Death Is Silent van Kno is zonder meer één van de somberste hiphopalbums uitgebracht. De eerste ‘solo’-plaat van de CunninLynguists-producer (en rapper) kent gitzwarte producties en bijpassende raps. Tracktitels als If You Cry, La Petite Mort (Come Die with Me), I Wish I Was Dead en Graveyard vertonen dit al, evenals de zwart-witte hoes met daarop een portret van een huilende, gothic-achtige vrouw.
Je zou kunnen zeggen dat Death Is Silent van eentonige aard is, en toegegeven: daar zit een kern van waarheid in. Voor de liefhebber van ‘emo-hop’ is het album echter veel meer dan ‘slechts een eentonig album’. Wellicht is het zelfs een perfecte vertolking van depressiviteit. Waarom? Omdat Kno met zijn beats een meester is in het neerzetten van een gedenkwaardige sfeer: zonder te verrassen, maar wel door uit te pakken. De basis van zijn beats bestaat regelmatig uit een uitgebreide stemsample die tijdens het refrein weerklinkt - volledig in het thema van het nummer. Vervolgens zorgt de producer met zijn instrumentatie voor een fraaie melodielijn, waarbij zijn keus voor instrumentgebruik vrij divers is: gitaren, piano’s, strijkinstrumenten en meer wisselen elkaar veelvuldig af. De producties zijn grotendeels traag afgesteld, wat prima past bij de pathetische sfeer die Death Is Silent behoort uit te stralen.
Qua raps staat Kno minder sterk in zijn schoenen. Rapte hij zo nu en dan al een beetje mee op de diverse CunninLynguists-albums, op zijn eigen album is hij logischerwijs vaker aan het woord. Hoewel hij tekstueel helemaal niet slecht is - het past allemaal prima bij het totaalplaatje van Death Is Silent - ontbeert het hem vooral aan een passende stem en flow. Want hoe emotievol zijn beats ook zijn, op het gebied van raps klinkt het allemaal vrij kleurloos. Het verveeld lijken oplepelen van raps, in combinatie met steeds dezelfde flow, doet zelfs wat af aan dit album.
Gelukkig wordt Kno op zijn LP omringd door meer capabele rappers als Deacon the Villain en Natti (zijn CunninLynguists-collega’s), en Tonedeff en Tunji. Behoudens de in- en outro, is er slechts één nummer waar Kno niet wordt vergezeld door gastartiesten, en dat blijkt geen slechte zet. Want waar de gastheer zelf faalt - hoewel dit wellicht een te groot woord is - in het overbrengen van emotie door middel van zijn stemgebruik, zorgen de overige rappers dat de plaat wel van gevoel wordt voorzien. Daarnaast leveren ze allen tekstueel een sterke bijdrage en komt Tunji met de meest memorabele verse op de proppen: “I still remember the first time I realized that life wasn’t picture perfect//My father packing up his things to leave his kids deserted//The rain reflecting off the windows as it hit the surface//I wonder if he thinks the shit was worth it.” (Rhythm of the Rain).
Zo blinkt het album op twee punten uit: op het gebied van producties en op het gebied van gastbijdrages. Helaas slaagt Kno er zelf niet in om zijn raps goed over te brengen, waardoor Death Is Silent een erg goed album blijft, maar geen absoluut hoogtepunt voor de emo-hop zelf wordt. Zodoende is er nog werk aan de winkel voor de zelfbenoemde ‘emo-Premo’: wellicht dat hij een voorbeeld moet nemen aan de artiest waar die bijnaam aan refereert en het rappen laat voor wat het is.
Bron:
www.hiphopleeft.nl