ouders kwam Van al vroeg in aanraking met muziek. Zijn warme stemgeluid, in combinatie met zijn magnifieke dichterstalent schonk de wereld platen als Astral Weeks en Moondance, die 40 jaar na dato nog altijd te boek staan als klassiekers. Bij het grote, muziekminnende publiek zal hij vooral bekend zijn vanwege deze platen. Ondanks zijn grote successen heeft Van altijd een bepaalde eigenzinnigheid gehouden en heeft hij, ondanks de grote muzikale verscheidenheid in zijn albums, nooit concessies gedaan aan commercie of critici.
Volgende maand zou ik hem weer gaan zien, in een grote, sfeerloze ruimte die in de volksmond Heineken Music Hall heet. Het bombastische, groteske en tegelijkertijd kille van die hal strookt in geen enkel opzicht met de rasmuzikant Van Morrison en zijn eigenaardigheden. Dan heb ik nog niet eens over de in mijn ogen achterlijke, naar een slecht biermerk vernoemde, naam van het bouwwerk. Ach, het zal wel bij deze tijd horen waarin commercie in veel opzichten belangrijker lijkt te zijn dan de muziek zelf. Het optreden is geannuleerd en wordt verzet naar een nog onbekende datum.
Ik weet nu al dat het weer een gedenkwaardige dag zal worden, met duizenden enthousiaste bezoekers die zich niet hebben af laten schrikken door de hoge entreeprijzen. Stiekem mijmer ik over een optreden in een vervallen kroegje, waar Van voor een klein publiek de juiste, intieme sfeer weet te creëren. Tot die tijd vermaak ik me met Moondance, Avalon Sunset, Into the Music, Veedon Fleece en al die andere platen, die voor mij even de tijd doen stilstaan. Voor even waan ik me dan weer in Ierland...
Eenmalige ontmoeting
Oog in oog met een legende
Ineens liep ik daar, op woeste zandgrond temidden van kale, dorre heuvels en grote cactussen. Ik kon me niet meer herinneren hoe ik hier verzeild was geraakt. Hoezeer ik ook probeerde om herinneringen op te halen, het lukte maar niet. Ik keek wat voor me uit en liep naar de enige ranch in de omgeving, alwaar de lege flessen op de vloer herinneringen verklapten aan een tijd waarin ooit de whisky en het bier hier rijkelijk vloeiden. Een plek echter, die nu nog droger leek dan de dorre woestijn waar ik in was beland. Geen spoor van leven was hier te bekennen.
Ik liep weer naar buiten. Daar in de verte zag ik iemand zitten. Verscholen onder een grote beige hoed zat hij daar, enkel met zijn gitaar bij zich. Ja, hij was het. Ik durfde het me bijna niet voor te stellen, maar ik herkende hem direct aan zijn uit duizenden herkenbare bonte kostuum. Ik liep naar hem toe, schudde hem de hand en stond eigenlijk met mijn bek vol tanden. Hier had ik al die jaren naartoe geleefd en nu ik hem eindelijk zag, kon ik alleen maar ademloos toekijken. Dit kon niet waar zijn... Ik altijd maar denken dat hij niet meer onder de levenden was, maar nu stond ik recht tegenover hem. We spraken over de mensen die hem bewonderden. Hij leerde Keith Richards country spelen en speelde een voorname rol in de muzikale opvoeding van Ryan Adams. Van hem werden vele indrukwekkende duetten met Emmylou Harris op de vinylschijf vereeuwigd.
Deze man, die nu voor me stond, was groter dan hijzelf ooit kon bevroeden. Hij was de persoon die countrymuziek hip en bekend maakte bij het alternatieve publiek in zijn tijd, door er op geheel eigen wijze een psychedelische en rockende draai aan te geven. Een draai die 35 jaar na dato nog altijd relevant blijkt te zijn. Hij was in eigen persoon verantwoordelijk voor de stroming die later bekend werd als 'alt-country', een stroming waar talloze artiesten en bandjes de vruchten van zouden plukken. Hij was degene die er definitief voor zorgde dat countrymuziek uit het verdomhoekje werd gehaald, iets waar vele muziekliefhebbers hem nog altijd erkentelijk voor zijn. Van zijn persoon ging een haast mythische kracht uit, omdat hij al op jonge leeftijd het leven liet. Dat dacht ik althans, maar ik werd hier gefopt waar ik zelf bij stond.
Als ik van de kennismaking met hem melding zou maken bij Rio, zou deze me voor gek verklaren. Rio at, dronk en sliep countrymuziek en behoorde tot de grootste adepten van hem. Rio was de belichaming van countrymuziek in mijn omgeving. Ik was in de gelukkige omstandigheid de mens Rio te kennen. Hij kon met een enorme bevlogenheid verhalen over zijn muzikale helden en vertoonde angstvallig veel overeenkomsten met hem, niet in de laatste plaats vanwege zijn lange, rijzige gestalte en kenmerkende hoed. Soms beeldde ik me in alsof hij was herrezen en via Rio opnieuw tot de wereld was gekomen. Een theorie die ik naar de vuilnismand kon verwijzen, want ik stond nog steeds tegenover hem, midden in die dorre woestijn. We waren hier niet in het groene en vlakke Florida, zijn geboortegrond. Daar was ik inmiddels wel achtergekomen. Net op het moment dat ik mijn blik weer naar hem richtte, hoorde ik een geluid dat harder, steeds harder werd. Het deed pijn aan mijn oren. Er kwam geen einde aan en ik probeerde aan het geluid te ontsnappen.
Het lukte. Ik drukte de wekker uit en ontwaakte uit mijn roes. Het enige wat ik nu nog kon doen, was zijn muziek gaan beluisteren.
