MusicMeter logo menu
MusicMeter logo
poster

Sigur Rós - ÁTTA (2023)

mijn stem
3,74 (224)
224 stemmen

IJsland
Pop / Rock
Label: BMG

  1. Glóð (3:39)
  2. Blóðberg (7:16)
  3. Skel (4:58)
  4. Klettur (6:31)
  5. Mór (5:47)
  6. Andrá (4:07)
  7. Gold (5:13)
  8. Ylur (5:55)
  9. Fall (3:27)
  10. 8 (9:41)
totale tijdsduur: 56:34
zoeken in:
avatar van aERodynamIC
4,5
Morgen, vrijdag 16 juni start de nieuwe tour van Sigur Rós in Londen en zaterdag, 17 juni, staat de band in het Concertgebouw van Amsterdam. Niet helemaal zonder reden in die zaal, want het gaat om een optreden met het London Contempary Orchestra, geschikter dan dat kan het dus niet.

Ik heb de band vaker live gezien en altijd is het magisch, dat zal het nu ongetwijfeld ook weer worden, maar nu er een orkest aan is toegevoegd ben ik net even wat extra gespannen (in positieve zin) hoe dat uit zal pakken.
Stel je toch eens voor dat ik Viðrar Vel Til Loftárása te horen krijg met orkest. Dan beland ik echt in de zevende hemel.

En dan het feit dat er een nieuw album uit is. Een album met een hoes waar de regenboog in brand staat. Is dit een verwijzing naar hoe het er voor staat met de lgbtq gemeenschap (Jonsí is nooit activistisch geweest op dat vlak, maar is dit dan toch een statement?!). Momenteel zijn er steeds meer landen die strenge(re) wetten invoeren en ook in eigen land hoor je steeds openlijker geluiden waar de afkeuring meer en meer naar voren komt. Het lijkt er onderhand op dat we terug de tijd in gaan en dat de verworven rechten ineens toch wat wankeler blijken dan misschien ooit gedacht.
Ik weet niet of dat achter deze hoes zit. Sigur Rós laat immers de muziek altijd voor zich spreken.....

..... en die muziek is weer hemels op ÁTTA.

Het begint al met opener Glóð. Een sferisch nummer dat me een beetje aan Varúð doet denken maar dan achterstevoren afgespeeld. Zou er een verborgen boodschap in zitten? Komen we vast nog achter.

Blóðberg zou zo op Valtari kunnen staan. Meer sfeer, iets minder effect gemikt op de emotie. Dat is het mooie aan de band: de één heeft daar meer mee en de ander minder. Ik sta er voor wat betreft dit soort nummers een beetje tussenin. Maar mooi vind ik het zeker.

Skel zou zeker zo gespeeld kunnen worden met orkest, want de begeleiding is duidelijk op dat vlak. Het gaat een beetje terug naar de eerste albums. Niet het steviger werk, maar wel de hemelse klanken. Geen drums dus of andere agressievere geluiden. Hier valt vooral de gelaagdheid in de zang op. De uitspatting zit hier vooral in het aanzwellen van het orkest.
Jonsí heeft al aangegeven dat ze spaarzaam zijn met drums. Ze zijn ouder en cynischer geworden. Het moest vloeiend klinken allemaal. In nummers als Skel zijn ze daar zeker in geslaagd.

Ook op Klettur geen drums die de boventoon voeren, maar wat een geweldig nummer is dit. Ik heb dit op hoog volume gedraaid en het kwam binnen. Ook zonder harde gitaren of drums kunnen ze een agressieve sound neerzetten. Ouder? Cynischer? Ongetwijfeld. Dit is de Sigur Rós waar ik enorm van ben gaan houden en laat ze dit komende zaterdag alstublieft spelen!!!!

Mór is weer wat zachter, wat lieflijker maar wel met een dreigende, sombere ondertoon. Uiteraard geen idee waar het over gaat gezien de taal. De uithalen van Jonsí zijn als vanouds, maar lijken minder scherp te klinken, echt onderdeel van de muziek. Het is bijna hedendaags klassiek, iets wat we bijvoorbeeld ook konden horen op het vrij recente Odin's Raven Magic met Steindór Andersen.

Andrá is eigenlijk wat de vorige nummers al lieten horen. Langgerekte crescendo's die naar een uitspatting lijken te gaan die er dan net niet komt. Even het pure genot een beetje uitstellen waardoor je je op kunt maken voor de volgende. Hier in de vorm van Gold.

