Geen hitsingles, een vergeten elpee. Dat is het lot van de tweede van de Romantics ('The' voor de groepsnaam lieten ze inmiddels weg),
National Breakout geheten. En zoals vaker kom ik tot de conclusie dat dit veel beter is dan de hitlijsten doen vermoeden. Dankzij hitsingle
What I Like About You kom je de bijbehorende debuutelpee
The Romantics nog altijd in de Nederlandse platenbakken tegen. Dat is met de opvolger anders.
Verdwenen zijn de stropdasjes en rode jasjes, de heren dragen alledaagse kleding op dit slechts elf maanden na het debuut verschenen vervolg. Over dat debuut ben ik minder enthousiast dan over deze tweede, want het is elf nummers lang genieten waarbij de nummers compact blijven.
Alsof je een verzamelplaat met onbekende maar aangename covers van jaren '60-werk hoort. In werkelijkheid zijn het eigen nummers waar invloeden van The Kinks en The Who, koortjes en pakkende gitaarlicks zich samenballen tot aangename liedjes, opnieuw opgenomen door de Engelse topproducer Pete Solley. Het album had simpelweg de pech dat een hitsingle ontbrak. Waar het wisselvallige debuut echter vooral op die ene hit leunt, zijn de composities op
National Breakout van een gemiddeld hoger niveau.
Er staat trouwens toch een cover op:
Friday at the Hideout is een cover van
Judy Be Mine (Friday at the Hideout), oorspronkelijk
uit 1965 van The Underdogs. Een lekker vuig gitaarliedje, net als de rest en daarmee valt op hoe lekker de overige nummers zijn. Niet grensverleggend, toen al niet, zij het met twee verrassinkjes. Popliedjes met scheurende gitaartjes, power pop in de sfeer van new wave: mij heb je.
Opener
Tomboy opent uiteraard uptempo, maar de hele plaat is vlot.
Forever Yours is iets kalmer met kekke koortjes,
Stone Pony heeft een Kinksachtige riff en de eerste verrassing is
New Cover Story, waar de sfeer van de jaren '60 wordt gecombineerd met een vleugje reggae zoals The Police dat ook deed.
A Night Like This heeft een wat dreigende sfeer met lekker raggitaartje, waarna titellied
National Breakout kant 1 optimistisch afsluit.
Kant 2 wordt geopend door het volgende verrassinkje: in
21 and Over eveneens een vleugje reggae en opnieuw werkt dat bijzonder goed. I
Can't Tell You Anything heeft de typische groove van r&b-man Bo Diddley,
Take Me out of the Rain brengt melancholie en melodie en had een hit moeten zijn. Met de laatste twee nummers wordt stevig afgesloten in de sfeer van hun tot dan toe enige hit. Nergens kakt het in zonder aan variatie in te boeten.
Mijn reis door new wave bevindt zich in december 1980. Ik kwam vanaf de tweede langspeler van skagroep
Bad Manners. Op mijn afspeellijst met new wave uit die dagen volgt eerst single
Israel van
Siouxsie & The Banshees, te vinden op
Once Upon a Time: the Singles (1981). Die besprak ik eerder. Hetzelfde geldt voor non-albumsingle
Too Nice to Talk to van
The Beat, te vinden op hun compilatie
What Is Beat? (1983).
Daarom is mijn volgende stop bij de Nederlandse groep (The)
Mo en single
Nancy, waarvoor ik terugkeer naar november 1980.