Well, it's said my life is been so free and easy
But I'll tell you now the story isn't so,
Cause I've spent a lot of time down on the corner
Tasting tears and spilling whisky on the floor
Hij had het niet treffender kunnen verwoorden. Zijn muziek is als goede wijn: ze komt beter tot zijn recht, naarmate de tijd vordert. Gekweld door de vroegtijdige dood van zijn vader en een moeilijke jeugd, wist hij zich te onderscheiden als een van de grootste genieën van zijn tijd. Alleen daarom al zal zijn muziek tot in lengte van dagen blijven voortleven. Gram Parsons, bedankt voor de onuitwisbare plek die je bij mij hebt achtergelaten.
Thuis in een vreemde wereld
Sfeer proeven in Mexicaans Amerika
Daar zaten we dan, nippend aan onze Corona met limoen, onder de stralende hoogtezon in downtown Los Angeles. Vanaf hier was het nog drie uur rijden naar Tijuana, de stad die Mexico met de Verenigde Staten verbindt. Toch leek het alsof ik me hier midden in Mexico bevond. Sinds jaar en dag maken Latino's in dit deel van Los Angeles per slot van rekening de dienst uit. De sfeer in deze buurt deed in alle opzichten denken aan een sfeervol, maar chaotisch Mexicaans stadje. De mensen leefden, dansten, aten en dronken hier op straat en speelden salsamuziek in de openlucht.
Mexico, land van sombrero's, burritos, guacamole en tex-mex. Eigenlijk is tex-mex - en in mindere mate ook een stroming als americana - in hoofdzaak Californisch-Texaanse muziek, maar de invloed kwam ontegenzeggelijk van Mexicaanse immigranten als Freddy Fender, Alejandro Escovedo en Los Lobos. Net zoals de Mexicaanse gemeenschap een prominente rol inneemt in de Amerikaanse samenleving, neemt ook deze oervorm van blues gecombineerd met salsa en folk een belangrijke plaats in binnen de muziekcultuur van de zuidelijke Amerikaanse staten.
We liepen een bar binnen op Mariachi Plaza, een in cultureel opzicht zeer verantwoorde plek, waar de gehele dag door Mexicaanse muzikanten acte de presènce gaven. Temidden van feestelijk uitgedoste jongedames en op maat geklede heren stond daar een man op het podium die mij in eerste instantie nog het meest aan the man in black, Roy Orbison deed denken. Voor mij stond echter César Rosas, net als Orbison herkenbaar door een karakteristieke grote zwarte zonnebril en zwarte, achterovergekamde haardos.
Ineens stond ik oog in oog met de man die met zijn band Los Lobos twee decennia lang verantwoordelijk was voor de succesvolle synthese van authentieke Mexicaanse muziek met blues, cajun, folk en rock. In een tijd waarin americana, tex-mex en andere stijlen binnen rootsmuziek stevig op hun gat lagen, was daar ineens Los Lobos. Tegen wil en dank verwierven De Wolven wereldfaam met de carnavaleske dijenkletser La Bamba. Net op het moment dat een wereldwijde doorbraak in zicht was, legden Rosas en zijn medebandleden zich toe op het verder verkennen van muzikaal onontgonnen gebied. Nu was de stijl van Los Lobos altijd al uniek, maar met Kiko - waarop een kakofonie te horen is van allerlei met elkaar versmolten genres, maar dat tevens onmiskenbaar als Los Lobos klinkt - boorde de band stijlen aan die nog nimmer door andere artiesten verkend waren. De cultstatus van dat album is inmiddels legendarisch, een album dat iedere luisterbeurt weer nieuwe ontdekkingen prijsgeeft.
Toen Arizona Skies werd ingezet, werd het muisstil in de zaal. Hetzelfde gebeurde min of meer bij Saint Behind the Glass. Nooit eerder had Kiko - een album dat toch een onuitwisbare indruk op mij had achtergelaten - zo intens geklonken voor mij, en dat terwijl zanger David Hidalgo niet eens aanwezig was. Het voornamelijk uit Latino's bestaande publiek genoot zichtbaar en voor even was ik één van hen. Ineens kon ik mij hier identificeren met de Mexicaanse soul, die hier op gepassioneerde wijze werd blootgelegd. Ik voelde me hier direct thuis, in een omgeving waar muziek werd gespeeld zoals muziek eigenlijk bedoeld is. Ik was hier dan wel in de Verenigde Staten, maar veel van deze mannen en vrouwen voelden zich onmiskenbaar Mexicaan. Ik raakte aan de praat met enkele aanwezigen en werd vriendelijk te woord gestaan. Aan hen bemerkte ik een gevoel van trots, maar in mijn herinneringen komen nu toch vooral de hartstocht en de levendige cultuur naar voren.
De avond viel over de metropool Los Angeles en eenmaal buiten, was het nog immer met artiesten gevulde Mariachi Plaza veranderd in een zee van kleurrijke lichtjes. Een oud Engels spreekwoord luidt: wolves lose their teeth but not their memory. En zo is het. De wolven zullen altijd trouw blijven aan hun achtergrond en de muziek spelen waar zijzelf en hun meest verstokte en gepassioneerde fans achter staan. Al was het maar voor hun geliefde vaderland.
De chaos overziend
Hoe Alain Jourgensen de wereld veranderde
Het is 29 april 1992 wanneer er hevige rellen en plunderingen uitbreken in Los Angeles. De stad staat die dag letterlijk in brand. Aanleiding voor deze ongeregeldheden was de vrijspraak van vier blanke politieagenten, die ervan verdacht werden een donkere taxichauffeur zwaar mishandeld te hebben. Dit tot ontsteltenis van velen, omdat de mishandeling opgenomen was en de videobeelden weinig aan de verbeelding overlieten. Voor Allen David Jourgensen waren deze gebeurtenis en de daaropvolgende gevolgen aanleiding een nieuwe song op te nemen, waarin het thema van hebzucht en discriminatie werd verwerkt.