Gold is een nummer met een hoop echo op de zang van Jonsí, wederom dik aangezet door het orkest. Een nummer dat ze volgens mij live al hebben opgevoerd, dus de grote fans zullen het vast herkennen. Voor mij was het nieuw. Wat valt er nog over te zeggen buiten dat het onaards van pracht is?!

Ylur draait vooral om sfeer zoals je dat ook kan ervaren op Valtari. Haast sacraal, maar ik mis dan toch net weer een beetje de peper die ze op hun oudere albums wel toevoegden.

Ik kan het niet helpen, maar bij de eerste tonen van Fall moest ik even denken aan I Won't Blame You van REVERE (je kan maar een fanboy zijn). Uiteraard heeft het er verder helemaal niks van weg. Het is het kortste nummer op dit album en luistert weg als een soort tussendoortje, een interlude, ook al is het dat zeer zeker niet.

En dan hebben we 8 als afsluiter. We kennen allemaal wel de afsluiter op ( ), het achtste nummer van dat album. Hier is 8 het tiende nummer, tevens het langste met nog net geen tien minuten op de klok. Misschien wel het nummer dat het meest terugkeert naar die op de oudere albums. Bijna tien minuten lang pure Sigur Rós perfectie wat mij betreft.

ÁTTA is een schitterend album geworden, maar of het ooit de volle 5* gaat halen bij mij denk ik niet. Ik mis toch een beetje de sprookjessfeer van Ágætis Byrjun of het wat ruigere van ( ) of Kveikur. De wat meer popgetinte sound van Með Suð Í Eyrum Við Spilum Endalaust kom je hier al helemaal niet tegen. Nee, dit is voer voor liefhebbers van Valtari, maar dan toch wel wat orkestraler, meer bombast dankzij het orkest. Om die reden sla ik het dan wel weer ietsje hoger aan dan Valtari.

Het blijft één van de meest bijzondere bands op aarde en ik ben blij dat ik ze komende zaterdag weer even mag zien en horen, en met dit nieuwe album ben ik zeker in mijn nopjes. Nu nog de grote wens om de band ooit in IJsland te zien optreden, een slaapplek bij Bony Man is dan wel alvast geregeld

avatar van deric raven
4,5
Het gedurfde agressieve Kveikur is in 2013 een mooi slotstation van de Sigur Rós reis, zeker als Kjartan Sveinsson ook nog eens aankondigt dat hij Sigur Rós definitief vaarwel zegt. De band heeft letterlijk en figuurlijk alles van zichzelf gegeven, en wat kan je daar nog aan toevoegen. Zeker als het beschuldigende aanrandingsverhaal van drummer Orri Páll Dýrason een duistere sluier over de lichtzweverige doorzichtige wolkenbrij van de band legt. Er volgt voor hem begrijpelijk een abrupt einde aan de Sigur Rós samenwerking. Ook het belastingontduikingsverhaal werkt niet in het voordeel. Op 24 maart 2023 worden ze hiervan vrijgesproken. Een kleine drie maanden later verschijnt totaal onverwachts ÁTTA en blijkt dat Kjartan Sveinsson zich weer met het gezelschap verenigd heeft. Het drietal staat zelfverzekerd zichtbaar verouderd op de persfoto opgesteld. De dromerige zelfverzekerdheid is tot zichtbare gemarkeerde wanhoop groeven op de alles zeggende gezichten getransformeerd.

ÁTTA trotseert met de indrukwekkende brandende regenboogvlag op de hoes, waarmee de IJslanders zich frontaal in het LGBT gebeuren mengen. Deze kleuren staan tevens voor de vredesbeweging symbool, hevige vuurvlammen vernietigen deze onderhandelingspogingen. Door het explosieve oorlogsgeweld en de onvruchtbare post-pandemie bodem zijn we terug bij af. Schijnbaar voelt Sigur Rós zich verplicht om meer rust en evenwicht in dit geheel te brengen. Alle industriële Kveikur uitingen zijn totaal geëlimineerd en ze beginnen met een maagdelijke schone lei. In het geval van Sigur Rós gaan ze weer terug naar het oergevoel, de baarmoeder van de IJslandse postrockers. De tracktitels zijn korte kernwoorden, en staan los van elkaar stevig gegrond vermeld. De Gold kwalificatie als songnaam geeft de juiste impressie neer. Blóðberg wordt als eerste single naar voren geschoven.

