"I need a crowd of people, but I can't face them everyday".
Misschien was Neil Young wel een muzikale blogger avant la lettre. Wat er namelijk tekstueel de wereld werd ingezonden tussen eind jaren zestig tot medio 1987 vertoonde zware parallellen met het privé-leven van Young.
Zo was "After The Goldrush" geïnspireerd door de aanwezigheid van zijn vrouw Susan. Niet alleen was ze prominent aanwezig op de foto die de binnenhoes voorzag van een rurale vibe. Neil troostte zich geen moeite om de gevoelens voor het luisterpubliek te verbergen.
Zeg nu zelf: wat is er fijner dan in de armen van je geliefde te liggen met "After The Goldrush" op de draaitafel? Met rode wijn, kaarsen en Franse kaas? Iedereen weet dat dit nergens is
"I was watching a movie with a friend. I fell in love with the actress, she was playing a part I could understand."
Exit Susan (dat was de dank die ze ontving voor het verstelwerk van Young's Levi-Jeans die achterop de hoes van "After The Gold Rush" te bezichtigen viel). Enter Carry Snodgress en aha! aha! zwaar aangezette nummers.
"Harvest" is dan ook het soort langspeler dat goed tot uitstekend scoort bij tieners. U weet best waar ik op doel: exaltatie, dode rozen en eventueel wat poëzie van Jotie 'T Hooft
Mocht ik niet uitgerust zijn met een rotkarakter zou ik me kunnen vergenoegen met "Heart Of Gold". Maar misschien ben ik te vaak bestookt met deplorabele akoestische covers, gebracht door - ongetwijfeld goed bedoelende - straattroubadouren.
Nu leent dat akoestische werk van Young zich uitstekend tot een partijtje ongegeneerd buskeren. Zo herinner ik me ooit de interventie van een vrouwpersoon die me dacht te verpozen met een set akoestische Neil Young-liederen. Toen ik peilde of ze misschien affiniteit voelde met "Cinnamon Girl", "Powderfinger" of "Cortez The Killer" - viel me een twijfelachtige blik ten deel en de mededeling "dat is veel te luide muziek". Jawel, en toch was ze een zelfverklaarde Neil Young-adept
Dient het gezegd dat de vrouwelijke interventie tijdelijk was? Net zoals de aanwezigheid van Carry Snodgress in Neil Youngs bestaan.
"On The Beach" is dan ook een weifelende langspeler. Young kijkt op de hoes uit over zee, er staat een tuinameublement op het strand, blikjes bier en een kartonnen beker op het tafeltje, een krant half verwaaid in het zand. Dit alles het chaotische universum van de vrijgezel vertolkend. Uit het strand steekt de achterkant van een oude Cadillac of Chevrolet. Een grijze dag, de lucht is vochtig.
En jawel - hier valt de antithese te horen van "Harvest". Geen nummers die tegen de kitschzone aanschurken, geen weidse strijkersarrangementen - maar uitgebeende nummers.
In retrospectief gezien is het logisch dat deze "On The Beach" achterop hinkte qua verkoopcijfers, in vergelijking met "Harvest". Is het immers niet aangenamer "I keep on looking for a heart of gold" (Heart Of Gold) te horen in plaats van "I ended up all alone in a studio" (On The Beach)