Als er één artiest op deze aardkloot in staat was de verrotte staat van beschaving treffend te schetsen, dan was Al Jourgensen het wel met zijn band Ministry. Aanvankelijk actief als elektro-ensemble, groeide de band rondom Jourgensen en zijn muzikale rechterhand Paul Barker eind jaren '80 uit tot absolute pioniers binnen het industrialgenre, niet in de laatste plaats vanwege Al's cynische, kritische kijk op de wereld en zijn onnavolgbare wijze om dit kenbaar te maken. Het zorgde ervoor dat ieder album van Ministry uit die tijd een hoogtepunt op zichzelf werd. De opperminister zelf was dronkelap, genie, junk, poëet, gitarist, zanger en historicus tegelijk en dat hoor je terug in de muziek.
De Cubaan Jourgensen, op 8 oktober 1958 geboren in Havana, heeft al vanaf het prille begin van zijn artistieke loopbaan een aantal doelen gezocht om zijn pijlen op te richten. Daarvoor is vooral de politiek een dankbaar onderwerp. Zo was eerder George Bush sr. meermaals mikpunt van spot en wordt Bush jr. op het meer recente Houses of the Molé ongenadig hard aangepakt. Er zullen weinig bands zijn die zo duidelijk in twee kampen verdeeld kunnen worden, niet zozeer op politiek vlak, maar meer in muzikaal opzicht. Waar Ministry voor de ene persoon een bak grenzeloze teringherrie is, is het ensemble - Al Jourgensen voorop - voor de ander een breekpunt in de muziekhistorie geweest. Ik ervoer dat gevoel bij het beluisteren van het magistrale en zowel in artistiek als commercieel opzicht zeer succesvolle album Psalm 69. Ik raakte vanaf de eerste seconden van mijn kennismaking, de intense track New World Order, in de ban van Al en zijn gezelschap.
Het was een gevoel dat me nooit meer echt heeft losgelaten. Ondanks dat ik 'zware muziek' al jaren geleden heb afgezworen, is Ministry nog altijd een verlichting in mijn bestaan. Het zorgt voor een voortdurende energieboost en het zorgt ervoor dat ik mezelf weer word in moeilijke tijden, iets dat weinig anderen is gegeven. Ministry is als een dreun, een geweldige dreun die mij als luisteraar weer met beide voeten stevig op de grond neerzet, maar mij ook doet genieten van de sfeer van enerzijds intensiteit en anderzijds chaos die zij, met name Jourgensen en Barker, keer op keer weten te creëren.
Wanorde, verraad, corruptie, onrecht en oorlog zullen nog eeuwig blijven voortbestaan, maar aan het instituut Ministry is na ruim 25 jaar in 2008 een eind gekomen. Het gezegde Idioten willen orde, genieën beheersen de chaos had op Al Jourgensen betrekking kunnen hebben. Hij beheerste en overzag alles. Hij had een vooruitziende blik en was met zijn creatieve ingevingen in staat om Bush jr. en diens vriendjes te degraderen tot gewetenloze en oorlogszuchtige moordmachines.
Nog even en dan komt het laatste optreden eraan. Iemand die een heel genre heeft opgezet, een genre waarvan duizenden muzikanten tegenwoordig de vruchten plukken, verdient een groots afscheid. Tot die tijd is aangebroken, zet ik met alle plezier nog even het album The Mind is a Terrible Thing to Taste op, meer specifiek het nummer Never Believe. Geloof niet in hetgeen geldwolven en zogenaamde regeringsleiders je zeggen en laat je niet de wet voorschrijven, maar ga af op je eigen gevoel en interpretaties. Alleen dan kun je tevreden zijn met jezelf. Al Jourgensen deed het. Het heeft hem bepaald geen windeieren gelegd.
Tussen gekte en genialiteit
De passie van Shane en The Pogues
Het was een plek die al een tijdje hoog op mijn verlanglijstje stond. Nu was ik er dan eindelijk, temidden van muzikanten en sfeerproevers. Het is 30 juli 2005 en een stralende zon schijnt boven Dublin. Temple Bar was nu nog indrukwekkender dan hoe ik het op foto's had gezien. Temple Bar is dé uitgaansbuurt van Dublin en bovendien een van de oudste kroegencomplexen ter wereld. Hier kwamen in lang vervlogen tijden al muzikanten, dichters en schilders bijeen om samen te zijn en het complex is feitelijk de blauwdruk geweest voor pubs die vervolgens overal ter wereld als paddestoelen uit de grond kwamen. Het is na 250 jaar nog altijd een plek waar jonge, gedreven muzikanten zich kunnen presenteren aan een groter publiek.
Muziek is onlosmakelijk verbonden met Ierland. Overal in Dublin zie je straatmuzikanten en vrijwel alle pubs kennen een levendige cultuur als het aankomt op optredende artiesten. Het onbekommerde leven in de pub zal ongetwijfeld een bron van inspiratie geweest zijn voor Shane MacGowan. Op jonge leeftijd verhuisde hij met zijn ouders naar Engeland en jaren later zou hij uitgroeien tot een van de grootste songwriters uit zijn tijd en de personificatie van de Londense folkpunkband The Pogues, die ontstond uit de as van Shane's punkband The Nipple Erectors. De leden van The Pogues leefden bij het ontstaan in 1983 al jarenlang in Engeland, maar hadden op een enkeling na allemaal een Ierse achtergrond. Die achtergrond liet hen nooit meer los, net zoals miljoenen Ierse immigranten in de Verenigde Staten zich tegenwoordig bovenal Ier voelen. Het is een weerspiegeling van hun historie, waarin de Ieren lange tijd onder de voet gelopen werden door de meedogenloze Engelse overheersers, die het eiland eeuwenlang kolonialiseerden en ieder tegengeluid op hardhandige wijze de kop indrukten. De vernietigende hongersnood in de jaren 1840 tot en met 1845 leidde uiteindelijk het onvrijwillige vertrek in naar met name de Verenigde Staten, waardoor steden als Boston en Chicago tegenwoordig een grote Ierse gemeenschap kennen. Veel vluchtelingen kwamen echter nooit aan en stierven onderweg tijdens de lange boottochten. Veel van de Ieren wereldwijd hebben hun roerige historie nooit vergeten en kijken met een gemengd gevoel van melancholie en trots terug op hun dappere voorouders. Shane MacGowan is er daar ook een van.