ÁTTA is een gemeende poging om het verdriet van de aarde in een tiental zalvende tracks te reinigen en weg te spoelen. Voegt de plaat iets nieuws toe, nee dat niet. Het is echter de helende mindfulness kracht, de bewustwording en die dieper liggende emoties welke ze telkens op het juiste moment naar boven halen. Jónsi vertelt een woordeloos verhaal, waarbij de stemklanken een universeel bereik hebben, en dat is ook de onderliggende gedachte hierachter. Op deze manier bereik je de hele mensheid en schep je geen onderscheid. Het is hierbij een mooi gegeven dat ze de plaat op verschillende locaties opnemen, de basis ligt in hun eigen Sundlaugin Studio, maar ze wijken tevens naar plekken in de Verenigde Staten uit, en bezoeken zelfs de befaamde Britse Abbey Road Studio.

Sigur Rós heeft nog steeds het vermogen om je diep intens te raken, en grijpt naar de meesterwerken Ágætis Byrjun, ( ) en Takk… terug. Sigur Rós drukt de mensheid met de neus op de feiten, nadat ze zelf eerder schoon schip gemaakt hebben. ÁTTA is in alle eenvoud prachtig, treffend, orkestraal, meeslepend en puur. Meer is er niet nodig om te overtuigen, missie geslaagd. ÁTTA is net een tikkeltje soberder, aardser en meer folk gericht. ÁTTA is de overtreffende trap van een nieuwe plaat, ÁTTA staat voor een wederzien van uit het oog verloren vriendschappen, geeft lucht en ademt die verbroedering uit.

Sigur Rós - ÁTTA | Alternative | Written in Music - writteninmusic.com

avatar van Elvenraad
3,0
Prima album. Voor mij echter begint Sigur Rós wel heel erg mainstream te worden. De nummers lijken behoorlijk op elkaar (ook qua tempo, opbouw, zangtype e.d.) en hoor ik weinig progressie. Ook wordt er een beetje teveel gebruik gemaakt van de strijkers. Dat gezegd hebbende is het een album waar van te genieten valt. Alleen is deze plaat net als marsepein voor een zoetekauw. De eerste happen zijn zalig. Daarna moet je uitkijken dat je niet misselijk wordt van de hoeveelheid suiker.

avatar van Sven Vermant
4,0
Het is weer ouderwets genieten. Ben benieuwd of het overeind blijft na meerdere luisterbeurten. Pareltjes zijn Blodberg, Klettur en 8.

avatar van legian
5,0
Ze hebben met ÁTTA opnieuw een betoverend album afgeleverd. Zoals ik eerder al vermelde is het een kalere en serenere versie van Valtari maar ook van (). Dat zorgt er enerzijds voor dat ze hiermee net niet eenzelfde niveau weten te halen (die platen bieden toch wat meer spanning). Maar wat ze daardoor wel doen is sterk inzetten op hun grootste kracht. De luisteraar volledig opnemen in het muzikale landschap en je meevoeren in een emotionele, aangrijpende en bijzondere reis. Het is iets dat ze op elk album wisten te doen en daarin is ÁTTA ook zeker niet anders. Maar een puurdere ervaring hebben ze niet eerder zo gebracht.

Hopelijk wordt dit niet hun laatste worp, maar dat de heren een aantal jaartjes ouder zijn geworden is wel merkbaar. En ook in die zin is ÁTTA een zeer passende plaat geworden, die mij eenzelfde gevoel geeft als dat Fear Inoculum van Tool dat gaf. Een vorm van acceptatie dat ze ouder worden en daardoor niet altijd meer hetgeen kunnen wat ze vroeger in zich hadden. En daardoor zich vooral focussen op hetgeen wat ze wel kunnen en daar een zo ongelofelijk goed mogelijk resultaat mee maken. En net zoals Tool dat met een prachtig album heeft overgebracht doet Sigur Rós dat wat mij betreft ook. Inspelen op hun kracht, inspelen op de huidige staat en vooral laten weten dat je na al die jaren dat nog steeds niet verleerd bent.