Folkmuziek was begin jaren '80 helemaal van de kaart geveegd door achtereenvolgens punk en new wave. Wie in die tijd aan folk dacht, kwam al snel uit op het stereotype beeld van geitenwollensokkendragers. Op het Pogues-debuut Red Roses for Me werd op onmiskenbare wijze korte metten gemaakt met deze denkwijze. Met een stevige scheut gin achter de kiezen creëerde de romanticus MacGowan een nieuw genre, dat het beste uit Ierse folk combineerde met pop en punk uit die tijd. Het leidde uiteindelijk tot klassiekers als Rum Sodomy & the Lash en If I Should Fall from Grace with God. Door de jaren heen behielden The Pogues hun volstrekt unieke sound, wat mede te danken was aan het nogal ongebruikelijke instrumentarium dat werd gehanteerd door de bandleden. Zo stonden de tin whistler en de banjospeler bijvoorbeeld samen op het podium met de bassist en drummer. Hoewel de muziek van The Pogues voor niet-ingewijden misschien doet denken aan feest in het algemeen en carnaval in het bijzonder, biedt het oeuvre van het zevenkoppig collectief oneindig veel meer dan dat. Veel van de teksten zijn poëtisch van aard en handelen over het groene Ierland, over de nostalgische tijden van vroeger en over de massale trek naar Amerika. Frontman MacGowan ontpopte zich daarbij tot een van de grootste dichters van deze tijd. Een geniale gek, zo werd hij ooit in een interview genoemd. Gek van de drank, maar gezegend met een uitzonderlijke geest.
Vanaf het moment dat ik kennis maakte met de band, was ik overtuigd van hun klasse. De band zelf bestond toen al jaren niet meer. In 1991 werd bekend dat The Pogues hun flamboyante frontman uit de band hadden gegooid. Shane was door zijn alcoholverslaving nauwelijks meer te handhaven en stond bij optredens regelmatig ladderzat op het podium. The Pogues werden vervolgens nooit meer zichzelf en gooiden vijf jaar later de handdoek in de ring. Ondanks diverse reünie-optredens de voorbije jaren kwam er nooit meer een studioplaat uit.
Mocht de legendarische formatie nog ooit willen optreden, dan zal Temple Bar ze met open armen ontvangen. Muziek gaat immers om gevoel, passie en gedrevenheid. Die ingrediënten vind je terug in Temple Bar, ongeacht of het nu 1900 is of 2008. Het zal altijd een centrale rol blijven vervullen in het drukke leven van menig muziekliefhebber.
Pioniers uit Parijs
De mythische kracht van Mano Negra
Mijn muzikale reis rond de wereld leidde me al door Ierland, Nederland, Mexico, Schotland en de Verenigde Staten en brengt me nu naar Frankrijk, naar de godvergeten buitenwijken van Parijs, waar geen normale sterveling dood gevonden wil worden. Toch werd op deze broeierige, grauwe plek het stevige fundament gelegd voor een zowel in muzikaal als creatief opzicht zeer succesvolle band, die haar hoogtij vierde in de late jaren '80 en vroege jaren '90.
Wie aan Franse muziek denkt, komt al snel uit op het stereotype beeld van chansonniers, die met hun accordeon en gitaar traditionele muziek uit hun omgeving vertolken. Dit muzikale gezelschap deed echter in geen enkel opzicht denken aan Charles Aznavour, George Brassens of Serge Gainsbourg. Nee, hier was de rauwe wereld van de straatpunk te horen, gecombineerd met een fikse dosis Franse, Arabische, Afrikaanse en Spaanse klanken. De sound was in feite de weerspiegeling van de diverse achtergronden van de muzikanten, die Mano Negra tot grote hoogte brachten. Vernoemd naar een linkse, anarchistische Spaanse organisatie uit lang verlogen tijden, was Mano Negra niet minder dan een openbaring. Dat werd al duidelijk op het twintig jaar na dato nog altijd uniek klinkende debuut Patchanka, waarop ska en punk a la The Clash op overtuigende wijze in een nieuw jasje worden gegoten, niet in de laatste plaats vanwege de enorme variëteit aan mondiale klanken. Het internationale karakter werd versterkt door de afwisselend Franse, Engelse en Spaanse zang, iets dat in latere jaren een handelsmerk zou worden voor de Zwarte Handen.
De alternatieve Franse muziekwereld beleefde hoogtijdagen in de late jaren '80, zowel in commercieel als in artistiek opzicht. Het merendeel van de artiesten zong nog altijd het liefst in de eigen vertrouwde taal, maar Mano Negra liet zien dat alles mogelijk was, zolang je maar niet gelimiteerd was aan bepaalde muzikale grenzen. Niet lang na de opkomst van Mano Negra verschenen Les Négresses Vertes ten tonele, eveneens een Parijse band die wereldmuziek naar een hoger plan tilde. Ongeveer gelijktijdig braken de Gypsy Kings door met muziek die wel wat weg had van Mano Negra, maar die een stuk gelikter en radiovriendelijker klonk.