Even los waarvan de regenboog tegenwoordig mee geassocieerd wordt is de hoes wat mij betreft vooral een teken van een krachtig laatste wapenfeit. Nog een laatste keer maximaliseren, niets overlatend en uiteindelijk compleet verdwijnen. Niets anders achterlatend dan een herinnering, een foto moment van de vuurzee of een album als slotakkoord. Na tijden van stilte grandioos afsluiten. De destructieve kracht van vuur maakt het niet alleen een zeer definitieve actie, maar zorgt er ook voor dat alle oude zaken echt weg zijn. De ontstane leegte bied nieuwe kansen en mogelijkheden, zonder gekleurd verleden, zonder geschiedenis. Een nieuwe frisse start. Of een definitief einde. Het kan allebei en zo ervaar ik ÁTTA eigenlijk ook.

Een absolute prachtplaat.

avatar van erwinz
4,0
Recensie op de krenten uit de pop:
De krenten uit de pop: Sigur Rós - ÁTTA - dekrentenuitdepop.blogspot.com

Sigur Rós - ÁTTA
De IJslandse band Sigur Rós keert terug met een vorige week aangekondigd en direct verschenen album, dat een aangenaam koel briesje laat waaien en je vervolgens meesleept in een fascinerende luistertrip

Ik luister zeker niet naar alles dat de IJslandse band Sigur Rós heeft uitgebracht en koester vooral het spannendere Kveikur uit 2013, maar het deze week verschenen ÁTTA heeft wat. ÁTTA laat het vintage Sigur Rós geluid horen, maar heeft nog een flinke laag orkestraties toegevoegd. Het tempo ligt laag en de dynamiek is dit keer beperkt, maar wanneer je eenmaal wordt meegesleept door de bijzondere klanken op het album overtuigt Sigur Rós makkelijk met sprookjesachtige klanken uit het hoge Noorden. De gevoelstemperatuur daalt weer tot acceptabele waarden, maar ondertussen gebeurt er van alles in de vele lagen van de muziek van de bijzondere IJslandse band.

Nog geen week geleden dook de aankondiging van een nieuw album van de IJslandse band Sigur Rós op en een paar dagen later verscheen ÁTTA al. Het werd zo langzamerhand wel eens tijd ook, want als we live-albums, film scores, reissues, soloalbums en verzamelalbums niet meetellen is ÁTTA de opvolger van het deze maand precies tien jaar oude Kveikur. Dat vond ik persoonlijk een geweldig album, dat wat afstand nam van Ágætis Byrjun, het fascinerende album waarmee de IJslandse band in 1999 doorbrak.

Op Kveikur koos Sigur Rós voor een wat minder zweverig en wat spannender geluid, waarin vooral de prominente ritmes opvielen. Veel van het andere werk van de band zweeft bij mij het ene oor in en het andere oor weer uit. Ik vind het mooi en bijzonder en soms zelfs prachtig, maar over het algemeen vervliegt de muziek van Sigur Rós voor mij snel.

Ik had bij de eerste noten van ÁTTA direct het idee dat ook dit album me niet zou gaan raken, zoals Kveikur dat tien jaar geleden wel deed. Het nieuwe album van Sigur Rós klinkt immers vanaf de eerste noten als de opvolger van het in 2012 verschenen Valtari en roept ook direct associaties op met het onaantastbare Ágætis Byrjun. De heftige uitbarstingen van Kveikur hebben weer plaats gemaakt voor atmosferische klanken, ambient achtige songstructuren en imposante wolkenpartijen van elektronica en strijkers, met hier en daar de ijle zang van Jónsi.

De band heeft lang gewerkt aan het nieuwe album, dat uiteindelijk deels in de Verenigde Staten, deels in IJsland en deels in de fameuze Abbey Road Studios in Londen werd opgenomen. De band werd tijdens de opnames bijgestaan door het London Contemporary Orchestra, wat een behoorlijk rijk georkestreerd album heeft opgeleverd.

Ik ging er bij de eerste noten zoals gezegd van uit dat ik ÁTTA redelijk snel terzijde zou schuiven, maar dat is niet gebeurd. Waar het aan ligt kan ik niet met zekerheid zeggen. Het kan zo zijn dat op de warme, klamme en wat broeierige dagen van de afgelopen weken de behoefte aan een koel IJslands briesje is aangewakkerd. Ik heb het album meerdere keren beluisterd tijdens wandelingen en ervoer steeds nadrukkelijker het bezwerende vermogen van het album.