Helaas duurden de vette jaren niet voor eeuwig. De vrolijke, energieke sound van het debuut en het daaropvolgende Puta's Fever stond in schril contrast met het geruisloze afscheid. Toen Casa Babylon in 1994 verscheen, keek geen hond meer op van Mano Negra. De band zelf viel weinig te verwijten. Tegen wil en dank was de ooit zo trotse Parijse formatie een mainstream-band geworden, ingehaald door haar eigen pionierswerk en creativiteit. Terwijl wereldmuziek in de loop van de jaren '90 steeds meer begon te versnipperen, probeerde frontman Manu Chao in die jaren een solodoorbraak te realiseren, hetgeen hem geen windeieren legde. Zijn debuut Clandestino werd een enorm verkoopsucces, maar mag op muzikaal vlak niet eens in de schaduw staan van het betere werk bij Mano Negra.
Terwijl een nieuwe golf aan Frans talent inmiddels de reguliere en alternatieve hitlijsten heeft bestormd en de rol van Mano Negra in meer of mindere mate heeft overgenomen, geniet ik nog immer in stilte van Out of Time Man, die een band in absolute topvorm laat horen. De Joe Strummer-achtige zang van Chao gaat hier perfect samen met de bitterzoete, melancholieke mediterrane sound. Mijn gedachten dwalen af naar de roerige jaren '80, waarin het harde leven in de rauwe, stadse buitenwijken nog de boventoon voerde. Een tijd bovendien, waarin de maatschappelijk en sociaal betrokken Chao menigmaal van zich liet horen en die onvrede knap versmolt in zijn songs, daar waar zijn huidige solowerk over het algemeen verzandt in vrijblijvendheid en gezapigheid.
Sommige tijden komen nooit meer terug. De tijd van Mano Negra zal nooit meer terugkeren, dat is mij nu wel duidelijk geworden. Voor even bepaalden zij echter de muzikale koers van alternatief Frankrijk, iets waar menig rechtgeaard artiest tot op de dag vandaag de vruchten van heeft mogen plukken. Alleen daarom al verdient deze band alle lof.
Verantwoorde popmuziek
Fleetwood Mac in een notendop
Toen ik voorjaar 2003 vernam dat Fleetwood Mac een nieuwe plaat ging opnemen, bekroop me een dubbel gevoel. Enerzijds was ik hartstikke blij dat de idolen uit mijn vroege tienerjaren weer bij elkaar waren, maar anderzijds was ik bang dat de nieuwe poging eenzelfde flop zou worden als Time, op dat moment het laatste studioalbum van de ooit bewierookte Brits-Amerikaanse band. Na het beluisteren van de prachtige nieuwe single Peacekeeper steeg mijn hoop en toen ik het gloednieuwe album met de naam Say You Will enkele weken later tijdens mijn trip in Barcelona in een platenzaak zag liggen, aarzelde ik geen moment. Ik heb geen moment spijt gehad van mijn aanschaf.
Commerciële popmuziek wordt vaak veracht door zogenaamd serieuze muziekliefhebbers, zelfs als deze muziek van voor tot achter prima in elkaar zit. Het is voor deze mensen niet in de haak om een band als Fleetwood Mac cool te vinden, want dat is in hun optiek immers niets meer dan platvloerse pop in een commercieel jasje. Deze zogenaamde kenners hebben doorgaans een hekel aan alles wat niet obscuur klinkt en clean geproduceerd is. Ik vraag me af waar die bevooroordeelde mening op gebaseerd is en of deze groep mensen hun eigen favoriete artiest nog wel een wam hart toedragen zodra deze zich op een meer commercieel pad begeven. Ieder heeft recht op een eigen mening, maar de door deze dwarsliggers gebezigde theorie dat commercieel per definitie synoniem is voor inferieur, mag voor mij bij voorbaat al naar de prullenmand. Een band die haar eigen sound keer op keer vernieuwd heeft en er ook nog mee weg komt en bovendien herkenbaar klinkt, verdient wat mij betreft namelijk alle credits. Al is het bij vlagen retecommercieel, zolang de muziek zelf dik in orde is blijf ik als luisteraar geboeid.
Bij geen enkele andere band ervaar ik het hierboven genoemde gevoel zo sterk als bij Fleetwood Mac. Muziek wordt niet slechter naarmate het in commercieel opzicht succesvoller wordt, muziek wordt slechter zodra er geen inspiratie en bezieling meer is en alle oprechtheid weg is. Zolang het heilige vuur bij Fleetwood Mac nog altijd aanwezig is, zoals Say You Will overtuigend bewijst, gaat het er bij mij niet in dat een dergelijke band als tweederangs of mogelijk nog lager wordt beschouwd. Ik heb altijd een zwak gehad voor de band die in grote mate mijn muzikale weg bepaalde, zeker gezien de enorme variatie en tijdloosheid die als een rode draad door de muziek van het instituut Fleetwood Mac loopt.
Hoewel oorspronkelijk opgericht als Engels bluesensemble, begon Fleetwood Mac zich na het aantrekken van het Amerikaanse duo Nicks / Buckingham steeds meer toe te leggen op Amerikaans aandoende popmuziek, die tot een hoogtepunt kwam op het terecht geprezen Rumours uit 1977. Het succes kwam snel en de hit na de andere volgde. Generaties groeiden op met deze Rumours, Tusk en Mirage en opeens behoorde Fleetwood Mac tot de absolute top van de popwereld in die tijd. Na het eveneens succesvolle Tango in the Night uit 1987 verliet de belangrijkste songwriter Lindsey Buckingham de band en Fleetwood Mac werd vervolgens nooit meer zichzelf. Na het verschijnen van het halfbakken Behind the Mask bleef het verontrustend lang stil. De stilte werd even doorbroken met het magere Time, maar nieuw studiomateriaal liet nog lang op zich wachten, tot die zonnige lentedag in mei 2003.