ÁTTA is echter meer dan een koel briesje op een te warme zomerdag. Sigur Rós heeft lang gesleuteld aan de tracks op het album en dat hoor je. Het zijn tracks die bestaan uit vele lagen, die met name bij beluistering met de koptelefoon prachtig naar de oppervlakte komen. De IJslandse band vertrouwt deels op een inmiddels beproefd concept, maar ÁTTA is zeker geen eenvormig album. De breed uitwaaiende klankentapijten domineren, maar het album klinkt heel af en toe ook net zo donker en dreigend als het geluid op het bijzondere Kveikur, zonder dat de zwaar aangezette accenten van dat album nodig zijn.

De muziek van Sigur Rós blijft voor mij muziek waarvoor ik in de stemming moet zijn en dat ben ik vaker niet dan wel, maar ik heb ÁTTA inmiddels al vaker gehoord dan de meeste voorgangers en het album gaat me nog zeker niet vervelen. Integendeel zelfs, want ik hoor vooralsnog alleen maar meer in de rijk georkestreerde klanken op het album. Het was in de jaren na Kveikur lange tijd de vraag of Sigur Rós nog een nieuw regulier album zou maken, maar ÁTTA laat horen dat de band nog springlevend is. Erwin Zijleman

avatar van Gyzzz
3,0
Toen ik Sigur Ros rond 2004-2005 ontdekte, duurde het niet lang voordat ik de groep omarmde en doorlopend beluisterde. Het was precies de tijd dat ik musicmeter ontdekte, en volgens mij duurde het nog geen jaar voordat Ágætis Byrjun mijn top-10 opluisterde, later nog ingewisseld voor ( ). Ook Takk vond ik in eerste instantie heel mooi, maar die bleek een nadrukkelijk kortere houdbaarheidsdatum te hebben. En de platen daarna heb ik behoudens wat losse nummers nooit meer de moeite voor genomen. Vreemd eigenlijk, voor zo'n favoriet gezelschap, die bovendien een unieke sound hebben waarbij elementen vanuit mijn toch al geliefde ambient liggen ingebed in postrock-achtige avonturen.

Inmiddels luister ik zelden meer naar Sigur Ros, maar deze nieuwe plaat wekte toch weer mijn interesse - of het door de intrigerende hoes of de anticipatie alhier komt weet ik niet precies. Wat me in elk geval erg aanspreekt is de compromisloosheid van het minimale en tegelijk overvolle geluid. Een plaat om bij in slaap te vallen - zo zie ik deze ook, maar dat lijkt me zoals zo vaak juist een compliment. Want er zijn miljoenen albums waarbij ik helemaal niet in slaap zou willen vallen. De sound is heel zacht en consistent zalvend. Je hebt eigenlijk geen idee wat er allemaal gebeurt, maar zweeft makkelijk mee. Ik vind het wel knap hoe ze met zo'n eenduidig en zweverig geluid zo'n supertoegankelijke sound weten te smeden.

Dat gezegd hebbende, beweegt deze plaat op een flinterdun randje tussen kunst en kitsch. Het zijn zelfs de losse elementen die mijn oordeel hiertussen heen en weer doen bewegen. Er zijn minuten, zoals bijvoorbeeld de eerste helft van 'Skel', waarin ik me verwonder over de vloeiende, haast vloeibare logica waarlangs de track zich ontwikkelt. Maar die worden opgevolgd voor minuten, zoals de tweede helft van diezelfde track, waar ze er nogal overheen gaan en een beetje als een karikatuur van zichzelf klinken. En eigenlijk de hele plaat schuift en glijdt op die manier voorbij, naadloos overgaand van subtiliteit naar bombast en van subtiele bezinning naar sentimentele bespeling.

Ik vind het mooi hoe Sigur Ros vasthoudt aan zijn unieke en aparte sound, maar weet na afloop van deze plaat telkens amper wat ik er van vind. Het is een beetje effectbejag, maar wel van het soort waar ik me makkelijker dan doorgaans aan overgeef.

3.25* voor nu - maar dat kan zomaar nog alle kanten op.

avatar van 4addcd
4,0
Vanaf het moment dat ik ze in het voorprogramma van Radiohead zag was ik gegrepen door de sound van Sigur Ros. Romantisch, bombastisch, klein, emotioneel en bevreemdend. Alles bij elkaar haast onaards mooi. Het soort muziek wat je verwacht in het hiernamaals. Wat dat dan ook mag zijn.