De levensloop van Fleetwood Mac is als een spannend boek waarin hoogtepunten en dieptepunten elkaar opvolgen. Gelukkig zal bij het grote, muziekminnende publiek het postieve gevoel van Rumours en Tango in the Night blijven overheersen, een gevoel dat door de luchtige, maar tegelijkertijd immer verfrissende aanpak van de band zal voortbestaan. Mede door deze aanpak klinkt Fleetwood Mac 30 jaar na Rumours immers nog altijd als een unieke, geoliede popmachine, al was het alleen maar vanwege de tijdloze klassiekers. Dat de band het vakmanschap nog altijd niet verleerd is, werd bewezen op hun nieuwste album. Het is voor mij hét bewijs dat Fleetwood Mac niet kapot te krijgen is. Daar kan geen quasi-intellectuele dwaas iets aan veranderen.
0
Father McKenzie
geplaatst: 4 januari 2009, 12:21 uur
Respect, DutchViking!

Van Morrison, Los Lobos, Fleetwood Mac draag ik ook hoog op handen, Mano Negra die ken ik amper moet ik toegeven en Gram Parsons heb ik pas de laatste jaren leren kennen, en behoort ondertussen ook tot dezen die ik onder de "kanjers" reken!

Van Morrison, Los Lobos, Fleetwood Mac draag ik ook hoog op handen, Mano Negra die ken ik amper moet ik toegeven en Gram Parsons heb ik pas de laatste jaren leren kennen, en behoort ondertussen ook tot dezen die ik onder de "kanjers" reken!

0
Sir Spamalot (crew)
geplaatst: 4 januari 2009, 18:41 uur
Dutch Viking, respect!
en mijn nominaties zijn: Johnny Cash, Neil Young en Frank Sinatra.
Nu verbaas ik vele mensen hé!
Op metalgebied (mijn ding): Rush.
en mijn nominaties zijn: Johnny Cash, Neil Young en Frank Sinatra.
Nu verbaas ik vele mensen hé!
Op metalgebied (mijn ding): Rush.
0
DutchViking
geplaatst: 4 januari 2009, 22:34 uur
Dank jullie wel 
@Father McKenzie: Mano Negra is misschien ook wel wat voor jou, het is een allegaartje van allerlei genres waarbij vooral The Clash een belangrijke inspiratiebron lijkt te zijn. Leuke, aanstekelijke muziek.
@Sir Spamalot: Johnny Cash waardeer ik ook zeer, daar moet ik binnenkort maar eens een stukje over schrijven

@Father McKenzie: Mano Negra is misschien ook wel wat voor jou, het is een allegaartje van allerlei genres waarbij vooral The Clash een belangrijke inspiratiebron lijkt te zijn. Leuke, aanstekelijke muziek.
@Sir Spamalot: Johnny Cash waardeer ik ook zeer, daar moet ik binnenkort maar eens een stukje over schrijven

0
geplaatst: 6 januari 2009, 13:36 uur
luc011190 schreef:
Erlend Oye: Zanger van The Whitest Boy Alive wiens stem mij nog een melancholieker gevoel geeft dan een tehuis vol voor-zich-uit-kijkende bejaarden.
Erlend Oye: Zanger van The Whitest Boy Alive wiens stem mij nog een melancholieker gevoel geeft dan een tehuis vol voor-zich-uit-kijkende bejaarden.
Tip: Import/Export


0
Kingsnake
geplaatst: 30 april 2009, 18:42 uur
Uriah Heep, Camel, Motorhead, Marillion en Wishbone Ash zijn oude bands waar ik heel veel respect voor heb.
Keihard doorvechten no matter what. Dat dwingt respect af.
Keihard doorvechten no matter what. Dat dwingt respect af.
0
Stijn_Slayer
geplaatst: 30 april 2009, 18:47 uur
Dat zeker Kingsnake! Met name Camel (en ook Wishbone Ash) waren en zijn meesters in het componeren. 

0
geplaatst: 30 april 2009, 22:23 uur
Een artiest die ik toch echt mis in dit topic en waar ikzelf zeer veel bewondering voor heb is Damon Albarn. Hij is erg veelzijdig, en doet altijd zijn eigen ding, en weet ook vaak met erg goede dingen te komen. Begonnen met Blur als één van de beste Britpopbandjes. Blur werd steeds experimenteler, en ondertussen begon hij ook een tweede project: Gorillaz. Hierbij experimenteert hij met allerlei stijlen, wat ik sowieso altijd wel kan waarderen, en daarmee levert hij twee geweldige albums af. Rock, hip-hop, wereldmuziek, hij gooit van alles door elkaar. En dan werkt ie ook nog eens samen met een striptekenaar waarbij hij de band ook nog van een héél leuk uiterlijk voorziet. Niets dan lof voor dit project! Vervolgens komt ie met het project The Good, The Bad & The Queen, een supergroep, waarbij hij een concept-plaat maakt, met mooie, simpele, melancholieke popliedjes. En waar ik dat eerst wat minder geslaagd vond, vind ik dat nu ook érg goed. En dan denk je dat hij met Gorillaz al veel experimenteerde, en dan komt hij met Monkey aan, waarbij hij experimenteert met Chinese muziek, en het resultaat, waarvan ik nog slechts flarden heb gehoord, mag best vaag genoemd worden. Maar wel behoorlijk gedurfd, en Damon doet weer zijn eigen ding. Ik moet dat nog eens in z'n totaliteit beluisteren, maar ik waardeer het ten zeerste dat hij zoiets probeert. Geweldige artiest die respect verdient, dat is voor mij zeker!
Overigens wil ik hierbij vermelden dat Gorillaz voor mij de enige artiest is met twee 5*-albums.
Overigens wil ik hierbij vermelden dat Gorillaz voor mij de enige artiest is met twee 5*-albums.
0
Kingsnake
geplaatst: 1 mei 2009, 11:36 uur
Veel bewondering heb ik over voor de navolgende heren, die hun bands door alle ups and downs geleid hebben:
Jeff Waters (Annihilator)
Warren Haynes (Gov't Mule)
Gregg Allman (Allman Bros.)
Jon Oliva (oa. Savatage)
Andy Latimer (Camel)
Mick Box (Uriah Heep)
En nog een eervolle vermelding voor de dooien: Steve Marriott, Miles Davis, Marvin Gaye en Phil Lynnott.
Jeff Waters (Annihilator)
Warren Haynes (Gov't Mule)
Gregg Allman (Allman Bros.)
Jon Oliva (oa. Savatage)
Andy Latimer (Camel)
Mick Box (Uriah Heep)
En nog een eervolle vermelding voor de dooien: Steve Marriott, Miles Davis, Marvin Gaye en Phil Lynnott.
0
geplaatst: 2 mei 2009, 12:03 uur
Nicci schreef:
Volgens mij moet je je er wat meer in verdiepen. Je opmerkingen stroken niet met de werkelijkheid.
Om te beginnen was het talent van Mozart 'buitengewoon'. Vraag iedereen die iets voorstelt in de muziek naar Mozart en niemand zal het tegendeel beweren, ze zullen het allemaal beamen. Zijn talent is net zo zichtbaar als dat van Pele, Maradonna en Cruijff bij elkaar.
Ten tweede: als Mozart de Christus van de muziek is, moeten we van Bach toch de god van de muziek maken. Bach wordt door de meeste 'kenners' als de belangrijkste componist van de Europese muziekgeschiedenis gezien. Niet Mozart.
Kijk voor de grap eens naar de programma's van de grote orkesten van de wereld en je zal zien dat Mozart niet overdadig veel aandacht krijgt.
Opmerkelijk dat nergens Beethoven wordt genoemd.Volgens mij moet je je er wat meer in verdiepen. Je opmerkingen stroken niet met de werkelijkheid.
Om te beginnen was het talent van Mozart 'buitengewoon'. Vraag iedereen die iets voorstelt in de muziek naar Mozart en niemand zal het tegendeel beweren, ze zullen het allemaal beamen. Zijn talent is net zo zichtbaar als dat van Pele, Maradonna en Cruijff bij elkaar.
Ten tweede: als Mozart de Christus van de muziek is, moeten we van Bach toch de god van de muziek maken. Bach wordt door de meeste 'kenners' als de belangrijkste componist van de Europese muziekgeschiedenis gezien. Niet Mozart.
Kijk voor de grap eens naar de programma's van de grote orkesten van de wereld en je zal zien dat Mozart niet overdadig veel aandacht krijgt.
0
geplaatst: 3 mei 2009, 13:16 uur
Buiten velen hier al genoemden wi ik hier een man noemen die al zo'n 40 jaar deel uit maakt van m'n leven.
Richard Thompson,
De symphatieke, bescheiden, singer/songwriter, die geweldig gitaar kan spelen.
En als we dan toch in de folkhoek zitten mag de naam Sandy Denny hier natuurijk niet ontbreken. Voor mij toch wel de beste vrouwelijke folkzangeres die ooit geleefd heeft.
Richard Thompson,
De symphatieke, bescheiden, singer/songwriter, die geweldig gitaar kan spelen.
En als we dan toch in de folkhoek zitten mag de naam Sandy Denny hier natuurijk niet ontbreken. Voor mij toch wel de beste vrouwelijke folkzangeres die ooit geleefd heeft.
1
geplaatst: 3 mei 2009, 15:04 uur
Net zoals ik geen artiest haat heb ik voor geen enkele artiest een oneindige bewondering maar voor onderstaande artiesten heb ik veel respect omdat ze hebben bijgedragen tot de muziek (in alfabetische volgorde) :
Abba
Adamo
Tori Amos
Antony & the Johnsons
Arno
Charles Aznavour
Band
Beach Boys
Beatles
Gilbert Bécaud
Jeff Beck
Bee Gees
Chuck Berry
Frank Boeijen
David Bowie
Jacques Brel
James Brown
Tim Buckley
Kate Bush
Byrds
Johnny Cash
Nick Cave & the Bad Seeds
Ray Charles
Eric Clapton
Leonard Cohen
Ry Cooder
Sam Cooke
Elvis Costello (& the Attractions)
Creedence Clearwater Revival
Crosby, Stills, Nash (& Young)
Cure
Deep Purple
Doe Maar
Boudewijn De Groot
dEUS
Dire Straits
Doors
Nick Drake
Drifters
Bob Dylan
Eagles
Elbow
Electric Light Orchestra
Everly Brothers
Fleetwood Mac
Aretha Franklin
Peter Gabriel
Marvin Gaye
George Harrison
Jimi Hendrix
John Hiatt
Buddy Holly
Joe Jackson
Michael Jackson
Janes Joplin
Joy Division
Kinks
Kraftwerk
Led Zeppelin
John Lennon
Little Richard
Bob Marley & the Wailers
Paul McCartney (& Wings)
Joni Mitchell
Moody Blues
Van Morrison
Randy Newman
Nirvana
Nits
Sinead O'Connor
Roy Orbison
Gram Parsons
Dolly Parton
Pearl Jam
Pink Floyd
Police
Iggy Pop
Elvis Presley
Prince
Procol Harum
Queen
Radiohead
Otis Redding
Red Hot Chili Peppers
Lou Reed
R.E.M.