Na Takk en () hunkerde ik naar nóg meer sferische muziek, maar er werden ‘uitstapjes’ gemaakt. Niks mis mee, maar de magie was er niet altijd. Bijzonder bleef het zonder twijfel. En nu is er dit album.

Ik heb het slechts 1 keer beluisterd tot nu toe en ben gematigd enthousiast. De band weet inmiddels precies waar het goed in is; sferische soundscapes met een zeer ontroerende lading. Dat is 100% te horen op Átta. De bevreemdende experimenten zijn grotendeels weggelaten waardoor het wat ‘veiliger’ klinkt. (Mee)slepend en melodieus voor een breed publiek. Commerciële zet? Ja misschien best wel.
Maar wat trekt het je weer weg uit de dagelijkse hectiek. Even onthaasten zoals dat heet. Iets wat iedereen goed zou doen. Als meer mensen het geduld hadden om de muziek van Sigur Ros te beluisteren, te begrijpen en te waarderen, dan zou de wereld er een stuk beter uitzien. Waarvan akte.

Dus ook dit is weer prachtig. Toch onthoud ik me even van een score. Ik heb er nog even moeite mee om de nummers echt te horen als nummers en het album niet als soundtrack te beschouwen. De kop en de staart moet ik nog even ontdekken zogezegd.
Veel van de nummers zwellen zeer traag aan om op te bouwen richting groteske. Mocht wat minder voorspelbaar.

Score die ik nú zou geven was ergens rond 3,75 of 4.00. Ik laat het nog even op me inwerken…

avatar van DjFrankie
4,5
DjFrankie (moderator)
Prachtige plaat, rijk aan klassieke invloeden, mooie arrangementen en vooral sfeervol. Ik hou ervan, live met een orkest erbij moet geweldig zijn. Topper van 2023.

Staat nog steeds op, en word eigenlijk alleen maar beter, de sfeer maakt echt de plaat.
Ik hoor ook veel invloeden van Festival, alleen geen climax maar op dezelfde golflengte verder borduren. Prima wat mij betreft.

avatar van jorro
4,0
De IJslandse band Sigur Rós, opgericht in 1994 in Reykjavík, staat bekend om hun etherische geluid en experimentele aanpak van muziek. Hun muziek, vaak beschreven als post-rock, combineert dromerige melodieën met orkestrale elementen, resulterend in een unieke auditieve ervaring. De band heeft in de loop der jaren een trouwe schare fans opgebouwd, mede dankzij hun meeslepende live-optredens en innovatieve studioalbums.

Het album ATTA uit 2023 is een voortzetting van Sigur Rós' kenmerkende geluid, maar met een frisse en vernieuwende twist. Wat me direct opviel aan ATTA is de manier waarop de band erin slaagt om zowel vertrouwd als vernieuwend te klinken. Elk nummer op het album is een sonische reis, waarbij ik me telkens weer verlies in de gelaagde arrangementen en de betoverende stem van zanger Jónsi.

Wat ATTA voor mij echt bijzonder maakt, is de emotionele diepgang die in elk nummer doorschemert. De teksten, hoewel vaak cryptisch en gezongen in zowel IJslands als hun eigen verzonnen taal Hopelandic, weten een snaar te raken. Ze brengen een gevoel van melancholie en hoop over dat moeilijk te beschrijven is, maar des te krachtiger aanvoelt.

Daarnaast waardeer ik de productie van ATTA enorm. De band heeft duidelijk veel aandacht besteed aan de kleinste details, waardoor elke luisterbeurt nieuwe ontdekkingen oplevert. Het is een album dat je keer op keer kunt beluisteren en telkens weer nieuwe nuances kunt opmerken.

Het album opent met Glóð, een ambient meesterwerk dat meteen een serene sfeer neerzet. De dromerige klanken creëren een gevoel van rust en anticipatie, als de stilte voor een storm van muzikale emoties. Het nummer fungeert als een perfecte uitnodiging in de wereld van Sigur Rós, waar iedere klank zorgvuldig lijkt te zijn gekozen om de luisteraar mee te voeren op een emotionele ontdekkingsreis.

Blóðberg volgt met betoverende klanken, zoals we van Sigur Rós gewend zijn. De weelderige texturen en gelaagde instrumentatie zorgen voor een meeslepende ervaring die je meeneemt naar onontdekte muzikale landschappen. Het is alsof je door een sprookjesachtig IJslands landschap wandelt, omringd door de magie van hun muziek.

Met Skel legt de band meer nadruk op de zang. Jónsi's stem klinkt bezwerend en rustgevend, terwijl de muziek zich langzaam ontvouwt als een delicate bloem. De subtiliteit en emotionele diepgang van dit nummer maken het een hoogtepunt van het album. De tekst is poëtisch en open voor interpretatie, wat typisch is voor Sigur Rós.

Klettur brengt ritme en daarmee een versnelling in het tempo en meer zang, wat zorgt voor een welkome afwisseling. De hemelse melodieën en de opbouw naar een climax zijn adembenemend. Het is een nummer dat zowel krachtig als fragiel is, een balans die Sigur Rós meesterlijk beheerst.

Mór is adembenemend en perfect om in een relaxfauteuil met een koptelefoon te beluisteren. De serene klanken nemen je mee naar een diepe meditatieve staat, een ware ontsnapping uit de alledaagse werkelijkheid. Dit nummer roept gevoelens van nostalgie en introspectie op. De subtiele nuances in de instrumentatie zorgen ervoor dat je bij elke luisterbeurt iets nieuws ontdekt.

Andrá is een vocaal nummer waarin Jónsi's zang ijzingwekkend mooi klinkt. De hemelse vocalen worden ondersteund door een subtiele instrumentatie die het nummer een engelachtige kwaliteit geeft. Het is een nummer dat recht naar je ziel gaat.

Gold biedt meer hypnotiserende vocalen. De herhaling en de zachte klanken creëren een trance-achtige ervaring die je volledig in de muziek zuigt. De subtiele nuances en verfijnde details maken het een van de hoogtepunten van het album. Het is een perfecte demonstratie van hoe Sigur Rós muziek kan maken die zowel rustgevend als meeslepend is.

Ylur toont bezielende zang en is iets minder zweverig, wat een aardse kwaliteit toevoegt aan het album. De diepe emoties die in dit nummer worden overgebracht, zijn ontroerend en krachtig.

Fall verbindt mooie pianoklanken met engelengezang, een combinatie die pure magie is. De eenvoud en schoonheid van dit nummer maken het een van de meest memorabele momenten op het album.

Het album sluit af met 8, een prachtig slot met mystieke en melancholische tonen. Een epische finale die alle elementen van Sigur Rós' muzikale palet samenbrengt. De combinatie van deze elementen zorgt voor een perfecte afsluiting van een muzikale reis die zowel ontroerend als verheffend is.

Sigur Rós bewijst met ATTA dat ze nog steeds tot de top van de hedendaagse muziekwereld behoren. Ze blijven trouw aan hun eigen geluid, terwijl ze tegelijkertijd blijven experimenteren en vernieuwen. Dit album is een must voor zowel oude fans als nieuwkomers die op zoek zijn naar een diepgaande muzikale ervaring.

Eerder verschenen op www.jorros-muziekkeuze.nl

avatar van otherfool
4,0
Sigur Rós terug in vorm, dat mag je wel zeggen met Átta. Na de geniale platen rond de eeuwwisseling (nog altijd de mooiste muziek die ooit is vastgelegd) deemsterde mijn adoratie en zelfs aandacht met de latere probeersels een klein beetje weg, al viel er altijd wel genoeg te genieten van afzonderlijke songs (ik noem een Varúð of een Bláþráður). Deze plaat echter voelt weer als één etherisch geheel en kalmeert de geest, waarbij je tegelijkertijd middenin pareltjes als Skel of Mór zomaar ineens hevig geëmotioneerd raakt.

avatar

Gast
geplaatst: vandaag om 21:46 uur

avatar

geplaatst: vandaag om 21:46 uur

Let op: In verband met copyright is het op MusicMeter.nl niet toegestaan om de inhoud van externe websites over te nemen, ook niet met bronvermelding. Je mag natuurlijk wel een link naar een externe pagina plaatsen, samen met je eigen beschrijving of eventueel de eerste alinea van de tekst. Je krijgt deze waarschuwing omdat het er op lijkt dat je een lange tekst hebt geplakt in je bericht.

* denotes required fields.