Rolling Stones
Linda Ronstadt
Roxy Music
Santana
Sigur Rós
Simon & Garfunkel
Paul Simon
Dusty Springfield
Bruce Springsteen
Sting
Talking Heads
10 CC
U 2
Raymond Van het Groenewoud
Herman Van Veen
Zjef Vanuitsel
Velvet Underground
Tom Waits
Muddy Waters
Paul Weller
Who
Wilco
Hank Williams
Steve Winwood
Stevie Wonder
Neil Young
Frank Zappa (& Mothers of Invention)
Warren Zevon
Abba
Adamo
Tori Amos
Antony & the Johnsons
Arno
Charles Aznavour
Band
Beach Boys
Beatles
Gilbert Bécaud
Jeff Beck
Bee Gees
Chuck Berry
Frank Boeijen
David Bowie
Jacques Brel
James Brown
Tim Buckley
Kate Bush
Byrds
Johnny Cash
Nick Cave & the Bad Seeds
Ray Charles
Eric Clapton
Leonard Cohen
Ry Cooder
Sam Cooke
Elvis Costello (& the Attractions)
Creedence Clearwater Revival
Crosby, Stills, Nash (& Young)
Cure
Deep Purple
Doe Maar
Boudewijn De Groot
dEUS
Dire Straits
Doors
Nick Drake
Drifters
Bob Dylan
Eagles
Elbow
Electric Light Orchestra
Everly Brothers
Fleetwood Mac
Aretha Franklin
Peter Gabriel
Marvin Gaye
George Harrison
Jimi Hendrix
John Hiatt
Buddy Holly
Joe Jackson
Michael Jackson
Janes Joplin
Joy Division
Kinks
Kraftwerk
Led Zeppelin
John Lennon
Little Richard
Bob Marley & the Wailers
Paul McCartney (& Wings)
Joni Mitchell
Moody Blues
Van Morrison
Randy Newman
Nirvana
Nits
Sinead O'Connor
Roy Orbison
Gram Parsons
Dolly Parton
Pearl Jam
Pink Floyd
Police
Iggy Pop
Elvis Presley
Prince
Procol Harum
Queen
Radiohead
Otis Redding
Red Hot Chili Peppers
Lou Reed
R.E.M.
Rolling Stones
Linda Ronstadt
Roxy Music
Santana
Sigur Rós
Simon & Garfunkel
Paul Simon
Dusty Springfield
Bruce Springsteen
Sting
Talking Heads
10 CC
U 2
Raymond Van het Groenewoud
Herman Van Veen
Zjef Vanuitsel
Velvet Underground
Tom Waits
Muddy Waters
Paul Weller
Who
Wilco
Hank Williams
Steve Winwood
Stevie Wonder
Neil Young
Frank Zappa (& Mothers of Invention)
Warren Zevon
1
Stijn_Slayer
geplaatst: 3 mei 2009, 15:46 uur
Een mooie lijst Luc, voor het grootste gedeelte kan ik me daar ook goed in vinden. 

0
geplaatst: 3 mei 2009, 20:44 uur
Dit is een nog iets meer uitgebreide lijst dan mijn vorige (ik heb enkele namen toegevoegd) en wellicht heb ik nog een aantal vergeten.
0
Arbeidsdeskundige
geplaatst: 29 mei 2019, 20:06 uur
Luc De Vos
Steven Patrick Morrissey
Johnny Marr
John Frusciante
Ian MacKaye
Guy Picciotto
Frank Black
Kim Deal
Joey Santiago
James Herbert Keenan
William Borsay
David Ian Jackson
Ian Astbury
Billy Duffy
Richard Ashcroft
Robert James Smith
Tom Smith
Thom Yorke
Paul Julian Banks
Mark Hollis
David Jon Gilmour
George Harrison
Robert Anthony Plant
Georgios Kyriacos Panayiotou
Lewis Allan Reed
Christa Päffgen
David Robert Jones
Prince Rogers Nelson
Robert Allen Zimmerman
Brian Wilson
Neil Percival Young
Brian Molko
Billy Corgan
Roy Kelton Orbison
Thurston Moore
Lee Ranaldo
Kim Gordon
Deborah Ann Harry
Polly Jean Harvey
Mark Oliver Everett
Steven Wilson
Bruce Frederick Joseph Springsteen
Steven Lento
Mark Lanegan
Elvis Aaron Presley
Ian Kevin Curtis
John Michael Stipe
James Newell Osterberg, Jr.
Thomas Earl Petty
Dave Gahan
David Eric Grohl
Kurt Cobain
Eddie Vedder
Jeffrey Scott Buckley
Nicholas Edward Cave
Steven John Kilbey
Adelmo Fornaciari
Paolo Conte
Ville Valo
Herbert Arthur Wiglev Clamor Grönemeyer
Wolfgang Niedecken
Ralf Hütter
Till Lindemann
Tom Barman
Stef Kamil Carlens
Erik de Jong
Daniël Lohues
Jack Poels
Arno Adams
Steven Patrick Morrissey
Johnny Marr
John Frusciante
Ian MacKaye
Guy Picciotto
Frank Black
Kim Deal
Joey Santiago
James Herbert Keenan
William Borsay
David Ian Jackson
Ian Astbury
Billy Duffy
Richard Ashcroft
Robert James Smith
Tom Smith
Thom Yorke
Paul Julian Banks
Mark Hollis
David Jon Gilmour
George Harrison
Robert Anthony Plant
Georgios Kyriacos Panayiotou
Lewis Allan Reed
Christa Päffgen
David Robert Jones
Prince Rogers Nelson
Robert Allen Zimmerman
Brian Wilson
Neil Percival Young
Brian Molko
Billy Corgan
Roy Kelton Orbison
Thurston Moore
Lee Ranaldo
Kim Gordon
Deborah Ann Harry
Polly Jean Harvey
Mark Oliver Everett
Steven Wilson
Bruce Frederick Joseph Springsteen
Steven Lento
Mark Lanegan
Elvis Aaron Presley
Ian Kevin Curtis
John Michael Stipe
James Newell Osterberg, Jr.
Thomas Earl Petty
Dave Gahan
David Eric Grohl
Kurt Cobain
Eddie Vedder
Jeffrey Scott Buckley
Nicholas Edward Cave
Steven John Kilbey
Adelmo Fornaciari
Paolo Conte
Ville Valo
Herbert Arthur Wiglev Clamor Grönemeyer
Wolfgang Niedecken
Ralf Hütter
Till Lindemann
Tom Barman
Stef Kamil Carlens
Erik de Jong
Daniël Lohues
Jack Poels
Arno Adams
* denotes required fields.

